Literatuurlijst Minimumloon


SER-publicaties - Boeken - Tijdschriftartikelen

  • Forschungsinst. zur Zukunft der Arbeit; Giulietti, C., Is the minimum wage a pull factor for immigrants?
    Bonn : IZA, 2010.
    IZA discussion paper, nr. 5410
    De paper bespreekt de invloed van het minimumloon op immigratie. Er wordt een kader gepresenteerd waarin de instroom van immigranten een functie is van de verwachte loonstijging geinduceerd door het minimumloon. De analyse richt zich op de verhoging van het minimumloon in de VS in 1996 en 1997. De bevindingen tonen aan dat in staten waar de groei van de verwachte lonen relatief groot was (ongeveer 20%) een verhoging van de instroom vertonen die vier tot vijf keer groter is dan in de staten waar de gemiddelde lonen 10% minder stegen. Vergelijkende onderzoeken bevestigen dat het beleid geen invloed heeft op de immigratie van verdieners van hoge lonen. (B29491)

  • ILO; Vaughan-Whitehead, D.; Tzanov, V.; [et al.], The minimum wage revisited in the enlarged EU
    Cheltenham : Edward Elgar, 2010. 544 p.
    Uitgebreide en innovatieve analyse van het minimumloon in Europa. De bijdragende auteurs verkennen de rol en het werkterrein binnen de uitgebreide EU, en gaan in op de vraag of er afstemming moet zijn over het minimumloon tussen de afzonderlijke lidstaten of zelfs een gemeenschappelijk EU-minimumloon. Het boek onderzoekt ook de gevolgen van het minimumloon op nationaal niveau, door te kijken naar de ontwikkelingen en de effecten door middel van case studies van specifieke beleidsvraagstukken en industriële sectoren. Bevat de volgende bijdragen:
    Minimum wage revival in the enlarged EU: Explanatory factors and developments / Daniel Vaughan-Whitehead; Bulgaria: A shift in minimun wage policy / Vassil Tzanov; Croatia: Moving towards a more active minimum wage policy / Danijel Nestic; Estonia, Latvia and Lithuania: Minimum wages in a context of migration and labour shortages / Jaan Masso and Kerly Krillo; France: Towards the end of an active minimum wage policy? Jérome Gautié; Germany: What role for minimum wages on low-wage work? Gerhard Bosch and Thorsten Kalina; Greece: Neglect and resurgence of minimun wage policy / Eugenia Fotoniata and Thomas Moutos; Hungary: The consequences of doubling the minimum wage / Janos Köllo; Ireland: A succesful minimum wage implimentation? / Brian Nolan; The Netherlands: Minimum wage fall shifts focus to part-time jobs / Wiemer Salverda; Poland: Minimum wage, employment and labour migration / Jacek Wallusch; Sweden: A minimum wage model on need of modification / Per Skedinger; Turkey: Minimum wage in tension between economic and social concerns / Syhan Erdogdu; United Kingdom: Developing a progressive minimum wage in a liberal market economy / Damian Grimshaw; Towards an EU minimum wage policy? / Daniel Vaughan-Whitehead. (B28960) 
     
  • ESVLA, Pay developments 2009
    Dublin : ESVLA, 2010.
    Jaarlijkse rapportage van de loonontwikkelingen in de landen van de EU. Aan de orde komen onder meer: gemiddelde collectief overeengekomen loonsverhogingen; collectief overeengekomen loonsverhogingen per sector; minimumlonen; loonverschillen tussen mannen en vrouwen; gemiddelde inkomsten uit arbeid. (B28929)


  • Forschungsinst. zur Zukunft der Arbeit; Müller, K. U.; Steiner, V., Labor market and income effects of a legal minimum wage in Germany
    Bonn : IZA, 2010.
    Discussion paper series, IZA DP No. 4929
    In het licht van de stijgende loon- en inkomensongelijkheid, is de invoering van een wettelijk minimumloon uitgegroeid tot een belangrijk politiek thema in Duitsland. In de paper worden de inkomenseffecten van een landelijk wettelijk minimumloon van 7,50 euro per uur geanalyseerd, op basis van een microsimulatiemodel model dat rekening houdt met de complexe interacties tussen de individuele lonen, de belasting- en uitkeringsstelsels en de netto inkomens van huishoudens. Verder wordt rekening gehouden met mogelijke gevolgen voor de werkgelegenheid en indirecte effecten op de consumptie. Simulatie resultaten tonen aan dat het minimumloon niet effectief is in het verhogen van de netto gezinsinkomens, en vermindering van inkomensongelijkheid, zelfs indien het leidt tot een aanzienlijke verhoging van de uurlonen aan de onderkant van de loonverdeling. (B28784)

  • Forschungsinst. zur Zukunft der Arbeit; Dantziger, L., Noncompliance and the effects of the minimum wage on hours and welfare in competitive labor markets
    Bonn : IZA, 2009.
    IZA, discussion Paper, nr. 4408
    De paper toont aan dat verhoging van het minimumloon meerduidige effecten kan hebben op de werktijden en de welvaart van werknemers in concurrerende arbeidsmarkten. De reden is dat werkgevers niet kunnen voldoen aan de minimumloonwetgeving en in plaats daarvan een lagere subminimum loonvoet betalen. (B28167)

  • Eurostat, Regnard, P., Minimum wages 2008
    Luxemburg : Eurostat, 2008.
    Population and social conditions, Statistics in focus, nr. 105/2008
    Statistische gegevens over het minimumloon in de landen van de Europese Unie (EU), Turkije en de Verenigde Staten (VS). (B27931)

  • AIAS; Salverda, W., The Dutch minimum wage : a radical reduction shifts the main focus to part-time jobs
    Amsterdam ; AIAS, 2009.
    Working paper, nr. 09-71
    De paper vormt een onderdeel van een breder internationaal project opgezet door de ILO en de Europese Commissie. Zij onderzoeken het Nederlandse minimumloon vanuit het perspectief van verschillen in minimumloonregelingen van landen binnen de Europese Unie. Met als doel een inbreng in de discussie of een Europese aanpak van deze regelingen wel of niet wenselijk en haalbaar is. In een historisch perspectief, wat teruggaat tot de start van het minimumloon in de jaren '60, worden drie kenmerken gepresenteerd en besproken; de grote variatie in leeftijd 15 tot 23 jaar - de oudste leeftijd in de internationale vergelijking waarop een volledige minimumloon van toepassing is; de cruciale rol van het (netto) minimumloon voor de bepaling van (netto) minimale sociale uitkeringen en daarmee voor een groot deel van de publieke sociale uitgaven; de scherpe daling in de afgelopen decennia van het minimumloon, zowel in termen van koopkracht als ten opzichte van de rest van de inkomensverdeling. Een korte beschrijving wordt gegeven van het mechanisme van opwaarderen van het loonniveau door de tijd. De dalende waarde sinds 1979 wordt weergegeven en vergeleken met de eerder soortgelijke ontwikkeling van het Amerikaanse minimumloon. De relatie van het minimumloon tot armoede, loonongelijkheid, werkgelegenheid, loononderhandelingen en sociale dumping wordt onderzocht. (B27840)

  • ETUI; Schulten, T., Minimum wages in Europe: new debates against the background of economic crisis
    ETUI Policy Brief, Issue 2/2009
    Het minimumloon is in de meeste Europese landen een standaard en algemeen aanvaard instrument van arbeidsmarktregulering. Sinds de start van het nieuwe millennium, is de reële waarde van de minimumlonen aanzienlijk toegenomen, in veel gevallen als een aansporing aan de algemene loonontwikkeling. Het jaar 2008 betekende een breuk in deze trend, de werkelijke waarde van het minimumloon vertoonde een neerwaartse trend. Steeds meer is het idee van een Europees minimumloonbeleid - een Europese norm voor de relatieve waarde van de nationale minima, wettelijke of collectief overeengekomen - onderwerp van discussie. Tegen de achtergrond van de ernstige crisis van de wereldeconomie, zal de druk op het minimumloon - en lonen in het algemeen - in heel Europa toenemen. Er bestaat een ernstig gevaar dat, met een werkelijke of zelfs nominale daling van minimumlonen, het 'loonanker' die het systeem van prijzen ondersteunt op drift slaat, en zorgt voor een verhoging van de dreiging van deflatie, zoals dat gebeurde in de jaren 1930. Deze beleidsbrief betoogt dat passende verhogingen van het minimumloon noodzakelijk zijn ter onderbouwing van de vraag en bijdragen tot een prijsniveau en algemene economische stabiliteit. (B27805)

  • ILO, Global wage report 2008/09 : minimum wages and collective bargaining. Towards policy coherence
    Geneve : ILO, 2008.
    Aandacht voor loonontwikkelingen. Er wordt gekeken naar belangrijke ontwikkelingen bij het niveau en de verdeling van lonen in de wereld sinds 1995. De effecten van globalisering en economische groei op loonontwikkelingen komen aan de orde en vooral de rol van het minimumloon en de cao. Met aanbevelingen om het loonniveau te verbeteren en meer gelijke verdeling mogelijk te maken. (B27433)

  • Knabe, A.; Schöb, R., Minimum wage incidence : the case for Germany
    München : CESIfo, 2008.
    CESIfo working paper, nr. 2432
    Op basis van gegevens uit het Duitse Sociaal-Economisch Panel analyseert het rapport hoe een minimumloon van invloed is op de werkgelegenheid, loonongelijkheid, de openbare uitgaven, en het gezamenlijk inkomen in de sector met een laag inkomen. Men toont aan dat een wettelijk minimumloon van EUR 7.50 per uur 840.000 laagbetaalde banen zou kosten en de belastingdruk met EUR 4 miljard per jaar opvoert, terwijl het gezinsinkomen slechts met EUR 1.1 miljard per jaar toeneemt. Arme huishoudens, dat wil zeggen huishoudens die in aanmerking komen voor werkloosheidsuitkering II, profiteren helemaal niet van een minimumloon. Het vergelijken van de effecten van een minimumloon met verschillende vormen van loonkostensubsidies die dezelfde overheidsuitgaven vereisen, kan zorgen voor meer gunstige werkgelegenheid - afhankelijk van de weerslag van de subsidies - en inkomensgevolgen.
    Loonsubsidies leiden ook tot een meer gelijke inkomensverdeling dan wettelijk minimumloon. De combinatie van een minimumloon met een loonkostensubsidie, vergelijkbaar met het Franse minimumloon systeem, is zeer kostbaar, terwijl een dergelijk beleid in alle opzichten inferieur is aan loonkostensubsidies. (B27289)

  • Arbeidsinspectie; Min. SZW; Hoeben, J., Werknemers met een bruto-loon op en onder het wettelijk minimuloon in 2006
    Den Haag : Arbeidsinspectie, 2008.
    Dit rapport gaat nader in op de werknemers in het Nederlandse bedrijfsleven met een bruto-loon op en onder het bruto minimumloon zoals is vastgelegd in de Wet Minimumloon en minimum vakantiebijslag (WML). Voor de werknemers met een leeftijd van 15 tot en met 64 jaar en werkzaam in het Nederlands bedrijfsleven is nagegaan hoeveel werknemers een bruto-loon ontvangen dat: op het niveau van het wettelijk minimumloon ligt ('minimumloners’); onder het niveau van het wettelijk minimumloon (‘onderbetaalden’). Bij onderbetaling is de werkgever gevraagd naar de oorzaken van onderbetaling. De monitor toont een daling van het aantal onderbetaalde werknemers. In 2004 werden naar schatting 36.000 werknemers onderbetaald (0,6 % van alle werknemers). Dat is volgens de gegevens uit 2006 grofweg 20.000 werknemers (0,3 %). Ook de mate waarin wordt onderbetaald is afgenomen: de onderbetaalde werknemers ontvangen gemiddeld een brutoloon dat naar schatting ongeveer 9% lager is dan het brutoloon waarop ze volgens de wet recht hebben (dit was 13% in 2004). Het aantal werknemers dat het minimumloon krijgt, bedroeg in oktober 2006 (het peilmoment van het onderzoek) ongeveer 100.000. Dat is 1,6 % van het totale aantal werknemers. Ten opzichte van 2004 is dit aantal nagenoeg gelijk gebleven. (B26815)

  • Standing, G.; ILO; [et al.], Minimum income schemes in Europe
    Genève : ILO, 2003.
    In dit werk worden de tendensen en ontwikkelingen onderzocht inzake de programma’s van gewaarborgd minimuminkomen in West-Europa. Er wordt in aangetoond waarom deze minimuminkomens meestal niet volstaan om de armoede uit te roeien; het legt de redenen bloot waarom de landen bepaalde mechanismen nodig hebben om de inkomensongelijkheid te beperken, en waarom ze de voorkeur geven aan een universele sociale zekerheid boven uitkeringen die specifiek op de armen gericht zijn. In dit document worden de programma’s vergeleken die in verschillende landen ingevoerd worden en wordt meer bepaald het effect ervan vergeleken in België, Frankrijk, Portugal, Italië, Ierland en Griekenland. (B25446)

  • Arbeidsinspectie; Min. SZW; Hoeben, J.; Faas, A., Werknemers met een bruto-loon op en onder het wettelijk minimumloon in 2004
    Den Haag : Arbeidsinspectie, 2006.
    Onderzoek naar de toepassing van het wettelijk minimumloon in het Nederlandse bedrijfsleven. De resultaten worden vergeleken met die van het vorige onderzoek uit 2001. Het aantal werknemers dat minder verdient dan het wettelijk minimumloon is gedaald van 1,1 procent in 2001 tot 0,6 procent in 2004. Vooral jongeren, vrouwen en deeltijders worden onderbetaald. Een oorzaak van de onderbetaling is bijvoorbeeld dat werkgevers nalaten om de halfjaarlijkse verhogingen van het minimumloon (in januari en juli) door te berekenen. Bij deeltijders wordt de onderbetaling voornamelijk veroorzaakt doordat ze met hun werkgever een nettoloon afspreken. Omgerekend naar het brutoloon valt dit nettobedrag vaak lager uit dan het minimumloon. Ook komt het regelmatig voor dat de werkgever het loon van de deeltijder berekent naar rato van een 40-urige werkwerk terwijl in het bedrijf een 36 of 38-urige werkwerk geldt. Ook het aantal mensen dat het minimumloon verdient neemt af, van 2,1 procent in 2001 tot 1,5 procent in 2004. (B25166)

  • ILO; Eyraud, F.; Saget, C., The fundamentals of minimum wage fixing
    Geneve : ILO, 2005.
    Het minimumloon is een economisch en sociaal politiek hulpmiddel dat zowel krachtig als flexibel is en in elk land verschillend wordt gebruikt. Het boek onderzoekt de verschillende procedures die landen gebruiken om het minimumloon te bepalen en het te doen toepassen. Voorts meet het de efficiency van het minimumloon, en concentreert zich op zijn effect op werkgelegenheid en op inkomensongelijkheid. Tevens wordt gekeken naar het verband tussen minimumloon en armoede. De publicatie is gebaseerd op de databank van het ILO inzake het minimumloon in een honderdtal landen. ILO minimum wages. (B25016)

  • Drongelen, J. van; Korver, D. J. J., De Wet minimumloon en minimumvakantiebijslag (WML)
    Zutphen : Paris, 2006.
    Thema's Arbeid & Recht, deel 3
    Bij de totstandkoming van de Wet minimumloon en minimum vakantiebijslag is door de toenmalige Minister van Sociale Zaken aangegeven dat via deze wet alle werknemers een loon moest worden verzekerd, dat gezien de algehele welvaartssituatie als een aanvaardbare tegenprestatie voor de verrichte arbeid kan worden beschouwd. In de afgelopen vier decennia is echter de betekenis van de Wet minimumloon en minimumvakantiebijslag aanmerkelijk veranderd. Niet langer staat de eerdergenoemde doelstelling voorop, maar vooral de koppeling met de sociale zekerheidsuitkeringen. Een en ander blijkt uit de wetswijzigingen die betrekking hebben op het aanpassingsmechanisme die van een automatische aanpassing is gewijzigd in een koppeling met afwijkingsmechanisme. Met dit laatste heeft een beleidsmatige invulling van de aanpassing zijn intrede gedaan. Na een inleiding met daarin een kort historisch overzicht over het wettelijke minimumloon en de minimumvakantiebijslag komen deze beide elementen in de publicatie afzonderlijk aan de orde. Ook wordt aandacht besteed aan het loonbegrip dat en andere begrippen die in de Wet minimumloon en minimumvakantiebijslag worden gehanteerd. Ook het toezicht van overheidswege wordt behandeld. (B24818)

  • Ver. VNO-NCW; AWVN, Sociale verzekeringen en minimum(jeugdl)loon per 1 juli 2002
    Den Haag ; Ver. VNO-NCW, 2002.
    Memorandum, feiten en analyses
    Overzicht van de bedragen per 1 juli 2002 voor AOW, Anw, kinderbijslag, WAZ/Wajong, daglonen, maximumdagloon, kopjes op de uitkeringen, premieheffing over uitkeringen, premiepercentages, bijstand, abw, eigen vermogen, Ziekenfondspremie / ziektekostenpremie, IOAW en IOAZ, Wet inkomensvoorziening kunstenaars, Wettelijke minimumloon, wettelijke bruto minimumjeugdlonen, netto minimumbedragen. (B20634)