Zicht op

De SER ontwikkelde een interactieve digitaliseringskaart van Europa ‘Met een muisklik zie je hoe digitaal EU-landen zijn’

De impact van digitalisering op de samenleving is immens. Maar hoe volwassen is de digitalisering in Nederland en waar staan we in verhouding tot andere Europese lidstaten? Om die informatie toegankelijk te maken, ontwikkelde de SER-werkgroep Digitale Transitie een interactieve kaart van Europa. Met een paar clicks biedt die inzicht in de digitalisering op ons continent. “Op papier staat Nederland er prima voor. Maar we mogen niet achteroverleunen.”

Tekst: Nicole Gommers

Aan het woord

Judith Blijden
Judith Blijden, senior beleidsmedewerker digitale transitie bij de SER en lid van de werkgroep Digitale Transitie
Carine van Oosteren
Carine van Oosteren, senior beleidsmedewerker digitale transitie bij de SER en lid van de werkgroep Digitale Transitie
 
 

De impact van digitalisering valt moelijk te overschatten. Elke Nederlander wordt erdoor geraakt en digitale vaardigheden zijn inmiddels een voorwaarde om mee te kunnen doen in ons land. Het thema leeft ook binnen de SER. Sterker: elk adviestraject heeft er raakvlakken mee. Soms heel direct – denk aan hybride werken – maar ook thema’s als de circulaire economie, de zorg of de woningmarkt raken aan digitalisering. De aandacht binnen de SER nam volgens beleidsmedewerker Judith Blijden in 2021 een hoge vlucht met de oprichting van de werkgroep Digitale Transitie. “Inmiddels is het thema zó vervlochten met alles wat we doen, dat we er voor wilden zorgen dat digitalisering en de impact van technologie structureel en integraal wordt meegenomen binnen al onze adviestrajecten.”

De werkgroep Digitale Transitie, bestaande uit kroonleden, werkgevers, werknemers en onafhankelijke experts, monitort de impact van de digitale transitie en agendeert en faciliteert het publieke debat tussen maatschappelijke organisaties en de overheid. Beleidsmedewerker Carine van Oosteren: “Binnen de werkgroep houden we ons momenteel bezig met vier grote thema’s: zijn Nederlanders voldoende digitaal bewust en digitaal vaardig, de rol van data binnen de samenleving, de digitale overheid en de relatie tussen digitalisering en verduurzaming. Daarnaast adviseren we collega’s hoe ze de vaak nog ontbrekende digitale component kunnen meenemen in lopende adviestrajecten.”
Van Oosteren legt uit dat Nederlanders en soms ook SER-collega’s zich er onvoldoende van bewust zijn dat digitalisering een nuttig instrument is om tot een eerlijke en inclusieve samenleving te komen. Ook het bewustzijn dat digitalisering en technologie onontbeerlijk zijn bij belangrijke transformaties – denk aan hervormingen op de arbeidsmarkt en de duurzaamheidstransitie – moet nog breder verankerd raken. “Dat zijn thema’s waarover we nog meer kabaal moeten maken.”

Onderdeel van de monitorfunctie van de werkgroep is aandacht voor de digitale positie van Nederland, ook ten opzichte van andere landen in de EU. Nu de werkgroep Digitale Transitie een interactieve digitaliseringskaart van Europa heeft ontwikkeld, is die informatie voor iedereen beschikbaar. Judith Blijden en Carine van Oosteren belichten de digitalisering in Nederland en de interactieve digitaliseringskaart van Europa.

Wat is het idee achter de interactieve digitaliseringskaart van Europa?

Judith Blijden: “De Europese Unie haalt elk jaar data op over de mate waarin landen gedigitaliseerd zijn en verwerkt die informatie in de Index van de Digitale Economie en Samenleving ofwel de DESI-index: een jaarlijks verslag van de Europese Commissie, waarin ontwikkelingen worden gemonitord. Die informatie hebben we nu toegankelijker gemaakt met een interactieve digitaliseringskaart van Europa. Met een paar clicks zie je hoe landen ervoor staan in de DESI-index en wat de digitale ambities zijn. Nederland wil meedoen in de voorhoede en kansen benutten, inzetten op inclusie en samenwerking en bouwen aan het vertrouwen in de digitale toekomst.”

‘Door de gevisualiseerde scores hoef je geen rapport meer door te nemen om het overzicht te krijgen’

Carine van Oosteren: “De DESI-index monitort hoe digitalisering zich ontwikkelt op basis van vier domeinen: menselijk kapitaal (met indicatoren als digitale basisvaardigheden en ICT-specialisten), connectiviteit (digitale infrastructuur, zoals 5G-dekking), integratie van digitale technologie (het gebruik van digitale technologie in bedrijvigheid), en digitale openbare diensten en overheidsdiensten (toegankelijkheid van openbare diensten). Door de scores te visualiseren, hoef je geen rapport meer door te nemen om het overzicht te krijgen.”

Voor wie is de kaart bedoeld?

Carine van Oosteren: “De kaart is sowieso interessant voor professionals die zich met digitalisering bezighouden. Maar het volledige antwoord is: iederéén die zich afvraagt hoe we er als land voor staan, kan de kaart raadplegen. Het is een mooie aanvulling op de SER-website.”

Wat zien we en wat is er te vertellen over Nederland?

Judith Blijden: “Er zijn landprofielen van de verschillende lidstaten. Klik je op Nederland, dan doen we het goed met een derde plaats overall in de DESI-index. Je kunt de prestaties van landen vergelijken, maar de strategieën voor verdere digitalisering laten zich moeilijker vergelijken. Ieder land legt eigen accenten. Allerlei factoren beïnvloeden de indicatoren van de DESI-index, dat maakt vergelijken ingewikkeld. Of je goed scoort op digitale overheid heeft niet alleen te maken met voorzieningen, maar ook met het vertrouwen van burgers in de overheid. Verder kom je ook onverwachte dingen tegen. Roemenië staat bijvoorbeeld overall op de 27e plaats en is dus zeker geen topscorer. Wel scoort dat land in verhouding heel hoog met de hoeveelheid ICT-afgestudeerden per jaar en de verhouding man/vrouw binnen de sector. In die zin kunnen veel landen een voorbeeld nemen aan Roemenië.”

Carine van Oosteren: “Van de vier domeinen uit de DESI-index komen er twee terug in het werkprogramma van de werkgroep Digitale Transitie: menselijk kapitaal en de digitale overheid. Over die twee onderwerpen hebben we beter zicht op wat er speelt in Nederland, welke vorderingen we boeken en wat nog aandachtspunten zijn.
Alle informatie op de kaart is relatief. Finland en Denemarken zijn respectievelijk de nummer 1 en 2 in de DESI-index. Toch loopt Nederland, de nummer 3 van de DESI-index, voor op Denemarken als het gaat om de digitale overheid: hoe makkelijk en veilig je online zaken met de overheid kunt regelen. Verder is het jammer dat niet van alle lidstaten informatie beschikbaar is. Zo ontbreken landen als Bosnië-Herzegovina, Servië, Albanië en Noord-Macedonië. En het Verenigd Koninkrijk valt vanwege de BREXIT buiten de kaart.”

Zijn er verbeterpunten of kan Nederland tevreden zijn?

Judith Blijden: “Nederland kan veel beter presteren. Die verbetering krijgt trouwens wel vaart. Goed dat er sinds begin 2022 voor het eerst een staatssecretaris voor digitalisering is. (Alexandra van Huffelen coördineert de digitale ambities van het kabinet, redactie). Het is een uitdaging om burgers digitaal bewuster en vaardiger te maken. Er is veel overlap in problematiek. Mensen die moeite hebben met lezen en schrijven, zijn minder digitaal vaardig. Ouderen zijn minder digitaal vaardig dan jongeren. Inclusie komt daardoor in gevaar: wie digitale vaardigheden mist, kan niet goed meekomen in de maatschappij. Nederlandse ouderen scoren op het vlak van vaardigheden trouwens wel veel beter in het wegleggen van hun telefoon. Ja, ook dat is een vaardigheid. De overkill aan informatie doet veel met mensen.”

‘Nederland kan veel beter presteren. Die verbetering krijgt inmiddels wel vaart met een staatssecretaris voor digitalisering’

Carine van Oosteren: “Op papier staat Nederland er goed voor, met de derde plaats in de DESI-index, en een vierde plaats voor de digitale overheid. Maar ik heb mijn twijfels of we ons echt mogen laten voorstaan op die derde plaats. Human capital is een van de vier pijlers binnen de DESI-index. Als ik kijk naar de Nederlandse human capital-agenda, dan is een van de indicatoren hoeveel mensen digitale basisvaardigheden hebben. Daarmee ligt de lat niet zo hoog, dus er is geen reden om tevreden achterover te leunen. Verder zegt de kaart iets over heel Nederland, maar niets over het verschil tussen regio’s of groepen mensen.”

Waarom is monitoring van digitalisering en een brede bewustwording zo belangrijk?

Carine van Oosteren: “De ranking dient een duidelijk doel. Europa onderscheidt zich op digitaliseringsgebied van bijvoorbeeld de Verenigde Staten en China. Wij monitoren namelijk of publieke waarden voldoende worden meegenomen. Is er aandacht voor privacy? Digitaliseren we inclusief, voorkomen we een tweedeling en discriminatie? Op het wereldtoneel wil Europa zich profileren met wet- en regelgeving op het vlak van veiligheid, markten die eerlijk functioneren, aandacht voor duurzaamheid. Europa zet eigenlijk een cordon rondom het continent: digitaliseren doen we met inachtneming van onze Europese waarden, ofwel: we willen digitaal verantwoord ondernemen.

‘Willen we inclusief blijven? Dan moeten we de bewustwording van groepen met minimale digitale vaardigheden vergroten’

Ook op landniveau moeten we onze verantwoordelijkheid nemen en onszelf verbeteren. Doen we dat niet? Dan verslechtert onze concurrentiepositie, maar het kan ook ten koste gaan van inclusie. Om inclusief te blijven, moeten we de bewustwording van groepen met minimale digitale vaardigheden vergroten. Daar komt de SER in beeld: we houden de voortgang in de gaten, signaleren blinde vlekken en adviseren wat beter kan.”

Blijft de kaart zoals die nu is?

Carine van Oosteren: “Digitalisering is een thema met een lange adem. Beleidsaccenten hebben invloed op de verschillende prestaties, dus de informatie op de kaart is per definitie aan verandering onderhevig. Elk jaar komen nieuwe data beschikbaar. De digitale ambities die je op de kaart ziet, zijn gebaseerd op de 2020 NL Digibeter-agenda van de Nederlandse overheid. De DESI-index is gebaseerd op die plannen, en minder op wat er al is gerealiseerd. In Nederland zijn inmiddels nieuwe beleidsplannen opgesteld, onder andere door BZK en EZK. In de volgende DESI-index wordt de informatie geactualiseerd.”


Meer lezen? SERmagazine verschijnt ook 5 keer per jaar als papieren tijdschrift.

Abonneer nu gratis


Zicht op... magazine SER
vrouw met virtual reality bril