Wat is een arbocatalogus en hoe maak je er een? Dat waren de centrale vragen in een brochure die de Stichting van de Arbeid deze zomer presenteerde aan minister Donner van Sociale Zaken en Werkgelegenheid. De arbocatalogi zijn een nieuw fenomeen in sociaal-economisch Nederland. Werkgevers en werknemers leggen erin vast welke maatregelen ze treffen om aan de nieuwe arbowet te voldoen. Een enkele sector heeft er al een, andere sectoren zijn druk bezig om er een te maken.
Frits van Schaik
De podiumkunsten hadden de primeur. Al voordat op 1 januari de nieuwe Arbowet van kracht werd, beschikte de sector al over een eigen arbocatalogus. Deze Branchecatalogus Podiumkunsten Versterkt Geluid, zoals de officiële naam luidt, is een product van Arbopodium en de Vereniging van EvenementenMakers (VVEM). De ondernemers die bij deze organisaties zijn aangesloten, hebben meegewerkt aan de totstandkoming ervan. Dat geldt eveneens voor de in de sector opererende werknemersorganisaties.
“Niettemin hebben we het wel over een werkgeversbrochure”, benadrukt Willem Westerman, uitvoerend secretaris van de VVEM die aan de wieg stond van de catalogus. “Daarin is overigens de werknemersvisie wel duidelijk meegenomen.” Westerman wijst erop dat er in zijn branche ook een werknemersbrochure bestaat. Die heeft volgens hem een meer voorlichtend karakter dan de arbocatalogus, die duidelijke richtlijnen geeft.
De catalogus gaat, en dat spreekt voor zich, over schadelijk geluid. “Ik ben geneigd om te zeggen gewenst geluid”, corrigeert Westerman lachend. Hoezo gewenst? “Kijk”, zegt de VVEM-secretaris: “De Arbowet oude stijl stelde heel rigide dat hard geluid moest worden geëlimineerd. De nieuwe wet laat zich daar in die zin niet over uit, maar biedt sociale partners in onze branche de ruimte om maatregelen te nemen zodat het geluid niet overal even hard is. Dat is winst. Men wil geluid, dat is duidelijk. Het gaat er dus om hoe je dat reguleert, zowel voor de geluidsmakers als de omstanders, het publiek.”
Binnen de podiumkunsten heeft men te maken met geluid dat bewust versterkt wordt door apparatuur. Duizenden werknemers in de sector krijgen daar bijna dagelijks mee te maken. “In de catalogus, waar we enkele maanden aan hebben gewerkt, geven we tal van mogelijkheden om schadelijk versterkt geluid te beperken en eigenlijk uit te bannen”, zegt Westerman. “Daarin zijn we heel vindingrijk geweest. Het blijft niet alleen beperkt tot oordopjes.”
OrkestenVolgens Westerman zijn de mensen die betrokken waren bij het maken van de catalogus niet tegen onvoorziene problemen aangelopen. “Zelfs voor de categorie klassieke orkesten, waar het fenomeen versterkt geluid niet onderschat mag worden, en die in de hele sector een enigszins aparte positie inneemt, deden zich geen onoplosbare problemen voor.”
Nu gaat het dus om de handhaving, benadrukt Westerman. “Daar is de branche zelf verantwoordelijk voor, waarbij de Arbeidsinspectie natuurlijk een eigen rol speelt. Bovendien zullen de sociale partners in onze branche de catalogus jaarlijks beoordelen en aanvullen met goede praktijkvoorbeelden en nieuwe technieken.”
Ook de metaalsector past zich aan de nieuwe Arbowet aan. Binnen brancheorganisaties FME-CWM en Koninklijke Metaalunie wordt met voortvarendheid gewerkt aan de totstandkoming van een arbocatalogus. Het wordt een pakket maatregelen, aanbevelingen en richtlijnen dat in beginsel moet gaan gelden voor honderdduizenden werknemers.
Op de site www.5xbeter.nl wordt onder het kopje ‘verbeterboek’ al vooruitgelopen op de catalogus. Dit verbeterboek sluit aan bij de nieuwe Arbowet en bevat onder meer suggesties voor het anders organiseren van werkplekken en het toepassen van minder belastende technieken. “Het is nu aan werkgevers en werknemers om ze te gebruiken”, zegt Gijs Meijer, beleidsadviseur arbeidsomstandig-
heden van FME-CWM.
Het verbeterboek bevat twee delen: ‘praktijkrichtlijnen en verbeterchecks’ en ‘afzonderlijke oplossingen’. Zo is er al een verbeterde richtlijn over het omgaan met lasrook. In de loop van dit jaar komen ook nieuwe richtlijnen over het werken met oplosmiddelen en schadelijk geluid beschikbaar. Ook gaat het verbeterboek in op deeloplossingen die bedrijven zelf kunnen invullen.
“Waar we samen met de werknemersorganisaties in onze branche mee bezig zijn”, zet Meijer uiteen, “is het ontwikkelen van een soort spoorboekje waarin instrumenten worden aangereikt om de belangrijkste risico’s op de werkplek zo goed als te elimineren. Het gaat om een op maat gesneden advies. Daarbij blijft de grootst mogelijke vrijheid bestaan voor ondernemingen om al dan niet aan de hand van de zogeheten verbeterrichtlijnen zelf een eigen arbeidsomstandighedenbeleid te ontwikkelen.”
Meijer verwacht dat de catalogus over ongeveer drie jaar klaar is. Dan is hij voor iedereen gratis op internet te raadplegen.
Meijer noemt het pure winst dat de aangepaste Arbowet, met uiteraard handhaving van de rol van de Arbeidsinspectie, ruimte biedt aan brancheorganisaties en zelfs bedrijven om op een creatieve wijze met arbeidsomstandigheden om te gaan. “Het wat ik maar noem ‘landschap Arbo’ werd altijd gedomineerd door regeltjes die vaak niet overeenkwamen met de werkelijkheid. Daar is nu een eind aan gekomen. Voor werkgevers en werknemers in onze sector zijn de stoplichten verdwenen; we gaan de rotonde op. Dus geen belemmeringen meer.”
Uitgangspunt blijft, stelt Meijer nadrukkelijk, dat de richtlijnen simpel toepasbaar moeten zijn. “Als brancheorganisatie zullen wij uiteraard faciliteren. Maar de uitvoering van de op zich heldere richtlijnen en verbeterpunten ligt geheel en al bij de bedrijven. Dat betekent dus een grote verantwoordelijkheid voor werkgevers en werknemers in de arbeidsorganisaties.” In de komende maanden zal de sector via de eigen website, via een breed opgezette publiciteitscampagne en op ledenvergaderingen, informatie verstrekken over de voortgang van de arbocatalogus voor de metaalsector. Meijer: “Die komt er echt en zonder ingewikkelde regeltjes.”