SERmagazine

Dromen over de wereld van morgen

In de toekomst kijken is in de snel veranderende wereld van vandaag misschien wel moeilijker dan ooit. Maar dat betekent niet dat je geen toekomstdromen kunt koesteren. Bij de 70e verjaardag van de SER delen vier jongeren hun droom voor de wereld van morgen.

Tekst: Felix de Fijter

Aan het woord:

Eva Eikhout
Eva Eikhout (24),
presentator BNNVARA
Maurice Knijnenburg
Maurice Knijnenburg (23),
voorzitter SER Jongerenplatform, voorzitter Nationale Jeugdraad
Werner Schouten
Werner Schouten (22),
voorzitter Jonge Klimaatbeweging
Yuli Takx
Yuli Takx (27),
verpleegkundige Erasmus MC

Lees door onder de foto

Eva Eikhout
Eva Eikhout | Foto: Dirk Hol

Diversiteit

Eva Eikhout (24), presentator BNNVARA

‘Iedereen heeft een handicap’

“Ik ontdekte mijn talent toen ik werd aangenomen bij BNNVARA Academy. Ik werd na een jaar presentator, als een van de gezichten van YUNG DWDD. En voor het YouTube-kanaal van NPO3 maakte ik dit jaar de serie ‘Weet Wat Je Date’, waarin ik op zoek ga naar het geheim van ware liefde. Superleuk, maar ook superspannend. Want dat gaat ook over jezelf.
Ik heb een lichamelijke beperking; mis een groot deel van mijn armen en benen. Ik kom niks tekort, maar toch heb ik altijd het idee dat mijn handicap voor mensen om mij heen een ding is. Begrijpelijk, maar ook lastig. Mensen zijn superverbaasd als ze horen dat ik kan autorijden. Ik begrijp het wel, maar het is jammer als mensen er automatisch van uitgaan dat je iets niet kunt.”

Extreem onhandig

“Mijn droom is dat de representatie van verschillende soorten mensen in Nederland verder toeneemt. Dat íédereen de kans krijgt om zich maximaal te ontwikkelen. Daarvoor moeten we het begrip ‘handicap’ veel breder gaan zien. Want net zoals iedereen talent heeft, heeft ook iedereen een handicap. En je kunt je kracht uit beide halen.
Natuurlijk heb ik mezelf afgevraagd of ik ben aangenomen vanwege mijn talent, of vanwege mijn beperking. Na een jaar durfde ik het aan mijn eindredacteur te vragen. ‘Wij zagen jou bij je auditie’, zei hij. ‘En we dachten: ze is echt goed, er is echt talent, maar het is ook extreem onhandig.’ Dat is de spijker op z’n kop. Ik had zelf ook geen idee of het zou lukken. Maar het ís gelukt en kijk eens waar ik nu sta. We zijn er eerlijk over geweest. Die openheid, dat is de sleutel.”


Werk

Maurice Knijnenburg (23), voorzitter SER Jongerenplatform, voorzitter Nationale Jeugdraad

‘Niks zo fundamenteel als een baan’

“Jongeren staan onder druk. Er komt veel op hen af. Zo veel, zo bleek uit een verkenning van het SER-Jongerenplatfom, dat ze belangrijke keuzes uitstellen. Ze kopen later een huis, stichten later een gezin. Wat jongeren nodig hebben, is heel simpel: werk. Dat schept allerlei verantwoordelijkheden, maar het geeft ook rust. Met een stabiel inkomen kunnen jongeren voorzien in een dak boven hun hoofd en brood op de plank.
Voor veel jongeren is zo’n perspectief nog ver weg. Ze hebben twee of drie flexbaantjes nodig om rond te komen, of hun baanzekerheid is laag. Zeker in de coronatijd, waarin ook werkgevers moeten bezuinigen, staan veel jongerenbanen op de tocht.”

Creatief

“Mijn droom is dat de structurele problemen die hieraan mede ten grondslag liggen, worden opgelost. Dat betekent dat er bijvoorbeeld een beter sociaal vangnet moet komen voor jongeren, maar ook dat omscholing bereikbaarder wordt voor mensen aan het begin van hun loopbaan.”
Wat me hoopvol stemt is dat jongeren heel creatief zijn. Ze zien problemen snel en kunnen daar flexibel en daadkrachtig op inspelen. Er komen niet voor niets veel jonge ondernemers bij. Maar daar kunnen we niet alles van af laten hangen. Er is een bredere cultuurverandering nodig, waarin de waardering van nieuw talent net zo belangrijk is als het zorgen voor de oudere generaties.
De sociaaleconomische bedding voor die verandering is er. De manier waarop we in Nederland aan tafel bij de SER sinds jaar en dag samenwerken, problemen benoemen en aan oplossingen werken is een bewezen vruchtbare aanpak, die ook echt bij Nederland hoort. Het gemeenschappelijk belang heeft het altijd gewonnen. Dat moet niet veranderen.”


Klimaat

Werner Schouten (22), voorzitter Jonge Klimaatbeweging

‘Vooruitgang is soms ook vooruit naar vroeger’

“Als iedereen zou leven als een gemiddelde Nederlander, zouden er drie wereldbollen nodig zijn. Mijn droom is dat dat verandert. Dat mens, milieu en welvaart in 2050 een harmonieus geheel vormen. Een haalbare droom? Dat zeker. Maar of we op koers liggen? Dat is wel even wat anders.
Om stappen te zetten zijn schone en duurzame technologieën, waar nu veel aandacht voor is, zeker belangrijk. Maar de essentie zit volgens mij in een sociale transitie; in verandering van normen en waarden; in respect voor de grenzen van onze planeet.”

Klimaatvluchtelingen

“We moeten daarbij het bredere plaatje voor ogen houden. De vrijheden die we onszelf gunnen, om de wereld te verkennen bijvoorbeeld, gaan direct ten koste van de vrijheden van anderen. In Sub-Sahara Afrika kan klimaatverandering tot wel tweehonderdmiljoen klimaatvluchtelingen leiden. Die wisselwerking van vrijheden, zien we snel over het hoofd.
Of we veel verwachting moeten hebben van de jongere generaties is de vraag. Ze gebruiken veel plastic, vliegen veel en consumeren er lustig op los. Maar hier ligt wel een kans, want hun waardenpatroon is nog erg vloeibaar. Het is aan ons, als maatschappij in welke richting we dat waardenpatroon van jongeren laten stromen. De oudere generaties hebben hier een taak.
Tegelijkertijd kunnen jongeren ook van oudere generaties leren; bijvoorbeeld wat matigheid betreft. Vroeger kwam de melkboer langs de deur. We zetten de gebruikte melkflessen neer; hij maakte ze schoon en je kreeg ze later gevuld weer terug. Met andere woorden: we moeten de toekomst vinden in heden én verleden. Vooruitgang is soms ook vooruit naar vroeger.”


Zorg en gezondheid

Yuli Takx (27), verpleegkundige Erasmus MC

‘Ik zou graag meer collega’s krijgen’

“Ik ben kinderverpleegkundige in het Erasmus MC-Sophia, op de afdeling kinderchirurgie. Een veelzijdige baan, waarbij je te maken krijgt met veel disciplines. Van orthopedie tot urologie. We begeleiden kinderen en hun ouders zo goed mogelijk bij wat ze op de operatiekamer te wachten staat. Dit naast allerlei andere verpleegkundige taken, zoals wondverzorging of infuusprikken.
Er is wel wat veranderd sinds ik elf jaar geleden met mijn opleiding begon. Vooral wat de werkdruk betreft. Het werk neemt toe, maar er zijn minder mensen. En je merkt wel dat de rek er wel een beetje uit raakt. Daar lijdt de patiëntenzorg onder, maar wij als verpleegkundigen ook. Soms schaam ik me een beetje, als ik weer eens een gesprek moet afkappen; ik zou graag willen dat ik meer kon doen.”

Dankbaar

“Mijn droom is dat dat in de toekomst echt anders zal zijn. Want ik maak me best wel zorgen. Als ik zie hoeveel jonge meiden om mij heen nu al aan het rondkijken zijn; op zoek naar een baan die ze vol kunnen houden. Want de mentale druk is best hoog, zeker in deze tijden. Maar met veel humor, houden we de moed erin. Het is ook echt wel een heel mooi vak. En elke dag merk je weer hoe dankbaar mensen zijn met het werk dat we doen.
Ik hoop dat in 2050 de zorg de waardering krijgt die het verdient. Qua salaris - dat zou mooi zijn - maar belangrijker nog: qua tijd. Met andere woorden: ik zou graag wat meer collega’s krijgen. Zodat we samen kunnen doen wat we het liefste willen: goede zorg verlenen.”


Meer lezen? SERmagazine verschijnt ook 5 keer per jaar als papieren tijdschrift.

Abonneer nu gratis