De arbeidsmarkt van de toekomst kan niet zonder een goede combinatie van werk en mantelzorg
Zo’n 2 miljoen Nederlanders combineren hun betaalde baan met mantelzorg: het zorgen voor een naaste met fysieke of mentale gezondheidsproblemen. Voor de meeste mantelzorgers gaat dat gelukkig goed. Maar voor een groeiende groep leidt dit tot overbelasting.
Intussen stijgt de vraag naar professionele zorg én mantelzorg. De SER vindt dat het makkelijker moet worden om betaald werk en mantelzorg te combineren én dat moet worden voorkomen dat mantelzorgers worden overvraagd.
Combineren moet makkelijker, verlof moet beter
Mantelzorg moet een normaal verschijnsel worden op de werkvloer, waarbij werkgevers waar mogelijk maatwerk bieden voor werkende mantelzorgers. Begrip en flexibiliteit zijn voor veel werkenden een oplossing. Daarvoor is wel belangrijk dat mantelzorgers ook zelf het gesprek aangaan met hun werkgever. De overheid moet zorgen dat het regelen van zorg voor een naaste veel eenvoudiger wordt: mensen raken nu verstrikt in een woud aan regelingen en instanties. Om te voorkomen dat mantelzorgers er alleen voor staan in hun zorgtaken is goede ondersteuning vanuit de gemeente nodig. En er is een “ventiel” nodig wanneer de druk op werken en zorgen te hoog wordt: door acht weken betaald mantelzorgverlof gefinancierd door de overheid, en een passend en toereikend aanbod van vervangende zorg (respijtzorg). Dat geeft lucht en kan helpen voorkomen dat mensen uitvallen, minder gaan werken of zelfs helemaal stoppen met werken. Voor mensen met zeer langdurige, intensieve mantelzorgtaken schiet verlof te kort; de SER adviseert na te gaan hoe ook deze groep goed kan worden ondersteund.
Mantelzorg in een zorgzame, gezonde samenleving
Het is belangrijk om, waar mogelijk, de vraag naar mantelzorg te beperken. Investeren in gezondheid van mensen (preventie) draagt daaraan bij. Waar mensen al voor elkaar zorgen in buurten, wijken en gemeenschappen moeten initiatieven gevoed en gekoesterd worden. Ook kunnen technologie en woonbeleid een rol spelen. Verder blijven investeringen in een sterke formele zorgsector onmisbaar.