SERmagazine

Interview Ed Nijpels : ‘Europa is absoluut noodzakelijk voor de klimaattransitie’

Soms loopt Nederland voor de troepen uit met een ambitieuze klimaatregel. Een andere keer manen Europese regels Nederland juist om serieuzer werk te maken van de transitie. Om klimaatdoelen te halen én eerlijke concurrentie in stand te houden, is Europa onmisbaar, zegt Ed Nijpels, SER-kroonlid en tot voor kort voorzitter van het Voortgangsoverleg Klimaatakkoord.

Tekst: Berber Bijma

Ed Nijpels Kinderklimaattop
Ed Nijpels | Foto: ANP / Robin Utrecht

In feite is het simpel: problemen die over grenzen heen gaan, moet je over grenzen heen aanpakken. Dat Europees klimaatbeleid nodig is, is voor Ed Nijpels daarom een no-brainer. Op 3 november nam hij afscheid als voorzitter van het Voortgangsoverleg Klimaatakkoord. In die rol hield hij zich jarenlang bezig met de Nederlandse klimaatdoelstellingen en het waarmaken daarvan. Die Nederlandse doelstellingen vloeien voor een groot deel voort uit Europese regelgeving.

“Voor klimaatbeleid heb je drie belangrijk instrumenten: normen stellen via wetgeving, vervuiling beprijzen en subsidies. Die subsidies moeten overigens altijd tijdelijk zijn, enkel om bedrijven of burgers een bepaalde drempel over te helpen. Europa gebruikt al die instrumenten.”

Lidstaten zijn verplicht zich aan Europese normen te houden. Het Europese doel om in 2030 55 procent minder CO2 uit te stoten dan in 1990 (‘fit for 55’) staat ook in het Nederlandse regeerakkoord. Het kabinet streeft zelfs naar 60 procent. Nederland heeft lang ‘meegestribbeld’ met de Europese wetgeving, zegt Nijpels. “Nu, met de oorlog in Oekraïne en de energiecrisis zet Europa in op een versnelling van de verduurzaming, onder de noemer Repower Europe. Alle argumenten om níet mee te gaan, zijn de tegenstanders van stevig klimaatbeleid door de recente ontwikkelingen uit handen geslagen. Trouwens, we moeten simpelweg wel, want die Europese 55 procent is bindend.”

Eerlijke concurrentie

Het Europese systeem dat bepaalt dat bedrijven moeten betalen voor hun CO2-uitstoot, het handelsemissiesysteem ETS, zorgde jarenlang voor veel discussie maar “werkt nu perfect”, vindt Nijpels. “Bedrijven kunnen kiezen tussen betalen voor hun CO2-uitstoot of investeren om die uitstoot te verminderen. En omdat de prijs hoog is, gaan veel bedrijven investeren.’ Aan oneerlijke concurrentie uit werelddelen die geen prijskaartje hangen aan CO2-uitstoot, wordt inmiddels hard gewerkt. “Europa komt met een grensheffing voor producten uit landen buiten Europa met geen of een zwak klimaatbeleid die anders een concurrentievoordeel zouden hebben. Kortom: Europees klimaatbeleid is volslagen onmisbaar voor het klimaatbeleid in de afzonderlijke lidstaten. Zo’n heffing aan de Europese grenzen, maar ook het percentage dat je in 2030 wilt halen, zijn typisch dingen die je gezamenlijk moet regelen en afdwingen.” In 2050 moet de hele Europese Unie klimaatneutraal zijn.

Nederland staat nu ongeveer op de zevende plaats van alle Europese lidstaten, gekeken naar klimaatambities en het waarmaken daarvan. Dat moet absoluut omhoog, vindt Nijpels. “Zeker als je Rutte hoort zeggen dat Nederland tot de top moet horen. Als Nederland de doelstellingen uit het huidige regeerakkoord waarmaakt, zetten we forse stappen. Soms is Nederland ambitieuzer dan Europa – bijvoorbeeld in het uitbannen van de verkoop van nieuwe benzineauto’s – andere keren spoort Europees beleid Nederland aan om er een paar tandjes bij te doen.”

Minder boeren

Het Europese klimaatbeleid – en daaruit volgend het Nederlandse beleid – heeft voor iedereen gevolgen: bedrijven, boeren en burgers. Europese regels op het gebied van natuur en klimaat zorgen ervoor dat de agrarische sector in Nederland flink gaat veranderen. “De landbouwsector gebruikt nu meer dan 60 procent van de Nederlandse grond. Dat is geen heilig recht. Net als iedere andere sector zal de landbouw zich moeten houden aan regels die we met z’n allen in Nederland en Europa hebben vastgesteld. Daar is geen discussie over mogelijk.”

Ook burgers kunnen niet om het Europese en Nederlandse klimaatbeleid heen. “Beter geïsoleerde woningen, warmtepompen, zonnepanelen, ander transport – dat gaan we allemaal merken.” Waar burgers en bedrijven nog veel meer van gaan merken dan nu, is de het realiseren van een circulaire economie, een Europese doelstelling die nauw samenhangt met het klimaatbeleid. Circulaire economie houdt in dat reststoffen en afvalstoffen zoveel mogelijk hergebruikt worden, waardoor afval niet meer bestaat. “Dit is een typisch voorbeeld van Europees beleid dat lidstaten – ook Nederland – dwingt om meer stappen te zetten. Er zijn afvalsectoren waarmee Nederland vooroploopt, zoals papier en glas. Maar Europa werkt bijvoorbeeld ook al een aantal jaren aan het right to repair: ieder product moet te repareren zijn. Dat is een enorme revolutie, waar Nederland en veel andere Europese landen nog niet voor klaar zijn. Maar op een gegeven moment móeten we wel.”

Innovatie

“De technologie gaat ons helpen bij de klimaattransitie. Daar ben ik grenzeloos optimistisch over. Er gaat geen dag voorbij zonder nieuws over nieuwe technologische mogelijkheden. Tegelijk moeten we ons daar natuurlijk niet door in slaap laten sussen. Innovatie mag geen vluchtheuvel voor bange politici worden om lekker te wachten tot alle klimaatproblemen zijn opgelost. Technologie is juist een steun in de rug om nú aan de slag te gaan.”


Dit artikel verscheen ook in het papieren themanummer van SERmagazine over Europa (2022 #4).

Ook gratis abonnee worden?


Over Ed Nijpels

Ed Nijpels (1950) is kroonlid van de SER, voorzitter van de SER-commissie Duurzame Ontwikkeling . Op 3 november nam hij afscheid als voorzitter van het Voortgangsoverleg Klimaatakkoord. Van 2013 tot 2017 was hij voorzitter van de Borgingscommissie die de uitvoering van het Energieakkoord bewaakte. In 2018 en 2019 was Nijpels voorzitter van het Klimaatberaad, het coördinerend orgaan voor de totstandkoming van het Nederlandse Klimaatakkoord in 2019. Het Voortgangsoverleg monitort in hoeverre de afspraken uit dat akkoord worden nagekomen.