Wanneer is een OR verplicht?

De ondernemer die een onderneming in stand houdt waarin in de regel ten minste 50 personen werkzaam zijn, is verplicht een ondernemingsraad in te stellen. In de regel 50 personen betekent dat over het gehele jaar genomen in de meeste perioden 50 of meer personen werkzaam zijn in de onderneming. Een ondernemer kan ook verplicht zijn een OR in te stellen op grond van een collectieve arbeidsovereenkomst of een door een publiekrechtelijk orgaan vastgestelde regeling van arbeidsvoorwaarden (zie artikelen 2 en 5a WOR).

De WOR bepaalt dat deze verplichting geldt in het belang van het goed functioneren van die onderneming in al haar doelstellingen en ten behoeve van het overleg met en de vertegenwoordiging van de in de onderneming werkzame personen (artikel 2). Het is een inspanningsverplichting. De werkgever dient dus duidelijke voorlichting te geven over de rol van de OR, de rechten en plichten van de OR, faciliteiten e.d. en serieus te proberen voldoende kandidaten te krijgen om een OR op te richten. Ingeval er ondanks alle inspanningen onvoldoende belangstelling onder personeelsleden voor een OR bestaat (en er zich ook onvoldoende kandidaten aanmelden), dan kan de werkgever zijn inspanning voor dat moment even laten rusten en probeert hij het na een tijdje (bijvoorbeeld een half jaar of een jaar) opnieuw. Indien er geen OR en geen PVT is ingesteld, maar er wel ten minste 10 werknemers in de onderneming werkzaam zijn, dan is de ondernemer verplicht om tenminste twee maal per kalenderjaar de medewerkers in de gelegenheid te stellen met hem bijeen te komen.

Een belanghebbende (een in de onderneming werkzame persoon, maar ook een vakorganisatie als bedoeld in artikel 9, lid 2, sub a WOR) kan de kantonrechter verzoeken om de werkgever te verplichten om binnen een bepaalde termijn een OR in te stellen. Het is ook mogelijk de bemiddeling van de bedrijfscommissie hiervoor in te roepen.