Home | Publicaties | SER-adviezen | 2010 - 2017 | 2014 | Betere zorg voor werkenden

Advies Betere zorg voor werkenden: Een visie op de toekomst van de arbeidsgerelateerde zorg

Advies nr. 2014/07: 19 september 2014 (Commissie Arbeidsomstandigheden / Toekomst Arbeidsgerelateerde Zorg)

De raad schetst een toekomstvisie voor een kwalitatief betere arbeidsgerelateerde zorg. Denk bij arbeidsgerelateerde zorg aan bedrijfsgezondheidszorg en reguliere zorg. Dat is: preventie, signaleren beroepsziekten, verzuimbegeleiding en re-integratie naast curatieve zorg door de huisarts en specialist. De raad heeft gesproken met dertig stakeholders en deskundigen. Ook zijn de vijf scenario’s voor de toekomst bekeken die de minister van SZW de SER voorlegde.

Download:Volledig advies (6526 kB)Samenvatting (58 kB)

Verbeteren arbeidsgerelateerde zorg

Volgens de raad moet de arbeidsgerelateerde zorg kwalitatief verbeteren. Daarbij horen: meer aandacht voor de werkcontext in de eerstelijns zorg; gebruik van bewezen effectieve interventies; een goede kennisinfrastructuur; betere samenwerking huisarts-bedrijfsarts.
Verder dient arbeidsgerelateerde zorg open te staan voor alle werkenden (werknemers in vaste dienst, flexwerkers, zzp’ers). De flexibiliteit op de arbeidsmarkt neemt immers toe.

Knelpunten bedrijfsgezondheidszorg en bedrijfsarts

De raad heeft de belangrijkste knelpunten geïnventariseerd. Dit zijn onder meer:
onvoldoende samenwerking tussen bedrijfsarts en reguliere zorg; bij werknemers schiet het vertrouwen in de bedrijfsarts schiet tekort; beroepsziekten worden onvoldoende herkend en gemeld; te weinig instroom in de opleiding tot bedrijfsarts; te weinig aandacht voor preventie.

Oplossingsrichtingen

In de toekomst moeten die knelpunten zijn opgelost. Over de route naar deze toekomst bestaan verschillende opvattingen.
De ene opvatting is dat de regie meer in handen moet komen van de werknemers zelf. Verder moet de bedrijfsarts financieel onafhankelijk zijn; dat wil zeggen niet direct betaald worden door de werkgever. De bedrijfsarts of andere arbodeskundige dient vrije toegang tot de werkplek te krijgen. Met name een sectorale aanpak biedt kansen: zo kunnen specifieke arbeidsrisico’s in een sector beter worden opgespoord. Wetgeving is nodig.
Een andere opvatting is dat de regie bij de werkgever moet blijven, in samenspraak met de medezeggenschap (OR) binnen een bedrijf. Wijziging in de positie van de bedrijfsarts is onnodig. Een sectorale aanpak kan voor kleine werkgevers te duur zijn. Curatieve zorgverleners werken intensief samen met arbozorgverleners, met drastische verbetering van informatie-uitwisseling.
Een derde opvatting is dat de eerste twee goede elementen bevatten. Om de discussie verder te brengen is het nodig naar de bredere wettelijke context te kijken. Dat zijn de wettelijke regelingen voor ziekte en arbeidsongeschiktheid en de verdeling van financiële verantwoordelijkheden op dit terrein.