Home | Publicaties | SER-adviezen | 1951 - 1959 | 1959 | Advies over een voorontwerp van een landbouwvestigingswet

Advies over een voorontwerp van een landbouwvestigingswet

Adviesnr. 1959/07 - 11 december 1959

De raad, behoudens enkele leden, acht vestigingseisen in de landbouw in engere zin niet alleen overbodig, maar zelfs in hoge mate ongewenst. Dit vanwege het gevaar, dat het een spontane sanering in de weg zou staan.

Download:Volledig advies (853 kB)

Hetzelfde geldt voor vestigingseisen voor tuinbouw, fruitteelt en de teelt van siergewassen.
Mochten er toch vestigingseisen worden opgesteld, dan niet ten aanzien van handelskennis en vakbekwaamheid. Evenmin ten aanzien van kredietwaardigheid. Geen compartimentering ten aanzien van vakbekwaamheidseisen in de landbouw.
In bijvoorbeeld de tuinbouw mag wel enige differentiatie in vakbekwaamheidseisen. Met dien verstande dat een diploma van redelijk hoog niveau geldt als passe-partout voor alle sectoren. Mochten er toch vestigingseisen komen, dan overeenkomstig met het tot stand komen van vestigingsbesluiten op grond van de Vestigingswet Bedrijven 1954. Eventueel eisen van vakbekwaamheid en kredietwaardigheid dienen niet te zijn onderworpen aan een autonome verordenende bevoegdheid van het Landbouwschap.

Een kleine minderheid van de raad meent het tegenovergestelde omdat anders de centrale overheid regelend zal moeten optreden. Enkelen menen dat de centrale overheid alleen mag optreden waar het Landbouwschap (nog) geen verordening heeft uitgeschreven. Als zo'n lacune is gedicht dient de overheid zijn voorschrift in te trekken.