Joanne Meyboom: ‘Als een leider niet inclusief gedrag vertoont, maakt de reactie van omstanders het verschil’

Nadat Joanne Meyboom bij de technologische firma Siemens managing director werd van een vrijwel geheel masculiene divisie, duurde het niet lang voordat meer vrouwen daar hun intrede deden. De managing director Smart Infrastructure van Siemens Nederland en scheidend president van het Koninklijk Instituut van Ingenieurs (KIVI) maakt zich nog elke dag hard voor genderdiversiteit.

Meyboom houdt niet alleen de vinger aan de pols, maar zorgt actief voor balans, bijvoorbeeld door mannen die werken voor een vrouwelijke baas te benoemen in een panel dat managers ondersteunt bij belangrijke benoemingen. Al die moeite loont: “Een samenleving die mede wordt ontworpen door vrouwen, is een betere samenleving.”

De naam Joanne Meyboom kwam in 2017 al ter sprake in een interview van (toen nog) Topvrouwen.nl met Ab van der Touw. De toenmalig bestuursvoorzitter van Siemens Nederland beschreef, met de nodige humor, zijn inspanningen om vrouwen aan boord te krijgen van het technische concern. “Als bepaalde divisies een testosteronhengstenbal dreigen te worden, dan ga ik het gesprek aan. Dat levert zélfs bij de meest masculiene divisies resultaat op.” Daaruit vloeide uiteraard de vraag voort met welke ‘vrouwelijke benoeming’ bij zo’n masculiene divisie Van der Touw bijzonder in zijn nopjes was. Dat was Joanne Meyboom, die in 2016 directeur van Building Technologies werd. “Juíst vanwege die plek ben ik trots op die benoeming. Ik wil niet aan de streefcijfers voldoen door vrouwen alleen neer te zetten op directieposities op HR, legal en communicatie. De jobs binnen de business en operatie zijn niet louter voor de mannen. Vrouwen zijn daar zeer welkom”, zei Van der Touw daarover.

Inmiddels schrijven we 2022 en spreekt SER Topvrouwen Joanne Meyboom zelf. Ze is tegenwoordig managing director van Smart Infrastructures en moet glimlachen om die quote uit het oude interview: “Ja, Ab was echt passioneel over dit onderwerp. Siemens was destijds al goed op weg met diversiteit en ik werd binnen die divisie en binnen Europa de eerste vrouw die verantwoordelijk werd voor de operatie. Vlak daarna werd er nog een vrouw in de operatie benoemd en in de laag eronder een vrouw die aan mij ging rapporteren. Voor die tijd was dat behoorlijk bijzonder.”

Mevrouw, u zit hier verkeerd

Wie Meyboom vraagt hoe het was om ‘de eerste’ te zijn, heeft al snel door dat de uitzondering zijn voor Meyboom al een leven lang de normaalste zaak van de wereld is. Aan die uitzonderingspositie kleven mooie herinneringen. “Dat begon al op de kleuterschool, waar ik de poppenhoek links liet liggen en koos voor de in mijn ogen veel interessantere autohoek. Op de middelbare school voerde ik samen met de jongens brommers op. Wat een studie betreft voelde ik me, zoals veel vrouwen, aangetrokken tot geneeskunde. Maar er was een loting en destijds was bovendien de tweefasenstructuur van kracht, waardoor het onzeker werd of je de studie volledig af kon ronden. Daarom ging ik op zoek naar een andere studie, liefst een die me in de gelegenheid zou stellen in het buitenland te werken. Een zus van een vriendin studeerde als een van de weinigen mijnbouwkunde. Zij enthousiasmeerde me.” Die eerste dag college lopen in Delft is onvergetelijk. “De professor zei: ‘Mevrouw, u zit hier verkeerd, dit is mijnbouwkunde en niet bouwkunde’. In tegenstelling tot bouwkunde waren er bij mijnbouwkunde slechts drie vrouwen te vinden. Uiteindelijk waren wij drie de eerste Nederlandse vrouwen die in petroleumwinning afstudeerden. Ik herinner me dat we op excursie gingen naar Schotland. We logeerden in de slaapzaal van de mannenvleugel van een universiteit die leeg was vanwege vakantie. Daar waren alleen open douches, dus als wij vrouwen wilden douchen moest dat ’s morgens heel vroeg, in badpak.”

Het is een situatie die tegenwoordig ondenkbaar zou zijn. Meyboom kan desondanks nog steeds hartelijk lachen om die voorvallen. “Collega-studenten vonden die vrouwelijke aanwezigheid prima, hoor. Het zijn meestal niet je peers die moeite hebben met verandering, maar de mensen erboven.” Ook in haar eerste baan, bij Dow Chemicals, bleek ze als vrouw een vreemde eend. Meyboom koos na haar afstuderen nota bene voor een functie in de technische sales, vanuit de gedachte dat er in commerciële functies vrouwen te vinden zouden zijn. “Zonder te willen generaliseren, zijn vrouwen immers heel vaak supergoed in zich inleven in een ander. En daar gaat sales over: vragen stellen, luisteren. Maar toch kwam ik in een mannenwereld terecht, waarin werkelijk níets was toegesneden op vrouwen.” Dat bedoelt ze letterlijk: “Het was 1989 en ik kreeg een enorme Audi van de zaak - dat voelde voor mij als een veel te grote auto - een van de eerste mobiele telefoons en een enorme laptop. Liep ik daar op mijn hakken – want het moest wel representatief zijn – met links vijf kilo en rechts idem.”

Dat het zakenleven inmiddels als het gaat om dergelijke praktische zaken wél rekening houdt met vrouwen – van auto’s tot telefoons die beter in de hand liggen – ziet Meyboom als bewijs dat er een kantelpunt bereikt is. Want juist die praktische zaken laten zien dat vrouwelijke representatie op elk niveau steeds gebruikelijker wordt. “Tegenwoordig zijn mannen en vrouwen architect. En daarom is het nu veel gebruikelijker in die ontwerpprocessen rekening te houden met wat ook voor vrouwen prettig is. Bij Siemens hielden we laatst een enquête: wat vindt men vrouwonvriendelijk? Dat bleken de vrouwen-wc’s te zijn, met een ingang op de werkvloer, terwijl de ingang van de mannen-wc bij de garderobe is. Dat draagt niet bij aan een gevoel van privacy – vrouwen voelen zich bekeken.” De macht van het getal dwingt ook aandacht af voor kleine verbeteringen die het werkende leven comfortabeler maken.

Schakel mannen in die voor een vrouwelijke baas werken

Praktische zaken aantrekkelijker maken voor vrouwen betekent óók de drempel voor vrouwelijke toetreding verlagen, juist op die plekken waar dat nog niet vanzelfsprekend is. “Ik ben nu zelf in een positie waarop ik ervoor kan zorgen dat vrouwen de overstap maken, waarna blijkt dat vrouwen echt het verschil maken, in de operatie én voor andere vrouwen. Nadat ik bij Building Technologies kwam, zijn we tussen 2016 en 2019 snel gegroeid van 7 tot 25 procent vrouwen, puur omdat ik dat belangrijk vond.” Meyboom krijgt dat voor elkaar door mannen te helpen met een andere blik te kijken. “Voor een bepaalde functie, waarbij haast automatisch naar mannelijke kandidaten gekeken werd, heb ik een manager gezegd in eerste instantie alleen vrouwelijke kandidaten te interviewen. Pas als er echt geen vrouwelijke gegadigden waren, mocht er naar cv’s van mannen gekeken worden. Dat werkte veel beter dan die manager in eerste instantie dacht: hij was echt verrast over de goede vrouwelijke kandidaten.”

Ook bij Smart Infrastructure, dat zich bezighoudt met efficiency en duurzaamheid van energiesystemen, gebouwen en industrieën, zorgt Meyboom ervoor dat er voldoende vrouwen vertegenwoordigd zijn in het management (inmiddels gaat het om 13 procent). “Je kunt een target halen, maar daarna kan het snel weer door je vingers glippen. De vrouwen hier doen het goed, en dat brengt promoties met zich mee, vaak bij andere divisies. Het is natuurlijk geweldig dat Smart Infrastructures zo het hele bedrijf diverser maakt, maar ik ben me er daardoor bewuster van dat targets grillig zijn. Je haalt het, maar het cijfer kan heel snel weer teruglopen. Succes komt te voet en gaat te paard.” De aandacht voor genderdiversiteit mag dus niet verslappen.
Siemens maakte al gebruik van een tool die vacatureteksten zo bewerkt dat vrouwen zich aangesproken voelen, maar er is meer nodig. HR kwam daarom met het plan Siemens-breed een panel in te schakelen om managers te ondersteunen bij belangrijke benoemingen. “Ik heb me er toen hard voor gemaakt dat in elk panel een man zitting heeft die eerder voor een vrouwelijke baas heeft gewerkt.” Meybooms ervaring is namelijk dat als mannen eenmaal voor en met een vrouw gewerkt hebben, dat bijzonder goed bevalt. “Vrouwen geven over het algemeen echte aandacht aan belangrijke thema’s, waardoor die tractie krijgen, en dat maakt echt het verschil. Ik zeg dit zonder te willen generaliseren, maar veel vrouwen brengen die kwaliteit met zich mee: ik denk dat de 80-20-regel wel opgaat. De man in het panel weet wat een vrouw naast vakinhoudelijke expertise nog meer in huis heeft, en is eerder bereid een lans te breken voor die kandidaat. Dat scheelt, omdat de blik van een selectiecommissie te vaak uit gewoonte en vertrouwdheid op mannelijke kandidaten valt. Terwijl er zoveel goede vrouwen zijn.” Werkt het ook? Ze glundert: “We zijn net begonnen met deze panels, of het een verschil heeft gebracht weet ik niet, maar bij Smart Infrastructure hebben we nu al 3 vrouwelijke collega’s in management erbij gekregen. En op deze manier nemen we ook mannen aan met feminiene kwaliteiten.”

De volger heeft de macht, niet de leider

In Nederland is een groot tekort aan ingenieurs. In de strijd om talent heeft Siemens een belangrijk voordeel: het concern kan makkelijk vissen in buitenlandse vijvers. “Bij Siemens Nederland hebben we inmiddels 27 nationaliteiten in huis en daar zitten veel vrouwen tussen, uit landen als Syrië, Iran en Turkije. Of werken met zoveel verschillende culturele achtergronden ook weleens ingewikkeld is? Het is ontzettend ingewikkeld! Dat zit ’m vooral in communicatie. In andere culturen draait het bij het zakendoen in eerste instantie om de relatie: men wil een vertrouwensband opbouwen. Maar wij Nederlanders zijn minder van de geleidelijke weg en dat zorgt voor frictie.”

De verschillen managen, begint volgens Meyboom bij herkenning. Zelf werkte ze lange tijd in Zuid-Afrika en Indonesië, waardoor die herkenning makkelijker gaat. “Bij Siemens rollen we nu een programma uit dat Wie ben jij? heet. Het gaat erom je open te stellen voor de ander. Zo leer je elkaars verschillen begrijpen. Het leert je waarom samenwerken zo moeilijk is, en waarom het verleidelijk is door je eigen ogen te blijven kijken. Zélfs degenen die diversiteit belangrijk vinden, blijken dit moeilijk te vinden.” Het programma is daarnaast ook gericht op sociale veiligheid. “En dan vooral de rol die je hebt als volger wanneer een leider minder inclusief gedrag uitstraalt.” Het is namelijk de volger die met zijn reactie het gedrag van de leider legitimeert. Soms wordt er bijvoorbeeld tijdens een vergadering een ongepaste grap gemaakt aan tafel. “Een grap wordt echter pas een grap als volgers – in dit geval de mensen aan tafel – daadwerkelijk lachen. Als iemand zegt: ‘Joh, dit is ongepast’, dan bindt de grappenmaker wel in.” Ook als een leider een discriminerende opmerking maakt, dan wordt dat gedrag in de kiem gesmoord als omstanders zeggen: ‘Het is apart wat je zegt, wat wil je hiermee bereiken?’ Meyboom: “Als volgers door training afleren uit ongemak mee te grinniken, sta je sterker met z’n allen.”

Reacties op quotum lijken op reacties anti-apartheidswetgeving

Over de Wet evenwichtiger man-vrouwverhouding in de top van het bedrijfsleven, die bepaalt dat raden van commissarissen van het beursgenoteerde bedrijfsleven voor een derde uit vrouwen moeten bestaan én dat andere bedrijven moeten rapporteren over hun inspanningen hun topgremia diverser te maken, is Meyboom ‘heel positief’. Meyboom werkte in Zuid-Afrika voor Dow Chemicals toen de ANC-regering kwam met rechtstellende actie (regstellende aksie in het Afrikaans, affirmative action in het Engels). Die politiek wilde korte metten maken met de door apartheid ontstane achterstelling van de grote meerderheid van de bevolking. “De eis was heel duidelijk: binnen een aantal jaar moest een bepaald percentage van het witte management van bedrijven zwart worden. Daar moesten wij toen ook op acteren, en dat deden wij door klip en klaar te zeggen: ‘Luister, binnen afzienbare tijd is jouw collega zwart. Werk je daar niet aan mee, dan raak je zelf je baan kwijt.’ Natúúrlijk kwam er weerstand, en de argumenten waarom dit geen goed idee zou zijn, zijn precies de argumenten die worden aangedragen nu genderdiversiteit voor grote Nederlandse bedrijven niet langer vrijblijvend is. Dat kan niet, ze zijn er niet, ze hebben niet voldoende kennis, niet de juiste opleiding, ze willen niet – al die argumenten hoor ik nu opnieuw.”

Het antwoord op deze bezwaren vindt ze simpel. “Het is jouw verantwoordelijkheid om te zorgen dat het lukt. Omdat diversiteit eerlijker is, maar veel meer nog omdat we op globaal niveau bewegen naar totaal andere verhoudingen. Om in die nieuwe wereld succesvol te kunnen blijven, moeten we divers kunnen denken en hebben we verschillende mensen nodig. Dat gaat verder dan gender, maar vrouwen zijn wel de grootste minderheid. Dus we moeten allereerst focussen op een goede man-vrouwverhouding. Hoe ingewikkeld het soms ook is, je moet het gewoon doén.”

Vrouwen, maak gebruik van verworvenheden

Meyboom nam op 13 juni afscheid als de eerste vrouwelijke president van KIVI, het Koninklijk Instituut van Ingenieurs dat binnenkort maar liefst 175 jaar bestaat: nóg zo’n plek waar ze de ‘eerste vrouw’ was. “Ik heb er de afgelopen drie jaar veel liefde in gestopt. Het betrokken bestuur van KIVI heeft een stagnatie bereikt in de achteruitgang van leden, we schrijven weer zwarte cijfers, hebben ons de afgelopen jaren tijdens de coronapandemie belangeloos ingezet voor veel technische vragen waarmee de maatschappij zich geconfronteerd zag. We hebben ook het hele sollicitatieproces voor de president transparant gemaakt: vroeger werd je gevraagd, maar dan mis je veel goede kandidaten. Al met al vond ik het tijd het stokje door te geven.’ En dat gaat ook gebeuren, want op 27 juni is bekendgemaakt dat Jacolien Eijer in de voetsporen van Meyboom zal treden.

Ondertussen blijft Meyboom nieuwe uitdagingen aangaan, te beginnen met een pas verworven commissariaat bij familiebedrijf Meilink, specialist in het ontwerpen en vervaardigen van bestendige verpakkingen en het reinigen en vervoeren van industriële kapitaalgoederen. “De dynamiek van het familiebedrijf spreekt me enorm aan.” Dat ze is teruggetreden bij KIVI wil niet zeggen dat ze niet meer begaan is met de vereniging. “Ik wil vrouwelijke ingenieurs oproepen om lid te worden, omdat dit goed is voor álle vrouwen. Je kunt nu als vrouw deel uitmaken van een organisatie die al 175 jaar bestaat. Lange tijd hadden vrouwen die mogelijkheid simpelweg niet. We moeten gebruikmaken van die verworvenheid. Vrouwelijke ingenieurs kunnen samen een vuist maken. Als ontwerpers van de samenleving zijn we als ingenieurs een belangrijke beroepsgroep. Er ontstaat een betere en een eerlijkere samenleving als vrouwen de samenleving mede ontwerpen.”

Tekst: Nicole Gommers