SERmagazine

Leren in de wijkgerichte aanpak: ‘Dáár gebeurt de energietransitie’

Hoe krijgen we eind 2030 anderhalf miljoen huizen en gebouwen van het aardgas? Het Klimaatakkoord onderzoekt in proefwijken wat nodig is. En zorgt dat wat nu lastig is in Noord-Holland, straks geen issue is in Zuid-Limburg. De SER pakt in deze wijkgerichte aanpak een nieuwe rol.

Beatrice Keunen

Martha van den Hengel
Martha van den Hengel
Netbeheer Nederland
Riemer Kemper
Riemer Kemper
SER-secretaris van de Taakgroep Arbeidsmarkt en Scholing van het Klimaatakkoord
 
 

“Op een gegeven moment ligt ‘ie er dan, ergens in de loop van de komende jaren: de brief waarin de gemeente aangeeft wanneer er in jouw wijk geen aardgas meer zal zijn, en welke nieuw type verwarming bij jou in de buurt het meest geschikt is”, zegt Martha van den Hengel, Netbeheer Nederland. “Hoe mooi zou het zijn als kort daarop een brief volgt van één partij die jou en je buurtgenoten bij deze overgang volledig ontzorgt.”

Van den Hengel schetst wat er in die brief zou moeten staan: ‘In het kader van de verduurzaming worden alle huizen in uw wijk binnen een halfjaar van het aardgas gehaald. Zonnepanelen worden bij u aangesloten op het elektriciteitsnet; uw huis wordt geïsoleerd, nieuwe verwarmingssystemen worden geplaatst en uw elektriciteitsnetwerk verzwaard. Daartoe plannen we die en die afspraken in met een aannemer, netbeheerder en installateur. Het gaat u ongeveer zoveel geld kosten’.

De praktische uitvoering van het Klimaatakkoord

Leren hoe we die verduurzaming moeten uitvoeren, in een wijkgerichte aanpak, dat is het doel van het Kernteam Intentieverklaring ’Mensen maken de transitie’. Van den Hengel is voorzitter van dit team, dat onderdeel is van de praktische uitvoering van het Klimaatakkoord (zie ook kader onderaan).

Lees door onder de foto

Wijkgerichte aanpak voor energietransitie
© ANP/Suzanne van de Kerk

‘Anderhalf miljoen huizen en gebouwen van het aardgas vraagt om een andere manier van samenwerken’

“‘Eind 2030 anderhalf miljoen huizen en gebouwen niet langer via aardgas verwarmd.’ Toen we deze opdracht kregen zeiden we direct: ‘Jongens, wat een toestand. Hoe gaan we dit doen?’, vervolgt Van den Hengel. “Als we doorgaan op de huidige wijze, ieder op zijn eigen manier en moment, gaat het niet lukken. Het vraagt een andere manier van samenwerken. We moeten met elkaar ontdekken hoe we deze opgave samen het beste kunnen realiseren. En samen onderzoeken welke innovaties er al zijn en welke nog nodig zijn. Onderzoeks- en onderwijsinstellingen spelen daarbij een cruciale rol.”


Meer lezen? SERmagazine verschijnt ook 5 keer per jaar als papieren tijdschrift.


Leren door te doen in proefwijken

Het Kernteam koos voor leren door te doén. “In de proefwijken die van het Programma Aardgasvrije Wijken subsidie kregen, ontdekken we wat er goed gaat en wat beter moet. Die knelpunten moeten we oplossen, zodat wat nu lastig is in Noord-Holland, straks in Zuid-Limburg geen issue wordt.”

Dat ze aanlopen tegen een groot tekort aan met name technisch geschoold personeel, weet Van den Hengel nu al. “Het gewenste tempo kunnen we met de huidige ploeg niet behalen. En daarbij, niet iedereen kan zomaar warmtepompen installeren of groen gas invoeden op het gasnet. In die zin liggen er nieuwe kansen, inclusief opleidingen voor wie nu werkloos is. En voor dit alles zijn onze ogen gericht op de SER…”

De SER kan helpen partijen bijeen te brengen

“… precies! En daarvoor ben je bij ons aan het goede adres: de SER kan helpen om partijen bij elkaar te brengen”, vult Riemer Kemper aan, SER-secretaris van de Taakgroep Arbeidsmarkt en Scholing van het Klimaatakkoord, die de totstandkoming van de intentieverklaring begeleidde.

“Het idee is om met alle betrokken partijen eerst goed te kijken wat er in zo’n wijk nodig is, qua mensen en lerend vermogen. We zijn onlangs met hen door twee van de eerste proefwijken gelopen, in Zoetermeer Palenstein en Utrecht Overvecht. Vanuit de praktijk bespreek je dan: wat kan jouw rol zijn? Zo leren partijen elkaar kennen en krijgen ze een goed beeld van de opdracht.”

‘Samen met de poten in de modder wérkt’

Zo dicht op de praktijk en in gesprek met zoveel organisaties is misschien niet traditioneel SER-werk, maar het loont wel, zegt Kemper. “Vooral in de wijk, want dáár gebeurt de energietransitie. Samen met de poten in de modder wérkt. Ik kan me voorstellen dat we uiteindelijk kunnen zeggen: ‘We halen u van het aardgas af, maar misschien komen we u een stage of baan brengen.’ Dat zou toch fantastisch zijn?”


Nieuwe rol SER: wijkgerichte aanpak

In het Klimaatakkoord van 2018 zijn afspraken gemaakt met als hoofddoel 49% CO2-reductie in Nederland in 2030. De SER begeleidde de totstandkoming van het akkoord en levert ook de voorzitter, Mariëtte Hamer, en het secretariaat van de cross-sectorale Taakgroep Arbeidsmarkt en Scholing. Daarin werken sociale partners, overheden en onderwijspartijen samen om voldoende gekwalificeerd personeel te vinden voor de uitvoering van het akkoord.

In de uitvoerende fase van het Klimaatakkoord – vijf Sectortafels zijn ervoor verantwoordelijk – zit de taakgroep vanuit de SER dicht op de praktijk. Het samenwerken met zoveel organisaties en de rol ‘van onderop’ is voor de SER relatief nieuw. Het meest zichtbare voorbeeld hiervan is de Intentieverklaring ‘Mensen maken de transitie’ van de Sectortafel Gebouwde Omgeving. Daar bracht de SER 25 partijen bij elkaar om voldoende personeel en lerend vermogen te organiseren bij de verduurzaming van alle wijken in Nederland eind 2030 volgens ‘De Wijkgerichte aanpak’.