Home | Publicaties | SER-adviezen | 1951 - 1959 | 1951 | Advies inzake de in de naaste toekomst te voeren loon- en prijspolitiek

Advies inzake de in de naaste toekomst te voeren loon- en prijspolitiek

Adviesnr. 1951/01 - 16 februari 1951

De Raad pleit voor een beheerste loonpolitiek en een stelsel van algemeen toezicht op de prijzen met een incidenteel ingrijpen waar nodig.

Download:Volledig advies (1009 kB)

Ter voorbereiding van dit advies is de Commissie Lonen en Prijzen ingesteld.
In dit advies wordt op de eerste plaats ingegaan op de plaats welke de loon- en prijspolitiek dient in te nemen in het kader van de algemene economische politiek. Daarbij zijn door de Raad zes doelstellingen van algemene en sociale politiek vastgesteld.
Vervolgens gaat het advies in op de te voeren loon- en prijspolitiek op korte termijn. Gepleit wordt voor een beheerste loonpolitiek en een stelsel van algemeen toezicht op de prijzen met een incidenteel ingrijpen, waar dit nodig zou zijn. De betekenis van de loon- en prijspolitiek is daarbij enerzijds, dat deze voldoende export mogelijk moet maken door de exportprijzen voldoende laag te houden.
Anderzijds kan zij een functie vervullen bij een verdere wijziging van fundamentele omstandigheden, alsmede ter correctie van bijzondere discrepanties.

Naar het oordeel van de Raad bestaat geen aanleiding tot looncorrectie bij een stijging van de invoerprijzen en van doelbewust opgelegde fiscale lasten, echter wel bij stijging van de exportprijzen. Stijging van de arbeidsproductiviteit (boven het in de prognose aangenomen cijfer) zal in het reële loon tot uiting moeten komen. Tot prijscorrectie bestaat naar de mening van de Raad geen aanleiding bij prijsverhoging van een met het buitenland concurrerend product (tenzij er een egalisatiefonds bestaat), of bij herstel van te laag geachte ondernemersinkomens.
Er is daartoe onder bepaalde omstandigheden wel aanleiding, indien procentuele winstopslagen op gestegen invoerprijzen worden gehandhaafd of van monopolyde situaties misbruik wordt gemaakt.
Tot slot vestigt de Raad de aandacht op de wenselijkheid van de samenstelling van voldoende betrouwbare indices betreffende de grootheden, die voor het voeren van een verantwoorde loon- en prijspolitiek onontbeerlijk zijn.