Minister van Ark: positieve agenda voor arbeidsmarkt in de zorg

“Ik krijg hier energie van, ik zou hiervan graag zelf ambassadeur willen zijn” zei minister Tamara van Ark tijdens de aanbieding van het advies “Aan de slag voor de zorg” door een delegatie van de commissie arbeidsmarkt zorg.
Online aanbieding van het advies “Aan de slag voor de zorg” door een delegatie van  de commissie arbeidsmarkt zorg aan minister van Ark (VWS) © Dirk Hol

Naar het SER-advies 'Aan de slag voor de zorg : een actieagenda voor de zorgarbeidsmarkt'

Commissievoorzitter Romke van der Veen noemde het advies breed en integraal. Het is vooral een oproep tot actie, voor zorgorganisaties en zorgprofessionals, zorgbranches en de rijksoverheid, die de goede randvoorwaarden moet schetsen voor wie wil (blijven) werken in de zorg. Beloning trekt in de media uiteraard de aandacht, en ís ook belangrijk, zei Romke, maar alle punten van advies zijn belangrijk, en iedereen moet er mee aan de slag.

Minister Van Ark was vooral blij met de gelaagdheid in het rapport: aandacht voor zorgorganisaties en zorgprofessionals, voor zorgbranches en voor rijk en zorgverzekeraars. Zij noemde het een duidelijke en positieve agenda voor de stappen die alle betrokken partijen kunnen zetten.

Marieke Tetteroo (verpleegkundig specialist bij GGZ Delfland) benadrukte dat zeggenschap een belangrijk punt is. Meer zeggenschap over het werk en over scholing, zo is haar praktijkervaring, leidt tot meer tevredenheid over het werk en tot minder uitstroom.

Anton van Mansum (directeur van Surplus, organisatie voor welzijn, zorg en wonen in Brabant) voelt een grote ‘sense of urgency’ om verantwoording en administratieve lasten aan te pakken. Daarin zijn nu teveel zorgverzekeraar en zorgkantoor het uitgangspunt. Jonge zorgmedewerkers vragen om een andere manier van werk organiseren, minder hiërarchisch en met minder controle.

Minister Van Ark uitte tot slot de wens om deze positieve actie-agenda levend te houden en om te zetten in een concreet stappenplan. Dat zal in overleg zijn met werkgeversorganisaties, werknemersorganisaties en beroepsgroepen.