Literatuurlijst Sociale Innovatie
SER-publicaties - Boeken - Tijdschriftartikelen
- SER, Welvaartsgroei door en voor iedereen : advies over het sociaal-economisch beleid op middellange termijn
Den Haag : SER, 2006.
SER Adviezen, nr. 2006/08
Welk beleid is nodig om ook op de middellange termijn welvaartsgroei in Nederland mogelijk te maken? Wat is hierbij de rol van de overheid, de sociale partners en individuele werkgevers, werknemers en burgers? Deze vragen staan in dit advies centraal. De meer specifieke vragen uit de adviesaanvraag zijn gerelateerd aan de thema’s kenniseconomie, sociale innovatie en verantwoordelijkheden dragen en delen. Tegen de achtergrond van de adviesvragen heeft dit advies een conceptueel karakter. De SER schetst een beleidsfilosofie van waaruit de uitdagingen van de komende vijf à tien jaar het best tegemoet te treden zijn. Verder formuleert hij voorstellen en beleidsoriëntaties; ook geeft hij zijn mening over de hoofdlijnen van het budgettaire beleid. De SER roept het komende kabinet op om serieus werk te maken van een activerende participatiemaatschappij waarin iedereen naar vermogen meedoet. Dit vereist stevige investeringen in mensen en ruimte voor ondernemerschap. Hierdoor kunnen economische kansen worden benut en kan de sociale cohesie worden verbeterd. De partijen in de SER willen zich ook zelf vastleggen op concrete participatiedoelstellingen die substantieel hoger liggen dan de arbeidsdeelname die ontstaat bij ongewijzigd beleid. Dit ambitieuze participatiebeleid is volgens de raad een heel belangrijke manier om de inkomensbescherming van kwetsbare groepen zeker te stellen en de kosten van de vergrijzing op te vangen. Verhoging van de AOW-leeftijd is de komende kabinetsperiode volgens de SER niet nodig. Dat geldt ook voor veranderingen van de hypotheekrenteaftrek. Wel pleit de raad voor een compensatie voor de oplopende zorgkosten voor werkgevers en huishoudens. Het advies is voorbereid door de commissie Sociaal-Economisch Beleid (SEB) onder voorzitterschap van dr. H.H.F. Wijffels (tot 1 april 2006) en dr. A.H.G. Rinnooy Kan (vanaf 1 augustus 2006). Het advies is vastgesteld in de openbare raadsvergadering van 20 oktober 2006. Als onderdeel van het advies zijn drie themadocumenten als aparte publicaties uitgegeven. Deze themadocumenten gaan over sociale innovatie, arbeidsverhoudingen en de arbeidsmarktperspectieven van laaggeschoolden en de ontwikkeling van de kwalificatiestructuur van de beroepsbevolking. (B25070)
- SER, Welvaartsgroei door en voor iedereen : themadocument sociale innovatie
Den Haag ; SER, 2006.
SER Adviezen, nr. 2006/08-I
Sociale innovatie is een van de drie centrale thema’s uit de adviesaanvraag over het middellangetermijnbeleid. De adviesaanvraag beschouwt sociale innovatie als een manier om binnen arbeidsorganisaties creativiteit en vernieuwing te stimuleren, mede met het oog op productiviteitsgroei en een hogere arbeidsparticipatie. Het kabinet heeft de SER gevraagd op welke manier sociale partners zelf sociale innovatie kunnen bevorderen; daarbij gebruikt het termen als ‘slimmer werken’, employability en innovatiemanagement. Ook heeft het kabinet de SER gevraagd aan te geven op welke manier de overheid hieraan kan bijdragen door belemmeringen weg te nemen. De rapportage gaat allereerst in op de begrippen sociale innovatie en slimmer werken. Vervolgens beschrijft het het conceptuele kader voor de beantwoording van de adviesvragen. De twee centrale actoren binnen een arbeidsorganisatie - de ondernemer en de werknemer - vormen hierbij het startpunt. Daarna staat de bevordering van sociale innovatie centraal. Een van de conclusies uit het themadocument is dat voor sociale innovatie regelmatig overleg op ondernemingsniveau nodig is. De SER is er voorstander van dat dit overleg de vorm krijgt van een zogenoemde voortrollende toekomstagenda die zich richt op productiviteitsverhoging, talentontplooiing en verbetering van de kwaliteit van de arbeid. CAO’s kunnen de randvoorwaarden bieden voor de invulling van de toekomstagenda en tegelijkertijd voldoende ruimte laten voor eigen initiatieven binnen arbeidsorganisaties. Een andere voorwaarde is dat werknemers goed zijn vertegenwoordigd, zodat de werkgever gelijkwaardige gesprekspartners heeft. De precieze invulling van de werknemersvertegenwoordiging is afhankelijk van de specifieke situatie. Naarmate de betekenis van sociale innovatie binnen een organisatie aan belang wint, zal ook de werknemersbetrokkenheid toenemen. Het themadocument is op verzoek van de commissie Sociaal-Economisch Beleid (SEB) voorbereid door de werkgroep Sociale Innovatie (WSI), onder voorzitterschap van prof.dr. F.A. van Vught. Het themadocument is als onderdeel van het SER-advies 'Welvaartsgroei door en voor iedereen' vastgesteld in de openbare raadsvergadering van 20 oktober 2006. (B25347)
- SER, Sociale innovatie bij de SER : eindverslag
Den Haag : SER, 2007. 48 p. ( B26491)