2.4 Zijn interne, externe deskundigen en belanghebbenden betrokken bij de inventarisatie?

Waarom is dit nodig?

Voor het in kaart brengen van de mogelijke betrokkenheid bij inbreuken op mensenrechten is het essentieel dat bedrijven gebruikmaken van de kennis van personeelsleden, belanghebbenden en eventuele externe deskundigen. Bij MVO-risico’s gaat het primair om het voorkomen en verminderen van ongunstige effecten van de bedrijfsactiviteiten op anderen. Het ligt dan ook voor de hand een betekenisvolle dialoog aan te gaan met relevante belanghebbenden.

Hoe kan dit het beste gebeuren?

Interne deskundigen kunnen bijvoorbeeld betrokken worden door bijeenkomsten te organiseren met medewerkers van relevante afdelingen zoals MVO, HRM, inkoop, ketenbeheer en KAM. De discussie zou kunnen worden gestructureerd aan de hand van een risicomatrix (zie prioritering). In het hoofdstuk over het beleidsplan is al een verwijzing opgenomen naar een aantal externe deskundigen op het terrein van mensenrechten. In Stap 1, paragraaf 3 is al een verwijzing opgenomen naar een aantal externe deskundigen op het terrein van mensenrechten.

Wat betreft de belanghebbenden is het natuurlijk allereerst van belang dat een bedrijf deze identificeert. Wie moet worden geraadpleegd, waarover en met welk doel? Het is van belang daarbij belanghebbenden die invloed op het bedrijf kunnen hebben te onderscheiden van belanghebbenden die geraakt kunnen worden door een ongunstig effect.

MVO Nederland laat zien hoe u belanghebbenden kunt identificeren en met hen in gesprek kunt komen via een stakeholderdialoog. Internationale en Nederlandse maatschappelijke organisaties hebben doorgaans een groot netwerk van belanghebbenden hun vertegenwoordigers in landen met hoge MVO-risico’s. Deze organisaties kunnen daarom een rol spelen in het identificeren van lokale contacten en het faciliteren van een lokale dialoog met relevante belanghebbenden.

Denk ook aan de (E)OR en vakbonden

Wat betreft de mogelijke impact van eigen activiteiten op werknemers ligt overleg met de vakbonden en de (E)OR voor de hand. Wat betreft de mogelijke impact van de eigen activiteiten op werknemers bij lokale vestigingen of bij toeleveranciers is overleg met vakbondsvertegenwoordigers van belang. Zij kunnen een beroep doen op hun internationale netwerk.

Bij activiteiten die door het intensief gebruik van land, water of milieu mogelijke effecten hebben op lokale gemeenschappen is het van belang hen te betrekken bij het plannen en de besluitvorming. Hier kan externe deskundigheid van belang zijn om deze gemeenschappen te identificeren en met hen tijdig in contact te treden.

Betekenisvol overleg

In essentie betekent het dat een bedrijf luistert, antwoord geeft op de zorgen die worden geuit, deze meeneemt in de interne besluitvorming en de resultaten hiervan terugkoppelt. De International Finance Corporation, een onderdeel van de Wereld Bank, heeft een aantal principes ontwikkeld voor betekenisvol overleg met belanghebbenden.