Home | Actueel | Nieuwsberichten | 2010-2017 | 2015 | Derde verkenningssessie leren in de toekomst

Derde verkenningssessie leren in de toekomst: Samenwerking onderwijs en bedrijfsleven

13 mei 2015

Wat is er nodig om de pubiek-private samenwerking tussen onderwijs en bedrijfsleven te verdiepen, verbreden en versterken? Die vraag staat centraal tijdens een bijeenkomst bij de SER op dinsdagmiddag 12 mei. Het is de laatste van drie verkenningssessies over onderwijs en arbeidsmarkt voor de verkenning Leren in de toekomst die de SER Commissie Arbeidsmarkt- en onderwijsvraagstukken (AMV) voorbereidt.

Het SER-secretariaat heeft vooraf een discussiepaper met vragen geschreven en aan de deelnemers toegestuurd. Dat beschrijft ook twaalf voorbeelden van samenwerkingsverbanden tussen onderwijs en bedrijfsleven en andere relevante partijen, zoals zorginstellingen.

Een succesvol - al sinds 1999 bestaand - samenwerkingsverband tussen onderwijs (vmbo-school het Kwadrant), ondernemingen en overheid is Stichting Kwadrant – Bedrijfsleven in Weert. Naast techniek richt de stichting zich sinds 2013 ook op dienstverlening & commercie, vertelt Ruud Könemann, bestuurslid en coördinator van de stichting. Er zijn docentenstages bij bedrijven en fundraising maakt de aanschaf van moderne apparatuur mogelijk. Leren gebeurt veelal in ‘de echte wereld’: in een verzorgingstehuis, of in gehuurde lokalen in het stadscentrum, dichtbij het mkb.

Het in 2011 opgerichte Centre of Expertise Water Technology in Leeuwarden wil de kenniseconomie op het gebied van watertechnologie versterken. Daarvoor is bijvoorbeeld een doorlopende leerlijn ontwikkeld, vanaf de basisschool. ‘We zien elk jaar een verdubbeling van aanmeldingen bij watergerelateerde opleidingen. Vorig jaar was dit zelfs 60 procent ten opzichte van het jaar ervoor’, zegt directeur Gerard Adema.

Tussendoor bespreken ruim 60 mensen uit het onderwijs en bedrijfsleven aan dialoogtafels de succes- en faalfactoren en de toekomst voor publiek-private samenwerkingsverbanden. Als faalfactor wordt de strakke regelgeving rond bijvoorbeeld accreditatie genoemd. Ook klinkt een waarschuwing voor het ‘projectenspook’, waarbij vorm belangrijker wordt dan inhoud. Er blijkt veel behoefte aan meer flexibiliteit en vrije ruimte, bijvoorbeeld om multidisciplinair te kunnen werken. Ook fiscale maatregelen komen ter sprake: de expertisecentra betalen nu een vijfde van hun omzet aan btw.

Aan het eind van de middag verzamelt SER-voorzitter Mariëtte Hamer indrukken en conclusies van aanwezigen. Die luiden onder meer: Er gebeurt al veel, maar er kan meer van elkaar geleerd worden. Samenwerking kan niet van boven worden opgelegd met één centraal model, maar moet van onderop en uit bevlogenheid ontstaan. Ook zouden de samenwerkingsverbanden meer kunnen aansluiten bij de topsectoren.

Het besprokene wordt, samen met de uitkomsten van de eerste twee verkenningssessies over Skills van de toekomst en Een leven lang leren, verwerkt in een verkenning Leren in de toekomst. Die verschijnt deze zomer en vormt de basis voor een mogelijk toekomstig SER-advies over dit onderwerp. Daarop vooruitlopend hoopt de Commissie AMV echter ook al inhoudelijke bijdragen te kunnen leveren wanneer deelonderwerpen op de beleidsagenda komen.