Van zichtbaarheid naar zeggenschap: 10 jaar SER Topvrouwen
Tien jaar SER Topvrouwen. Een mijlpaal. Er is veel bereikt: Meer dan 4.700 vrouwen staan inmiddels met hun profiel in de Topvrouwendatabase. De zichtbaarheid van vrouwelijk leiderschap is vergroot, een krachtige community is opgebouwd en het aantal benoemingen van vrouwen in de top van het bedrijfsleven neemt toe. Nu zijn we toe aan een volgende stap.
Dirk Hol
Die stap vraagt om meer benoemingen van vrouwen, zodat de verhouding tussen mannen en vrouwen in de (sub)top van het bedrijfsleven evenwichtiger wordt. De opgebouwde zichtbaarheid willen we nog beter benutten om ook de zeggenschap evenwichtig te verdelen.
Op 1 oktober loodste dagvoorzitter Natasja Gibbs de zaal tijdens het event ‘Tien jaar SER Topvrouwen’ door een middag vol terugblikken en scherpe observaties.
Feestelijk, maar niet achteroverleunen
Kim Putters, voorzitter van de SER, trapte de middag af met een felicitatie én een kanttekening. “We vieren een mooie mijlpaal, maar er moet mij ook iets van het hart,” zei hij. De meest recente ontwikkelingen rondom genderdiversiteit en LHBTIQ+-acceptatie zijn reden tot zorg. Toch ziet Putters daarin juist de urgentie: uit die zorgen kunnen we de kracht halen om ons te blijven inzetten voor gelijke rechten.
Want de beweging gaat vooruit, maar veel te langzaam. Dat was een terugkerend geluid gedurende de middag. Staatssecretaris Judith Tielen verwoordde het scherp “Het is een feestdag, maar tegelijkertijd heb ik ook af en toe het gevoel dat we weer achteruit gaan.”
Het percentage vrouwen in de top van besturen van de 5000 grote vennootschappen ging van 15,3 naar 17,3 procent, memoreerde Tielen. Maar daar wordt ze niet vrolijk van. Zeker niet zolang er bij veel bedrijven nog besturen zijn die uitsluitend uit mannen bestaan. Haar ambitie: in 2030 moet het veel normaler zijn dat vrouwen en mannen gelijkwaardig worden behandeld.
Het excuus “we kunnen geen geschikte vrouw vinden” is verleden tijd
Volgens Marijke Vuik, voorzitter van MKB-Nederland, zit een van de grote winstpunten van de afgelopen tien jaar in de gerealiseerde zichtbaarheid. Jarenlang kon het excuus nog klinken dat er simpelweg geen geschikte vrouw te vinden was. “SER Topvrouwen maakt inzichtelijk hoeveel vrouwen er zijn,” aldus Vuik. Natasja Gibbs trok de conclusie die in de lucht hing: het is eigenlijk echt geen excuus meer.
Tegelijkertijd laten de cijfers zien dat we er nog niet zijn. De drempel die er nog is? “We denken in Nederland graag dat we heel geëmancipeerd zijn. Maar als je naar de cijfers kijkt, zien we dat we intenationaal op plek 46 van de Global Gender Gap Index staan. We zijn er dus nog lang niet.”, aldus Vuik.
Ook binnen het mkb is de verdeling nog niet vanzelfsprekend. Volgens Vuik helpen rolmodellen en goede voorbeelden om die beweging verder op gang te brengen. Geef vrouwen het podium, laat zien waar het werkt en maak zichtbaar wat mogelijk is.
En de arbeidsmarktkrapte? Die kan helpen, maar mag volgens haar nooit de belangrijkste reden zijn om gelijkwaardigheid belangrijk te vinden.
Waar een wil is, is een weg. Waar geen wil is, is een wet.
Die beweging van vrijwilligheid naar daadwerkelijke verandering kwam mooi samen in de videoboodschappen van oud-ministers Jet Bussemaker, Ingrid van Engelshoven en Robbert Dijkgraaf.
Bussemaker keek terug op de oprichting en noemde opnieuw haar bekende woorden: “Waar een wil is, is een weg. Waar geen wil is, is een wet.” Ook benadrukte ze het belang van bondgenoten. Het is volgens haar belangrijk om het samen met vrouwen te doen, maar net zo goed samen met mannen die het belang ervan zien en bereid zijn op de barricade te gaan staan.
Ook Van Engelshoven benadrukte dat verandering alleen lukt wanneer partijen elkaar vinden. “Het was mij niet gelukt de wetgeving tot stand te laten komen als ik niet de SER achter me had gehad. Als ik niet met werkgevers en werknemers om de tafel had kunnen zitten.”
En Robbert Dijkgraaf kwam met een mooie metafoor uit het onderwijs: vooruitgang is zichtbaar in de cijfers, “maar een voldoende voor je examen betekent nog niet dat je de stof beheerst”. We hebben op alle posities vrouwen nodig, en vele andere dimensies waarin we de diversiteit willen vergroten. Daarbij gaat het volgens hem niet zozeer om inclusie, alswel om exapansie. Niet alleen of er plek is voor jou in een organisatie, maar of de organisatie weet te groeien zodat er ruimte komt voor iedereen.
Tien jaar onderweg: van waarom naar hoe
Ook de vrouwen, de drie ‘MAR-keteers’, over de jaren nauw betrokken zijn geweest keken terug op de reis. Marry de Gaay Fortman, oud-voorzitter van de stichting, herinnerde zich de eerste evenementen, onder meer in de Amsterdamse Hermitage en het Louwman Museum waar ook de koning aanwezig was. Wat volgens haar al die jaren centraal stond? Verbinding. Je doet het samen, en dat betekent ook: samen met mannen, vanuit gelijkwaardigheid.
Mariette Hamer, oud-voorzitter van de SER, vertelde hoe Topvrouwen uiteindelijk bij de SER terechtkwam en hoe het SER-advies uit 2019 (Diversiteit in de top. Tijd voor versnelling) leidde tot de Wet ingroeiquotum en streefcijfers en de wettelijke taak van de SER om de bedrijven die onder deze wet vallen te ondersteunen. Met dit advies werd een beweging ingezet van netwerk en bewustwording naar beleid en regelgeving.
Marguerite Soeteman-Reijnen, oud-voorzitter van de stichting en later de raad van advies van SER Diversiteitsportaal en SER Topvrouwen, wees vooral op hoe SER Topvrouwen ondertussen is meegegroeid met de tijd. De app en de regionale bijeenkomsten waren volgens haar “een gouden zet”. In kleinere groepen weten vrouwen elkaar beter te vinden en kunnen ze elkaar de bal toespelen. De gesprekken gaan inmiddels steeds minder over waarom vrouwen in de top nodig zijn en steeds meer over wat vrouwen nodig hebben om hun werk aan de top goed te doen. AI, nieuwe technologie, nieuw leiderschap en innovatie bijvoorbeeld.
Focus op wat iemand meebrengt
Hoe ziet dat er in de praktijk uit? Commissarissen Nathaly Boelhouwer en Wiebe Draijer deelden hun ervaringen met het organiseren van inclusieve en evenwichtige besturen en raden van commissarissen.
Voor Draijer groeide de motivatie om met dit gendergelijkheid en D&I aan de slag te gaan vanuit zijn persoonlijke omgeving. De eerste stap zit volgens hem binnen jezelf: kijk naar je eigen overtuigingen en wees je bewust van de grenzen die daarin kunnen zitten.
Voor Boelhouwer veranderde er veel toen zij tien jaar geleden commissaris werd. Het ging daar niet om wie zij was, maar om wat zij aan tafel bracht: haar kennis, inzichten en ervaring. De drempel van “ze zijn er niet” is grotendeels geslecht. De volgende hobbel is volgens Boelhouwer de vooroordelen over wat vrouwen wel en niet zouden kunnen. Pas als ook die verdwijnen, benutten we werkelijk al het talent.
Draijer was bovendien uitgesproken over de wet. Hij herhaalde de boodschap van Bussemaker: de wil was er niet, dus was de wet nodig. “Maar het is eigenlijk een schande dat we het nodig hebben.” Het echte succes komt volgens hem pas wanneer gelijkwaardigheid vanzelfsprekend is.
Ook is er in diverse onderdelen van het programma gesproken over de werking van de wet ingroeiquotum en streefcijfers en quota voor raden van bestuur met het oog op de evaluatie van deze wet in 2027.
Talent benutten is economische strategie
Daarmee komt het programma uit bij de toekomst. Erwin Nijsse, directeur-generaal Bedrijfsleven en Innovatie bij EZK, noemde de komende tien jaar cruciaal om Nederland economisch klaar te maken voor de toekomst. Daarvoor zijn investeringen, innovatie, participatie en een flexibele arbeidsmarkt nodig. En juist daarom is een diverse samenstelling van mensen in het bedrijfsleven nodig om tot nieuwe oplossingen en samenwerkingen te komen.
Maar daarvoor moeten ook de omstandigheden veranderen. Nijsse wees op institutionele belemmeringen, zoals de huidige schooltijden, de ongelijke verdeling van zorgtaken en vormgeving van het ouderschapsverlof. Factoren die rechtstreeks van invloed zijn op de (ongelijke) participatie van mannen en vrouwen op de arbeidsmarkt.
De volgende tien jaar: van ambitie naar eigenaarschap
Wat Kim Putters tijdens de middag vooral inspireerde, was de bevestiging dat het werkt om de krachten te bundelen: data verzamelen, kennis delen en elkaar helpen. Met een hele belangrijke toevoeging: bestuurders en CEO’s moeten genderbalans zelf echt internaliseren. Pas dan werkt het door in de rest van de organisatie.
Concluderend uit het afsluitende gesprek is genderbalans niet meer alleen een emancipatievraagstuk, maar moet het als een breder vraagstuk worden gezien. Petri Hofsté verwoordde diezelfde verbreding tijdens een vraag vanuit de zaal: ”We kunnen niet naar de toekomst door alleen vanuit de koker van emancipatie blijven kijken. De vraag is hoe we genderbalans breder, strategischer en integraler op de agenda krijgen?”
Met de huidige krapte op de arbeidsmarkt, vergrijzing en een grote behoefte aan innovatie is het simpelweg onverstandig om talent onbenut te laten. Bovendien gaat het niet alleen om vrouwen in het algemeen, maar om álle vrouwelijke talenten, in al hun diversiteit. Rosita Drigpal voegde vanuit de zaal daar een belangrijke vraag aan toe: hoe zorgen we ervoor dat we die talenten ook benutten en behouden?
Daarmee kwam het inhoudelijke programma van het jubileum ten einde. Atta de Tolk verzorgde een mooie afsluiter, die hier terug te lezen is.
De conclusie van dit event?
Er is veel bereikt waar we trots op mogen zijn, maar er is ook werk aan de winkel. SER Topvrouwen blijft zich de komende jaren inzetten voor de zichtbaarheid van vrouwelijk talent en voor een gelijkwaardige verdeling van zeggenschap in de top van het bedrijfsleven. De database en community blijven daarbij onmisbare instrumenten, maar versnelling vraagt ook om bredere samenwerking en sterke allianties tussen bedrijfsleven, overheid, werkgevers en werknemers – én tussen mannen en vrouwen.
Met het nieuwe SER Ambassadeursnetwerk genderbalans en D&I en de start van de uitvoeringscommissie D&I zijn daarin belangrijke stappen gezet. Want genderbalans gaat verder dan emancipatie: het gaat ook om economische kracht, innovatie, duurzame groei en een samenleving waarin iedereen kan meedoen.
Bekijk het 10 jaar SER Topvrouwen event hieronder terug