SERmagazine

Mona Keijzer: Hoe voorkom je ‘computer says no’?

Als het aan Mona Keijzer (staatssecretaris van Economische Zaken en Klimaat) ligt, wordt Nederland de digitale koploper van Europa. Met het mkb als drijvende kracht. Met de eind maart gehouden conferentie Nederland Digitaal werd een flinke impuls gegeven aan de door haar ontwikkelde digitaliseringsstrategie met dezelfde naam.

Gerben Holwerda

‘De geschiedenis laat zien dat samenlevingen die nieuwe technieken enthousiast oppakken, een economische en maatschappelijke voorsprong nemen en houden. En dat is goed voor onze welvaart en ons welzijn. Daarbij is de eerste klap wat mij betreft een daalder waard; je moet er nú bij zijn. We moeten met elkaar de kansen identificeren waarmee we concurrerend kunnen blijven. Want we zíjn zo’n welvarend land, omdat we altijd in staat zijn geweest om de concurrentie voor te blijven en om aantrekkelijk te blijven als handelspartner.’ Mona Keijzer vat kort samen waarom Nederland volgens haar digitale koploper zou moeten zijn van Europa. Om de daad bij het woord te zetten, presenteerde ze vorig jaar – samen met minister Ferdinand Grapperhaus (Justitie en Veiligheid) en staatssecretaris Raymond Knops (Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties) – daarom de strategie Nederland Digitaal. Via deze strategie wil het kabinet, onder meer, het verdienvermogen van Nederland verder versterken en zorgen voor betere digitale vaardigheden en cyberveiligheid in de maatschappij. De conferentie Nederland Digitaal van afgelopen maart, diende als katalysator voor de samenwerking en gaf een impuls aan de doorontwikkeling van de Nederlandse Digitaliseringsstrategie.

Wat kan verdergaande digitalisering ons Nederlanders brengen?

‘Er zijn goede mogelijkheden op het gebied van de zorg, mobiliteit, energie, het agrifood-domein en de maakindustrie. Algoritmes gaan grote economische en maatschappelijke voordelen bieden: denk maar aan het voorspellen en voorkómen van ziekten, of het op afstand monitoren van bepaalde aandoeningen. En met een afnemende beroepsbevolking wordt het des te belangrijker om ons werk efficiënter te organiseren, en waar mogelijk te automatiseren en te robotiseren. Daarbij moeten we niet bang zijn voor banenverlies. Neem nu VDL Nedcar, dat na robotisering in zeven jaar tijd veranderde van een bijna failliete fabriek in een prachtbedrijf dat groeide van 1.500 naar 6.000 werknemers.’

Voor banenverlies bent u dus niet bang. Maakt u zich zorgen over andere neveneffecten van digitalisering?

‘Wanneer het gaat om digitalisering, online platformen en het delen van data, gaat het in de discussies vaak over privacy-problemen. Terecht, maar wat ook een heel belangrijk aandachtspunt wordt, is afnemende autonomie. Door kunstmatige intelligentie loop je bijvoorbeeld het risico om opgesloten te raken in een internetfuik. Daarin word je bij het online winkelen, bijvoorbeeld door Google of Amazon, geleid naar een product uit hun eigen etalage, waar vervolgens een bepaalde nummer één aangeprezen wordt. Het kan zomaar zijn dat dat product van een bedrijf van buiten Europa is. Daar zitten economisch gezien dus negatieve kanten aan. Bovendien is het onduidelijk hoe dat algoritme tot zijn beslissing is gekomen. Nu is dit laatste bij een bedrijf al onwenselijk, bij de overheid is het extreem uit den boze. Want de overheid moet gemotiveerde beslissingen nemen, dat is een van de uitgangspunten van ons rechtssysteem. Je wilt niet in een situatie komen waarin een algoritme tot een besluit komt waarbij niemand meer weet hoe dat besluit tot stand gekomen is, een zogeheten black box algoritme. Met als treffend voorbeeld de wereldberoemde komische Little Britain-scène waarin een ongeïnteresseerde baliemedewerkster op elke klantvraag haar computer raadpleegt en vervolgens laat weten: “computer says no”.’

Wat kunnen we daartegen doen?

‘Ik wil dat de consument een goede keuze kan maken. Hoe? Daarover voeren we overleg op Europees niveau. In de nieuwe verordening Platforms to business van de Europese Commissie zorgen we voor nieuwe regels omtrent transparantie: waarom zet de zoekmachine winkel “X” op de eerste plek van de zoekresultaten? Aanbieders moeten dat voortaan kunnen uitleggen. Zo willen we als overheid voor een eerlijk speelveld zorgen, want wij zijn ervoor om scheve verhoudingen recht te trekken en te zorgen voor gezonde en eerlijke competitie. Wat betreft de risico’s bij de overheid zelf: daaraan werken we binnen het programma AINED (Artificial Intelligence NEDerland). We brengen in kaart waar de kansen liggen, maar ook welke kant we juist niét op moeten willen.’

Is er daarbij ook voldoende aandacht voor de mensen die het digitaliseringstempo niet bij kunnen benen?

‘Ja, voor mij is dat onderdeel van ethiek in digitalisering. We willen een inclusieve overheid zijn, dus we moeten ons ook realiseren dat er altijd een groep mensen zal zijn die het tempo van digitalisering niet bij kan benen. Daar horen jij en ik over dertig jaar ook bij, trouwens. Met die groep mensen moeten we begripvol en zacht omgaan. Dat hoort bij behoorlijk bestuur: iedereen moet mee kunnen doen. Ik vind dat een kwestie van beschaving. Die mensen zullen we als overheid dus op een andere manier moeten faciliteren, en dat gebeurt trouwens ook al. Bijvoorbeeld via het welzijnswerk op gemeentelijk niveau waarbij ook aandacht voor digitalisering is.’

In de strategie van Nederland Digitaal is erg veel aandacht voor het midden- en kleinbedrijf. Waarom een speciale rol voor het mkb?

‘Het mkb is het fundament van onze economie. De meeste Nederlanders hebben werk, omdat ze bij een mkb-bedrijf werken. Ze zijn dus heel belangrijk, maar maken de digitaliseringsslag nu nog onvoldoende. Wanneer je vervolgens bedenkt dat een kwart van onze economische groei komt vanwege ict, dan weet je wat je te doen staat. We gaan het mkb dus helpen om versneld verder te digitaliseren. Het is van levensbelang voor het mkb dat ze deze digitaliseringsslag gaan maken, anders verliezen zij de concurrentiestrijd. Omdat bedrijven in het buitenland het beter doen, of omdat de grote ketens het overnemen. Ik vraag me af of je gelukkig wordt van alleen Alibaba en Amazon. Willen we dat? Ik niet in elk geval. Nederland is gebaat bij een bloeiend mkb. Het mkb is van belang voor de levendigheid van onze woonplaatsen, en de bijdrage die zij leveren aan de gemeenschap. Zij zijn degenen die de plaatselijke voetbalclub of toneelvereniging sponsoren.’

Wat gaat de rijksoverheid dan doen voor die mkb’ers?

‘Best veel. Ik noem twee voorbeelden. Als eerste de JADS: Jheronimus Academy of Data Science. JADS maakt Data Technology en Data Science inzetbaar voor het mkb. Elke mkb-er heeft data. Alleen, hoe gebruik je die in je voordeel? En elke mkb-er heeft een website, maar online verkoop of online klantenbinding is nog vaak een brug te ver. Terwijl het zoveel kansen kan bieden. In de detailhandel zie je geweldige groeicijfers, als de winkelier zijn fysieke winkel combineert met een webwinkel. Daar gaat JADS het mkb onder meer mee helpen. Het tweede voorbeeld: via de regeling mkb idee stimuleren we mkb’ers meer te investeren in scholing en ontwikkeling van huidige en toekomstige werkenden. We vragen hierbij aan ondernemers zelf hoe zíj denken dat we het arbeidsmarktprobleem het beste kunnen oplossen. En de overheid subsidieert die oplossingen.’

De conferentie Nederland Digitaal was een groot succes. Was het bomvolle programma een van de succesfactoren?

‘Inderdaad, het was een heel vol programma: we hadden meer dan duizend ondernemers, onderzoekers, overheden en maatschappelijke organisaties bij elkaar in veel deelsessies en plenaire bijeenkomsten. Iemand vroeg zelfs aan me of het niet een beetje “on-Nederlands” groots was aangepakt? Ik schoot ervan in de lach. Want volgens mij is deze aanpak juist hartstikke Nederlands. Want wat deden we? We zorgden ervoor dat al die verschillende mensen met verschillende aandachtsgebieden samen zaten om elkaar te leren kennen, van elkaar te leren en al die verschillende onderwerpen samen te bespreken. En er zijn ook waardevolle concrete afspraken gemaakt: bijvoorbeeld over het verbeteren van digitalisering in het onderwijs, tientallen partners gaan aan de slag met het thema digitale samenleving waarin iedereen kan meedoen en ondernemers werken met mijn ministerie aan de Nederlandse aanpak van kunstmatige intelligentie. Die afspraken gebruiken we om tussentijds af te kunnen vinken wat er is bereikt, en om de nationale digitaliseringsstrategie indien nodig bij te sturen. Ik vind het geweldig hoe we dat in Nederland doen, door het niet vanuit een ministerie te willen regelen, maar echt samen. Dat maakt ons als land ook zo sterk!’

Tientallen partners gaan aan de slag met het verbeteren van digitalisering in Nederland en iedereen kan meedoen

Wat vindt u zelf de meest fascinerende digitale ontwikkeling?

‘Ze vragen me weleens wat ik graag uitgevonden zou willen zien: dat is teleportatie. Het lijkt me fantastisch als je niet meer hoeft te reizen. Maar dat is er voorlopig nog niet en komt er misschien wel nooit. Iets dat wel helemaal van nu is en me fascineert is bijvoorbeeld quantumcomputing.’ Ze verduidelijkt: ‘Een computerprocessor die gebruik maakt van quantummechanica kan in één keer parallel dezelfde berekeningen uitvoeren over een zeer grote hoeveelheid data. Dat biedt ongekende computermogelijkheden. Overigens hebben we straks met de realisatie van de eerste quantumcomputer ook meteen een “akkefietje”, want dan is alle huidige versleuteling in no time te kraken. En wat ik echt een prachtig voorbeeld van digitalisering vind: sensortechnologie. Bijvoorbeeld bij prematuur geboren baby’s. Eerder moesten vroeggeboren kinderen met allerlei slangen verbonden zijn met een machine. Nu is dat dankzij één bandje met ingebouwde sensoren grotendeels overbodig. Super fascinerend, je snapt zeker wel waarom ik vind dat ik de leukste portefeuille van alle bewindslieden heb?!’


SERmagazine april 2019
Mona Keijzer, staatssecretaris van Economische Zaken en Klimaat: Meer digitalisering voor meer welvaart en welzijn. © Dirk Hol