Vijf vragen naar aanleiding van reorganisatie
Ondernemingsraden kunnen bij een geschil met de werkgever al sinds jaar en dag voor bemiddeling terecht bij de bedrijfscommissies. Nederland telt er 24, dat aantal wordt drastisch teruggebracht naar drie. Waarom gaat de bezem erdoor? Vijf vragen over de bedrijfscommissies.
Felix de Fijter
1. Wat doen bedrijfscommissies precies?
Bedrijfscommissies hebben de taak te bemiddelen tussen ondernemer en ondernemingsraad als het gaat om de toepassing van de Wet op ondernemingsraden (WOR). Als er bijvoorbeeld een conflict is over een reorganisatie binnen een bedrijf, kan de bedrijfscommissie worden ingeschakeld. De commissie geeft in zo’n geval voorlichting over wat er in de wet staat en ze kan ook bemiddelingsgesprekken organiseren. Door die bemiddelende rol wordt de gang naar de rechter vaak voorkomen. Een conflict mag bovendien niet voor de rechter worden gebracht voordat een bedrijfscommissie zich erover gebogen heeft, maar er zijn wel plannen om dat te veranderen.
Er zijn nu 24 bedrijfscommissies. Zo bestaan er commissies voor detailhandel, bouwnijverheid, dienstverlening en horeca en er is ook een algemene bedrijfscommissie voor gevallen die buiten de sectorverdeling vallen. Sommige commissies zijn al in de jaren vijftig ontstaan. Daardoor hebben sommige een wat stoffig imago, maar dat gaat veranderen. Van de 24 commissies blijven er slechts drie over. Een voor ondernemingen in commerciële sectoren, die Markt I wordt genoemd en een voor ondernemingen in zorg en welzijn en sociaalculturele sectoren, Markt II . Naast de twee bedrijfscommissies voor de marktsector blijft de bedrijfscommissie voor de overheid bestaan; deze valt onder de verantwoordelijkheid van de minister van Binnenlandse Zaken.
2. Waarom is de herziening nodig? Sommige bedrijfscommissies hebben minder werk te doen dan andere, bijvoorbeeld omdat hun sector aan de kleine kant is. Daardoor kunnen de commissies niet de noodzakelijke deskundigheid ontwikkelen. Andere commissies, zoals die voor dienstverlening of voor welzijn, lopen uitstekend. Ze hebben niet alleen veel werk omhanden, maar organiseren soms ook bijeenkomsten voor hun sector. Daarnaast is de werkwijze niet overal gelijk. Sommige commissies behandelen de vraagstukken als een rechtbank, terwijl bedrijfscommissies alleen horen te bemiddelen en te informeren. Juridische vraagstukken moeten in de rechtbank worden opgelost, niet in de commissies.
Nu worden al die kleine en grote sectoren in twee commissies ondergebracht. Het is overigens niet de eerste reorganisatie van de bedrijfscommissies. In het jaar 2000 is het aantal al teruggebracht van 68 naar 24 commissies. Destijds werd daar flink over gemopperd. Een eigen commissie geeft een sector toch een zeker aanzien. Het was voor een aantal sectoren moeilijk te verkroppen dat hun commissie werd opgeheven. Bij de huidige reorganisatie klinkt echter weinig kritiek, al is er wel een enkele klacht. De commissie Groothandel is bijvoorbeeld bang dat het organiseren van informatieve bijeenkomsten niet meer tot de mogelijkheden behoort. Maar daar hoeven ze niet voor te vrezen. De nieuwe commissies kunnen evengoed dergelijke sectorgebonden bijeenkomsten organiseren.
3. Krijgen de nieuwe commissies ook nieuwe taken? In principe verandert de rol van de bedrijfscommissies niet. Wel staat de verplichte gang naar de bedrijfscommissies op de helling. De SER heeft voorgesteld die verplichting te schrappen, omdat sommige partijen eigenlijk direct naar de rechtszaal willen. Dan is zo’n bezoek aan de bedrijfscommissie in hun ogen alleen maar een lastige hobbel. Demissionair minister Donner van Sociale Zaken heeft gezegd dat hij het een goed plan vindt, maar het nieuwe kabinet zal zich erover moeten buigen. Daarna moet er nog een wetsvoorstel komen, zodat het nog wel een aantal jaren duurt voordat die verplichting uit de wet is gehaald.
4. Gaan de commissies op termijn niet allemaal verdwijnen als de vraag afneemt? In veel gevallen zullen bedrijfscommissies nodig blijven. Van de ongeveer tachtig geschillen per jaar komt maar een handvol bij de rechter terecht. Dat betekent dat het grootste deel van de geschillen wordt opgelost door de bedrijfscommissies.
Sommige conflicten in de dop worden al opgelost door een telefoontje aan de bedrijfscommissie. Soms ligt een kwestie namelijk heel zwart-wit en levert een blik in het wetboek al een oplossing. De bedrijfscommissies worden mogelijk ook wat bekender en beter vindbaar, omdat ze nu centraal bij de SER worden ondergebracht. Zo komt er één centrale website. Ook gaan de bedrijfscommissies mogelijk een publiciteitscampagne op poten zetten. Al die maatregelen kunnen de drempel naar zo’n commissie verlagen, omdat het duidelijk is waar ondernemingsraad en werkgever met een geschil naartoe moeten.
5. Wanneer gaan de nieuwe bedrijfscommissies van start? De bedrijfscommissie Markt II begint al in juli. Aan de personele invulling van de bedrijfscommissie Markt I, die op 1 september van start gaat, wordt nog gewerkt. Iedere commissie bestaat uit twaalf leden en twaalf plaatsvervangende leden. De leden worden aangewezen door werkgevers- en werknemersorganisaties. In sommige gevallen zullen dat leden van de huidige bedrijfscommissies zijn.
Met dank aan Evert van Bonzel, hoofd afdeling Medezeggenschap en Juridische Zaken bij de SER