Actie-agenda SER over Leven Lang Ontwikkelen

Speech van SER-voorzitter Mariëtte Hamer bij de conferentie Nederland Digitaal

21 maart 2019

Het gesproken woord geldt.

Hartelijk welkom bij de deelsessie over LLO in de digitale praktijk. Ik vertel graag eerst iets over de Actie-agenda leven lang ontwikkelen waar we vanuit de Sociaal Economische Raad sinds vorig jaar mee van start zijn gegaan.

Misschien denkt u bij de SER in de eerste plaats aan adviesrapporten aan de regering. Die maken we inderdaad ook. Maar onze taak is ook om draagvlak te creëren, partijen te verbinden en coalities te smeden waar dat niet vanzelf gaat. Het kabinet heeft de SER gevraagd de rol van aanjager op te pakken voor leven lang ontwikkelen. We laten van onderop zien wat er allemaal al kan en gebeurt. Met de actie-agenda willen we het debat verder brengen en samen gaan dóen. Dat doen we met behulp van de positieve energie rond alle mooie initiatieven die al er zijn in regio’s en sectoren.

Een doorbraak is nodig

Leven lang ontwikkelen is voor de SER geen nieuw onderwerp. Het staat natuurlijk al heel lang op de agenda.

Maar vooral in 2017 is er bij de SER veel aandacht voor geweest. Er is een uitgebreide skills-strategie opgesteld, samen met de OESO, sociale partners en departementen. In het rapport dat de OESO heeft opgesteld, komt naar voren dat we het best goed doen in Nederland. Maar vooral op het gebied van een lerende cultuur hebben we nog wel wat te doen. Wat daarvoor nodig is, hebben we uitgewerkt in onze adviezen over leren en ontwikkelen en over het beroepsonderwijs. Uit onze adviezen kwam duidelijk een urgentie naar voren. Die heeft het kabinet vertaald naar de ambitie om tot een doorbraak te komen. Een doorbraak op leven lang ontwikkelen. Het kabinet heeft vervolgens aan de SER gevraagd om als aanjager een bijdrage aan die doorbraak te leveren.

Een paar cijfers ter onderbouwing van de urgentie:

  • 65% van de huidige scholieren gaan straks werken in banen die nu nog niet bestaan.
  • De 10 meest gewilde banen van 2013 in de VS (denk bijvoorbeeld aan social media managers, app developers en data-scientists) bestonden in 2004 nog niet.
  • De huidige scholieren (en studenten) zullen voordat ze 38 zijn 10 tot 14 banen hebben gehad. Waar we dat vroeger beschreven zouden hebben als 12 ambachten en 13 ongelukken, is de toekomstige loopbaan dus heel divers.
  • De huidige studenten gaan technologieën gebruiken die nu nog niet bestaan voor problemen waarvan we nu nog niet weten dat het überhaupt problemen zijn.

Dat alles vraagt om een sterke leercultuur.

Aanjaagrol

Onze aanjaagrol pakken we nu op langs drie verschillende lijnen. De eerste lijn is cruciaal: we willen partijen met elkaar verbinden en inspireren met goede voorbeelden. Het is indrukwekkend om te zien hoeveel mooie initiatieven er al zijn in het land. Bij bedrijven zelf, maar ook bij samenwerkingsverbanden van provincies, gemeenten, economic boards, topsectoren, O&O-fondsen enzovoorts. Er zijn bijvoorbeeld vouchers voor om- en bijscholing, initiatieven om skills-paspoorten te ontwikkelen. En er zijn pilots met inzet van loopbaanambassadeurs die helpen om de drempel naar scholing en ontwikkeling te verlagen.

Wat ik als onze missie zie, is om die ‘parels’ of goede voorbeelden te laten zien, zodat anderen erdoor geïnspireerd kunnen raken. En om vervolgens ook te stimuleren dat die goede voorbeelden worden nageleefd, ook in andere sectoren en regio’s. Daarvoor willen we partnerships aangaan met samenwerkingsverbanden die een ontwikkelvraag hebben.

Kennis opbouwen en belemmeringen inventariseren

De tweede lijn van onze aanpak bouwt voort op wat we ophalen bij de parels en partnerships. Er zijn veel dwarsdoorsnijdende thema’s, die overal weer terugkomen. Daarop willen we kennis opbouwen en vooral ook met elkaar delen. Het gaat dan bijvoorbeeld om de vraag hoe je ervoor zorgt dat werkenden zelf regie krijgen over hun loopbaan en ontwikkeling. Kunnen individuele ontwikkelrekeningen daarbij helpen? En wat is er dan nog meer nodig? Die vragen werken we samen met de sociale partners verder uit.

Een derde lijn is dat we belemmeringen inventariseren en helpen zoeken naar oplossingen. Bijvoorbeeld door ze in Den Haag te agenderen.

Ik zou u willen oproepen om in dit traject vooral ook met ons mee te denken én te doen. Als u betrokken bent bij projecten of belemmeringen ziet waar we vanuit de Actie-agenda een bijdrage kunnen leveren, dan horen we dat graag.

Mariëtte Hamer, Voorzitter SER © Christiaan Krouwels
Scholing en ontwikkeling.