Home | Publicaties | SER-adviezen | 2000 - 2009 | 2009 | Consumentenrechten in de interne markt

Advies Consumentenrechten in de interne markt

Advies nr. 2009/05: 17 juni 2009
 
Het voorstel van de Europese Commissie voor een nieuwe richtlijn consumentenrechten draagt bij aan de vereenvoudiging van Europese regelgeving en aan een betere werking van de interne markt. De CCA kan op veel punten met het voorstel instemmen, waarbij zij soms wel aandringt op nadere verduidelijkingen. Op enkele onderdelen evenwel acht de CCA, bezien vanuit de Nederlandse wetgeving op consumententerrein, het voorstel op het gebied van consumentenbescherming onvoldoende.

Download:Volledig advies (4942 kB)

Inleiding


Begin oktober 2008 heeft de Europese Commissie een voorstel voor een richtlijn over consumentenrechten gepubliceerd. Hierover hebben staatssecretaris Heemskerk van Economische Zaken (EZ) en minister Hirsch Ballin van Justitie namens het kabinet op 10 december 2008 een adviesaanvraag aan de SER-Commissie voor Consumentenaangelegenheden (CCA) gestuurd (zie bijlage 1). Na een korte uiteenzetting van de kern van het richtlijnvoorstel stelt het kabinet elf vragen ter beantwoording aan de CCA. De bewindslieden willen het CCA-advies graag op korte termijn ontvangen, zodat het in een zo vroeg mogelijk stadium betrokken kan worden bij de onderhandelingen over het richtlijnvoorstel in Brussel. De bewindslieden voegen daaraan toe dat zij ook na de publicatie van haar advies de expertise van de CCA op prijs stellen in het vervolgtraject van de onderhandelingen over het richtlijnvoorstel in Brussel. De CCA geeft graag gehoor aan deze uitnodiging.

Als bijzonderheid in het adviesproces zijn de klankbordbijeenkomsten te noemen die de ministeries van EZ en Justitie in samenwerking met de CCA in januari en maart hebben georganiseerd. Op uitnodiging van de ministeries hebben vertegenwoordigers van branche- en consumentenorganisaties tijdens deze brainstormsessies hun inschattingen gedeeld van de praktische gevolgen van belangrijke onderdelen van het richtlijnvoorstel. Het gaat hierbij om de non-conformiteit, de Algemene Voorwaarden (de zwarte en grijze lijst van (vermoedelijk) onredelijk bezwarende bedingen), informatievoorschriften en herroepingsrecht. Alle betrokkenen hebben deze bijeenkomsten als waardevol en nuttig ervaren. Bovendien hebben de bijeenkomsten informatie en argumenten aangedragen voor dit advies.
Daarnaast heeft de CCA een technisch-juridische werkgroep ingesteld, die – in aansluiting op de uitkomsten van de klankbordbijeenkomsten – als opdracht kreeg om:
• de praktijkgevolgen van en -ervaringen met de Nederlandse zwarte en grijze lijst bij het overleg over Algemene Voorwaarden in kaart te brengen, en
• aan te geven welke bepalingen uit deze lijsten die niet voorkomen in het richtlijnvoorstel van evident belang zijn gebleken voor de bescherming van consumenten in Nederland. De resultaten van de werkzaamheden van deze werkgroep zijn verwerkt in paragraaf 6.4 van dit advies. De rapportage van de werkgroep is in bijlage 2 opgenomen.

Zoals ook bij eerdere advisering over Europese richtlijnen door de CCA het geval was, liepen de CCA-vergaderingen parallel met de onderhandelingen in Brussel. Voor de ministeriële vertegenwoordigers die optreden als onderhandelaar voor ons land in Brussel heeft dit het voordeel dat zij voorlopige opvattingen van CCA-leden bij het Europese overleg kunnen inbrengen. Op hun beurt kunnen de CCA-leden telkens via de ministeriële vertegenwoordigers op de hoogte blijven gesteld van de vorderingen en problemen in Brussel.

Zoals in hoofdstuk 2 van dit advies zal blijken, vloeit dit richtlijnvoorstel van de Europese Commissie voort uit het Groenboek over de herziening van het consumentenacquis dat de Europese Commissie in februari 2007 naar buiten bracht. Hierover heeft de CCA in datzelfde jaar haar voorlopige opvattingen gepubliceerd. Zoals het Groenboek voor de Europese Commissie de basis vormt voor haar huidige voorstellen voor een richtlijn over consumentenrechten, zo is het genoemde CCA-interimadvies het uitgangspunt voor haar standpuntbepaling in dit advies.
Het richtlijnvoorstel betekent intrekking van vier reeds bestaande richtlijnen. Over drie daarvan heeft de CCA eerder geadviseerd: over oneerlijke bedingen in consumentenovereenkomsten (1991), over de bescherming van de consument bij op afstand gesloten overeenkomsten (1993) en over de verkoop en waarborgen van consumptiegoederen (1998). Over de vierde richtlijn die in de kaderrichtlijn moet worden opgenomen, te weten die betreffende colportage, heeft de CCA dus geen advies uitgebracht.

De CCA heeft dit advies vastgesteld in haar vergadering van 17 juni 2009. Voor de samenstelling van de commissie wordt verwezen naar bijlage 3.

Leeswijzer
Het advies is als volgt opgebouwd.
Na een korte weergave van de inhoud van het richtlijnvoorstel geeft hoofdstuk 2 de achtergrond van het voorstel van de Europese Commissie weer. Daarbij zijn vooral twee ontwikkelingen van belang: ten eerste de algemene strategie van de Europese Commissie voor het consumentenbeleid en ten tweede de vernieuwing van dat beleid die met dit richtlijnvoorstel in gang wordt gezet. Ook schenkt dit hoofdstuk nog enige aandacht aan het zogenoemde Gemeenschappelijk Referentiekader.
Hoofdstuk 3 gaat in op het karakter van de nieuwe richtlijn van volledige harmonisatie. Dit karakter heeft als consequentie dat lidstaten geen of nauwelijks afwijkend beleid kunnen voeren ten opzichte van hetgeen de richtlijn regelt. Dat is voor het Europese consumentenbeleid een belangrijke zaak.
Hoofdstuk 4 schenkt aandacht aan het voorgestelde toepassingsgebied van de richtlijn. De richtlijn zal straks niet alleen betrekking hebben op koopovereenkomsten, maar ook op dienstenovereenkomsten en gemengde overeenkomsten. In dit hoofdstuk worden verschillende vormen van overeenkomsten (ook de overeenkomsten die op afstand of buiten de verkoopruimte worden gesloten) onder de loep genomen.
Hoofdstuk 5 behandelt enkele aspecten die van belang zijn bij het sluiten van de overeenkomst. Het gaat daarbij om de informatieverplichtingen voor de ondernemer, het herroepingsrecht en de handhaving.
Hoofdstuk 6 gaat vervolgens in op twee kwesties die bij de uitvoering van de overeenkomst belangrijk zijn. Dat is allereerst de kwestie van de non-conformiteit, waarbij de CCA met een eigen invulling komt van het stelsel van regels voor ondernemer en consument ingeval het gekochte product een gebrek aan overeenstemming met de overeenkomst vertoont.
Daarna vergelijkt dit hoofdstuk de voorstellen van de Europese Commissie voor oneerlijke bedingen in Algemene voorwaarden met de betreffende wetgeving in Nederland.
Hoofdstuk 7 gaat terug naar de adviesaanvraag van de bewindslieden en geeft antwoord op de elf adviesvragen. Dat hoofdstuk is tevens de samenvatting van het advies.