Thema Gevaarlijke stoffen op de werkplek
Werken met gevaarlijke stoffen kan risico’s hebben voor de veiligheid en gezondheid van werknemers. Blootstelling aan gevaarlijke stoffen vindt plaats door contact met de huid, door inademing (neus of mond), of door inname via voedsel door bijvoorbeeld verontreinigde handen.
Werken met gevaarlijke stoffen gebeurt bij allerlei soorten bedrijven en organisaties, grote maar zeker ook middelgrote en kleine. Ze worden toegepast in productieprocessen, maar zitten ook in producten waar werknemers mee werken: verf, lijm, kit, schoonmaakmiddelen, maar ook in bepaalde cosmetische producten die kappers gebruiken, etc. Soms ontstaan gevaarlijke stoffen in een werkproces of handeling: dieselmotoremissie, houtstof, kwartsstof, lasrook.
Op deze themapagina leggen we uit wat gevaarlijke stoffen zijn, wat de wet daarover zegt en welke maatregelen werkgevers en werknemers moeten en kunnen nemen om zo gezond en veilig mogelijk met gevaarlijke stoffen te werken. Je vindt er ook externe publicaties en verwijzingen over dit onderwerp.
Direct naar:
- Wat zijn gevaarlijke stoffen?
- Wat is een grenswaarde?
- Wat zegt de wet over werken met gevaarlijke stoffen?
Wat zijn gevaarlijke stoffen?
Gevaarlijke stoffen zijn stoffen die schade kunnen toebrengen aan gezondheid en veiligheid voor mens, dier en milieu. Bijvoorbeeld omdat ze brandbaar, irriterend of giftig zijn, of blijvende overgevoeligheid (allergie) veroorzaken. Er zijn veel soorten gevaarlijke stoffen met allemaal hun eigen kenmerken waarom ze gevaarlijk zijn. Elke categorie stoffen vereist dan ook een specifieke manier van ermee omgaan en de bescherming tegen bootstelling.Bijzondere categorie: CMR-stoffen
Bepaalde stoffen brengen ernstige risico’s met zich mee om dat ze kanker veroorzaken (Carcinogeen), ons erfelijk materiaal, het DNA, aantasten (Mutageen) of schadelijk zijn voor de voortplanting, zowel bij mannen als bij vrouwen, of voor het nageslacht (Reprotoxisch). Deze stoffen worden CMR-stoffen genoemd. Hiervoor is in Europa aparte wet- en regelgeving ingesteld. Het is duidelijk dat blootstelling aan CMR-stoffen op het werk grote gezondheidsrisico’s kan hebben.Blootstelling aan alle gevaarlijke stoffen moet zoveel mogelijk worden beperkt tot een veilig niveau. Voor sommige stoffen is er geen veilig niveau (drempelwaarde) vast te stellen, dat zijn sommige kankerverwekkende stoffen en sensibiliserende stoffen (ontstaan van allergieën). Voor deze stoffen geldt een apart regime met betrekking tot de grenswaarden.
Wat is een grenswaarde?
In de Regeling Arbeidsomstandigheden (bijlage XIII) worden grenswaarden voor veelgebruikte gevaarlijke stoffen en CMR-stoffen vastgesteld, dit zijn zogenaamde publieke (wettelijke) grenswaarden. De blootstelling op de werkplek mag niet boven deze grenswaarden komen. Een grenswaarde is de maximaal toegestane concentratie van een stof (gas, damp, aerosol, vezel, of stof in de lucht) waaraan iemand gedurende een 8-urige werkdag (of shift) gemiddeld genomen mag worden blootgesteld. Deze grenswaarde is gebaseerd op een gezondheidskundige advieswaarde door deskundigen afgeleid uit onderzoek. Het uitgangspunt hierbij is dat de gezondheidsrisico’s van werknemers én hun nageslacht zoveel mogelijk worden beperkt.
Voor sommige stoffen geldt dat zij via de huid kunnen worden opgenomen en de gezondheid kunnen schaden, dat wordt met een zogenaamde H-notatie in de Regeling aangegeven; dit betekent dat speciale beheersmaatregelen om huidcontact te vermijden moeten worden genomen.
Private grenswaarden
Een werkgever is verplicht grenswaarden voor gevaarlijke stoffen te hanteren, óók als er geen publieke of wettelijke grenswaarde is. Dit volgt uit de verplichting de gezondheid en veiligheid van werknemers te waarborgen. De werkgever moet dan een eigen of private grenswaarde afleiden, dit kan ook in een arbocatalogus staan. Dit vereist kennis en deskundigheid. De SER ontwikkelt hiervoor momenteel een leidraad.
Private grenswaarden kunnen worden afgeleid uit onder andere adviezen van de Gezondheidsraad, (buitenlandse) databanken of eigen onderzoek door een arbodeskundige.
De Nederlandse Arbeidsinspectie controleert of de vastgestelde private grenswaarde voldoende bescherming biedt.
Carcinogene stoffen zonder drempelwaarde
Deskundigen die de gevaren van een stof onderzoeken kunnen niet altijd een veilige gezondheidskundige advieswaarde afleiden, zodat niet zomaar een grenswaarde kan worden vastgesteld in de Regeling Arbeidsomstandigheden. Dit worden stoffen zonder drempelwaarde genoemd en daarvoor worden risico-grenzen berekend: de streefwaarde en de verbodswaarde. Overigens, voor sensibiliserende stoffen geldt alleen één streefwaarde. Een risico-grens betekent dat er geen veilige blootstelling bestaat en dit houdt in dat er moet worden gezocht naar de best haalbare (zo laag mogelijke) grenswaarde en een continu proces van verbetering van beheersmaatregelen.
Om een grenswaarde voor deze stoffen te kunnen vaststellen is in het Nederlandse grenswaardenstelsel een specifiek proces vastgesteld. Dit wordt op deze pagina’s uitgebreid toegelicht. De basis van het proces is dat bedrijven, sectoren en organisaties een haalbaarheidsonderzoek doen naar de blootstelling aan de betreffende stof. Dit onderzoek wordt door deskundigen beoordeeld en de SER-uitvoeringscommissie Gezond en Veilig Werken adviseert de minister van SZW hierover. In de SER praten werkgevers en werknemers om tot een gemeenschappelijk en gedragen advies te komen, met het oog op goede en veilige werkomstandigheden.
Bronnen en instrumenten:
- Databank Grenswaarden | SER
- Grenswaarden CMR-stoffen | Bijlage XIII Arbeidsomstandighedenregeling
- Meer informatie over grenswaarden | Arboportaal
- Zelfinspectie werken met gevaarlijke stoffen | Nederlandse Arbeidsinspectie
Wat zegt de (Arbo) wet over werken met gevaarlijke stoffen?
De kern is dat werkgevers de (zorg)plicht hebben de gezondheid en veiligheid van werknemers te waarborgen, dat geldt trouwens in zijn algemeenheid en niet alleen waar het gevaarlijke stoffen betreft. Werknemers moeten goed worden geïnformeerd over de risico's van gevaarlijke stoffen waarmee zij werken. Dit omvat training en het verstrekken van bijvoorbeeld veiligheidsinformatiebladen (VIB).
Bedrijven en organisaties waar met gevaarlijke stoffen wordt gewerkt moeten aan veel regels voldoen. Dat begint met de bewustwording van het toepassen van gevaarlijke stoffen en dat er gezondheids- en veiligheidsrisico’s zijn gerelateerd een de blootstelling daaraan. Bedrijven en organisaties moeten alle redelijke maatregelen nemen om de veiligheid op de werkplek te waarborgen, een veilige werkomgeving creëren en de gezondheid van hun werknemers beschermen door de richtlijnen in de wet- en regelgeving te volgen. Deze zorgplicht komt ook voort uit het Burgerlijk Wetboek, en gaat feitelijk verder dan de minimale verplichtingen uit de regels over arbeidsomstandigheden. Werkgevers zijn verplicht om actief te streven naar de laagst (redelijkerwijs) mogelijke blootstelling, waarbij zij gebruik moeten maken van de actuele stand der techniek, en daarbij het ALARA-principe (As Low As Reasonably Achievable) te hanteren.
Regels rondom gebruik van gevaarlijke stoffen tijdens het werk zijn grotendeels terug te vinden in Hoofdstuk 4 van het Arbobesluit
Regeling Arbeidsomstandigheden (bijlage XIII) | Wettelijke grenswaarden, onderverdeeld in een
- A-lijst voor gevaarlijke stoffen, en;
- B-lijst voor kankerverwekkende stoffen met (B1) en zonder drempelwaarde (B2).
Het ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid (SZW) publiceert twee keer per jaar in de Staatscourant een lijst met CMR-stoffen. CMR-stoffen zijn stoffen die kankerverwekkend zijn, mutageen (stoffen die erfelijke veranderingen kunnen veroorzaken) en/of reproductietoxisch (stoffen die schadelijk zijn voor de voortplanting). De nieuwste lijst van januari 2026 is geldig voor een half jaar.
Risico-inventarisatie en -evaluatie (RI&E)
Werkgevers zijn wettelijk verplicht om alle risico’s waar werknemers aan worden blootgesteld, of die zij anderszins lopen tijdens het werk, op te nemen in de RI&E. In het bijzonder de risico’s van het werken met gevaarlijke stoffen. Deze moeten in kaart worden gebracht en de juiste beheersmaatregelen worden ingevoerd, toegepast en gehandhaafd. Alleen dan kunnen de risico’s zoveel mogelijk worden voorkomen of beperkt. De RI&E moet regelmatig worden herzien en geactualiseerd en de blootstelling aan gevaarlijke stoffen moet worden gemonitord en geregistreerd
De oplossingen (beheersmaatregelen) kunnen worden opgenomen in een branche-gebonden arbocatalogus. Zo is niet alleen duidelijk welke risico’s er zijn, maar ook met welke maatregelen je die risico’s kunt verkleinen. Alle organisaties in de branche kunnen gebruik maken van de arbocatalogus om een specifieke RI&E te maken; soms bestaat er de mogelijkheid gebruik te maken van een branche-RI&E. Ga voor meer informatie o.a. naar het Steunpunt RIE.
Arbeidshygiënische strategie
Bij de risico’s van gevaarlijke stoffen is het wettelijk verplicht gebruik te maken van de door arbeidshygiënisten ontwikkelde arbeidshygiënische strategie, ook wel STOP-strategie. Via vaste stappen moeten bedrijven passende maatregelen nemen om blootstelling aan gevaarlijke stoffen te minimaliseren.
De STOP-strategie gaat uit van vier stappen:
- Substitutie (vervanging door een minder gevaarlijke stof);
- Technische maatregelen (afscherming apparatuur, afzuiging, etc);
- Organisatorische maatregelen (inrichting van het werk, beperking in de tijd);
- Persoonlijke beschermingsmiddelen (laatste middel: dragen van PBM).
Bronnen en publicaties kunnen van pas komen bij het analyseren van de risico’s van gevaarlijke stoffen op het werk.
- Doe de VIB-check | Nederlandse Arbeidsinspectie
- CLP-verordening voor indeling en etikettering van chemische stoffen | EU-OSHA
- Kennisdossier gevaarlijke stoffen | Arbokennisnet
- STOP-strategie uitgelegd | TNO
- SZW-lijst cmr-stoffen en processen | Arboportaal
- Werken met gevaarlijke stoffen | RIVM