Opening collegejaar Hanzehogeschool

Speech van SER-voorzitter Mariëtte Hamer bij de opening van het collegejaar 2017/2018 van de Hanzehogeschool te Groningen op 5 september 2017.

5 september 2017
De gesproken tekst geldt.

 

Uw regio heeft een bijzondere betekenis voor mij. Een belangrijke bron van inspiratie is mij in deze regio voorgegaan. Een persoon die mij nog steeds tot de verbeelding spreekt en duidelijk maakt dat ik mijn ambities moet blijven nastreven.
Ik heb het over Aletta Jacobs.

Hoeveel van u kennen de geschiedenis van Aletta Jacobs?


Ze is geboren in Sappemeer. En heeft veel moeite moeten doen om als eerste vrouw toegelaten te worden op de HBS in Sappemeer. Daarna heeft ze de minister van Onderwijs persoonlijk verzocht om toegelaten te worden tot de Universiteit hier in Groningen. Ze kreeg toestemming voor een proefperiode van een jaar om medicijnen te studeren. Dat ging goed. Ze was de eerste vrouw in Nederland die afstudeerde en de eerste vrouwelijke arts.

In haar beroepsgroep heeft ze haar domein ook moeten bevechten. Dat heeft ze met succes gedaan, onder andere door veel te leren van lotgenoten in Londen en de Verenigde Staten. In dezelfde lijn heeft ze ook belangrijk bijgedragen aan het vrouwenkiesrecht.

Aletta Jacobs inspireert mij om de lat hoog te leggen en geen genoegen te nemen met belemmeringen die er ‘nou eenmaal’ zijn. Aletta inspireert mij om in kansen te denken, en niet in bedreigingen. Aletta stimuleert mij om mij te blijven ontwikkelen en te blijven luisteren en leren van andere mensen.
Ik hoop dat Aletta Jacobs voor u allemaal een bron van inspiratie is voor dit nieuwe collegejaar.

De opening van het collegejaar is een mooi moment om vooruit te kijken

Met de opgetogenheid van een frisse start en nieuwe mogelijkheden. Opgetogenheid voor wat de toekomst gaat brengen.
Verder kijkend dan een collegejaar zien we dynamische tijden: voortgang van technologie en arbeidsmarkt. Computers en robots nemen een deel van ons werk over. Maar er ontstaat ook weer nieuw werk. De banen bij het datacenter van Google bestonden 15 jaar geleden nog niet. Hetzelfde geldt voor banen als app ontwikkelaar en onderhoudsmonteur van robots. Steeds meer mensen werken in deeltijd of combineren privé en werk op een dynamische manier. Er is dus van alles in ontwikkeling.

De voortgang van technologie en de samenleving gaat voorlopig ook nog door. Die stopt niet als studenten - zoals jullie dus - straks hun diploma hebben behaald. De voortgang vraagt dat we ons blijven ontwikkelen. Dat geldt voor iedereen in deze zaal. We moeten blijven leren. Dat hoeft niet altijd in een typische onderwijssetting, dat kan ook op de werkvloer. Sterker nog, eigenlijk leert iedereen voortdurend als zij of hij aan het werk is. Dat informeel leren zal steeds belangrijker worden.

Even terug naar de dynamiek van de technologie en de arbeidsmarkt.
De samenleving moet inspelen op de dynamiek.
Dit betekent dat de opleiding moet inspelen op dynamiek.
En dus spelen studenten ook in op de dynamiek.
Overigens kan de volgorde ook nog wat verschillen.

We hebben in ieder geval allemaal te maken met die dynamiek.

De dynamiek leidt ook tot onzekerheid. Wat vandaag een logische stap lijkt, is morgen misschien achterhaald. Moeten we blijven investeren in snelwegen als zelfrijdende auto’s straks veel efficiënter met de weg omgaan?

Ook voor studenten is onzekerheid een uitdaging. Wat is de juiste studiekeuze? Welke bachelor en welke master leidt naar de gewenste toekomst? Bestaat een gekozen beroepsrichting straks nog wel? Het wel of niet kiezen, is een eerste testcase voor de persoonlijke weerbaarheid. Met een optimistische houding, leergierige instelling en flexibele benadering kun je elke keuze in je studietijd nuttig maken . Dat is mijn ervaring en zo heeft het bij mij ook gewerkt toen ik actief was in de studentenvakbond., Het zorgt ervoor dat je je eigen profiel maakt waarmee je je onderscheidt van je collega’s.

De dynamiek is een uitdaging voor de opleiding: banen verdwijnen, maar er komen ook weer banen bij. Opleidingen moeten voorbereid zijn op deze uitdaging. Opleidingen moeten eigenlijk vooroplopen op alle ontwikkelingen die ons te wachten staan.

Op hun beurt moeten docenten en personeel van opleidingen de opleidingen ontwikkelen en organiseren. Zij moeten daarom eigenlijk “dubbel vooroplopen”. Kan dat wel?

Dat kan niet als we de opleidingen op de oude manier bekijken waarin de vakinhoud een statisch gegeven is. Die kennis veroudert te snel.

Er zijn wel mogelijkheden als we persoonlijke vaardigheden en houdingsaspecten versterken. Weerbaar zijn, kansen zien en kunnen plannen zijn broodnodige vaardigheden voor alle professionals, nu en in de toekomst . Opleidingen spelen hier een belangrijke rol.

Betekent dit dat alle opleidingen eenzelfde programma moeten aanbieden? Nee, natuurlijk niet. Hoe bepaal je dan als opleiding welke kennis en vaardigheden een laborant nodig heeft? Of welke vaardigheden nodig zijn voor een elektrotechnicus of een sociaal werker? Mensen die gaan werken met technieken of in omstandigheden die we nu nog niet kennen?

Om ervoor te zorgen dat de opleiding relevant en actueel blijft, pleit de SER voor intensieve samenwerking met de regio. Samenwerking met interne en externe stakeholders. Betrek bedrijfsleven, maatschappelijke partners en regionale overheden bij de opleiding. Niet alleen voor stages of een gastcollege. Maar intensieve samenwerking voor de toekomst.

De OECD bepleit dit in de ‘Skills Strategy’ voor Nederland. De voortgang van skills van de Nederlandse beroepsbevolking is een brede maatschappelijke opdracht. Het is niet alleen een opgave voor het onderwijs. Het onderwijs heeft een belangrijke rol, maar moet het vooral niet alleen willen doen. Er moet sprake zijn van wederkerigheid tussen opleiding, regio en student.

Het is een uitdaging voor u als onderwijsinstelling om inhoud en organisatie van de opleiding aan te laten sluiten bij de praktijk. Open staan voor invloeden en behoeften van buitenaf. Bijvoorbeeld een doorlopend collegejaar van 52 weken of flexibele startmomenten. Een combinatie van informeel leren en formeel leren. Of mogelijkheden voor deelcertificaten.

Het is ook een uitdaging voor de docent: samenwerking aangaan om de opleiding in contact te brengen met de praktijk en studenten te vormen. Zodat er een gezamenlijke opbouw komt van het curriculum, leergierigheid naar de praktijk. Van belang is kennis. willen delen en kennis willen opdoen, leren op de werkplek te combineren met leren in de instelling.

Het is óók een uitdaging voor de student: niet alleen werken voor de studiepunten, maar voor de brede ontwikkeling en voor de hele gemeenschap. Invloed van studenten op de samenleving is groot: innovatie, ondersteuning van burgerinitiatieven en kansen zien. Studenten brengen in een samenleving opgetogenheid voor wat de toekomst gaat brengen. Deze eer verplicht.

Zoals gezegd is deze maatschappelijke opgave niet alleen de verantwoordelijkheid voor het onderwijs. De SER heeft de handschoen opgepakt om alle betrokken partijen te binden aan een gezamenlijke aanpak. We gaan aan de slag met onderwijsinstellingen, overheden, werkgevers en werknemers en andere betrokken organisaties om te komen tot gerichte acties.
Als voorbeeld houden wij het Energieakkoord voor ogen, een set afspraken waarin het noorden van Nederland ook een belangrijk aandeel heeft. Ik hoop dat dat ook voor het nieuwe akkoord zal gelden.

Regionale samenwerking kan in het noorden van ons land nog extra meerwaarde hebben. Een van de grote uitdagingen van deze regio is om afgestudeerden binnen te houden. Driekwart van de studenten vertrekt na hun afstuderen. Niet omdat ze het hier niet naar hun zin hebben. Maar omdat het beeld is dat echte carrières in andere delen van Nederland gemaakt worden.

Doordat veel hoger opgeleiden wegtrekken wordt dat een self fullfilling prophecy. Bedrijven vestigen zich ook niet zo snel in het noorden vanwege het vermeende gebrek aan talent.

Alleen door gezamenlijk en tegelijkertijd een stap te zetten kun je die cirkel doorbreken. Door studenten te laten ervaren dat deze regio veel uitdagingen heeft. Door het bedrijfsleven te laten ervaren dat deze regio veel talenten herbergt. Dan werk je gezamenlijk aan de toekomst van deze regio.

De Hanzehogeschool heeft daarbij een grote verantwoordelijkheid. Gezien de focus op ondernemerschap van de Hanzehogeschool is dit een uitdaging die u allen ook komend jaar weer volop aan zult gaan.

Aletta Jacobs zag kansen en mogelijkheden, waar anderen alleen belemmeringen zagen. Aletta Jacobs heeft laten zien dat het realiseren van ambities en het benutten van kansen veel doorzettingsvermogen vergt. De ongewisse toekomst waar Aletta Jacobs zich in haar tijd in stortte, is vergelijkbaar met de ongewisse toekomst waar u zich voor geplaatst ziet. Een belangrijk voordeel is dat u elkaar heeft. U kunt elkaar steunen en helpen.

Dit nieuwe collegejaar zou ik het thema mee willen geven van brede en ondersteunende samenwerking voor nieuwe kansen en een spannende toekomst. Ik wens dat u daar net zo succesvol in zult zijn. Net zo succesvol als Aletta Jacobs, die precies 140 jaar geleden haar artsenexamen afrondde.

Een machtig mooi collegejaar toegewenst!

Download presentatie


Mariëtte Hamer, Voorzitter SER © Christiaan Krouwels
Scholing en ontwikkeling.