Akkoorden, convenanten en public affairs

Key-note speech van SER-voorzitter Mariëtte Hamer bij het lustrumcongres De kracht van verbinding, van de Beroepsvereniging voor Public Affairs.

9 september 2019

Het gesproken woord geldt. 

Goede middag, public affairs-professionals en andere geïnteresseerden.

Fijn dat ik hier kan komen spreken over de Kracht van Verbinding, het thema van uw Lustrumcongres. Verbinden is de core business van de Sociaal-Economische Raad. En als voorzitter van de SER doe ik niet anders. Ik ga er van uit dat verbinden ook uw core-business is.

Ik heb even rondgekeken op jullie website. Daar kwam ik een mooi omschreven visie tegen. Jullie kunnen hem vast dromen, maar ik lees hem toch nog even voor.

“Public affairs is: het strategisch proces van inspelen op politieke besluitvorming en op veranderingen in de maatschappij en publieke opinie die van invloed zijn op het functioneren van de eigen organisatie.”

Akkoorden in een veranderende samenleving

Hou jullie visie even goed vast. Ik kom daar straks op terug. Eerst even over maatschappelijke akkoorden. Dat gaat natuurlijk over politieke besluitvorming. Over veranderingen in de maatschappij. Over publieke opinie. En over het functioneren van jullie eigen organisaties.

Minister Wiebes heeft de SER gevraagd het Klimaatakkoord te faciliteren. Het zal u niet ontgaan zijn. In aanloop naar het Klimaatakkoord kwam er een stroom van kritiek los op maatschappelijke akkoorden.

Ik noem er een paar.

  • Een speeltuin voor het eigenbelang van lobbyclubs
  • De burger staat aan de zijlijn, maar betaalt de rekening.
  • Het zijn mee-stribbelende partijen die de broodnodige oplossingen frustreren.
  • Het holt democratie uit en degradeert het parlement tot stempelmachine voor maatschappelijke akkoorden.
Die laatste is van Thom de Graaf, de vicevoorzitter van de Raad van State. Afspraken in akkoorden liggen volgens hem soms zo nagelvast dat er nauwelijks politieke speelruimte is.

Als je dit hoort zou je haast zeggen: Stop zo snel mogelijk met deze vorm van polderen. Een maatschappelijk akkoord hoort in het museum. Het zal u niet verbazen dat ik het daar totaal niet mee eens ben. Akkoorden zijn actuele instrumenten om complexe maatschappelijke transities in goede banen te leiden. Akkoorden gaan over verbinden en overbruggen van uiteenlopende standpunten.

Transities en reacties van de politiek

We zitten nu middenin belangrijke transities. Klimaat, Digitalisering, Circulaire economie, Leven lang ontwikkelen. Deze hebben grote impact op onze toekomstige welvaart. Voor ons én voor de generaties na ons. Dat maakt mensen onzeker. Niemand wil welvaart verliezen. Iedereen wil dat zijn of haar kinderen het ook goed hebben.

Een transitie heeft altijd winnaars en verliezers. Maar het lijkt nu of de verliezen bij een beperkt aantal zwakkere groepen terrecht komt. Dat past niet bij Nederlande waarden van bescherming van zwakkeren. Ook dat maakt mensen onzeker. De burger is ook veranderd.
Die eist resultaten van de politiek.

De burger is ook ongeduldiger en wantrouwiger. Als zaken fout gaan of als beweerd wordt dat die fout gaan, verspreidt dit nieuws zich via nieuwe media razendsnel. Het wantrouwen wordt extra gevoed door berichten dat de welvaart oneerlijk wordt verdeeld. Bij elke verkiezing rekent de burger onverbiddelijk af. Dit maakt dat politici en beleidsmakers niet veel risico durven te nemen en het liefst beleid maken met weinig onzekerheden. Kortetermijnbeleid dus. Beleid met weinig onzekerheid. Beleid dat risico’s uit de weg gaat.

Gevraagd: langetermijnvise

Daar zet ik wat tegenover. Transities vragen om beleid voor de lange termijn. De uitkomst van de ingezette veranderingen zijn onzeker. Je kan een transitie alleen maar ingaan als je risico’s durft te nemen.

Ga er maar aanstaan als politicus. De politiek is gefragmenteerd, de samenleving wantrouwig, ongeduldig en versnipperd. En jij moet transitiebeleid maken dat over meerdere jaren consequent wordt uitgevoerd. Dat is beleid waarvan zowel de positieve als negatieve effecten pas jaren later zichtbaar worden.

Dan heb je maatschappelijke akkoorden nodig. Ingrijpende en langdurige veranderingen komen alleen tot stand met coalities van de belangrijkste belanghebbenden. Veel stakeholders dus, om maar eens een term uit het public affairs jargon te gebruiken. Dat zijn partijen die invulling willen geven aan de ambities die de politiek bepaalt.

De politiek is in mijn ogen geen stempelmachine, maar zet juist de toon door het doel en kaders te benoemen. En neemt daarmee zijn rol in het democratisch bestel. Zo hoort het in dit samenspel. Het gaat om langetermijnafspraken tussen overheden, bedrijfsleven, maatschappelijke organisaties en kennisinstellingen. De vorm van die coalities kan verschillen; maatschappelijke akkoorden, convenanten, pps-constructies. Het gaat hier dus in de kern om verbinden, om het overbruggen van meningsverschillen, om de bereidheid werkbare compromissen te sluiten met draagvlak.

SER: akkoorden en convenanten

De SER verandert mee vanwege de steeds complexere beleidsvraagstukken en het groeiende aantal stakeholders dat daarbij betrokken is. Voor ons is het normaal om ook buiten de kring van de sociale partners maatschappelijke organisaties te betrekken. Van een SER-Jongerenplatform, Pensioenakkoord, Energie- en het Klimaatakkoord tot sectorakkoorden voor Internationaal Maatschappelijk Verantwoord Ondernemen (IMVO). Bij de IMVO-convenanten gaan bedrijven, overheden, vakbonden en milieu- en maatschappelijke organisaties samen aan de slag om misstanden als uitbuiting, onderbetaling en milieuschade te voorkomen. Er zijn inmiddels tien convenanten gesloten.

Het Energieakkoord voor duurzame groei, dat in 2013 onder leiding van de SER tot stand kwam, laat zien dat deze aanpak werkt. De oorsprong lag in een frustratie, zowel politiek als maatschappelijk, dat de energietransitie in Nederland niet opschoot. Opeenvolgende kabinetten wisselden van koers. Zulk jojo-beleid werkte belemmerend op de investeringen door bedrijven en burgers.

Hier kwamen voorwaarden samen voor een goed maatschappelijk akkoord.
  • Er was politieke noodzaak.
  • Er was maatschappelijke druk
  • Er was de erkenning dat dit alleen gezamenlijk kon.
  • En het paste in de Nederlandse traditie van samenwerking en coalitievorming.

Werk aan de winkel voor public affairs

En nu terug naar jullie visie. Ik noem hem nog een keer.

“Public affairs is: het strategische proces van inspelen op politieke besluitvorming en op veranderingen in de maatschappij en publieke opinie die van invloed zijn op het functioneren van de eigen organisatie.”

Ik begin achteraan.

Het functioneren van de eigen organisatie. Kwalificaties als ‘mee-stribbelen’ en ‘eigenbelang voorop’ tonen aan dat er in de samenleving veel wantrouwen zit over de ware intenties van organisaties die meepraten over maatschappelijke akkoorden. Practice what you preach, zou ik zeggen.

Om een voorbeeldje te noemen. Veel bedrijven vinden duurzaamheid belangrijk. Alle managementboeken zijn het erover eens dat je dit dan ook hoog in de organisatie moet verankeren. Een recente internationale analyse van een wervingsbureau liet echter zien dat bij minder dan 5 procent van de klanten duurzaam denken een belangrijke eis was in de zoektocht naar nieuwe managers. Zelfs bij bedrijven die zich als duurzame organisatie positioneren, lag het niet hoger dan 27 procent. Hier lijkt dus een flink gat te zitten wat public affairs mensen uitdragen en wat hun organisatie in werkelijkheid doet. Werk aan de winkel!!!

Dan de publieke opinie. De kern van akkoorden is verbinding zoeken om tot iets gemeenschappelijks te komen. Dat vraagt om een keuze hoe je als organisatie in het debat zit. Verbindend of polariserend? Is je eigen belang of eigen profiel je hoogste doel of het algemeen belang? Kan je geloofwaardig uitleggen dat het belang van jouw organisatie het algemeen belang dient? De soms hoog oplopende emoties bij Klimaatakkoord over wie nu wat moet betalen lieten zien dat ook hier nog werk aan de winkel is.

En dan inspelen op politieke besluitvorming. Ik citeer weer evenuit jullie visie:

“Public Affairs behelst het geheel van rechtmatige acties dat wordt ondernomen om de politieke en ambtelijke besluitvorming te beïnvloeden.”

Transparantie is daarbij van groot belang voor het broodnodige draagvlak voor de langlopende en ingrijpende transities. Het grote publiek noemt het lobby. Het heeft voor veel mensen een negatieve bijsmaak van achterkamertjes. Het zou te vaak gaan om een wat schimmig proces waar eigenbelang voorop staat en noodzakelijke verandering wordt gefrustreerd. Bij het Klimaatakkoord dook hierbij de term mee-stribblende partijen op. Dat lijkt mij geen prettige kwalificaties voor mensen die met Public Affairs bezig zijn. Nogmaals: Werk aan de winkel!

Ik rond af. De transities waar we midden in zitten zijn complex. Om ze in goede banen te leiden is verbinding tussen grote groepen stakeholders en draagvlak in de samenleving erg belangrijk. Maatschappelijke akkoorden zijn daarbij vitale en werkbare instrumenten. De totstandkoming is natuurlijk een drukke tijd voor public affairs mensen. Als die hun werk goed doen met verbinden als doel voor ogen, dan winnen akkoorden aan kracht en effectiviteit. Dat lijkt mij een mooie uitdaging.


 

Mariëtte Hamer, Voorzitter SER © Christiaan Krouwels