Inleiding over advies Mens en techniek

Inleiding van voorzitter Mariëtte Hamer bij het thema-diner ‘Robotisering en de arbeidsmarkt’ van ECP-Platform voor de Informatiesamenleving.

31 januari 2017
De onderstaande tekst bevat de bouwstenen voor de inleiding van Mariëtte Hamer en is daarom niet bedoeld om letterlijk uit te citeren.

 

 

  • Het gaat goed met Nederland: er is weer voorzichtige economische groei, Nederland heeft een goede uitgangspositie om verder te groeien en om verschillende transities door te maken.
  • Zo lijkt een goede basis te zijn voor de omslag naar een digitale samenleving en tevens naar een duurzame samenleving. Ons huidige welvaartspeil maakt het mogelijk fundamentele keuzes te maken, die in het belang zijn van toekomstige generaties.
  • Ook de arbeidsmarkt herstelt, de werkloosheid is behoorlijk gedaald naar 5,4% van de beroepsbevolking, maar dit is nog niet voor iedereen zichtbaar. Met name voor lager en middelbaar opgeleiden zijn er minder kansen, de langdurige werkloosheid is relatief hoog en de werkgelegenheidsgroei is vooral toe te schrijven aan flex en zzp.
  • Ik merk dan ook - uit de vele bijeenkomsten en gesprekken die ik bijwoon - dat een deel van de bevolking somber is, ontevreden en angstig voor de toekomst, zelfs nu het zo goed lijkt te gaan met Nederland, economisch gezien en Nederlanders tot de gelukkigste mensen van Europa behoren.
  • Dit is een mooi bruggetje naar de thema van vanavond: digitalisering en de gevolgen daarvan voor de arbeidsmarkt.

Mens en technologie: samen aan het werk

  • In oktober is de verkenning Mens en technologie vastgesteld in de Raad. Deze verkenning schetst een beeld van de transitie naar een digitale samenleving, waar we middenin zitten.
  • Onze verkenning levert een bijdrage aan het wereldwijde debat over de te verwachten veranderingen door digitalisering en andere technologische veranderingen. Een debat dat nog lang niet uitgekristalliseerd is.
  • Veel andere partijen in Nederland denken na over digitalisering, robotisering en de gevolgen daarvan. Ik noem nu alleen even de WRR, het Rathenau-instituut, de Argumentenfabriek, de Boston Consulting Group, VSNU en de Stichting Toekomst der Techniek. Deze laatste club heeft onlangs een zeer lezenswaardige publicatie uitgebracht: Wie wij worden. Toekomstbeelden van mensen in 2050. Ik kan u dit boekje van harte aanbevelen. Als u van science fiction houdt, er staan leuke maar ook verontrustende verhalen in, maar ook als u het interessant vindt om na te denken over de vele veranderingen die de toekomst voor ons in petto kan hebben.
  • De meerwaarde van de SER-verkenning is drieledig:
    - Een gezamenlijke analyse over de aard en omvang van het transitieproces;
    - Een beleidsagenda voor de korte en middellange termijn;
    - Een eerste aanzet voor de agenda van de SER tijdens de komende kabinetsperiode.
      De volgende thema’s zullen een plek krijgen op deze agenda:
       - Bevorderen duurzame economische groei;
       - Versterken van de positie van Nederland in de wereld;
       - Omgaan met maatschappelijk onbehagen;
       - Werk maken van een inclusieve arbeidsmarkt en samenleving;
       - Streven naar een balans in wendbaarheid en werk- en inkomenszekerheid.

Tempo en veranderingen

  • Het tempo waarmee nieuwe techniek een onderdeel van ons leven wordt, ligt enorm hoog. Denk maar aan de snelle opkomst van platformen als AirBnb, Uber en bezorgdiensten als Ubereats, Deliveroo en Foodora die in steden als Amsterdam zeer populair zijn. Jongens en meisjes op de fiets, met grote bezorgtassen op hun rug, krijgen via hun telefoon door bij welk restaurant in hun buurt een bestelling is geplaatst door buurtgenoten. Slimme algoritmes bepalen wie welke bestelling gaat bezorgen.
  • Dit alles leidt tot veranderende organisaties, denk ook aan de geleidelijke transformatie van banken tot ICT-bedrijven.
  • Of denk aan de landbouw, werken in de landbouw is nu compleet anders dan vroeger. Voor het runnen van een boerenbedrijf is ICT-kennis net zo belangrijk als kennis van koeien, kippen of aardappels.
  • De snel voortschrijdende digitalisering stelt steeds hoger eisen aan de digitale infrastructuur. Deze moet zowel sneller als veiliger worden.
  • Ondertussen verandert het werk met de techniek mee: banen ontstaan en verdwijnen, functies krijgen een andere invulling. Nieuwe technologieën zorgen voor nieuwe behoeftes, nieuwe werkgelegenheid, die we ons nu nog moeilijk voor kunnen stellen. Maar een beetje fantaseren kan wel: wat te denken van robotmonteurs, ruimtereisbegeleiders en verticale-tuinarchitecten. En daarnaast verwachten we dat de markt voor persoonlijke dienstverlening en de transitie naar een duurzame samenleving de nodige aanvullende werkgelegenheid zal opleveren.
  • Digitalisering brengt voor iedereen veranderingen met zich mee, maar voor de een zijn de consequenties groter dan voor de ander.
  • In de havens zien we bijvoorbeeld dat mensen die meer dan 25 jaar als kraanmachinist werken, hun baan verliezen vanwege havenrobots. En bij de banken zijn steeds meer mensen met een administratieopleiding op mbo-niveau overbodig. Het is voor deze groepen moeilijk om ander werk te vinden. Mensen vrezen niet alleen werkloosheid maar ook een verslechtering van de arbeidsomstandigheden, een afname van menselijk contact en een grotere kloof tussen arm en rijk.
  • Het is dan ook logisch dat de digitalisering sommige groepen in de samenleving angst bezorgt, terwijl andere groepen juist de kansen zien.

Samenvattend

  • De snelheid waarmee dingen veranderen is hoog, dit zorgt voor een hoge mate van onberekenbaarheid: we weten zoveel nog niet.
  • We zien nu al en verwachten verdere veranderingen op een breed palet: organisatie van werk, bedrijfskenmerken, flexibele arbeid, kwaliteit van de arbeid, werk-privé balans, competenties.
  • En we weten dat de vorige drie industriële revoluties uiteindelijk meer welvaart en werkgelegenheid hebben opgeleverd. We kunnen echter niet garanderen dat dat nu weer gaat gebeuren.
  • We zien dus zowel (innovatie)kansen als bedreigingen.

Oplossingen

Kansen benutten

  • Innovatiekansen benutten
  • Dit kan alleen als er voldoende ruimte is voor nieuwe ontwikkelingen, ruimte om te experimenteren. Secretaris-generaal Camps doet hier opnieuw een pleidooi voor in Durf te leren, nieuwjaarsartikel in ESB van 12 januari.
  • Uit onderzoek blijkt dat technologische innovaties die samengaan met sociale innovatie het beste resultaat opleveren. Sociale innovatie gaat primair over hoe mensen in organisaties met elkaar omgaan, over talentontwikkeling en inrichting van de arbeidsorganisatie. Sociale innovatie is daarmee een kritische voorwaarde voor het succes van technologische innovatie. Initiatieven van de FME, het field lab sociale innovatie in het kader van Smart Industry, zijn een mooi begin.

Tegelijkertijd de bedreigingen serieus nemen

  • We zijn aan het nadenken hoe we de ontwikkelingen op de arbeidsmarkt kunnen monitoren, zodat we meer kennis krijgen over wat er nu allemaal al aan het veranderen is en wat er voor de nabije toekomst verwacht wordt. Daarbij willen we zowel naar de werkgelegenheid als naar kwaliteit van de arbeid kijken.
  • Wat er sowieso moet gebeuren, dat wordt ook wel no regret beleid genoemd, is de vaardigheden van de beroepsbevolking op peil houden (Skills Strategy, postinitieel leren, toekomstbestendig beroepsonderwijs, kindvoorzieningen).
  • Aandacht voor de balans tussen wendbaarheid en weerbaarheid: zie ook hiervoor het artikel van Camps in ESB. Hij doet in dit artikel een oproep om te gaan experimenteren met een arbeidsongeschiktheidsverzekering voor zelfstandigen.
  • Aandacht voor de balans werk en privé (Een werkende combinatie).

 

Mariëtte Hamer, Voorzitter SER © Christiaan Krouwels
Arbeidsmarkt. Onderweg naar het werk.