SERmagazine

Vakkrachten voor wind-op-zee

In Zeeland en voor de Zeeuwse kust worden de komende jaren honderden windturbines geplaatst. Dat levert heel wat banen op voor onderhoud en reparatie. Roc Scalda grijpt die kans met beide handen aan en leidt de benodigde vakmensen op.
‘De onderhoudsmonteurs die wij opleiden, zijn een schakel in een enorme logistieke keten’, vertelt Nout Nagtegaal. Hij is teamleider Werktuigbouwkunde en manager van de ‘windgerelateerde studies’ bij roc Scalda. ‘De eerste windparken op zee, Borssele 1 en 2, hebben samen straks 94 windturbines. Die worden nu gebouwd en zijn eind volgend jaar klaar. Daarna volgen nog drie windparken op zee. Een gigantische logistieke operatie, waar enorm veel partijen bij betrokken zijn. Voor de Zeeuwse economie en werkgelegenheid zijn de parken alleen maar positief. Zelfs de Zeeuwse bakker die zorgt voor de catering tijdens de bouw, profiteert er uiteindelijk van.’

Veel vakmensen nodig

Toen een paar jaar geleden duidelijk werd dat er zoveel windturbines voor de Zeeuwse kust kwamen, besloot Scalda daarop in te spelen met een aparte studierichting voor windenergie, met de focus op wind-op-zee. Nagtegaal: ‘Het onderhoud van de eerste twee windparken gaat plaatsvinden vanuit Vlissingen. Daar zijn natuurlijk allerlei vakmensen voor nodig, onder meer op mbo-niveau.’
De ‘windopleiding’ van Scalda is een specialisatie (‘keuzedeel’) in de laatste twee jaren van de mbo-opleiding Elektrotechniek, Werktuigbouwkunde en Maintenance. Volgend voorjaar studeert de eerste lichting van ongeveer veertig studenten af.

Bij het ontwikkelen van de specialisatie stond voorop dat er nauw samengewerkt moest worden met het Deense energiebedrijf Ørsted dat Borssele 1 en 2 bouwt, vertelt Nagtegaal. ‘Het opbouwen van een vertrouwensband met Ørsted en andere betrokken bedrijven, heeft veel energie en tijd gekost, maar is ontzettend goed verlopen. Hetzelfde geldt overigens voor de samenwerking met de provincie: ook die is heel goed.’

Scalda staat voor de opdracht mensen op te leiden voor de energietransitie en krijgt verspreid over vier jaar 1,2 miljoen euro van de provincie en Rijksoverheid om de opleiding op te zetten. Afspraak is dat Scalda dat bedrag verdubbelt door geld of bijdragen in natura binnen te halen van bedrijven. De provincie Zeeland participeert via het Actieplan Arbeidsmarkt in het landelijk netwerk regionale samenwerkingsverbanden van de SER Actie-agenda Leven Lang Ontwikkelen.

Opleiding van hoge kwaliteit

Wat ook vooraf duidelijk was: de opleiding moest van hoge kwaliteit zijn. De windturbines die Ørsted plaatst, zijn van het Duitse bedrijf Siemens. ‘Met de Deens-Duitse gründlichkeit hebben we laatste jaren goed kennisgemaakt’, zegt Nagtegaal met een lach.

Scalda heeft inmiddels een WindDock: een hoogwaardig opleidings- en trainingscentrum voor windenergie. Docenten zijn vanaf de initiatieffase bijgeschoold en getraind, deels in Denemarken. ‘We hebben er veel in geïnvesteerd om beroepskrachten op te leiden voor banen in de wind-op-zee-sector. Heel belangrijk daarin is het certificaat van de Global Wind Organization dat studenten in ons trainingscentrum in Vlissingen kunnen behalen voor de basic technical training. Dat certificaat – dat wij als enige mbo-instelling in Nederland mogen verstrekken – is noodzakelijk om waar ook ter wereld aan windturbines te mogen werken.’ Overigens in combinatie met een certificaat voor de basic safety training. ‘Dat laatste certificaat wordt doorgaans verzorgd en betaald door het bedrijf waar iemand in dienst komt.’

De Scalda-studenten die voor de studierichting wind-op-zee kiezen, komen dus met drie diploma’s van school, vat Nagtegaal samen: een mbo-diploma Elektrotechniek, Werktuigbouwkunde of Maintenance, een extra diploma voor een opleiding in de windenergie én een verplicht internationaal certificaat om veilig met windmolens aan de slag te mogen. Verder wordt tijdens de opleiding veel aandacht besteed aan Engels, dat bij windenergieprojecten vrijwel altijd de voertaal is. ‘Studenten verlaten ons met een heel mooi cv. Datzelfde geldt overigens ook voor professionals die wij met dezelfde scholing vanuit andere sectoren voorbereiden op een baan in de windenergie. Verscheidene mensen, met name uit de oliesector, hebben al zo’n van-werk-naar-werk-traject bij ons gevolgd.’

Brede samenwerking

De komst van de windparken heeft de samenwerking tussen allerlei partijen in Zeeland een impuls gegeven. Overheid, bedrijven en onderwijs weten elkaar makkelijker te vinden. Bedrijven onderling zijn meer gaan samenwerken in netwerkorganisaties als het Platform Energyport Zeeland. En ook onderwijsinstellingen zoeken elkaar op. Zo werken Scalda en de Hogeschool Zeeland nauw samen in het opleiden van vakmensen voor de windsector. Nagtegaal: ‘We willen toe naar de situatie waarin we de vraag van bedrijven kunnen analyseren en uitsplitsen in een mbo- en een hbo-deel, en gemengde studententeams kunnen samenstellen om te werken aan een oplossing.’

Veilig en gezond werken

Scalda wil de komende jaren steeds zo’n twintig tot dertig vakmensen voor de windenergiesector certificeren. Met alleen waardevolle papieren zijn studenten nog niet klaar voor de arbeidsmarkt van de windenergie, stelt Nagtegaal. ‘Een heel belangrijk onderdeel van onze opleiding is de werkhouding. Die draait enerzijds om veiligheidsbewustzijn. Je werkt op enorme hoogte met ongelooflijke voltages, dus veiligheid is heel erg belangrijk. Daarnaast zijn communicatie, samenwerken en analytisch vermogen belangrijk.'

'Bij een storing ga je met een elektrotechnicus en een werktuigbouwkundige naar boven en moet je er samen uit zien te komen – met de weinige spullen die je hebt kunnen meenemen. Je moet dus ook over de grenzen van je eigen vakgebied heen kunnen kijken. Als je je zo’n werkhouding eigen maakt, heb je daar de rest van je leven profijt van. Ook als je niet in de windenergie belandt.’

 

SERmagazine november 2019