Literatuurlijst Pensioenen Internationaal
SER-publicaties
- Boeken - Tijdschriftartikelen
- OECD, Design and delivery of defined contribution (DC) pension schemes : policy challenges and recommendations
Parijs : OECD, 2013. 12 p.
Vandaag de dag wordt van Defined Contribution pensioenregelingen verwacht dat zij voldoende pensioeninkomen bieden. Dit OECD-rapport biedt een overzicht van de uitdagingen waar beleidsmakers mee te maken hebben en presenteert een 10-puntenplan met de belangrijkste verbeteringen die kunnen helpen om ervoor te zorgen beschikbare premieregelingen de inkomens leveren die men nodig heeft. (B31617)
- Holland Financial Centre; Donders, P.; Pennings, F., Pensions and self-employed an international comparative study
[Amsterdam] : HFC, 2012. 38 p.
Het aantal zelfstandigen neemt toe in de Europese Unie. Wat de beweegredenen van iemand ook zijn om zelfstandig te worden, deze ontwikkeling kan niet los gezien worden van een trend naar verdere flexibilisering van de arbeidsmarkt in de afgelopen jaren. Hoe is het gesteld met hun sociale voorzieningen en invulling van eigen verantwoordelijkheden, met name op het gebied van lange termijn risico’s zoals ziekte, arbeidsongeschiktheid en oudedagsvoorzieningen? Dit document beschrijft de uitkomsten van een studie in Duitsland, Spanje en het Verenigd Koninkrijk en zet deze in perspectief met de Nederlandse situatie. (B31365)
- Fedotenkov, I., Pensions and ageing in a globalizing world : international spillover effects via trade and factor mobility : proefschrift Universiteit van Tilburg
Tilburg : Netspar, 2012. 132 p.
Netspar thesis, nr. 2012-11
Het verhogen van de productiefactor mobiliteit en intensivering van de internationale handel maken economieën gevoeliger voor ontwikkelingen in het buitenland. Dit proefschrift is gewijd aan internationale spillover-effecten van asymmetrische vergrijzing en hervorming van het pensioenstelsel. De internationale aspecten van structurele veranderingen worden bestudeerd onder verschillende transmissiemechanismen en verschillende marktstructuren vanuit een economisch-theoretisch oogpunt. De belangrijkste conclusies van dit proefschrift zijn dat hervorming van het pensioenstelsel het welzijn kan verbeteren als verliezen en voordelen worden herverdeeld door de centrale overheid. De mogelijkheid van welzijn verbeterende hervormingen van de sociale zekerheid komt door een efficiënter gebruik van immobiele productiefactoren, zoals grond. Bovendien is het hervormende land er op gericht om de pensioenhervorming van tevoren niet aan te kondigen, hoewel een dergelijke aankondiging wel zou worden gewaardeerd door de buurlanden. De vergrijzing kan leiden tot een instroom of uitstroom van kapitaal uit het vergrijzende land, afhankelijk van de mate van substitueerbaarheid tussen binnenlands en buitenlands kapitaal. Vanwege verschillen in de pensioenstelsels, kan de vergrijzing er toe leiden dat landen zich specialiseren in arbeidsintensieve goederen, wat in strijd is met de resultaten uit eerdere studies. (B31302)
- Mercer; Australian Centre for Financial Studies, Melbourne Mercer global pension index
Melbourne : Mercer, 2012. 63 p.
De Melbourne Mercer Global Pension Index vergelijkt pensioenstelsels in 18 landen en kan daarmee uitspraken doen over de pensioenen van meer dan de helft van de wereldbevolking. Het Nederlandse pensioenstelsel, AOW en aanvullend pensioen, is niet langer het beste ter wereld, aldus het rapport. Denemarken, nieuw in het onderzoek, komt binnen op de eerste plaats en zet daarmee Nederland op plaats twee, tevens is Denemarken het enige land wat de A-status weet veilig te stellen. De totale indexwaarde van het Nederlandse stelsel is ten opzichte van vorig jaar gestegen, van 77,9 naar 78,9. De stijging is een gevolg van verschillende factoren waar de verhoging van de pensioenleeftijd de grootste rol in speelt. Volgens het rapport kan het Nederlandse systeem nog op een aantal punten worden verbeterd door: Een minimum leeftijd te verbinden aan pensioendeelname; Het stimuleren van zelfstandig sparen ten behoeve van pensionering; De arbeidsparticipatie van oudere werknemers te verhogen; Te voorzien in een betere bescherming van opgebouwde pensioenaanspraken in het geval van fraude of mismanagement. (B31283)
- Europese Cie, Pension adequacy in the European Union 2010-2050
Luxemburg : EU, 2012. 175 p.
Rapport over de huidige en toekomstige toereikendheid van pensioenvoorzieningen. De bijlagen bevatten profielen per EU-land. Per land wordt het pensioensysteem beschreven, wordt ingegaan op de hervormingen en komen indicatoren van houdbaarheid en duurzaamheid aan de orde. Tot slot is statistische achtergrondinformatie opgenomen. (B31121)
- World Bank; Holzmann, R.; Palmer, E.; Robalino, D. [et al.]
Nonfinancial defined contribution pension schemes in a changing pension world : volume 1: progress, lessons and implementation
Washington : World Bank, 2012. 319 p.
Het rapport bevat een evaluatie van de ervaringen van landen waar Notional Defined Contribution regelingen (NDC) voor tien jaar of langer in gebruik zijn. Verder wordt de balans opgemaakt van de discussies van de plaats van NDC in de wereld van de hervorming van de pensioenen, en richt het rapport zich in detail op belangrijke kwesties in verband met de uitvoering en het ontwerp van NDC. Het boek bevat ook analyses van de voor- en nadelen van NDC contra FDC en een typisch paygo DB regeling in twee Latijns-Amerikaanse landen.
Bevat de volgende hoofdstukken:
I. Taking stock of lessons and issues:
1. NDC in the teens: Lessons and issues;
2. The first wave of NDC reforms: The experiences of Italy, Latvia, Poland, and Sweden;
3. Parallel lines: NDC pensions and the direction of pension reform in developed countries;
II. Reforms under implementation, consideration, contemplation:
4. Pension reform in Norway: combining an NDC approach and distributional goals;
5. Egypt’s new social insurance system: An NDC reform in an emerging economy;
6. China: An innovative hybrid pension design proposal;
7. China: Pension reform for an aging economy;
8. Greece: The NDC paradigm as a framework for a sustainable pension system;
9. Assessing fiscal costs and pension distribution in transitions to defined contribution systems: A retrospective analysis for Chile.
(B31083)
- OECD
OECD Pensions outlook 2012
Parijs : OECD, 2012. 230 p.
Deze eerste editie van de OECD Pensions outlook, onderzoekt het veranderende pensioenlandschap.
Onderzocht worden de pensioenhervormingen tijdens de crisis en daarna, automatische aanpassingsmechanismen, de omkering van systemische pensioenhervormingen in Midden- en Oost-Europa, de dekking van privépensioenen en de garanties van premiepensioenregelingen. Het document eindigt met een beleidstraject voor premiepensioenregelingen en een statistische bijlage. (B31049)
- OECD, Pensions at a glance : Asia/Pacific 2011
Parijs : OECD, 2012. 105 p.
Studie over pensioenen in het Aziatisch/Pacific gebied. Deel 1 van het rapport bevat een internationale vergelijking van het pensioenbeleid. Het tweede deel bevat landenstudies over de pensioensituatie in: China, Hong Kong, Indonesie, Maleisie, Philipijnen, Singapore, Thailand, Vietnam. (B31103)
- European Fed. for Retirement Provision, EFRP position paper on European pension policy
London : EFRP, 2012. 18 p.
Er zijn momenteel twee belangrijke EU beleidsinitiatieven op het gebied van de pensioenen: het Witboek over Pensioenen en het voorstel om de IORP-richtlijn te herzien. Hoewel er een nauw verband bestaat tussen deze twee initiatieven, volgen ze twee afzonderlijke sporen. Dit document bespreekt beide initiatieven en geeft een overzicht van de pensioenstelsels in Europa. (B30791)
- IMF, The challenge of public pension reform in advanced and emerging economies
Washington : IMF, 2011. 71 p.
De hervormingen van het pensioenstelsel zullen in de komende decennia een belangrijke politieke uitdaging vormen in zowel de geavanceerde als de opkomende economieën. De paper schetst het huidige pensioenlandschap, en gaat vervolgens in op de patronen van pensioenuitgaven, de vooruitzichten voor de uitgaven aan staatspensioenen, overwegingen voor pensioenhervormingen en de mogelijkheden voor pensioenhervormingen. (B30620)
- Europese Parlement; ECON; Eichhorst, W.; Gerard, M.; Kendzia, M. J.; Mayrhuber, CH.; Nielsen, C.; Rünstler, G.; Url, Th., Pension systems in the EU - contingent liabilities and assets in the public and private sector
Brussel : Europese Parlement, 2011. 142 p.
Deze studie biedt een overzicht van de verschillende pensioenstelsels in de EU-lidstaten en beschrijft voorwaardelijke verplichtingen en activa in de publieke en private sector. De studie beoordeelt de recente ontwikkeling van de pensioenregelingen en de huidige gang van zaken. Belangrijke elementen van toereikende en duurzame pensioenstelsels, zijn bijvoorbeeld een hogere arbeidsparticipatie, vooral onder oudere werknemers, een hogere pensioenleeftijd en een passende mix van pensioenpijlers. De bijlagen van het rapport bevatten case-studies van Nederland, Frankrijk, Italië en Polen, alsmede een vergelijkend overzicht van het minimum pensioenbedrag per lidstaat. (B30362)
- Ebbinghaus, B. [et al.], The varieties of pension governance : pension privatization in Europe
Oxford : Oxford University Press, 2011. 440 p.
Duurzame en adequate ouderdomspensioenen in vergrijzende samenlevingen zijn uitgegroeid tot een belangrijk onderwerp op de politieke agenda. Dit boek beschrijft de verschuiving van publieke naar private pensioenen en verklaart de verschillen tussen tien Europese landen.
Bevat de volgende hoofdstukken:
Part I: Comparing pension privatization in Europe; Part II: Bismarchian latecomers to multipillar pension systems; Part III: Emergent nordic multipillar pension systems; Part IV: Mature multipillar pension systems; Part V: Comparing pension systems and their outcome. (B30258)
- OECD; Antolín, P.; Payet, S.; Whitehouse, E. R.; Yermo, J., The role of guarantees in defined contribution pensions
Parijs : OECD, 2011. 31 p.
OECD Working Papers on Finance, Insurance and Private Pensions, nr. 11
Werkdocument over de rol van garanties in een Defined Contribution pensioensysteem. De paper stelt dat, terwijl er duidelijk behoefte is om het pensioen beter te beschermen tegen de onstabiele financiële markten, de kosten en baten van garanties op beleggingsrendementen zorgvuldig dienen te worden geëvalueerd. Garanties op beleggingsrendementen bieden bescherming tegen slechte beleggingsresultaten maar kunnen kostbaar zijn. Het rapport berekent de marktprijs van de verschillende waarborgen in de vorm van een heffing op de spaartegoeden van de deelnemers, of bijdragen die betaald worden aan de pensioenregeling, die uiteindelijk het verwachte niveau van de uitkeringen vermindert. Hoe hoger het gegarandeerde rendement en hoe korter de beleggingshorizon, hoe hoger de kosten, en dus hoe minder aantrekkelijk voor de deelnemers. De goedkoopste garantie is een bescherming van het nominale bedrag van de bijdragen (een kapitaalgarantie). (B30219)
Bevat ook achtergrond studie (B30220)
- Mercer; Melbourne Centre for Financial Studies, Melbourne Mercer Global Pension Index
Melbourne : Mercer, 2011. 60 p.
Voor het derde opeenvolgende jaar is het Nederlandse pensioenstelsel, AOW en aanvullend pensioen uitgeroepen als beste ter wereld. Dit blijkt uit de Melbourne Mercer Global Pension Index. De Index vergelijkt pensioenstelsels in 16 landen en kan daarmee uitspraken doen over de pensioenen van de helft van de wereldbevolking. Australië eindigt op de tweede plaats, Zwitserland als nummer drie. Ondanks de toppositie van Nederland is de indexwaarde wel gedaald ten opzichte van voorgaande jaren. Volgens de Melbourne Mercer Global Pension Index staan de pensioensystemen onder grote druk door de snel vergrijzende bevolking. Volgens het rapport kan het Nederlandse systeem nog op een aantal punten worden verbeterd door: Een minimum leeftijd te verbinden aan pensioendeelname; Het stimuleren van zelfstandig sparen ten behoeve van pensionering; De arbeidsparticipatie van oudere werknemers te verhogen; Te voorzien in een betere bescherming van opgebouwde pensioenaanspraken in het geval van fraude of mismanagement. (B30217)
- CPB; Bovenberg, L.; Ewijk, D. van, Private pensions for Europe
Den Haag : CPB, 2011.
CPB Policy Brief, 2011/07
Private pensioenen kunnen bijdragen aan meer internationale en intergenerationele risicodeling en een
diepere Europese kapitaalmarkt met meer mogelijkheden voor diversificatie van risico's. Dit alles komt de economische groei ten goede. Kapitaaldekking van pensioenen resulteert in een meer geïntegreerde Europese kapitaalmarkt en een grotere interne markt voor pensioendiensten. Pensioenfondsen dienen macro-economische risico's te omarmen om zo een goed pensioen te kunnen aanbieden tegen redelijke kosten. EU-regulering moet fondsen daarom niet dwingen een gegarandeerd pensioen te leveren maar fondsen stimuleren om de risico's efficiënt te delen tussen de deelnemers en transparant te communiceren over de daaruit volgende risico's voor individuele deelnemers. Verplichte deelname aan pensioenfondsen die geen beroep kunnen doen op bedrijven als risicodragers, kan bijdragen aan betere risicodeling tussen generaties. Deze collectieve pensioenfondsen kunnen ook een belangrijke rol spelen als een betrouwbare partner van financieel analfabete consumenten. De aard en omvang van de optimale collectiviteiten hangen af van de specifieke institutionele situatie in elk EU-land. Vanwege de institutionele verscheidenheid bij het aanpakken van allerlei imperfecties op de markt voor pensioenen moet de EU terughoudend zijn met het afdwingen van vrije keuze van individuen voor een aanbieder van pensioendiensten. (B30138)
- Vliet, O. van; Been, J.; Caminada, K.; Goudswaard, K., Pension reform and income inequality among the elderly in 15 European countries
Leiden : Universiteit Leiden, 2011. 29 p.
Research memorandum 2011. 03
Aandacht voor inkomensongelijkheid en pensioenliteratuur door empirische analyse van verdeeleffecten bij de overgang van publieke naar private pensioenvoorzieningen in 15 Europese landen in de periode 1995-2007. Er wordt geen empirisch bewijs gevonden dat dit leidt tot meer inkomensongelijkheid of armoede onder ouderen. (B30127)
- OECD; Intern. Org. of Pension Supervisors, OECD/ IOPS Good practices for pension funds' risk management systems
[Parijs] : OECD, 2011.
Gezamenlijk door OECD en IOPS ontwikkeld, hebben deze 'good practices' tot doel de voornaamste kenmerken te schetsen van systemen voor risicobeheer die pensioenfondsen gebruiken. Ze hebben betrekking op de rol van het management, beleggingsrisico's, financierings- en operationele risico's en mechanismen van risicomanagement. Zij bieden ook een leidraad voor wetgevers en toezichthouders op pensioenfondsen over hoe te controleren dat dergelijke systemen niet alleen beschikbaar zijn, maar ook effectief zijn. (B29566)
- IMF; Impavido, G., Stress tests for Defined Benefit Pension Plans : a primer
Washington : IMF, 2011.
IMF working paper, nr. WP/11/29
Stresstesten is een nuttig en steeds populairder, maar soms verkeerd begrepen, methode om het herstellingsvermogen van financiële systemen op tegenvallende gebeurtenissen te analyseren. De paper beoogt de misvattingen rondom stresstesten recht te zetten en hun sterke- en zwakke punten te illustreren. (B29554)
- Forschungsinst. zur Zukunft der Arbeit; Croix, D. de la; Pierrard, O.; Sneessens, H. R., Aging and pensions in general equilibrium : labor market imperfections matter
Bonn : IZA, 2010. 32 p.
IZA DP, nr. 5276
De paper onderzoekt opnieuw de effecten van de vergrijzing en pensioenhervormingen in een generatie overlappend model met arbeidsmarktfricties. Het belangrijkste kenmerk veroorzaakt door de arbeidsmarktfricties is de verbinding tussen de rente en de werkloosheid. Exogene schokken (zoals vergrijzing) leidt tot lagere rente. Dit betekent ook een lagere evenwicht in de werkloosheidscijfers omdat lagere kapitaalkosten de vraag naar arbeid stimuleren en ertoe leidt dat ondernemingen meer vacatures hebben. Deze effecten kunnen worden versterkt door een toename in de arbeidsparticipatie van oudere werknemers, veroorzaakt door de hogere lonen en de grotere kans op het vinden van een baan. (B29253)
- Australian Centre for Financial Studies; Mercer, Melbourne Mercer global pension index
Melbourne : Australian Centre for Financial Studies, 2010. 68 p.
De Melbourne Mercer Global Pension Index vergelijkt pensioenstelsels in 14 landen. Voor het tweede opeenvolgende jaar komt het Nederlandse pensioenstelsel, AOW én aanvullend pensioen, als beste uit de bus. Deze toppositie is echter nog steeds niet voldoende voor een zg. A-grade classificatie (score boven de 80). De indexwaarde van Nederland steeg van 76,1 in 2009 tot 78,3 in 2010 onder andere door de in het regeerakkoord opgenomen verhoging van de AOW-leeftijd. Zwitserland staat op de tweede plaats en Zweden op de derde. Volgens het rapport kan het Nederlandse systeem nog worden verbeterd door: Het stimuleren van zelfstandig sparen ten behoeve van pensionering; De arbeidsparticipatie van oudere werknemers te verhogen; Te voorzien in een betere bescherming van opgebouwde pensioenaanspraken in het geval van fraude of mismanagement. (B29193)
- OECD, OECD principles of occupational pension regulation : methodology for assessment and implementation
Parijs : OECD, 2010.
Vergrijzing van de bevolking heeft ertoe geleid dat in veel OESO-landen een breed scala van pensioenhervormingen heeft plaatsgevonden. De OECD Core Principles hebben betrekking op zeven terreinen: i) Voorwaarden voor effectieve regulering en toezicht;, ii) Vaststelling van pensioenregelingen, pensioenfondsen, en het beheer van pensioenfondsen; iii) Pensioenverplichtingen van de regeling, financieringsvoorschriften, liquidatie, en verzekering; iv) Asset Management; v) rechten van deelnemers en begunstigden en de toereikendheid van uitkeringen; vi) Governance, en vii) Toezicht. Elk van de zeven fundamentele beginselen bestaat uit een hoofdtekst en een set van richtsnoeren voor de tenuitvoerlegging. De in het boek gepresenteerde methodologie biedt een gestructureerde aanpak voor het evalueren van de jurisdictie van een systeem van bedrijfspensioenregelgeving in relatie tot de OECD fundamentele principes van bedrijfspensioenregelgeving. (B29070)
- Federaal Planbureau; Vil, G., De Belgische eerstepijlerpensioenen aan de vooravond van de vergrijzing : doorlichting van bedragen, gerechtigden en adequaatheid
Brussel : Federaal Planbureau, 2010.
Working Paper, 04-10
De paper brengt het huidige wettelijke pensioensysteem in België in kaart. Het bevat een beschrijving van de Belgische eerstepijlerpensioenen op basis van statistieken over de uitbetaalde pensioenen. Enerzijds geeft de studie een stand van zaken van de gerechtigden en hun gemiddelde bedragen in 2008 en beschrijft het pensioenlandschap onder meer naar regeling, type (rust- of overlevingspensioen), geslacht en leeftijd. Anderzijds wordt ook de adequaatheid of doelmatigheid van de eerstepijlerpensioenen in termen van het bereiken van sociale doelstellingen onderzocht. Onderzocht wordt of het wettelijke pensioensysteem in staat is de gepensioneerden een adequaat, of toereikend, inkomen te verschaffen. (B28760)
- European Fed. for Retirement Provision, Beyond the crisis - workplace pensions : Barroso II 2010 - 2014
Brussel : EFRP, 2010.
In de paper geeft de European Federation for Retirement Provision (EFRP) een uiteenzetting van zijn visie voor de nieuwe Europese Commissie. De EFRP roept de commissie op om het pensioenbeleid holistisch te benaderen. De paper moet gezien worden als een antwoord op de oproep van voorzitter Barroso in zijn politieke richtlijnen om het pensioenbeleid een prominente plek te geven op de EU-agenda. (B28582)
- ETUI; Streissler, A., Public and private pensions: lessons from the crisis
Brussel : ETUI, 2009.
ETUI policy brief, issue 6/2009
Beschouwing over de lessen die uit de crisis kunnen worden getrokken voor zowel publieke als de private pensioenen. Private pensioensystemen zijn net als de publieke pensioensystemen afhankelijk van voldoende economische groei en gevoelig voor demografische veranderingen. In tegenstelling tot publieke systemen, zijn private systemen zeer gevoelig voor risico's met betrekking tot de financiële markten. (B28417)
- Europese Cie, Pension schemes and pension projections in the EU-27 member states 2008-2060
Luxemburg : EG, 2009.
European economy, occasional papers, nr. 56
Overzicht van pensioenschema's en -modellen in verband met vooruitzichten door de Europese commissie en de Economische Beleids Commissie. Er wordt bijgedragen aan de vergelijking van de pensioenvooruitzichten van de verschillende lidstaten en het transparant en beter begrijpelijk maken van land-specifieke beschrijvingen van pensioensystemen en modellen. (B28392)
- Aegon Global Pensions; Tans, M. J., Building pensions for the future : making promises you can keep
Edinburgh : Aegon, 2009.
Het witboek gaat in op de gevolgen van de wereldwijde economische crisis op de multinationale ondernemingen met Defined Benefit (DB) en Defined Contribution (DC) plannen, en kijkt naar de toekomst van de corporate pensioenen. Er worden praktische oplossingen en handige richtlijnen voorgesteld voor multinationale ondernemingen die robuuste en duurzame pensioenstelsels willen bouwen. (B28361)
- Sociale Verzekeringsbank; Abdoelbasier, N.; Everdingen, M. van, Reisgids naar een verhoging van de pensioenleeftijd
[Amstelveen] : SVB, 2009.
Veranderingen in regelingen vragen per definitie om een goede uitleg aan de burger. En om tijd om te wennen. De SVB onderzocht hoe de verhoging van de pensioenleeftijd over de grens verloopt. Daarbij zijn de invoeringspaden van 13 Europese landen in kaart gebracht. Zowel de termijn als de scenario’s zijn zeer uiteenlopend, zo is gebleken. Bij het onderzoek is ook gekeken naar het overgangsrecht rondom de verhoging van de pensioenleeftijd. Belangrijkste conclusie is dat ingrijpen in sociale zekerheid mag, maar goed moet worden gemotiveerd en gepaard moet gaan met goed overgangsrecht. Hoe ga je om met mensen die al een uitkering hebben? Daarop blijkt het eigendomsrecht van toepassing. De rechter toetst dit aan de hand van drie criteria. Daarbij is vooral belangrijk dat mensen voldoende tijd krijgen om zich in te stellen op de nieuwe situatie. (B28367)
- Europese Cie, Longer working lives through pension reforms
Luxemburg : EG, 2009.
Rapport naar aanleiding van twee Europese studies over het bevorderen van een langer arbeidzaam leven door middel van pensioenhervormingen. De eerste studie keek naar flexibiliteit in de pensioengerechtigde leeftijd en hoe vroegpensionering, uitgesteld pensioen en deeltijdpensioen zijn geregeld. De studie verzamelde ervaringen uit de lidstaten over hoe flexibele pensionering bijdraagt aan een langer beroepsleven. De tweede studie richtte zich op de paden van vervroegde uittreding uit de arbeidsmarkt. Het onderzocht hoe regelingen voor vervroegde uittreding, uitkeringen bij arbeidsongeschiktheid en nabestaanden- of particuliere pensioenen het pensioengedrag beïnvloeden. Deze brochure geeft een overzicht en een samenvatting van de twee studies en weerspiegelt hun belangrijkste conclusies. (B28295)
- Europese Cie, 2009 Ageing report : economic and budgetary projections for the EU-27 member states (2008-2060)
Luxemburg : EG, 2009.
European economy, 2009, nr. 2
Het rapport presenteert de geplande uitgaven voor pensioenen, gezondheidszorg, langdurige zorg, onderwijs en werkloosheid voor alle lidstaten. Voorts is een hoofdstuk opgenomen op de totale kosten van de vergrijzing en de mogelijke invloed hiervan op de huidige economische crisis. De statistische bijlagen geven overzichten per lidstaat en bevatten onder meer: een overzicht van de pensioensystemen in de lidstaten, de regels voor indexering van pensioenen, gegevens over de invloed van technologie op de uitgaven in de gezondheidszorg, en de uitgaven aan werkloosheid per lidstaat. (B28190)
- Mercer; Melbourne Centre for Financial Studies, Melbourne Mercer global pension index
Melbourne : Mercer, 2009.
In het onderzoek van het Melbourne Centre for Financial Studies en Mercer komt het Nederlandse pensioenstelsel als beste uit de bus. Met name op punten als adequaatheid, houdbaarheid en integriteit scoorde het stelsel goed. Het Nederlandse pensioensysteem, de combinatie van AOW en aanvullend pensioen, behaalt in het onderzoek een indexcijfer van 76,1 uit een mogelijke score van 100. De index is gebaseerd op meer dan 40 indicatoren die de karakteristieken van een pensioensysteem in kaart brengen. Deze karakteristieken zijn verdeeld in drie groepen: adequaatheid, houdbaarheid en integriteit. Nederland scoort het beste in adequaatheid van het systeem en het inkomen dat het systeem biedt na pensionering. Ook is in Nederland het vertrouwen in het pensioenstelsel groter dan in alle andere landen die werden onderzocht. In totaal werden elf landen aan het onderzoek onderworpen (Australië, Canada, Chili, China, Duitsland, Japan, Nederland, Singapore, Zweden, Groot-Brittannië, en de VS. Het rapport geeft wel een aantal verbeterpunten voor het Nederlandse systeem, o.a. : Verhoging van de AOW-leeftijd, in verband met een stijgende levensverwachting; Stimuleren van zelfstandig sparen ten behoeve van pensionering. (B28192)
- Europese Cie; Arpaia, A.; Dybczak, K.; Pierini, F., Assessing the short-term impact of pension reforms on older workers' participation rates in the EU : a diff-in-diff approach
Brussel : EG, 2009.
European economy, Economic papers, nr. 385
De afgelopen tien jaar kende belangrijke veranderingen in de Europese pensioenstelsels. De paper geeft een uitgebreid overzicht van de hervormingen in de EU die tussen 1990 en 2006 plaatsvonden. Met behulp van informatie die over 27 EU-landen m.b.t. deze periode beschikbaar is, worden de pensioenhervormingen geclassificeerd in fundamentele, niet-fundamentele en vervroegde uittredings hervormingen. Verder worden de korte-termijn-effecten van pensioenhervormingen op de participatiegraad van individuen in de leeftijdsgroep tussen 50 en 64 jaar beoordeeld. (B28132)
- OECD, Pensions at a glance 2009 : retirement-income systems in OECD countries : preliminary version
Parijs : OECD, 2009.
Het pensioen- en uittredingsbeleid is in de afgelopen jaren veranderd. Regeringen hebben geprobeerd een evenwicht te vinden tussen de doelstellingen van een toereikend pensioeninkomen en de financiële houdbaarheid van de pensioenstelsels op lange termijn met het oog op de vergrijzing. Pensions at a Glance 2009 biedt een samenhangend kader voor de vergelijking van het pensioenbeleid van de verschillende landen. Het eerste deel van het rapport bespreekt de gevolgen van de huidige financiële en economische crisis op de pensioenstelsels. Welke landen en individuen worden het meest getroffen? Wat kunnen overheden doen om te helpen en welk beleid moeten ze vermijden? Vervolgens gaat het rapport in op inkomens en armoede bij ouderen, door te kijken naar de ontwikkelingen in de afgelopen twee decennia. In veel landen is de positie van gepensioneerden verbeterd ten opzichte van de bevolking als geheel, maar oudedagsarmoede blijft bestaan. Verder bevat het rapport een update van de analyse van de pensioenhervormingen. Hoe zijn de pensioenstelsels veranderd in de periode 2004-2008? Tot slot gaat deel I in op de dekking van vrijwillige particuliere pensioenen. Tevens beoordeelt het verschillende beleidsmaatregelen om de dekking uit te breiden. Deel II van het rapport gaat in op indicatoren van pensioenbeleid. Deel III tot slot bevat landenstudies. (B27930
- DNB; Dreu, J. de; Bikker, J., Pension fund sophistication and investment policy
Amsterdam : DNB, 2009.
De paper beoordeelt de verfijning van het investeringsbeleid van pensioenfondsen en maakt daarvoor gebruik van gegevens over 748 Nederlandse pensioenfondsen tijdens de periode van 1999-2006. Er worden drie indicatoren van verfijning ontwikkeld: bruto afronding van de investeringskeuzes, de investeringen in alternatieve geavanceerde activacategorieën en 'home bias'. (B27893)
- European Network of Economic Policy Research Institutes; CEPS; Borella, M.; Fornero, E., Adequacy of pension systems in Europe : an analysis based on comprehensive replacement rates
Brussel : ENEPRI, 2009.
ENEPRI Research report, nr. 68; AIM WP 9
Het doel van deze paper is het ontwikkelen van indicatoren om de capaciteit van verschillende nationale pensioensystemen te benadrukken om individuen hun levensstandaard op het moment van pensionering te kunnen laten handhaven. De onderzoekers hebben voor het uitvoeren van de analyse gebruik gemaakt van gegevens en prognoses over de verschillende Europese landen en stellen het gebruik voor van een COmprehensive Replacement’ (CORE) rate'. (B27895)
- European Network of Economic Policy Research Institutes; CEPS; Draxler, J.; Mortensen, J., Towards sustainable but still adequate pensions in the EU theory, trends and simulations
Brussel : ENEPRI, 2009.
ENEPRI research report, nr. 67
Dit rapport is een samenvatting van het onderzoeksproject "Adequacy and Sustainability of Old-Age Income Maintenance" (AIM) die state-of-the-art toevoegingen doet aan het debat over de EU pensioenhervormingen. Het rapport beoordeelt de situatie van de huidige gepensioneerden en biedt inzichten in de toekomstige ontwikkelingen en beleidsopties voor het veilig stellen van voldoende inkomen voor de EU-gepensioneerden. (B27894)
- OECD; Antolin, P.; Stewart, F., Private pensions and policy responses to the financial and economic crisis
Parijs : OECD, 2009.
OECD Working Papers on Insurance and Private Pensions, Nr. 36
Dit werkdocument bespreekt de reacties op de huidige financiële en economische crisis van regelgevers, toezichthouders en beleidsmakers op het gebied van particuliere pensioenen. Het richt zich op de rol van private pensioenen in aanvulling op publieke systemen en op het ontwerpen van pensioenstelsels door het invoeren een zekere mate van bescherming, de verbetering van de duurzaamheid van de financiering, versterking van beheer en toezicht, en intensivering van informatievoorziening en communicatie. (B27814)
- OECD, Private pensions outlook 2008
Parijs : OECD, 2009.
OESO toekomstverkenning voor wat betreft private pensioenen. Deze editie bevat een apart hoofdstuk over de gevolgen van de financiële crisis voor de private pensioenen. Verder zijn analyses opgenomen van private pensioenregelingen in zowel OESO-landen als een aantal geselecteerde niet-OESO-landen. De publicatie richt zich op de rol van de pensioenfondsen, en gaat in op de pensioenreservefondsen. het tweede deel van de publicatie bevat landenprofielen. De OESO beveelt beleidsmaatregelen aan die in lijn zijn met de lange termijn horizon van private pensioenen. In het bijzonder pleit ze voor het gebruik van publieke vangnetten om de gevolgen van de crisis op te vangen. De OESO vraagt ook om structurele veranderingen in de wijze waarop private pensioenen worden beheerd, gereguleerd en gesteund. (B27583)
- Intern. Financial Services London, Pension markets 2009
Londen : IFSL, 2009.
Als gevolg van de recessie daalde de totale waarde van de pensioen activa beheerd wereldwijd, met 18% tot een geschatte $ 25 biljoen in 2008 van $ 30,4 biljoen in 2007. Het rapport geeft allereerst een overzicht van de ontwikkelingen in de internationale pensioenmarkt in 2008, gevolgd door een bespreking van de structuur en de trends. Het rapport geeft verder een overzicht van de factoren die de pensioenhervormingen wereldwijd veroorzaken en het uitgevoerde beleid. Voorts zijn cijfers opgenomen over de ontwikkelingen in Verenigd Koninkrijk en worden de belangrijkste uitdagingen met betrekking tot de financiering van pensioenen in het Verenigd Koninkrijk besproken. (B27562)
- European Network of Economic Policy Research Institutes; CEPS; [et al.], What are the consequences of the AWG-projections for the adequacy of social security pensions?
Brussel : ENEPRI, 2009.
ENEPRI Research Reports, nr. 65. AIM, WP4
Europa wordt de komende decennia geconfronteerd met belangrijke demografische veranderingen. Veranderingen met belangrijke economische en budgettaire gevolgen. Het Economic Policy Committee (EPC) heeft de Ageing Working Group (AWG) opgericht, welke onder meer tot taak heeft de houdbaarheid van de openbare financiën op lange termijn te beoordelen. Deze werkgroep doet dit door een reeks van openbare prognoses voor alle lidstaten, met inbegrip van de pensioenen. Deze prognoses zijn gebaseerd op de demografische voorspellingen van Eurostat en overeengekomen veronderstellingen over de belangrijkste economische variabelen. In het kader van een Europees zesde kaderprogramma gefinancierd project genaamd AIM (Adequacy of Old-Age Income Maintenance in the EU), is het dynamische microsimulatie model MIDAS ontwikkeld voor België, Duitsland en Italië. Dit rapport geeft een gedetailleerde beschrijving van het model MIDAS. vervolgens presenteert en bespreekt het simulatie-resultaten voor België, Duitsland en Italië. Tot slot resulteren de simulatie-uitkomsten in twee alternatieve beleidsscenario's die worden gepresenteerd en besproken. (B27547)
- European Network of Economic Policy Research Institutes; CEPS; Coda Moscarola, F., Measuring the sustainability of pension systems through a microsimulation model
Brussels : ENEPRI, 2009.
ENEPRI Research Report, nr. 66. AIM WP 7.1
Veel landen hebben onlangs radicale hervormingen van hun pensioenstelsels doorgevoerd om de financiële houdbaarheid op de lange termijn te herstellen. Een van de maatregelen is de introductie van een actuarieel rechtvaardige pensioenregel. Een systeem met actuarieel rechtvaardige uitkeringen, zorgt niet alleen voor een eerlijke verdeling over individuen en generaties (d.w.z. het zorgt voor gelijke behandeling), maar is ook meer duurzaam op de lange termijn. In deze paper wordt Italië als case study genomen. En wordt een microsimulatie model gebruikt - een instrument wat in staat is om de actuariële billijkheid van de pensioenregeling te monitoren in een minder conventionele aanpak - voor het analyseren van het geleidelijk invoeren van de hervormingen en hun vermogen om de houdbaarheid op de lange termijn van het systeem te herstellen. (B27548)
- Committee of European Insurance and Occupational Pensions Supervisors, Survey on fully funded, technical provisions and security mechanisms in the European occupational pension sector
[Frankfurt am Main] : CEIOPS, 2008.
Inventarisatie van de stelsels van aanvullende pensioenen in alle lidstaten van de Europese Economische Ruimte. (B27529)
- OECD; World Bank, Pensions at a glance : Asia/Pacific edition
Parijs : OECD, 2009.
Veel Aziatische landen dienen hun pensioenstelsels te hervormen om te zorgen voor duurzame en voldoende pensioeninkomens voor de werknemers van vandaag. Het gezamenlijke OECD en Wereldbankrapport zegt, dat om zich voor te bereiden op de snelle vergrijzing van de bevolking voor de komende twee decennia, het van vitaal belang is om nu op te treden om toekomstige problemen en een herhaling van de gemaakte fouten in Europa en Noord-Amerika te voorkomen. Het rapport analyseert de systemen van pensioeninkomen van 18 Aziatische landen, waaronder China, India, Indonesië, Pakistan, de Filippijnen en Vietnam. (B27499)
- OECD, Complementary and private pensions throughout the world 2008
Parijs : OECD, 2008.
Naslagwerk met gedetailleerde informatie over de regelgeving en het toezicht op de vrijwillige en verplichte arbeidsgerelateerde pensioenregelingen, alsmede de verplichte particuliere pensioenregelingen in 58 landen wereldwijd. Elk landen profiel bevat informatie over het regelgevingskader, het institutionele kader, dekking, financiering / investeringen, voorzieningen, aanpassingen, arbeidsongeschiktheid, bescherming van de rechten, en de regelgevende en toezichthoudende instanties. (B27379)
- DNB; O'Donnell, O.; Teppa, F.; Doorslaer, E. van, Can subjective survival expectations explain retirement behaviour?
Amsterdam : DNB, 2008.
DNB Working Paper, nr. 188
Terwijl de levensverwachting is gestegen is de pensioenleeftijd gedaald in de meeste rijke landen. Dit vergroot de druk op de pensioenfondsen. Onderzoek van DNB wijst uit dat subjectieve levensverwachtingen van invloed zijn op de leeftijd waarop individuen met pensioen willen gaan. Individuen houden bij de timing van hun pensionering rekening met de stijgende levensverwachting. Hoe mensen gestemd zijn over hun eigen toekomst is daarbij belangrijk. De grootste pessimisten, die zeer somber zijn over hun levensverwachting, zijn het minst geneigd om met pensioen te gaan. Individuen die minder somber zijn over hun toekomst, gaan wat vroeger met pensioen. Althans, tot een bepaalde grens. De grootste optimisten gaan namelijk ook weer pas op latere leeftijd met pensioen. Het effect van levensverwachtingen op de leeftijd van pensionering staat los van de welstand, zo blijkt uit het onderzoek. Opmerkelijk is dat lager opgeleiden hun keuze voor pensionering beter afstemmen op hun levensverwachtingen dan de hoger opgeleiden. Subjectieve levensverwachtingen zullen er zeker voor mannen toe leiden dat de pensioenleeftijd zal toenemen. Dit zal in de toekomst de financiële druk op pensioenfondsen verlichten. (B27367)
- Munnell, A. H.; Sass, S., Working longer : the solution to the retirement income challenge
Washington : Brookings Institution Press, 2008.
In het boek wordt ingegaan op waar in de VS de grootste uitdaging ligt voor wat betreft het handhaven van voldoende pensioeninkomen. De meest effectieve oplossing ligt in het langer doorwerken door de beroepsbevolking. Door twee tot vier jaar langer door te werken zijn gepensioneerden in 2030 net zo goed af als de huidige generatie gepensioneerden. Het boek onderzoekt de vooruitzichten voor het verschuiven van de gemiddelde pensioenleeftijd van 63 naar 66. De auteurs vragen zich af of de toekomstige generaties van werknemers gezond genoeg zullen zijn om langer te werken dan de huidige pensioengerechtigde leeftijd, alsmede of ze daartoe bereid zullen zijn. Ze onderzoeken de motieven van bedrijven om oudere werknemers aan te nemen en vragen zich af wat de overheid kan doen ter bevordering van verdere deelname van ouderen aan de beroepsbevolking. Tenslotte gaan ze in op de uitdaging van het garanderen van een verzekerd pensioen voor werknemers met een laag inkomen en voor degenen die niet in staat zijn te blijven werken. Een paar extra jaren deel uit maken van de beroepsbevolking kan een groot verschil uitmaken. Door te blijven werken tot na je 65ste zullen de meeste werknemers in staat moeten zijn een redelijk comfortabel pensioen te ontvangen. Uitvoering van een dergelijke wijziging op grote schaal zal echter niet eenvoudig zijn. Het vereist denkwerk en planning van de kant van individuen, werkgevers en de overheid. In 'Working longer', leggen Munnell en Sass uit wat elk van deze groepen kan en moet doen om de Amerikaanse droom van het pensioen staande te houden. (B26941)
- Broeders, D.; Eijffinger, S.; Houben, A.; [et al.], Frontiers in pension finance
Cheltenham : Edward Elgar, 2008.
De bundel bevat de papers gepresenteerd op de gelijknamig conferentie die maart 2007 plaatsvond in Amsterdam. De conferentie en het boek zijn een gezamenlijk initiatief van DNB, Netspar en de internationale organisatie van pensioentoezichthouders IOPS. Het boek bevat een uitgebreid overzicht van de nieuwste inzichten op het gebied van financiering van pensioen, institutionele vormgeving van pensioensystemen, pension fund governance en risicogebaseerd pensioentoezicht. Bevat de volgende bijdragen: 1. An introduction to frontiers in pension finance; 2. Are market values fair?; 3. The intersection of pensions and enterprise risk management; 4. The victory of hope over angst? Funding, asset allocation and risk taking in German public sector pension reform; 5. Labour productivity in an aging society; 6. It is all back to front: Critical issues in the design of defined contribution pension plans; 7. Risk-based supervision of pension funds: A review of international experience and preliminary assessment of the first outcomes; 8. The ideal pension-delivery organization: Theory and practice; 9. Pension guarantees, Capital adequacy and international risk sharing; 10. Frontiers in pension finance and reform: Institutional innovation in the Netherlands; 11. Population aging, financial markets and monetary policy. (B26927)
- Adema, Y., The international spillover effects of ageing and pensions : proefschrift Universiteit van Tilburg
Tilburg : Center, 2008.
Center dissertation Series
Veel westerse landen krijgen de komende decennia te maken met vergrijzing. De economische effecten daarvan verschillen echter van land tot land. Yvonne Adema onderzocht hoe landen met verschillende pensioenstelsels die in reactie op de vergrijzing ook verschillend spaargedrag zullen vertonen, elkaar beïnvloeden via kapitaalmarkten. Zeker in Europa, waar de landen met de euro hun kapitaalmarkt volledig hebben geïntegreerd, zullen de verschillende lidstaten merkbaar de gevolgen ondervinden van de wijze waarop andere lidstaten hun pensioenstelsel hebben ingericht of van de pensioenhervormingen die in het licht van de vergrijzing worden uitgevoerd. Landen met een groot kapitaalgedekt pensioensysteem zoals Nederland, waarbij mensen sparen voor hun oude dag, krijgen op termijn last van landen in de Economische en Monetaire Unie (EMU) die een omslagstelsel hanteren. Dat komt, analyseert Adema, doordat de besparingen in 'kapitaalgedekte' landen bij vergrijzing sterker stijgen dan in landen met een omslagstelsel zoals Italië en Duitsland, zodat per saldo een kapitaalstroom naar deze laatste landen resulteert. Bovendien lopen de kosten van de pensioenen in 'omslaglanden', waar de werkende beroepsbevolking de pensioenen van de ouderen betaalt, sterk op als door vergrijzing het aantal pensioengerechtigden stijgt ten opzichte van het aantal werkenden. Als deze landen overheidsschuld gebruiken om de kosten van vergrijzing op te vangen, zullen de 'kapitaalgedekte' landen voor een deel van de kosten opdraaien. Als de overheidsschuld erg hoog is, kan dat namelijk tot inflatie leiden, met directe gevolgen voor de rest van de gemeenschappelijke kapitaalmarkt. Volgens Adema is het daarom zaak dat alle landen in de EMU zich houden aan het Stabiliteits- en Groei Pact. Ook dient de Europese Centrale Bank onafhankelijk, geloofwaardig en transparant te zijn. Om de houdbaarheid van publieke omslagstelsels te verbeteren, wordt vaak voorgesteld om deze pensioensystemen te hervormen en naar een meer kapitaalgedekt stelsel over te stappen. Adema toont in haar proefschrift echter aan dat dit negatieve gevolgen kan hebben voor kapitaalgedekte landen binnen de gemeenschappelijke kapitaalmarkt. Daarom pleit de econome voor enige coördinatie of zelfs centralisatie van de besluitvorming over pensioenhervormingen. (B26896)
- Welder, E., How do people react to freedom of choice in the pension domain? : insight from behavioral economics
Amstelveen : SVB, 2007. 25 p.
Bachelor Thesis, International Economics and Finance, Universiteit van Tilburg, nr. 2006/07
Welders studie handelt over de vraag hoe mensen reageren op keuzevrijheid binnen het pensioendomein. De scriptie gaat in op de baten van grotere keuzevrijheid in het Nederlandse pensioenstelsel en wat dit betekent voor de door de SVB ondersteunde gedachte van een zogenaamde burgerpolis. Terwijl de klassieke economische theorie argumenten geeft voor meer keuzemogelijkheden, toont de recentere gedragseconomische stroming dat mensen niet altijd in staat zijn de goede keuzes te maken. Welder betoogt daarom dat de burgerpolis aan het individu aangepaste standaarden zou moeten bieden met de mogelijkheid daarvan af te wijken. (B26148)
- Europese Cie, Joint report on social protection and social inclusion (2007) : Social inclusion, pensions, healthcare and long term care
Luxemburg : Europese Cie, 2007. 418 p.
Voor het eerst hebben de lidstaten integrale rapporten uitgebracht over sociale zekerheid, pensioenen, gezondheidszorg en langdurige zorg. Dit tegen de achtergrond van demografische veroudering en intensieve globalisering. Vooral aandacht krijgen: armoede, scholing en schoolverlaters en arbeidsmarktintegratie voor kansarmen. (B26208)
- Moss, P. ; O'Brien, M., International review of leave policies and related research 2006
Londen : Dep. of trade and industry, 2006.
Employment relations research series, no. 57
Overzicht van beleid met betrekking tot pensionering en gerelateerd onderzoek in 22 landen. En discussies die gehouden zijn op het International leave policy and related network seminar in Londen (nov 2005). Het netwerk bestrijkt beleid voor ouders en anderen met zorgverantwoordelijkheden en andere zaken. Maar veel aandacht wordt vooral besteed aan de zorg voor kinderen. (B26265)
- Europese Cie, Pension systems, ageing and the stability and growth pact
Brussel : Europese Cie, 2007.
European Economy, economic papers, nr. 289
Onderzocht wordt hoe het groei- en stabiliteitspact het hoofd kan bieden aan de kosten van de vergrijzing van de bevolking in de Europese Unie. Duidelijk is dat de vergrijzing landen heeft gedwongen om hun pensioensystemen te hervormen, en dit zullen zij blijven doen, zowel door het verminderen van de vrijgevigheid van pensioenvoorzieningen als door het omschakelen naar financiering, in plaats van zich te baseren op pay-as-you-go pensioenvoorzieningen. Onderzocht wordt hoe dergelijke hervormingen de ruimte voor het naleven van het Pact beïnvloeden, maar ook hoe het Pact de stimulansen tot hervormingen beïnvloedt of belemmert. (B26319)
- Europese Cie, Pension schemes and projection models in EU-25 member states
Luxemburg : EG, 2007. 378 p.
European economy, occasional papers, nr. 35
De publicatie bespreekt de openbare pensioenregelingen en de pensioenmodellen die worden gebruikt voor de projecties uitgevoerd door de Economic Policy Committee van de Europese Commissie op leeftijdsgerelateerde uitgaven in 2005. De pensioenregelingen zijn beschreven zoals zij van kracht waren in 2005, met inbegrip van de effecten van de pensioenhervormingen van halverwege 2005. Het eerste deel van het rapport bevat een samenvatting. Deel II bevat landenhoofdstukken. Per lidstaat wordt ingegaan op de pensioenregeling in het betreffende land. (B26593)
- Hoevenaars, R. P. P. M., Strategic asset allocation and asset liability management : proefschrift Universiteit Maastricht
Maastricht : Roy Hoevenaars, 2008.
Institutionele vermogensbeheerders wereldwijd beleggen miljarden Euro’s namens vele mensen voor hun pensioen. Dit proefschrift beschouwt belangrijke onderwerpen voor dergelijke lange termijn beleggers, zoals het bepalen van de beleggingsmix, horizon effecten in beleggingsrisico’s, de verschillen tussen pensioenfonds beleggers en 'gewone' lange termijn beleggers en de toegevoegde waarde van alternatieve beleggingen zoals grondstoffen en hedge fondsen. Daarnaast geeft het proefschrift inzicht in de relaties tussen verschillende generaties in het pensioencontract. Het proefschrift sluit af met 10 lessen voor lange termijn beleggers en asset liability management (ALM, het integrale beheer van het vermogen en de verplichtingen op de balans van een instelling). (B26553)
- Henriquez, J. M., Liberalisering van de Europese pensioenmarkt : de noodzaak van een alternatief uitvoeringsmodel in Nederland
[Tilburg] : Celcus, 2007. 114 p.
Volgens de Nederlandse regering vormen ontwikkelingen binnen de Europese Unie een bedreiging voor de manier waarop in ons land het aanvullend pensioen collectief is georganiseerd. In dit boek wordt op deze dreiging gereageerd. Geconstateerd wordt dat cruciale onderdelen van ons pensioenmodel (zoals verplichtstelling, domein- en productafbakening) ruimte hebben behouden binnen de Brusselse ambities. Zij worden immers beschermd door jurisprudentie, richtlijnen en verdragen. Een echte bedreiging is de ‘pensioenrichtlijn’ dus niet. Desondanks wil de regering een Algemene Pensioeninstelling (API) introduceren. Dit nieuwe uitvoeringsmodel zou slagvaardiger kunnen opereren in een concurrerende Europese markt voor bedrijfspensioenfondsen. Volgens de auteur zijn er echter nog veel zaken die moeten worden opgehelderd voordat de API kan worden geïntroduceerd. Ook de voordelen voor bedrijfstakpensioenfondsen zijn niet evident. Bevat de volgende hoofdstukken: Het Nederlandse pensioenstelsel; Europese ambities ten aanzien van bedrijfspensioenfondsen; Jurisprudentie van het Hof van Justitie EG; Taakafbakening; Huidige uitvoeringsmodel vs. alternatieve modellen; Slotconclusies en aanbevelingen. (B26446)
- Muralidhar, A.; [et al.], Reforming European pension systems
Amsterdam : Dutch University Press, 2006.
Essays en proceedings van de conferentie van het Luxemburg Institute for European and International Studies over pensioenhervormingen in Europa. Het boek is tevens bedoeld als eerbetoon aan de winnaar van de Nobelprijs voor economie in 1985, Franco Modigliani. De publicatie bevat de volgende bijdragen: essays en proceedings: In memory of Franco Modigliani; Remembering Franco Modigliani and saving social security; Pension reform in Europe: some observations on Franco Modigliani's contribution; Redistribution and solidarity in the Spanish pension system; Social security reform in Spain; Intergenerational and economic impacts of a pension reserve fund: the French case; Social security and the well-being of the elderly. Three concepts of generosity; World bank pension reforms and development patterns in the world system and in 'Wider Europe'; The transition from PAYGO to funding: application to Luxemburg private sector pension system; memorial lecture: the open legacy of Franco Modigliani and European pension reform; Working with Franco Modigliani; Session 1: The state we are in. Present and future challenges to the viability of the European pension system; Session 2: Debating Franco Modigliani's ideas. Financing present and future pensions; PAYGO, privatization or risk sharing through a common portfolio; Session 3: Pension reform in Europe, lessons and outlook; Session 4: Pension reform in Luxemburg. Where are the alternatives? (B25804)
- ESVLA; [et al.], Early and phased retirement in European companies
Dublin : ESVLA, 2007.
Onderzoek naar gefaseerde en vroege pensionering in Europa. Onderzocht wordt het institutionele kader van dergelijke regelingen. Daarnaast wordt gekeken welke factoren vroegpensioen en gefaseerde pensionering beïnvloeden, de beschikbaarheid van dergelijke regelingen en het gebruik dat er van wordt gemaakt. (B25752)
- Europese Cie; Salomäki, A., Public pension expenditure in the EPC and the European Commission projections : an analysis of the projection results
Brussel : EG, 2006.
European economy, economic papers, nr. 268
De publicatie bespreekt het in 2005 uitgevoerde toekomstverwachtingenonderzoek van het Economic Policy Committee (EPC) en de Europese Commissie met betrekking tot leeftijd afhankelijke uitgaven. Met name wordt gekeken naar de verwachtingen met betrekking tot de uitgaven voor pensioenen. Het rapport analyseert de timing van de verwachte veranderingen op dit gebied en de stuwende factoren achter de verhoging van de pensioenuitgaven, alsmede de gevoeligheid van de voorspellingen voor bepaalde economische en demografische veronderstellingen. De publicatie beoogt een meer diepgaand begrip te kweken voor de ontwikkeling van de verwachte pensioenuitgaven en bij te dragen aan het debat over de houdbaarheid van de openbare financiën. (B25535)
- Jousten, A.; IMF, Public pension reform : a primer
Washington : IMF, 2007.
IMF Working Paper, nr. WP/07/28
De paper gaat in op een aantal pensioenthema's en de vormgeving en hervormingen van pensioenstelsels wereldwijd. De publicatie verwijst naar het recente debat in de VS over de hervormingen van de sociale voorzieningen in het algemeen, en het voorstel voor het geprivatiseerde model 'Personal Retirement Accounts' in het bijzonder. Nadruk wordt gelegd op annuïteit en het nemen van risico's in de economie. De publicatie signaleert een aantal tekortkomingen van de voorgestelde maatregelen met betrekking tot de doelstellingen van uitvoerbaarheid van het systeem en individuele financiële zekerheid tijdens pensionering. (B25502)
- Starink, B.; [et al.], Pensioenkwalificatie in internationale verhoudingen
Tilburg : Un. v Tilburg, 2006.
Brochures toekomstvoorzieningen, deel 3
Onderzoek naar het verschil in belastbaarheid van overheidspensioenen en particuliere pensioenen in internationaal verband. De verdeling van heffingsrechten wordt beheerst door de regels in het bilaterale verdrag tussen de bron- en woonstaat. In de praktijk is gebleken dat er in veel situaties teveel grijze gebieden zijn. (B25495)
- Europese Cie, Adequate and sustainable pensions : synthesis report 2006
Luxemburg : EG, 2006.
Tweede rapport over toereikende en duurzame pensioenen in de Europese Unie. Het rapport geeft een overzicht van de recente ontwikkelingen op het gebied van pensioenhervormingen in de EU. Het tweede deel van het rapport gaat in op aspecten van sociale uitsluiting, levensstandaard, solidariteit, arbeidsparticipatie, verlenging van het arbeidzaam leven, de houdbaarheid van pensioenstelsels in relatie tot de openbare financiën, de balans tussen de bijdrage aan het profijt van pensioen, en de modernisering van het pensioenstelsel. Het derde en laatste deel van het rapport bevat landenstudies waarin de pensioensituatie per land wordt beschreven (België, Tsjechië, Denemarken, Duitsland, Estonia, Griekenland, Spanje, Frankrijk, Ierland, Italië, Cyprus, Letland, Litouwen, Luxemburg, Hongarije, Malta, Nederland, Oostenrijk, Polen, Portugal, Slovenië, Slowakije, Finland, Zweden, Groot-Brittannië). (B25450)
- Europese Cie; Beetsma, R.; Bovenberg, A. L., Pension systems, intergenerational risk sharing and inflation
Brussel : EG, 2006.
European economy, economic papers, nr. 257
Door de vergrijzing staat in ieder land de sociale zekerheid onder financiële druk. Gevolg is dat er in veel landen hervormingen plaatsvinden. Veel landen gaan van een omslagstelsel (Pay as you go) systeem naar een meer op fondsen gebaseerd systeem. Tegelijkertijd worden 'defined benefit' systemen, waarbij de opbrengsten gegarandeerd zijn, vervangen door 'defined contribution' sytemen, waarbij de opbrengsten aan zekere risico's onderhevig zijn. Het rapport onderzoek de risicodeling tussen generaties in een twee pijler pensioensysteem. Waarbij de eerste pijler bestaat uit een omslagstelsel en de tweede pijlergebaseerd is op pensioenfondsen (defined contribution of defined benefit). (B25280)
- Clark, G. L.; Munnell, A. H.; [et al.], Oxford handbook of pensions and retirement income
Oxford : Oxford University Press, 2006.
Handboek op het gebied van pensioenen. Bevat de volgende bijdragen. Introductie: The agenda; Pension and retirement income in a global environment. Deel I. Retirement in context, creating modern retirement: The history of retirement; The development of public pensions from 1889 to the 1990s; The development of employer retirement income plans, from the nineteenth century to 1980; Changing work patterns and the reorganization of occupational pensions; Gender, the family, and economy; Social solidarity. The economic context: Demography and ageing; Life-cycle options and preferences; Funding, saving, and economic growth. Deel II. Public retirement plans: State old-age pension programs: Structure and performance of defined benefit schemes; The structure and performance of mandated pensions; Actuarial-based public pension systems. Entitlements and pensions: Citizenship, entitlement, and mobility; Early retirement; Meeting health and long-term care needs in retirement. Deel III. Employer-sponsored retirement plans. Structure of employer-sponsored pensions: Employer-sponsored plans, the shift from defined benefit to defined contribution; Organized labor and pensions; Corporate finance and capital markets. Pension plan investments: Asset liability management; Strategic asset allocation for pension plans; Pension fund management and investment performance. Pension plan governance: Regulation of pension fund governance; Regulatory principles and institutions; Accounting standards for pension costs. Deel IV. Individual and household retirement provision. Individual pensions, insurance, and saving: Occupational pension scheme design; Annuity markets; Personal pensions and markets. Individual and household retirement planning: Choice, behaviour, and retirement saving; Housing wealth and retirement savings; The elderly and ethical financial decision-making. Deel V. Looking ahead. Prospective models: Structural pension reform - privatisation - in Latin America; Private pensions and public policy - the public private divide reappraised; Unending work. Challenges: Productivity, compensation and retirement; Poverty and inequality; The politics of pension reform - managing interest group conflicts. Emerging economies: Pensions for development and poverty reduction; Retirement income systems in Asia; Pensions in Africa. Coda: Sustainable and equitable retirement in a life course perspective. (B25251)
- CEPR; Boeri, T.; Bovenberg, L.; [et al.], Dealing with the new giants : rethinking the role of pension funds
Londen : CEPR, 2006.
Geneva reports on the world economy, nr. 8
Pensioenfondsen zijn de grootste institutionele investeerders op de financiële markten aan het worden. Pensioenfondsen kunnen ook innovatie en economische groei stimuleren. Pensioenfondsen opereren echter vaak in een omgeving die wordt gekenmerkt door ernstige marktonvolmaaktheden (o.a. onvoldoende opgeleide investeerders en managers). Deze publicatie gaat in op een aantal controversiële kwesties betreffende de toekomst van pensioenfondsen. Aan de orde komen o.a . Hervormingen van de openbare pensioenregelingen naar het model van landen als Zweden, Italië, Letland en Polen; Verplichte participatie in zelfstandige collectieve pensioenen, die een beperkt aantal standaardkeuzes aanbieden; Een bestuurstructuur op twee niveaus, met een raad van toezicht en een professionele uitvoerend deel om de dagelijkse gang van zaken van de fondsen te behandelen; Harmonisatie van boekhoudnormen en een betere rapportage aan de deelnemers over hun verworven pensioenrechten gebaseerd op het Zweedse "oranje envelop" systeem; De ontwikkeling van een meer hybride collectieve pensioenregelingen waarin de deelnemers bij het bereiken van een bepaalde leeftijd hun defined contribution getypeerde claims kunnen omzetten naar defined benefit getypeeerde claims. (B25086)
- SEO; Kok, L.; Hollanders, D.; Min. BZK, Dutch lessons from the Swedish pension reform
Amsterdam : SEO, 2006.
SEO-rapport, nr. 862
Rapport over de pensioenhervormingen in Zweden en hoe deze als voorbeeld kunnen dienen voor Nederland. De Zweden hebben na de verkiezingen van 1991 een parlementaire werkgroep geformeerd met daarin alle grote politieke partijen. Vakbonden en ouderenbonden hadden geen zitting in de werkgroep. De pensioenhervormingen die deze werkgroep voorstelde zijn voor de verkiezingen van 1994 door het parlement geloodst. Op deze manier zijn de hervormingen buiten de verkiezingen gehouden. Tot 1994 had Zweden een staatspensioen op omslagbasis dat 60% bedroeg van het laatst verdiende loon. De kern van de hervorming was dat de pensioenhoogte afhankelijk werd van de betaalde premie, de levensverwachting van de generatie die met pensioen gaat en de economisch ontwikkeling. Tegelijk werd de pensioenleeftijd geflexibiliseerd. Als de hoogte van het pensioen tegenvalt kunnen mensen langer doorwerken om het te verhogen. Hiermee werden de kosten van pensioen van een generatie neergelegd bij degenen die er ook de baten van hebben: de generatie zelf. Een ruime overgangsregeling maakten de hervorming ook voor ouderen acceptabel. Hoewel het pensioen grotendeels op omslagbasis gefinancierd bleef, werd de solidariteit tussen generaties er grotendeels uitgehaald. En daarmee ook de belangen-tegenstellingen tussen generaties. (B24904)
- Wolde, R. ten, Nederlands pensioenstelsel onder invloed van Brussel
Den Haag : Reed Business information, 2006.
Praktijkreeks pensioenrecht in de 21 eeuw, nr. 4a
Publicatie over de Europese pensioenontwikkelingen. Achtereenvolgens komen aan de orde: Grensoverschrijdende pensioenaspecten in de nationale wetgeving; Internationale waardeoverdracht; de geïmplementeerde Richtlijn 'Safeguarding'; de nieuwe Pensioenwet: de pensioenfondsenrichtlijn; de Europese pensioeninstelling of het pan-Europese pensioenfonds; De Nederlandse implementatie van de Pensioenfondsenrichtlijn; Eerste stappen naar een interne markt voor pensioeninstellingen: concentratie van vermogensbeheer; de 'portability' van aanvullende pensioenrechten; Open coördinatie; de Lamfalussy-procedure; Diensten van algemeen (economisch belang); Toepassing Verordening 1408/71 op aanvullende pensioenen; EMU en de koopkracht van pensioenen; Enige andere Europese dossiers met mogelijke pensioenaspecten. (B24893)
- Pensions Commission, Implementing an integrated package of pension reforms : the final report of the Pensions Commission
Londen : Pensions Commission, 2006.
Eindrapport van de Cie Turner over de hervorming van het Brits pensioenstelsel. (B24694)
- Fenge, R.; Pestieau, P.; CESifo, Social security and early retirement
Cambridge : MIT Press, 2005.
CESifo Book Series
De auteurs onderzoeken theoretische en empirische bewijzen die aantonen dat vervroegde pensionering een enorme druk legt op de sociale zekerheid, en doen voorstellen voor pensioenhervormingen die deze trend moeten keren. Aangetoond wordt dat de daadwerkelijke pensioenleeftijd wordt beïnvloed door sociale zekerheidswetgeving (zoals de pensioengerechtigde leeftijd). Besproken wordt wat het optimale belastingtarief is, wat mensen er van weerhoud om eerder te stoppen met werken en welke alternatieven er zijn voor financiering van de pensioenvoorziening. Aangetoond wordt dat het met vervroegd pensioen sturen van oudere werknemers geen werkgelegenheid wordt gecreëerd voor jonge werklozen. (B24549)
- Pensions Commission, A new pension settlement for the twenty-first century : the second report of the Pensions Commission
Londen : Pensions Commission, 2005.
Rapport van de Britse pensioencommissie onder leiding van Lord Turner met aanbevelingen om het hoofd te bieden aan de dreigende pensioencrisis in Groot Brittannië. Lord Turner erkent dat het huidige pensioensysteem ‘grote problemen oplevert en dat die problemen in de toekomst door de vergrijzing zullen verergeren. De commissie Turner heeft voorgesteld de pensioenleeftijd geleidelijk op te trekken tot 68 jaar in ruil voor een iets hoger pensioen. De pensioengerechtigde leeftijd moet omhoog: tot 66 jaar in 2030, 67 in 2040 en 68 in 2050. Daarnaast spoort de commissie de Britten aan om een pensioenreserve op te bouwen. Zowel de overheid als werkgevers en werknemers moeten daartoe bijdragen. Alle Britten zouden van de regering ook een basispensioen moeten krijgen dat onafhankelijk zou zijn van het inkomen, maar wel afhankelijk van de regio waarin ze wonen. (B24322)
- OECD, Private pensions : OECD classification and glossary
Parijs : OECD, 2005. (B24165)
- Bonoli, G.; [et al.] , Ageing and pension reform around the world : evidence from eleven countries
Cheltenham : Edward Elgar, 2005.
In de verschillende bijdragen wordt ingegaan op de vergrijzing en de hervorming van de pensioenen in elf geïndustrialiseerde landen in West-Europa, Oost-Azië en Noord-Amerika, te weten: Italië, Duitsland, Frankrijk, Zweden, Groot-Brittannië, Zwitserland, Japan, Taiwan, Korea, de VS en Canada. Om te onderzoeken wat de vergrijzing betekent voor de houdbaarheid van de pensioenen wordt er een analyse gepresenteerd van het pensioenbeleid van de afgelopen twee decennia en wordt de huidige pensioenwetgeving geanalyseerd. Verder worden de factoren onderzocht die de aanpassing van pensioenregelingen vergemakkelijken of juist belemmeren, en wordt gekeken naar de onderdelen die de hervormingen bepalen en vorm geven. Benadrukt wordt dat de landen verschillende wegen volgen om de pensioenhervormingen te bereiken, maar dat de mate waarin het hervormingsproces zich ontwikkelt vaak identiek is. (B23817)
- Munnell, A. H.; Sundén, A., Coming up short : the challenge of 401(k) plans
Washington : Brookings Institution Press, 2004.
Het boek bespreekt de ervaringen in de Verenigde Staten (VS) met de 401(k) plannen, het Amerikaanse systeem van privé-pensioenen. De VS heeft grotendeels de overgang naar een toegezegde bijdragenregeling gemaakt. (B23313)
- Greef, R. M. J. M. de, Fiscale pensioenbelemmeringen in de gemeenschappelijke markt : proefschrift Erasmus Universiteit Rotterdam
Z.P. : Z.U., 2004.
De Greef draagt in zijn proefschrift enige oplossingen aan om te komen tot de opheffing van fiscale pensioenbelemmeringen bij grensoverschrijdende arbeid. Daarbij dienen met name twee belangen tegen elkaar te worden afgewogen: het belang van de lidstaten tot de mogelijkheid van behoud van de fiscale claim op de pensioenaanspraken en het hogere belang van het voorkomen van ongerechtvaardigde belemmeringen in de vorm van pensioenverlies door dubbele belastingheffing. Als beste oplossingsrichting wordt een systeem aangedragen van microclearing met jaarlijkse verrekening in de woonstaat. (B23251)
- OECD, Reforming public pensions : sharing the experiences of transition and OECD countries
Parijs : OECD, 2004.
De hervorming van de pensioensystemen staat in veel landen hoog op de politieke agenda. De publicatie gaat in op een aantal aspecten m.b.t. de pensioenhervormingen, zoals de zorg voor een adequaat pensioeninkomen, de onevenwichtigheid tussen de periode van werken en de periode van pensioen, de juiste mix van de verschillende vormen van pensioeninkomen, de gevolgen voor de arbeidsmarkt van de verschillende benaderingen van pensioenfinanciering, en de complexiteit van doelen op de korte en op de lange termijn. De publicatie bespreekt deze onderwerpen aan de hand van een kritische beschouwing van de lessen die kunnen worden getrokken uit de hervormingen van de collectieve pensioenvoorzieningen van de laatste tien jaar in Midden- en Oost-Europa, en hoe deze te zijn vergelijken met de hervormingen in andere OECD-landen als Tsjechië, Polen, Hongarije, Slowakije, Letland, Rusland, Litouwen, Duitsland, Italië en Nederland. (B22925)
- Europese Cie; Oksanen, H., Pension reforms : an illustrated basic analysis
Brussel : EG, 2004.
European economy, economic papers, nr. 201
Onderzoek naar de hervorming van het pensioenstelsel. Vergrijzing maakt hervormingen noodzakelijk. Anders wordt er een te grote druk gelegd op toekomstige generaties. Ingegaan wordt op de solidariteit tussen generaties onderling, het defined benefit systeem en de overgang naar een defined contribution system, de verhoging van de pensioengerechtigde leeftijd en de invloed van pensioenhervormingen op de openbare financiën. (B22807)
- Rein, M.; [et al.], Rethinking the welfare state : the political economy of pension reform
Cheltenham : Edward Elgar, 2004.
Centraal staat de hervorming van pensioenen in de welvaartsstaat. Deel I gaat in op de westerse verzorgingsstaten en bevat de volgende bijdragen: Contracting out of the state pensioen system: the British experience of carrots and sticks; The relationship between the role of the corporate pension and the public pension plan in Japan; Reforming pensions: the Australian experience; The institutionalization of the Swiss multi-pillar pension system; The quality of the Dutch pension system: will it be sustainable in the twenty-first century?; Paradigm shift in German pension policy: measures aiming at a new public-private mix and their effects; Individual accounts and continuing debate over social security reform in the United States; Public pension reform and contractual agreements in Sweden: from defined benefit to defined contribution; How societies mix public and private spheres in their pension systems; Whose money is it anyhow? Governance and social investment in collective investment funds. Deel II is gewijd aan de pensioensystemen in Midden- en Oost-Europa en in de landen van Latijns-Amerika, en bevat de volgende bijdragen: Home made pension reforms in Central and Eastern Europe and the evolution of the World Bank approach to modern pension systems; Public and private mix in the Polish pension system; Conflicting interest in shaping Hungary's new private pension scheme; Latin American and East European pension reforms: accounting for a paradigm shift. Deel 3 gaat in op de mix van publiek en private pensioenen en de inkomens van ouderen, en bevat de bijdragen: The public-private mix of retirement income in nine OECD countries: some evidence from micro data and an exploration of its implications; Income packaging and economic welbeing in the last stage of the working career. (B22614)
- Hughes, G.; [et al.], Reforming pensions in Europe : evolution of pension financing and sources of retirement income
Cheltenham : Edward Elgar, 2004.
Publicatie over de pensioenhervormingen in Europa en de inkomens van ouderen. Deel 1 gaat in op het huidige debat over de pensioenhervormingen en bevat de volgende bijdragen: The 2001 pension reform act in Germany and income in old age; Are the UK's pension objectives attainable?; Pension privatisation in Hungary and Poland : a comperative overview; Labour cost, social security and employee severance funds. Deel II gaat in op pensioenhervormingen en de inkomens van ouderen en bevat de bijdragen: The impact of pension reforms on older people's income: a comparative view; Income of retired persons in Ireland: some evidence from household budget surveys; Financing pensions by stealth: the Anglo-American Model and the cost and distribution of tax benefits for private pensions; Labour market changes and pension entitlement in France: what prospects?; Germany's pension reform in 2001: more or less gender equality?; Occupational pensions in Sweden from a gender perspective. Intergenerational. In deel 3 staan de veranderde vormen van solidariteit centraal; Intergenerational equity and pension reform; Pathways to pension coverage. (B22615)
- CPB; [et al.], Ageing and international capital flows
Den Haag : CPB, 2004.
CPB documents, nr. 43
Het gevaar dat de opbrengsten van pensioensparen in de toekomst zullen tegenvallen, is niet denkbeeldig. Met het oog op toekomstige vergrijzing proberen alle ontwikkelde landen gelijktijdig meer te sparen voor pensioenen. Hierdoor kunnen goede beleggingsmogelijkheden uitgeput raken en kan het rendement op de besparingen onder druk komen te staan. Het is twijfelachtig of die spaargelden op grote schaal kunnen worden belegd in opkomende landen, waar de vergrijzing (nog) geen probleem is en nog goede beleggingsmogelijkheden zijn. Kapitaal is lang niet zo mobiel als vaak wordt gedacht. Bovendien zijn de besparingen in snel groeiende landen al vrij hoog, zodat deze landen niet om extra financieel kapitaal zitten te springen. (B22475)