Doorbraak Pensioenakkoord

Na jaren van onderzoek en overleg presenteerden de werkgeversverenigingen, vakbonden en minister Wouter Koolmees (Sociale Zaken) bij de SER een principe-akkoord over een nieuw, meer toekomstbestendig pensioen. ‘De polder levert, en dat is goed voor Nederland’

Trudy van Dijk

‘Het is ons gelukt’, zegt Wouter Koolmees, minister van SZW over het principeakkoord rond pensioenen dat op 5 juni bereikt werd. Na negen jaar zijn de werkgeversverenigingen, vakbonden en het kabinet onder begeleiding van de SER het eens geworden over hoe een nieuw toekomstbestendig pensioenstelsel eruit moet zien.

Koolmees: ‘Ik ben blij dat – na al die kopjes koffie, onderhandelingen en terechte zorgen van veel mensen – de vakbonden, de werkgeversorganisaties en de politiek nu samen een antwoord geven op de uitdagingen voor de toekomst. De polder levert, en dat is goed voor Nederland. Voor jong en oud. Goed voor jong, omdat de pensioenopbouw eerlijker wordt en de AOW-leeftijd ook op lange termijn minder hard stijgt. En goed voor oud omdat hun pensioen sneller verhoogd kan worden en omdat zij eerder kunnen stoppen als het niet meer gaat.’

Ook Mariëtte Hamer, door Koolmees als ‘de doorzetter van de SER’ betiteld, is zeer verheugd dat er na een lange periode van onderzoek, overleg en onderhandelen een akkoord is bereikt. ‘Het Nederlandse pensioenstelsel is een groot goed en staat bekend als een van de beste ter wereld. Maar een hervorming is nu echt dringend nodig. Met ons advies behouden we de sterke kanten, zoals lage kosten, verplichtstelling en een adequate pensioenopbouw. Tegelijkertijd hebben we verbeteringen voorgesteld, zodat pensioenregelingen begrijpelijker worden en beter aansluiten op de veranderende arbeidsmarkt.

Het was een complexe operatie die we zorgvuldig hebben uitgevoerd. Er komt nu een pensioenstelsel dat met veel draagvlak en vertrouwen tot stand is gekomen.’

SER-advies: Sterke punten behouden, zwakke punten aanpakken

De SER schetst in het advies ‘Naar een nieuw pensioenstelsel’ de contouren van een nieuw, duurzaam en transparant pensioenstelsel. Daarin worden de sterke punten van het huidige stelsel behouden en zwaktes aangepakt.

Sterktes

Om de kwaliteit van ons pensioenstelsel ook op langere termijn te waarborgen, stelt de SER voor aanpassingen te doen. Belangrijk is daarbij de volgende sterke elementen te behouden:

  • Het werknemerspensioen is – samen met de AOW – ongeveer 75 procent van iemands gemiddelde loon.
  • De verplichte deelname aan het werknemerspensioen maakt solidariteit mogelijk: risico’s in het opbouwen van pensioen kunnen worden gedeeld.
  • Pensioenuitkeringen zijn levenslang. Dat voorkomt dat mensen hun pensioenvermogen te snel opmaken en aan het einde van hun leven te kort komen.
  • Het pensioenstelsel heeft lage uitvoeringskosten. Daardoor kan een groot deel van de premie-inleg rendement opleveren.

Principe-akkoord: Wat is er afgesproken?

Op 5 juni presenteerde de SER zijn ontwerp-advies over de werknemerspensioenen, de tweede pijler in het huidige stelsel. Daarnaast hebben de werkgeversorganisaties, vakbonden en het kabinet een breder pakket van afspraken gemaakt over de stijging van de AOW-leeftijd, de koppeling tussen de pensioenleeftijd en de levensverwachting, vroegpensioen voor zwaar werk en arbeidsongeschiktheidsverzekering voor zzp’ers. Wat hebben zij onder meer afgesproken? Het kabinet is bereid de AOW-leeftijd twee jaar te bevriezen op 66 jaar en 4 maanden, om daarna stapsgewijs te laten stijgen naar 67 jaar in 2024. Dat is drie jaar later dan nu gepland. Voor de lange termijn geldt: voor ieder jaar dat de gemiddelde levensverwachting stijgt, gaat de pensioenleeftijd niet met 1 jaar omhoog, maar met 8 maanden.


Jacco Vonhof, voorzitter MKB-Nederland

‘Er is goed rekening gehouden met mkb-ondernemers en hun medewerkers’

J. (Jacco) Vonhof

‘Ik ben blij dat we na lang onderhandelen tot een akkoord zijn gekomen waarbij goed rekening is gehouden met mkb-ondernemers en hun medewerkers. Polder en politiek hebben hun verantwoordelijkheid genomen. Met de afspraken verstevigen we weer het vertrouwen van mensen in het pensioenstelsel.’

Marc Calon, voorzitter LTO Nederland

‘Er is breed draagvlak’

ir. M.A.E. (Marc) Calon

‘We hebben mijns inziens het maximale eruit gehaald voor boeren en tuinders. Ik ben daarom content met het resultaat. Met dit Pensioenakkoord hebben we gezamenlijk een mijlpaal bereikt en is de stabiliteit van onze toekomstige sociale infrastructuur in Nederland geborgd. Het was een hard, taai en ingewikkeld proces maar het resultaat is een akkoord waar breed draagvlak voor is. We hebben met elkaar laten zien dat de Nederlandse polder nog steeds werkt. Daar mogen we trots op zijn.’

Han Busker, voorzitter FNV:

‘Het nieuwe stelsel is robuuster en eerlijker’

H.H. (Han) Busker

‘We hebben een principe-akkoord op een groot ingewikkeld maatschappelijk vraagstuk. De AOW-leeftijd wordt bevroren naar 66 jaar en vier maanden en we hebben afgesproken dat de AOW-leeftijd veel minder snel zal stijgen. Dat is een hartstikke mooi resultaat. Het nieuwe pensioencontract behoudt bovendien de sterke punten van het oude contract, is transparanter en speelt in op de veranderende arbeidsomstandigheden.’

Hans de Boer, voorzitter VNO-NCW

‘Dit akkoord neemt veel onzekerheid weg’

drs. J. (Hans) de Boer

‘Het is maatschappelijke en economische winst dat dit akkoord er ligt. Met maatschappelijk voorop. Wij zijn namelijk blij dat we als polder een stuk helderheid en houvast kunnen bieden tegenover alle onzekerheid over oudedagsvoorzieningen die leeft bij ouderen en jongeren. Onzekerheid ondermijnt het hele stelsel en geeft andere vormen van onrust in de samenleving. Ik ben blij dat we nu een bijdrage kunnen leveren om dat op te lossen.’

Arend van Wijngaarden, voorzitter CNV

‘Jongeren kunnen weer voldoende pensioen opbouwen’

A.A. (Arend) van Wijngaarden

‘Met het maken van deze afspraken hebben we als CNV kunnen regelen dat pensioenen niet onnodig worden verlaagd. En zelfs weer kunnen worden verhoogd. Jongeren kunnen weer voldoende pensioen opbouwen. Voor die vraagstukken hebben we nu antwoorden gevonden. Daarom is het CNV positief over het nu bereikte resultaat.’

Nic van Holstein, voorzitter VCP

‘Wij blijven scherp en kritisch sturen op de realisatie van doelen’

drs. A.P.C.M. (Nic) van Holstein

‘We zijn erin geslaagd een aantal heldere doelen te formuleren waaraan het pensioenstelsel moet voldoen, en dat is winst. Belangrijke uitkomst van de onderhandelingen is dat het stelsel niet mag leiden tot een versobering van het pensioen en kostenneutraal gaat uitpakken voor de deelnemers. We zullen bij de uitwerking er nadrukkelijk scherp en kritisch op blijven sturen dat de doelen, zoals in het ontwerpadvies genoemd, worden gerealiseerd.’

Stuurgroep voor uitwerking SER-advies

Het SER-ontwerp-advies Naar een nieuw pensioenstelsel is opgesteld op aanvraag van het kabinet en tot stand gekomen onder leiding van SER-voorzitter Mariëtte Hamer. Het vormt het vervolg op eerdere SER-rapporten uit 2015 en 2016, die zijn voorbereid door de SER-Commissie Toekomst Pensioenstelsel onder voorzitterschap van prof. Kees Goudswaard. Het ontwerp-advies wordt op 21 juni in de raadsvergadering vastgesteld.

De SER adviseert het kabinet voor de uitwerking van de voorstellen een stuurgroep in te stellen van kabinet en sociale partners. De stuurgroep zal op korte termijn kunnen starten met de uitwerking van de nieuwe pensioenregeling en de uitwerking van het kader voor de overgang naar een nieuw stelsel. De SER adviseert dat het kabinet samen met de Stichting van de Arbeid een goede afweging maakt of de doelen en de te bereiken resultaten kunnen worden behaald. En als dat niet kan, naar andere manieren te kijken om de overstap naar een nieuw stelsel mogelijk te maken. Dit moet gebeuren voor de wetgeving bij de Tweede Kamer wordt ingediend.

Verbeteringen

Om de stap naar een meer duurzaam stelsel te maken, stelt de SER voor om:

  • Een nieuw contract toe te voegen aan de bestaande pensioenregelingen. Bij een premieregeling wordt niet de uitkering, maar de ingelegde premie vooraf vastgesteld. Deze premie volgt uit een doelstelling voor een koopkrachtig pensioen. Aan de cao-tafel wordt periodiek getoetst of deze doelstelling nog haalbaar is voor die premie.
  • Sinds 2016 is de Verbeterde premieregeling wettelijk mogelijk. Onderdeel daarvan is een collectieve variant die uitgaat van een persoonlijk pensioenvermogen in de opbouwfase en van collectieve risicodeling tussen gepensioneerden in de uitkeringsfase. De SER adviseert deze variant ook toegankelijk te maken voor bedrijfstakpensioenfondsen. Daardoor is er meer keuze en dus maatwerk mogelijk voor de verschillende sectoren.
  • Het mogelijk te maken dat zzp’ers zich vrijwillig aansluiten bij een pensioenfonds of Premie Pensioeninstelling (PPI).
  • Deelnemers beter inzicht te geven in de ontwikkeling van het pensioenvermogen, de ingelegde premie en het uiteindelijke pensioenresultaat.
  • Het mogelijk te maken om op pensioendatum een beperkt bedrag ineens op te nemen.
  • Het nabestaandenpensioen meer te standaardiseren en begrijpelijker te maken.