Home | Publicaties | SER-adviezen | 1951 - 1959 | 1952 | Advies inzake nadere wettelijke voorzieningen ten behoeve van grote gezinnen

Advies inzake nadere wettelijke voorzieningen ten behoeve van grote gezinnen

Adviesnr. 1952/01 - 22 februari 1952

Na een historisch overzicht en een uiteenzetting waarom en hoe in andere landen kindertoeslagen worden gegeven, gaat de raad over tot een behandeling in twee onderdelen.

Download:Volledig advies (1354 kB)

Als eerste de rechtsgrond en aanspraken - met verwijzing naar de persoonlijke verantwoordelijkheid van de ouders.
De raad is van mening dat kinderbijslag aan de loontrekkenden vanaf het eerste kind, normaliter tot 16 jaar (21 jaar ingeval van schoolgaan of niet in staat zijn beroepsarbeid te verrichten) dient te geschieden. De raad acht een loongrens, boven welke geen kinderbijslag wordt toegekend ongewenst.
Als tweede wordt het systeem en de hoogte van de uitkeringen, alsmede de omvang van de regeling behandeld.
De meerderheid van de raad is tegen een wijziging van het geldende systeem. Dit ter vermijding van een ingrijpende verstoring van de verhouding tussen prestatie- en behoefteloon, een verhoging van de uitkeringsbedragen is daarom ongewenst.
Een minderheid acht een progressief stelsel haalbaar.
Ten slotte aanvaardt de raad het beginsel dat loonsverhogingen gevolgd dienen te worden door evenredige aanpassing van de kinderbijslaguitkeringen.