Literatuurlijst Globalisering
SER-publicaties - Boeken - Tijdschriftartikelen
- OECD, Going for growth 2012 : economic policy reforms
Parijs : OECD, 2012. 218 p.
Jaarlijkse verslag van de OECD over de ontwikkelingen op het gebied van structurele beleidsbepalingen in OECD-landen. In het verslag staan de prioriteiten vermeld voor structurele hervormingen om het ware inkomen van elk OECD-land en de belangrijkste opkomende economieën (Brazilië, China, India, Indonesië, Rusland en Zuid-Afrika) op te voeren. De 2012 editie van Going for Growth beoordeelt de vooruitgang die de landen hebben geboekt bij de structurele hervormingen sinds het begin van de crisis, gedurende de hele periode van 2007 t/m 2011. De crisis heeft de noodzaak van structurele hervormingen benadrukt en heeft mensen tot actie aangezet. Toch zijn er ook stemmen opgegaan dat deze handelingen een negatief resultaat hebben op de korte termijn, zoals een verdere verzwakking van de totale vraag. In de publicatie staat meer informatie over de kortetermijngevolgen van structurele hervormingen, gebaseerd op 30 jaar van ervaring met hervormingen in alle OECD-landen. Vanwege de steeds grotere inkomensverschillen in de meeste OECD-landen van de afgelopen decennia, worden zorgen geuit dat structurele hervormingen de inkomensongelijkheid zullen verergeren. Deze zorgen worden verder aangewakkerd door de crisiscontext, vooral in landen waarin de huidige hervormingen voornamelijk worden aangedreven door fiscale consolidatiedoelstellingen. In het rapport worden de complementariteit en de compromissen onderzocht tussen de vermindering van ongelijkheid en de stimulering van economische groei. Tot slot worden op basis van een praktische analyse van 40 OECD en BRIICS-landen van de afgelopen 30 jaar, worden de gevolgen van macro-economische schokken op de distributie van inkomen en tewerkstelling beschreven, evenals de rol die beleidsbepalingen en instellingen daarbij spelen. (B30786)
- Hazenberg, J., De machteloze staat : hoe globalisering en individualisering de overheid uithollen
Breda : De Geus, 2012. 254 p.
De nationale staat is in een fundamentele crisis beland. Zowel de politiek als de overheid mist steeds meer de aansluiting met de samenleving en de economie, terwijl de voorheen onaantastbare macht van Den Haag onherroepelijk weglekt naar het internationale bedrijfsleven en Brussel. In het boek verkent Joop Hazenberg de grenzen van de Haagse macht. Hij beschrijft hoe groot het onvermogen was toen de overheid de krediet- en eurocrisis te lijf probeerde te gaan. En hij toont aan dat ‘de burger’ allang niet meer luistert naar bestuurders en andere gezagsdragers. Hazenberg laat zien hoe we uit deze bestuurlijke en politieke crisis kunnen komen: door als burger en bedrijf volop gebruik te maken van het zelforganiserend vermogen van de netwerksamenleving. (B30687)
- OECD; Gurria, A. [et al.], OECD yearbook 2012 : better policies for better lives
[Parijs] : OECD, 2012. 168 p.
Bevat de volgende delen; Editorial; Managing risk; Going social; Reinventing development; Rethinking governance; Making progress; Country snapshots. (B30683)
- Moerman, P.; Moerman, J., Huis op orde : het Rijnlandse ordoliberaal perspectief
Antwerpen : Garant, 2011. 161 p.
Piet en Jurgen Moerman hebben tijdens en na hun studie een grote affectie ontwikkeld voor de maakprocessen in de maatschappelijke constellatie. Gezamenlijk hebben ze in de dagelijkse praktijk principes uit de organisatieleer en procesbeheersing reeds meer dan 60 jaar toegepast. Gedurende deze periode hebben ze de opkomst en het failliet van de maakbare samenleving aanschouwd (zowel dat van het neoliberaal als van het socialistische model). Daarbij is een belangrijk stuk van de realiteitszin verloren gegaan die zo kenmerkend was voor dit deel van de wereld. Beiden zijn van mening dat in het maakproces het ultieme vakmanschap en meesterschap gestalte krijgen (een relict uit de oude gildenstructuur). Maar wat is er gebeurd in de meeste hoogontwikkelde economieën? Banking, ICT en hoogwaardige dienstverlening kregen de hoogste status. Deze opvattingen werden verbonden met het omnibuswoord ‘marktwerking’. Achter dat begrip gaat een wereld schuil van zelfverrijking, bureaucratie, nul-somspelen en gevangenendilemma’s. Kortom, Kafka en Machiavelli hand in hand. De huidige economische wetenschap is bij gebrek aan maatschappelijk en gedragswetenschappelijk invoelvermogen vervallen tot een tragische koningin zonder kleren van de sociale wetenschappen. De opvattingen van Ludwig Erhard in de jaren ’40, ’50 en ’60 van de vorige eeuw hebben een vernietigd Duitsland binnen vijf tot zeven jaar weer op de been gekregen. Hij had hiervoor een uitgebreide wetenschappelijke entourage. Zijn sociaal/economisch model heeft een levensduur van ca. vijftien jaar gekend. Hierna verdwenen de grootse vergezichten in het moeras van de ‘Komfortabele Stallfütterung’ (Wilhelm Röpke). De auteurs willen lessen trekken uit dat verleden en proberen de huidige inzichten inzake economische processen en herstel realistischer te maken, en trachten het zogenaamde Rijnlandse perspectief te duiden en van context te voorzien. (B30644)
- World Bank; Yifu Lin, J. [et al.], New structural economics : a framework for rethinking development and policy
Washington : World Bank, 2012. 371 p.
Het rapport biedt een innovatief kader om het proces van industrieel upgraden en diversificatie, een belangrijk kenmerk van de economische ontwikkeling, te analyseren. Op basis van dit kader, biedt het rapport concrete adviezen aan praktijkontwikkelaars en beleidsmakers over hoe de groeipotentie van een land te ontketenen. In het bijzonder wordt aandacht besteed, aan de concrete stappen die de overheid zou kunnen volgen, om de economische ontwikkeling in bepaalde sectoren actief te ondersteunen. Bevat de volgende bijdragen:
New structural economic: a framework for rethinking developement; The growth report and new structural economics; Growth identification and facilitation: the role of the state in the dynamics of structural change; Applying the growth identification and facilitation framework: the case of Nigeria; Financial structure and economic development; Development strategy, institutions, and economic performance; Epilogue: the path to golden age of industrialization in the developing world. (B30588)
- World Bank, Global economic prospects 2012 : uncertainties and vulnerabilities
Washington : World Bank, 2012. 160 p.
GEP 2012. Het rapport stelt dat ontwikkelingslanden zich moeten voorbereiden op verdere neerwaartse risico's, zoals de schuldenproblematiek van de eurozone en de afgenomen groei in een aantal grote opkomende economieën. Dit verzwakt de groeivooruitzichten voor de wereldeconomie. (B30563)
- OECD, Divided we stand : why inequality keeps rising
Parijs : OECD, 2011. 386 p.
Rapport over de inkomensongelijkheid in OECD-landen. De inkomensongelijkheid is de afgelopen decennia in de meerderheid van de OECD-landen toegenomen. Dit gebeurde zelfs wanneer landen een periode van aanhoudende economische groei en een stijgende werkgelegenheid doormaakte. Dit rapport analyseert de belangrijkste onderliggende krachten achter deze ontwikkelingen. De publicatie bestaat uit drie delen. Deel I beschrijft hoe globalisering, technologische veranderingen en beleid loon- en inkomensverschillen beïnvloeden. In deel II komt aan de orde hoe verschillen in inkomsten uit arbeid leiden tot ongelijkheid in het beschikbare gezinsinkomen. Deel III tot slot gaat in op veranderingen in de rol van belasting- en overdrachtsystemen. (B30502)
- Noort, R. van den, Towards the end of global poverty : innovating the development aid sector by connecting the global poverty framework with the cyclic innovation model : proefschrift TU Delft
Delft : R. van den Noort, 2011. 184 p.
Ontwikkelingshulp moet op de schop. Er moet onder meer veel beter worden gekeken naar de prioriteiten in een bepaald ontwikkelingsland: bestuurlijke hervormingen gericht op een rechtvaardiger verdeling van inkomens of economische hervormingen gericht op het verhogen van de economische groei. Dat is een van de belangrijke conclusies van Rutger van den Noort in zijn proefschrift.
Sinds 1952 worden ontwikkelingslanden ingedeeld als ‘derdewereldlanden’. Die indeling is volgens Rutger van den Noort niet meer van deze tijd; de onderlinge verschillen tussen ontwikkelingslanden zijn namelijk sterk toegenomen. ‘Het resultaat is dat er geen drie, maar vijf clusters van landen zijn ontstaan. Deze nieuwe indeling respecteert verschillen tussen ontwikkelingslanden op eigenschappen die er in deze tijd toe doen, zoals het aandeel armen in de bevolking, het bruto binnenlands product per hoofd van de bevolking, de energieconsumptie en de arbeidsproductiviteit. Dit zijn eigenschappen die een halve eeuw geleden onbelangrijk leken voor armoedebestrijding, maar die tegenwoordig essentieel zijn om een goed begrip te hebben van de mogelijkheden en onmogelijkheden in ontwikkelingslanden.’
Door gebruik te maken van dit nieuwe inzicht wordt duidelijk dat ontwikkelingshulp geen one-size-fits-all is, maar dat er vanuit mondiaal perspectief eerst moet worden gekeken naar de genoemde vijf ‘Global Poverty Clusters (GPC’s)’. Pas daarna moet worden ingezoomd op een specifiek land en de prioriteiten gesteld, zo stelt Van den Noort.
De Delftse promovendus stelt in zijn proefschrift “towards the end of global poverty” een radicale vernieuwing van de ontwikkelingshulpsector voor, die is gebaseerd op de combinatie van de voornoemde indeling in GPC’s en het zogenoemde Cyclisch Innovatie Model. Dit laatste model geeft aan dat op het hoogste niveau drie complementaire leiderschapstaken met elkaar moeten worden verbonden: het formuleren van een toekomstbeeld (waar willen we naar toe met de ontwikkelingshulpsector?), het ontwerpen van een transitiepad (hoe gaan we dit aanpakken?) en het toepassen van een cyclisch procesmodel (hoe gaan we de veranderingen daadwerkelijk realiseren?). (B30500)
- UNCTAD, Trade and development report 2011 : post-crisis policy challenges in the world economy
New York : UN, 2011. 190 p.
Aandacht voor beleidsveranderingen in de wereldeconomie. Herstel gaat langzaam en dat komt door grote verschillen in binnenlandse vraag. Het aanpassen van fiscale en monetaire versterking is een groot risico voor de globale economie. De vraag is of beleidsmakers geleerd hebben van de economische crisis. Het enthousiasme over hervormingen heeft niet lang geduurd. Financiële hervormingen komen langzaam en hervorming van het monetaire systeem is beperkt. (B30463)
- Europese Cie; National Development and Reform Commission, Regional policy in China and the EU : a comparative perspective
Brussel : EU, 2011. 16 p.
Brochure met daarin de belangrijkste bevindingen van een studie die aspecten van het regionaal beleid in China vergelijkt met het cohesiebeleid in de Europese Unie. De studie onderzoekt het regionale beleid van de Europese Unie en China om hun mogelijkheden te beoordelen om de economische groei van regio's die achterlopen te versnellen. De studie richt zich op de praktische aspecten van beleidsvorming en regionale ontwikkeling. En concentreert zich, in het bijzonder op: de definitie en de economische indeling van regio's, het bestuur en de coördinatie van het regionale beleid; en de rol van regionaal beleid in de verbetering van het concurrentievermogen, duurzame ontwikkeling en stedelijke en landelijke ontwikkeling. Ter illustratie geeft het rapport voorbeelden van best practices op deze gebieden in China en de EU. (B30353)
- OECD, Perspectives on global development 2012 : social cohesion in a shifting world
Parijs : OECD, 2011. 259 p.
De "verschuivende welvaart" heeft geleid tot een volledig nieuwe geografie van de groei veroorzaakt door de economische opkomst van grote ontwikkelingslanden, met name China en India. De resulterende re-configuratie van de wereldeconomie zal voor de komende jaren de politieke, economische en sociale agenda's van internationale ontwikkeling bepalen, evenals die van de convergerende en arme landen. Dit rapport analyseert de impact van de verschuivende welvaart op sociale cohesie, grotendeels gericht op sterk groeiende convergerende landen. Een "cohesieve" samenleving werkt aan het welzijn van al haar leden, creëert een gevoel van verbondenheid en vecht tegen de marginalisering binnen en tussen verschillende groepen van de samenleving. De vraag die dit rapport stelt, is hoe de structurele transformatie in de convergerende economieën invloed heeft op hun 'sociale weefsel', hun gevoel van verbondenheid en hun vermogen om te gaan met problemen van collectieve actie. De recente gebeurtenissen in goed presterende landen in de Arabische wereld, maar ook daarbuiten, zoals in Thailand, China en India lijken te suggereren dat de economische groei, de stijgende fiscale middelen en verbeteringen in het onderwijs niet voldoende zijn om samenhang te creëren. Regeringen moeten sociale tekorten aanpakken en actief de sociale samenhang bevorderen, om ontwikkeling op lange termijn duurzaam te laten zijn. (B30338)
- UNCTAD, World investment report 2011 : non-equity modes of international production and development
Geneve : UNCTAD, 2011. 226 p.
Wereldwijd zijn buitenlandse directe investeringen (FDI) nog niet terug op het niveau van voor de economische crisis. Dit heeft te maken met ondervonden risico's en onzekere regelgeving in de zwakke wereldeconomie. Dit rapport voorziet herstel voor de komende twee jaar. Vooral de economieën van ontwikkelingslanden zorgen (voor het eerst sinds 2010) voor meer dan de helft van wereldwijde investeringen. Overzicht van wereldwijde ontwikkelingen. (B30282)
- Inst. Clingendael; Universiteit Utrecht; Hellema, D.; [et al.], Bezinning op het buitenland : het Nederlands buitenlands beleid in een onzekere wereld
Den Haag : Clingendael, 2011. 226 p.
De voorgaande beschouwing valt uiteen in drie delen. Eerst aandacht voor de veranderde positie van de Verenigde Staten. Vervolgens wordt ingegaan op het Europees veiligheids- en defensiebeleid. Aan het eind wordt ingegaan op de binnenlandse situatie van ons land. (B30280)
- Economic, Social and Environmental Council; Guirkinger, B.; Vasseur, G. , At the heart of the G20 : A new dynamic for economic, social and environmental progress
Parijs : CESE, 2011. 62 p.
De economische, financiële en industriële modellen waarop de globalisering van handel in producten en diensten was gebaseerd, zijn niet duurzaam. Burgers en analisten zijn ervan overtuigd dat de geproduceerde rijkdom oneerlijk wordt verdeeld. De meerderheid van onze medeburgers is bezorgd en vraagt zich af hoe de toekomst er uit ziet. Er moet actie ondernomen worden met aandacht voor sociale prioriteiten. (B30270)
- WTO; ILO; Bacchetta, M.; Jansen, M., Making globalization socially sustainable
Geneve : WTO, 2011. 320 p.
Globalisering wordt algemeen gezien als een krachtige motor die het potentieel heeft om groei en ontwikkeling te bevorderen. Gedurende vele jaren echter, zijn er ook zorgen gerezen over de effecten van globalisering op de werkgelegenheid en lonen. Dit heeft geleid tot vragen over de sociale duurzaamheid van globalisering. Deze publicatie bevat bijdragen van vooraanstaande academische deskundigen die de verschillende kanalen analyseren waarlangs globalisering van invloed is op werk en loon. (B30228)
- Ernst & Young; Turley. J. S.; Economist Intelligence Unit, Winning in a polycentric world : globalization and the changing world of business
Z.P. : Ernst & Young, 2011.
Dit rapport meet de globalisering van de 60 grootste economieën van de wereld. Nederland eindigt op de achtste plaats, terwijl de top 3 wordt gevormd door respectievelijk Hong Kong, Ierland en Singapore. De globalisering neemt niet overal ter wereld even snel toe. Het onderzoek wijst echter uit dat internationale markten op lange termijn steeds dichter bij elkaar zullen komen. In de Globaliseringsindex wordt op vijf criteria gemeten: de openheid van handel, kapitaalbewegingen, de uitwisseling van technologie en ideeën, de bewegingen op de arbeidsmarkt en culturele integratie. Nederland scoort met name goed op de eerste drie criteria, terwijl de laatste twee achterblijven ten opzichte van de top 10 landen. De index meet het relatieve niveau waarop landen actief zijn op het wereldtoneel. De metingen zeggen niets over de absolute of relatieve impact van een land op de internationale commercie of de wereldeconomie. (B29490)
- CBS, Internationalisation monitor 2010
Den Haag : CBS, 2010. 203 p.
Vanaf 2007 heeft het CBS jaarlijks gepubliceerd over de verschillende aspecten van economische globalisering. In deze Internationalisation Monitor 2010 staat het thema internationale handel centraal. De Internationalisation Monitor 2010 bestaat uit drie delen. Deel A beschrijft achtereenvolgens de trends in de internationale handel in goederen, de internationale handel in diensten, de directe buitenlandse investeringen en R&D en innovatie. Deel B heeft een meer analytisch karakter. Met behulp van een nieuwe dataset worden de kenmerken van de ondernemingen die zich bezighouden met de uitvoer, de invoer of beide geanalyseerd. Allereerst zijn de verschillen en overeenkomsten tussen bedrijven met internationale handel in goederen en/of diensten in kaart gebracht. Vervolgens wordt ingegaan op de relatie tussen de verschillende typen handel die ondernemingen bedrijven en de sector, grootteklasse, binnen- of buitenlandse zeggenschap, productiviteit en de omzet, R&D en innovatie en lonen en werkgelegenheid. Deel C bevat het ‘vaste’ deel van de publicatie. Hierin zijn geannoteerde tabellen opgenomen die jaarlijks wordt geactualiseerd. De tabellen verwijzen naar de onderwerpen in deel A van de Internationalisation Monitor 2010. (B29443)
- United Nations, World economic and social survey 2010 : retooling global development
New York : United Nations, 2010. 165 p.
Economic and social affairs
Aandacht voor inconcistente gebeurtenissen binnen internationale mechanismen als ontwikkelingszaken, handel, financiën en interantionale betalingen. Het geeft opties aan om deze problemen op te lossen door sterke samenwerking. De omvang van een algemene agenda is voorspelbaar. Maar als deze niet zou worden opgesteld, dan zal de tol oncontroleerbaar hoog worden. Wat weer leidt tot ernstig verminderde internationale samenwerking, wereldwijd conflict en wijdverspreide armoede. (B29363)
- Rabobank, In 2030 : vier toekomstscenario's voor bedrijven
Utrecht : Rabobank, 2010. 55 p.
In deze scenariostudie zijn vier beelden ontwikkeld van hoe de wereld er over twintig jaar uit zou kunnen zien. Daarbij is uitgegaan van twee variabelen: conflict versus harmonie en evolutie versus revolutie. De combinatie van deze twee variabelen heeft tot vier scenario’s geleid die elk een mogelijke wereld in 2030 schetsen. Schokkend Samen is een snel veranderende wereld waarin samenwerking optimaal is en de maatschappij slagvaardig. Dynamisch Divers is een scenario waarin conflicten op allerlei niveaus hand in hand gaan met technologische hoogstandjes. Trage Twist schetst een beeld van een wereld met scherpe tegenstellingen die nauwelijks vooruit komt. En Vloeiend Vooruit, ten slotte, is een op consensus gerichte wereld die zich kenmerkt door een langzame, maar gestage ontwikkeling. (B29370)
- OECD, Tackling inequalities in Brazil, China, India and South Africa : the role of labour market and social policies
Parijs : OECD, 2010. 307 p.
Bovengenoemde landen zijn belangrijke spelers in het globaliseringsproces met belangrijke resultaten op het gebied van economische groei, sociale ontwikkeling en het terugdringen van armoede. Maar de voordelen van sterke groei worden niet altijd gelijkwaardig gedeeld en inkomensongelijkheid is gebleven. Aandacht voor de rol van de arbeidsmarkt en sociaal beleid. (B29314)
- CPB; Semih Akçomak, I.; Borghans, L.; Weel, B. ter, Measuring and interpreting trends in the division of labour in the Netherlands
Den Haag : CPB, 2010. 61 p.
CPB discussion paper, nr. 157
Als gevolg van globalisering neemt wereldwijd de concurrentie toe. Dit gaat gepaard met veranderingen op de arbeidsmarkt; recentelijk vooral met veranderingen in de verdeling van taken. Dit onderzoek laat op basis van een aantal indicatoren trends zien in de Nederlandse werkgelegenheid in de periode 1996-2005. Getoond wordt dat veranderingen in de manier waarop taken worden verdeeld op drie verschillende niveaus plaatsvinden: tussen werknemers, tussen sectoren en tussen landen/productielocaties. Op ieder niveau wordt de verdeling van taken bepaald door een evenwicht van krachten die taken aan elkaar vastplakken en krachten die ze proberen los te weken. Communicatiekosten zijn de belangrijkste kracht om taken vast te plakken, terwijl relatieve voordelen de belangrijkste kracht zijn om te specialiseren. Onze bevindingen laten zien dat de gemiddelde Nederlandse werknemer zich is gaan specialiseren en minder taken is gaan uitvoeren. Het werk is meer opgeknipt in kleine stukjes en werknemers zijn gemiddeld meer gaan communiceren in hun werk. Deze ontwikkelingen kunnen een deel van de veranderingen in de structuur van de werkgelegenheid in Nederland verklaren, zowel tussen beroepen als tussen sectoren. Ook op het ruimtelijke niveau is het met dit raamwerk mogelijk een deel van de trend richting uitbesteding van werk naar het buitenland te verklaren. (B29306)
- OECD, Measuring globalisation : OECD economic globalisation indicators 2010
Parijs : OECD, 2010. 231 p.
OECD Publishing 2010
Het meten van globalisering houdt verband met kapitaalbewegingen en buitenlandse investeringen, internationale handel, economische activiteiten van multinationals en internationalisering van technologie. Inbegrepen zijn indicatoren voor de huidige financiële crisis, investeringen, milieu-aspectenen het ontstaan van globale waardeketens. (B29186)
- United Nations; UNCTAD, Trade and development report 2010 : employment, globalization and development
New York : UN, 2010. 171 p.
De UNCTAD roept in het TDR 2010 op tot een heroriëntatie van macro-economisch beleid om werkgelegenheid te scheppen en armoede te verminderen. Het rapport gaat achtereenvolgens in op: Het fragile herstel na de crisis; De mogelijke werkgelegenheidseffecten van een mondiaal herstel van het evenwicht; De macro-economische aspecten van het scheppen van werkgelegenheid en werkloosheid; Structurele veranderingen en het scheppen van werkgelegenheid in ontwikkelingslanden; Herziening van het politieke kader voor duurzame groei, het scheppen van werkgelegenheid en vermindering van de armoede (B29092)
- World Bank; Commission on Growth and Developement; Spence, M. [et al.], Globalization and growth : implications for a post-crisis world
Washington : World Bank, 2010. 347 p.
De publicatie bevat een inschatting van de vooruitzichten voor economische groei in ontwikkelingslanden in het spoor van 's werelds financiële en economische crisis van 2008-2009. Ingegaan wordt op een groot aantal vragen, met name met betrekking tot de toekomst van globalisering en de beleidsimplicaties van de crisis. Het rapport bespreekt onderwerpen die betrekking hebben op korte termijn-, middellange termijn- en lange termijn-groei en voert de laatste beleidsideeën op, die gericht zijn op het bevorderen van duurzame economische groei in de ontwikkelingslanden. Bevat de volgende bijdragen: Introduction: Globalization Revisted / Danny Leipziger; Part 1: The global financial crisis: causes, mitigation, and reform: The crisis of 2008: structural lessons for and from economics / Daron Acemoglu; Financial innovation, regulation, and reform / Charles W. Calomiris; Financial crisis and global governance: a network analysis / Andrew Sheng; Understanding global imbalances / Richard N. Cooper; Macro crises and targeting transfers to the poor / Ravi Kanbur; Part 2: How to foster real growth: Growth after the crisis / Dani Rodrik; Current debates on infrastructuur policy / Antonio Estache and Marianne Fay; Exports of manufacture and economic growth: the fallacy of composition revisited / William R. Cline; Industry growth and the case for countercyclical stimulus packages / Philippe Aghion, David Hemous, and Enisse Kharroubi; Part 3: Long-term challenges to growth: Greenhouse emissions and climate, change: Implications for developing, countries and public policy / David Wheeler; Climate change and economic growth / Robert Mendelsohn; Population aging and economic growth / David E. Bloom, David Canning, and Günther Fink (B28913)
- Scheffer, P.; Cox, J. C. M., De vertrouwensvraag : een open samenleving in tijden van globalisering
Alkmaar : Hogeschool INHolland, 2009.
Van Foreest Publiekslezing, 2009
Tijdens de lezing ging Scheffer in op de snelle veranderingen in de samenleving ten gevolge van de globalisering, waardoor velen het gevoel hebben dat een wereld verdwijnt die vertrouwd en vaak ook dierbaar was. Dat kan tenminste de gedeeltelijke verklaring zijn van het oordeel van veel Nederlanders over de samenleving: "Met mij gaat het goed , maar met ons - als samenleving - gaat het slecht'. De vraag die Scheffer zich stelt is: hoe kunnen we een open samenleving vormgeven in een grenzeloze wereld. (B28612)
- CDA, Wetenschappelijk Inst.; CDA, Tweede Kamerfractie, Vestigen en vertrouwen : notitie over een internationaliserende wereld en het Nederlandse vestigingsklimaat
Den Haag : CDA, WI, 2008.
Er is sprake van een steeds sterkere internationale handel. Producten worden daar in de wereld geproduceerd waar dat het meest efficiënt kan. Informatietechnologie versterkt dit proces en maakt de wereld steeds meer een global village met een global market. Niet alleen is de productie meer internationaal geworden, maar ook het bedrijfsleven is verder geïnternationaliseerd. Bedrijven lijken steeds minder gebonden te zijn aan een bepaalde regio. Een relevante vraag is hoe wij het bedrijfsleven kunnen overtuigen vertrouwen te houden in Nederland als vestigingsplaats om te ondernemen. In het rapport wordt ingegaan op de inzet voor een goed vestigingsklimaat en worden maatregelen voorgesteld. (B28473)
Achtergrondstudie bij 'Op weg naar houdbare overheidsfinanciën : een verkenning van de financiële kaders in de volgende kabinetsperiode' (B 28475)
- WTO; ILO; Bacchetta, M.; Ernst, E.; Bustamante, J. P., Globalization and informal jobs in developing countries
Geneve : WTO, 2009.
De wereldhandel is in de afgelopen jaren sterk uitgebreid en heeft een belangrijke bijdrage geleverd aan de mondiale groei. Economische groei heeft voor veel werknemers niet geleid tot een overeenkomstige verbetering van de arbeidsomstandigheden en levensstandaard. In ontwikkelingslanden heeft het creëren van werkgelegenheid grotendeels plaatsgevonden in de informele economie, waar ongeveer 60 procent van de werknemers werkzaam is. Het merendeel van de werknemers in de informele economie heeft bijna geen werkzekerheid, lage inkomens, geen sociale bescherming, en beperkte mogelijkheden om te profiteren van de globalisering. Deze gezamenlijke studie van ILO en WTO richt zich op de relatie tussen handel en de groei van de informele economie in ontwikkelingslanden. Op basis van bestaande wetenschappelijke literatuur, aangevuld met nieuw empirisch onderzoek door de ILO en de WTO, bespreekt de studie hoe hervormingen in de verschillende aspecten van de informele economie beïnvloedt. Het onderzoekt tevens hoe een hoge mate van informele arbeid de mogelijkheden voor ontwikkelingslanden verminderen om openheid van handel te vertalen in een duurzame groei op lange termijn. (B28180)
- Hiteq; Alberda, F., Werken in de wereld : wereldwijs beslissen over technisch vakmanschap
Hilversum : Hiteq, 2009.
Publicatie over internationalisering waarbij de samenhang tussen internationalisering en de samenleving centraal staat. Ingegaan wordt op vragen als "Wat is internationalisering?" en "Wat is globalisering" Daarbij worden verbanden gelegd met de wanorde en orde in de samenleving en met het al of niet open karakter van de samenleving. Vervolgens behandelt het boek de omwenteling van het beeld van de wereld en het zefbeeld, alsmede de verandering van de westerse samenleving op diverse schaalniveau's. In het bijzonder komen de volgende aspecten aan de orde: economie, "de nieuwe wereldorde", politiek en duurzame ontwikkeling. Voorts wordt ingegaan op de gevolgen van internationalisering voor industrie, onderzoek, onderwijs, arbeid en onderneming en technologie. De discussie tot slot wil vooral oproepen om verder te denken en in gesprek te gaan over wat internationalisering betekent voor de toekomst van mensen, organisaties, het eigen werk, de industrie, Nederland en Europa. (B28173)
- WRR; Kremer, M.; Lieshout, P. van; [et al.], Doing good or doing better : development policies in a globalizing world
Amsterdam : Amsterdam University Press, 2009.
WRR verkenningen, nr. 21
In dit interdisciplinaire boek geven een aantal vooraanstaande academici zowel een beschrijving van de huidige stand van zaken als een analyse van recente ideeën over ontwikkelingssamenwerking. De wereld verandert. Daarmee is ook het onvoorwaardelijke geloof dat ontwikkelingshulp altijd werkt onder druk komen te staan. In plaats van het centraal stellen van het beperkte begrip van armoedebestrijding, handelt deze studie over het brede terrein van ontwikkeling. Welk beleid leidt tot ontwikkeling in deze snel veranderende wereld? Wat zijn precies de beweegredenen van ontwikkelingshulp? En welke nieuwe (ontwikkelings) problemen dienen zich aan als gevolg van globalisering? Deze bundel beschrijft en analyseert verschillende soorten ontwikkelingsbeleid - hulp, financiële investeringen, handel en wederopbouw. Het geeft inzicht in de, vaak moeizame, trajecten van ontwikkeling in verschillende continenten – Afrika, Azië, Latijns-Amerika en Europa – en kijkt naar nieuwe thema's van ontwikkelingsbeleid in een globaliserende, interdependente wereld, zoals migratie, veiligheid en internationale rechtvaardigheid.
Bevat de volgende bijdragen: Towards development policies based on lesson learning: an introduction; Part I. Rethinking development: Twenty-first century globalization, pardigm shifts in development; Does foreign aid work?. Part II. Learning from development histories: Under-explored treassure troves of development lessons: lessons from the histories of small rich European countries; Stagnation in Africa: disentangling figures, facts and fiction; Including the middle classes? Latin Amarican social policies after the Washington consensus; Imaginary institutions: state-building in Afghanistan; Beyond development orthodoxy; Chinese lessons in pragmatism and institutional change. Part III. Beyond the state: new actors in development: Business and sustainable development; from passive involvement to active partnerships; Why 'Philanthrocapitalism' is not the answer: private initiatives and international development; The trouble with participation assessing the new aid paradigm. Part IV: New interdependenties: How can Sub-Saharan Africa turn the China-India threat into an opportunity?; Post-war peace building; what role for international organizations?; Migration and development: contested consequences; Global justice and the state. (B27882)
- FNV; AIAS; UVA; [et al.], The impact of globalisation on industrial relations in multinationals in the Netherlands
[Amsterdam] : Stichting FNV Pers, 2004.
Onderzoek naar de invloed van globalisering op arbeidsverhoudingen en sociaal beleid in multinationale ondernemingen in Nederland. Het rapport bevat een literatuuroverzicht over globalisering en arbeidsverhoudingen alsmede acht case-studies over (Nederlandse en buitenlandse) multinationals in Nederland. Geconcludeerd wordt dat er twee tegenstrijdige processen spelen. Aan de ene kant de internationalisatie van strategische besluitvorming en decentralisatie van de arbeidsverhoudingen in binnenlands perspectief. En aan de nadere kant, de zoektocht naar het definiëren van voorkeuren en prioriteiten tussen distributieve en productieve onderhandelingen in bedrijven. (B27901)
- SMO; Butter, A. G. den, Transactiemanagement : sleutelcompetentie voor Nederland bij een regierol in de globalisering
Den Haag : SMO, 2009.
SMO, nr. 2008-4/5
Door de toegenomen concurrentie in de wereldeconomie moeten landen zich steeds verder specialiseren in activiteiten waarmee zij een comparatief voordeel kunnen behalen. Dit heeft tot gevolg dat productieketens in steeds meer stukken worden opgeknipt en de diverse schakels van het productieproces worden uitgevoerd door gespecialiseerde partijen op locaties waar de kosten het laagst zijn. Door deze fragmentatie van de productie neemt het belang van transactiemanagement toe. Een goede coördinatie van transacties bespaart tijd en geld. In dit boek wordt uiteengezet waarom Nederland in de huidige tijd van globalisering juist deze sleutelcompetentie moet koesteren en zou moeten versterken. Het beschrijft de Nederlandse economie als transactie-economie, waar de competenties en creativiteit met name liggen in het omlaag brengen van transactiekosten en regievoering. Daarnaast wordt een link gelegd tussen het belang van transactiemanagement en het Nederlandse kennis- en innovatiebeleid. Innovatie gericht op een verhoogde efficiency van het transactiemanagement vormt voor ons land een essentiële factor voor het vergroten van het concurrentievermogen. (B27851)
- Barrez, D.; Vandaele, J., Het mondiale uitzendkantoor : waardig werk in tijden van globalisering en crisis
Berchem : EPO, 2009.
Bevat de volgende delen en hoofdstukken: Deel I. Ten geleide van nu en vroeger: Verhalen van werkende mensen; Van waar komt de mondialisering?; De eerste mondialisering: van opkomst tot teloorgang; Het getemde kapitalisme van de rijke landen; De tweede globalisering: van ontstaan tot crisis. Deel II. De werkende mens in tijden van globalisering; Wat brengt de mondialisering voor wie werkt?; De macht en onmacht van het geld; Van taylorisme over toyotisme naar het mondiale uitzendkantoor; Doorheen een labyrint van prikkeldraad; op zoek naar werk en inkomen; Van vier kleien tijgers naar de Grote Draak; De werkmens onderdruk in de rijke landen; Massa's werknemers in de verdrukking in het grote Zuiden; De ecologische kwestie is een sociale kwestie. Deel III. De weg naar waardig werk: aanzetten en ambities: De harmonieuze samenleving; Groen Sociaal Pact met Chinese karakteristieken; Hoe het volk een bescheiden bijsturing afdwong: India; Latijns-Amerika voert strijd tegen ongelijkheid; Naar een green New Deal in de Verenigde Staten?; Afrika: moeilijk gaat ook; Hoe sterk is het Europese sociale model?; Ondernemen, een maatschappelijke opdracht; Werknemersbewegingen gaan steeds internationaler; Antwoord op de crisis: een groen sociaal pact of een sociaalecologisch pact. (B27823)
- Tamminga, M., De uitverkoop van Nederland : hoe een ondernemend land geveild werd
Amsterdam : Prometheus, 2009.
In hoog tempo vallen grote Nederlandse bedrijven in buitenlandse handen. Aandeelhouders en topmanagers strijken bij deze overnames vette premies op. Honderdduizenden werknemers moeten daarentegen leren leven met hun nieuwe, buitenlandse baas. Bijna drie kwart van de Nederlanders staat negatief tegenover de golf van buitenlandse overnames, maar toch lijkt er niets tegen te beginnen. Maar hoe hoog is die overnamegolf nu precies? Wat betekent deze grote uitverkoop voor Nederland, niet alleen in financiële zin, maar ook voor de politiek-economische zelfstandigheid van het land? Is het in Nederland inmiddels ook tijd geworden voor een nationalistische economische politiek, zoals de Fransen en de Amerikanen die voeren? En wie zullen binnenkort ten prooi vallen aan de overnamegolf? Het boek gaat in op deze vragen. (B27807)
- Cuperus, R., De wereldburger bestaat niet : waarom de opstand der elites de samenleving ondermijnt
Amsterdam : Bert Bakker, 2009.
In 'De wereldburger bestaat niet' schetst Cuperus hoe de middenklassensamenlevingen onder druk staan van de 'globaliseringsopstand' van 'pseudo-kosmopolitische elites'. Zal het een land als Nederland lukken zich aan te passen aan de nieuwe spelregels van de globale wereldsamenleving? Welke prijs moet daarvoor worden betaald? En is de bevolking bereid die prijs te betalen? René Cuperus zoekt de pijngrens van de veranderingen op. Op het scherpst van de snede analyseert hij waarom Nederland niet uniek is met zijn fortuynistische Opstand der Burgers en waarom heel Europa, meer en minder openlijk, gepijnigd wordt door een groot onbehagen. (B27740)
- Baccaro, L.; Intern. Inst. for Labour Studies; ILO, Labour, globalization and inequality : are trade unions still redistributive?
Geneve : ILO, 2008.
Discussion Paper, DP/192/2008
De paper presenteert een nieuwe kwantitatieve beoordeling van de gevolgen van globalisering en binnenlands arbeidsmarktbeleid voor inkomensongelijkheid. Het onderzoek dekt een breed scala van landen en niet alleen geavanceerde economieën, zoals vaak het geval is. Het resultaat geeft een beeld van de verschillende factoren achter de ontwikkeling van de toename van de inkomensongelijkheid geregistreerd in de afgelopen twee decennia. De paper dienst als achtergronddocument bij het ILO World of Work Report 2008. (B27322)
- Ver. VNO-NCW, Rondje Europa : de Unie in de globalisering : Actuele onderwerpen in het kader van het Franse voorzitterschap van de Europese Unie (1 juli 2008 - 1 januari 2009)
Den Haag : VNO-NCW, 2008.
De titel geeft aan dat Europa nu ook klaar moet zijn voor het razendsnelle globaliseringsproces (waarover de SER in juni jl. een uitgebreid, unaniem advies uitbracht). Aandacht voor vooruitzichten en prioriteiten van VNO-NCW. (B27151)
- Bocken, I.; Buruma, Y.; Heuvel, F.A.M. van den; [et al.], Het is een mens : verkenningen over de menselijke waardigheid
Vught : Radboudstichting : 2008.
Deskundigen denken in deze bundel na over concrete aspecten van menselijke waardigheid in relatie tot de biomedische technologie, de grootschalige agrarische productie, de globalisering van economische verhoudingen, het hoger beroepsonderwijs en de rechtspleging.
Bevat: De kwetsbare waardigheid van de mens; Menselijke waardigheid en het persoonsbegrip in de medische biotechnologie; Waardigheid en grootschalige agrarische productie; Mens en markt: Een economische visie op menswaardigheid in samenhang met globalisering; Mens en markt: een economische en maatschappelijke visie op menswaardigheid in samenhang met lokalisering; Onderwijs: vorming of misvorming?; Slechte mensen; Geen vrijheid zonder verantwoordelijkheid. (B27157)
- Bieler, A. ; Lindberg, I. ; [ET AL.], Labour and the challenges of globalization : what prospects for transitional solidarity?
Londen : Pluto Press, 2008.
Kritisch onderzoek naar de antwoorden van de werkende klasse op de uitdagingen van het neoliberale herstructureren van de globale economie. Tien landenstudies (India, China, Zuid-Korea, Japan, Duitsland, Zweden, Canada, Zuid-Africa, Argentinie en Brazilie). Arbeiders en vakbonden kunnen door intensieve samenwerking met andere sociale krachten over de wereld de logica van neoliberale globalisering uitdagen. (B27129)
- Blanpain, R.; [et al.], The global labour market : from globalization to flexicurity
Alphen aan den Rijn : Kluwer, 2008.
Bulletin of comparative labour relations, nr. 65
Bevat de volgende delen en bijdragen: I. Globalization: The end of labour law?; The end of labour law in the global workplace context? A South and Southern African response; Global capitalism and rise of non-standard employment: challenges to industrial relations practice; Decent work with a living wage; Joblessness as a major challenge for Public Employment Services: Country reports from Germany, Italy and Finland; The role of regional organisations in the protection of migrant workers’ rights; Multinationals and Unionism in Indonesia: Case studies in two multinationals in Indonesia. II. Human resources management; Globalization and Human Resource Management: a quantitative analysis with British establishment-level data; Practices of human resource management and perceived organisational growth; Trends and perspectives on the human resource function in Europe emerging from the 2nd Pan-European HR Barometer; Outsourcing of labour and promotion of human capital: two irreconcilable models? Reflections on the Italian case. III. Flexicurity: Beyond flexicurity in Sweden?; Employment and education policy for young people in the EU. What can new Member States learn from old Member States?; Politics of labour market deregulation in Italy and Japan since the 1990s; Prospects for the regulation of temporary agency work at EU level. IV Equal treatment: Globalisation, equality and non-discrimination; an interdisciplinary perspective from the US on diversity programming. V. Involvement of employees: The workforce involvement in the labour market in Bulgaria: which is the way after accession to the EU?; The right of civil servants to collective bargaining: the case of Lithuania; The influence of European Union Law on Employees’ Involvement in Poland. VI. Social security: The private pensions system. Critique study based on the Chilean case. (B27036)
- IMF, Food and fuel prices : recent developments, macroeconomic impact, and policy responses
Washington : IMF, 2008. 58 p.
IMF rapport over de invloed van de prijsstijgingen van voedsel en olie. Het IMF stelt dat de sterke stijging van de voedsel- en brandstofprijzen de economische stabiliteit van veel arme landen bedreigt. De hele wereld heeft volgens het IMF last van de explosief gestegen prijzen van olie en voedsel, maar de pijn wordt het sterkst gevoeld in arme landen die afhankelijk zijn van de import van voedsel en olie (B26965)
- Greenaway, D.; [et al.], Globalisation and labour market adjustment
Basingstoke : Palgrave MacMillan, 2008.
Het boek analyseert de belangrijkste zorgen waarmee globalisering is omgeven en onderzoekt de geldigheid daarvan.
Bevat de volgende bijdragen: Globalistion and turnover; The wage and unemployment impacts of trade adjustment; Trade and rising wage inequality: What can we learn from a decade of computable general equilibrium analysis? Unemployment in models of international trade; Human capital and adjustment to trade; Trade adjustment and occupational mobility; The labour market implications of fragmentation and trade under imperfect competition; The labour market impact of international outsourcing; Immigration and labour market adjustment. (B26926)
- Steenvoorde, R., Regulatory transformations in international economic relations : proefschrift Universiteit van Tilburg
Nijmegen : Wolf Legal Publishers, 2008.
Als gevolg van de globalisering staat die rol van het recht als probleemoplosser onder druk. Internationale economische betrekkingen worden steeds complexer, de mondiale problemen steeds ingewikkelder, en de financiële belangen steeds groter. Het klassieke internationaal recht probeert ook voor nieuwe problemen oplossingen te bieden, maar is daartoe niet altijd meer in staat. Steenvoorde onderzocht hoe deze nieuwe vormen van internationale regelgeving zich verhouden tot het klassieke internationaal recht. Hij ontdekte drie patronen. Allereerst is er een patroon waarbij regelsystemen gevormd worden door een combinatie van bestaand internationaal recht en praktische regels die uit de praktijk naar voren komen. Bij het tweede patroon gaat een nieuw regelsysteem de concurrentie aan met het traditionele internationaal recht. Dit gebeurt bijvoorbeeld bij de Fair Labor Association, een nu wereldwijd initiatief rond maatschappelijk verantwoord ondernemen waarvan de regels zijn gebaseerd op het Amerikaanse recht. Deze Amerikaanse regels worden daarmee wereldwijd bindend. In dit geval is dat geen verbetering, om omdat de internationale afspraken over de bescherming van de rechten van arbeiders meer bescherming bieden dan het Amerikaanse recht. Een derde patroon dat Steenvoorde onderscheidt, ontstaat als niet-statelijke actoren, zoals bedrijven, banken, of maatschappelijke organisaties het internationaal recht vóór zijn. Een klassiek voorbeeld is het Basel akkoord voor banken, dat moet voorkomen dat financiële instellingen in de problemen komen omdat ze hun risico's onvoldoende afdekken. Al deze patronen hebben gemeen dat ze wereldwijd geaccepteerd lijken te worden zolang ze maar een effectieve oplossing bieden voor een mondiaal probleem, zegt Steenvoorde in zijn proefschrift. De keerzijde is echter dat deze nieuwe oplossingen zich geheel of gedeeltelijk onttrekken aan een paar kernpunten van het internationaal recht. Het is namelijk nog maar de vraag of de bescherming van de menselijke waardigheid in economische betrekkingen beter gewaarborgd is. De neiging bestaat al snel om dat wat praktisch is voor de bescherming van grote economische belangen te laten prevaleren boven de bescherming van individuele personen op de werkvloer. (B26845)
- ESVLA; Morley, J.; Ward, T.; Defrère, N., Perceptions of globalisation: attitudes and responses in the EU
Dublin : ESVLA, 2008.
In dit rapport wordt ingegaan op gevolgen van de globalisering voor de werkgelegenheid en de houding en reacties van de nationale regeringen en de Europese sociale partners op dit verschijnsel. Als eerste wordt gekeken naar de houding van de verschillende belanghebbenden in de 27 lidstaten van de EU, met inbegrip van Bulgarije en Roemenië, alsmede Noorwegen. Vervolgens worden de reacties van de regeringen, werkgevers en vakbonden in deze landen op het proces van globalisering besproken. Tot slot geeft het verslag geeft een beknopt overzicht van nationale onderzoeken over de publieke opinie met betrekking tot globalisering, die in de afgelopen jaren zijn verricht. (B26812)
- Lee, E.; Intern. Inst. for Labour Studies; ILO, Harnessing globalization for development : opportunities and obstacles
Geneve : Int. Inst. for Labour Studies, 2008.
De paper onderzoekt de voorwaarden waaronder globalisering de sociaal-economische vooruitzichten in de ontwikkelingslanden kan verbeteren. Het rapport wijst erop dat er geen eenvoudig eenduidig verband is tussen globalisering en ontwikkeling. Sommige ontwikkelingslanden zijn betrokken bij een vrijere handel en investeringsbeleid. Maar toch zijn de resultaten tot nu toe teleurstellend. In tegenstelling daarop, heeft een aantal succesvolle performers geen orthodoxe liberalisering van het beleid aangenomen. Het rapport onderzoekt de mogelijke verklaringen achter de ongelijkheid van landen als antwoord op de globalisering. Deze omvatten verschillend nationaal beleid, de rol van internationale regels en normen en het tempo en de aard van het globaliseringsproces zelf. Paradoxaal, is de laatstgenoemde vaak een weggelaten factor, en toch speelt het rapport, een essentiële rol. (B26813)
- CEPS; Begg, I.; Draxler, J.; Mortensen, J.; Europese Cie, Is social Europe fit for globalisation? : a study of the social impact of globalisation in the European Union
Brussel : EG, 2008.
Deze studie onderzoekt de sociale gevolgen van de globalisering voor de economieën van de EU en de uitdagingen die zich voordoen. Allereerst wordt gekeken naar de conceptuele achtergrond, dan biedt het een uitgebreide analyse van de verschillende facetten van de globalisering en haar sociale dimensie. Voorts worden aspecten van beleid besproken. De belangrijkste boodschap in de studie is dat de EU als geheel baat zal hebben bij de globalisering, maar dat deze winst niet gelijkmatig wordt verdeeld over individuen, regio's en landen. Evenmin zal succes automatisch tot stand komen, maar zal in plaats daarvan afhangen van succesvolle aanpassing en goed-geoordeelde beleidsreacties. In het bijzonder zal de EU een evenwicht moeten vinden tussen haar inspanningen ter bevordering van het concurrentievermogen en de transformatie van de economie door de vaststelling en uitvoering van beleid dat het aanpassingsproces soepel laat verlopen en voldoende bescherming biedt aan hen die kwetsbaar zijn voor de veranderingen en onzekerheden die de globalisering zal brengen. (B26723)
- Ver. VNO-NCW, Rondje Europa : uit de impasse : actuele onderwerpen in het kader van het Sloveens voorzitterschap van de Europese Unie (1 januari 2008 -1 juli 2008)
Den Haag : Ver. VNO-NCW, 2008.
Halfjaarlijks rapport dit maal ter gelegenheid van het Sloveens voorzitterschap. In het inleidende hoofdstuk wordt – onder de titel: De Europese Unie uit de impasse? – ingegaan op de visie van VNO-NCW op een Europa dat werkt; de visie van kabinet Balkenende IV; het verdrag van Lissabon van 13 december 2007; de lobbysuccessen 2007; prioriteiten EU-voorzitterschap Slovenië; VNO-NCW prioriteiten 2008 inzake een duurzame Lissabon-agenda. Het deel De uitdaging van globalisering, gaat in op: de vooruitzichten wereldeconomie 2008-2009; Lissabon-strategie; onderzoek, ontwikkeling en onderwijs; handelspolitiek: de externe dimensie van de Lissabon-agenda. Het deel Versterking interne markt, gaat onder meer in op: de dienstenrichtlijn, vrij verkeer, en mededinging. Het deel Een sterke economie, gaat over: belastingen, douane en accijnzen, corporate governance, infrastructuur, en telecom; Het deel Duurzame economie, bespreekt de onderwerpen: energie en klimaatbeleid; milieu, arbeidsomstandigheden en gezondheid; en consumentenbeleid. Het deel Arbeidsverhoudingen, gaat in op arbeidsrecht en de sociale dialoog; pensioenen en de vergrijzingspolitiek. Tot slot zijn bijlagen opgenomen over het lidmaatschap en toetredingsbeleid van de EU, en over de werking van instituties van de EU. (B26646)
- Rivoli, P., Met een t-shirt de wereld rond : hoe globalisering precies werkt
Amsterdam : Business Contact, 2007.
Hoe werkt globalisering precies? Wat betekent ze voor de verhouding tussen arme en rijke landen? Wat zijn de goede en slechte kanten ervan? Pietra Rivoli dacht haar ideeën over globalisering te kunnen bevestigen met een onderzoek naar de levensloop van een gewoon wit T-shirt. Ze ging op bezoek bij alle mensen die er een rol in spelen, van de Texaanse katoenvelden, via Chinese weeffabrieken tot op de Afrikaanse tweedehands-kledingmarkten. Pas in hun verhalen komen de werkelijke effecten van globalisering naar voren - en blijken de zwart/witopvattingen die ook wij vaak hebben, niet juist te zijn. Vert. van The travels of a T-shirt in the global economy. (B26229)
- Beer, P. de; Koster, F.; De Burcht, Voor elkaar of uit elkaar : individualisering, globalisering en solidariteit
Amsterdam : Aksant, 2007.
Veel mensen nemen tegenwoordig als vanzelfsprekend aan dat de bereidheid om iets voor een ander te doen afneemt. Hierdoor zou een van de pijlers onder de verzorgingsstaat afbrokkelen. Twee veel genoemde redenen waarom de solidariteit afneemt zijn de individualisering en de globalisering. Dit boek gaat over de vraag of individualisering en globalisering daadwerkelijk een bedreiging vormen voor de solidariteit, en daarmee voor de verzorgingsstaat. Het antwoord op deze vraag blijkt veel genuanceerder en minder eenduidig dan de stellige uitspraken die hierover vaak worden gedaan, suggereren. De termen individualisering, globalisering en solidariteit hebben uiteenlopende betekenissen en laten in de afgelopen 30 jaar allerminst een rechtlijnige ontwikkeling zien. Vervolgens beantwoordt het boek de vraag in hoeverre individualisering en globalisering de solidariteit beïnvloeden en welke consequenties dit heeft voor de toekomst van de verzorgingsstaat. Bevat de volgende bijdragen: Individualisering, globalisering en solidariteit; Zorgen voor elkaar, solidariteit in Nederland; Altruïsme of welbegrepen eigenbelang? solidariteit en de verzorgingsstaat; Ieder voor zich? De vele betekenissen van individualisering; Ongebonden en toch solidair, individualisering en solidariteit; Over grenzen heen, ontwikkelingen in globalisering sinds 1970; Bedreigingen en kansen, de gevolgen van globalisering voor de verzorgingsstaat; Globalisering versus lokalisering; de relatie tussen solidariteit en openheid; Mythen en feiten, staat de verzorgingsstaat onder druk?; Tussen gemeenschapszorg en Europese verzorgingsstaat, ontwikkelingsrichtingen voor de verzorgingsstaat. (B26275)
- ESVLA; Philips, K.; Eames, R., Impact of globalisation on industrial relations in the EU and other major economies
Dublin : ESVLA, 2007.
Dit rapport gaat in op de arbeidsverhoudingen in de 25 lidstaten van de EU en in de 7 wereldeconomieën: Australië, Brazilië, China, India, Japan, Zuid- Afrika en de VS. Het onderzoekt de meest significante gevolgen van globalisering, met inbegrip van flexibilisering van de arbeidsmarkt, toename van de arbeidsmigratie, en stijging van atypische werkgelegenheidsvormen, alsmede de veranderingen in werkinhoud en arbeidsomstandigheden. Door een analyse van de diverse componenten van arbeidsverhoudingen (actoren, processen, resultaten en effecten) wordt getracht te identificeren welk type sociaal model in termen van globalisering kan overleven. (B26284)
- Audretsch, D. B., Entrepreneural society
Oxford : Oxford University Press, 2007.
De econoom Audretch gaat in de publicatie in op het positieve proactieve antwoord op globalisering - the ondernemersmaatschappij, waar veranderingen aan de snijkant en routine werk onvermijdelijk wordt geoutsourced naar lagelonenlanden. Onder de 'oude' economie in het tijdperk van koude oorlog, steunde de overheid de grote bedrijven, terwijl kleine ondernemingen onbelangrijk werden geacht en grotendeels werden genegeerd. Het boek beschrijft de huidige revolutie in beleid, waarbij de nadruk verplaatst wordt naar technologie en op kennis gebaseerd ondernemerschap, waar starters en kleine ondernemingen als de drijvende kracht achter innovatie, werkgelegenheid, concurrentievermogen en groei te voorschijn zijn gekomen. (B26278)
- OECD, OECD Science, technology and industry scoreboard 2007 : innovation and performance in the global economy
Parijs : OECD, 2007.
Deze achtste editie van dit OECD-rapport onderzoekt recente ontwikkelingen m.b.t. wetenschap, technologie, globalisering en industriële prestaties van OECD en belangrijke niet-OECD landen (met name Brazilië, Rusland, India, China en Zuid-Afrika). Het rapport bevat veel statistische gegevens, waarvan een groot deel nieuw is voor deze uitgave, zoals: de internationale mobiliteit van onderzoekers en wetenschappers, de groei van de informatie-economie, innovatiecijfers per regio en sector, innovatiestrategieën van ondernemingen, de internationalisatie van onderzoek, de veranderde rol van multinationals, nieuwe patronen in handelsconcurrentie en productiviteit. De nieuwe onderwerpen hebben betrekking op de verbindingen tussen wetenschap en industrie (bijvoorbeeld de koppeling tussen patenten en wetenschap, en de samenwerking bij innovatie met de universiteiten), wetenschap- en technologievooruitgang in nieuwe technologische gebieden (biotechnologie en nanotechnologie) en technologieën van bijzonder belang (milieutechnologie) alsmede de internationale uitbesteding van productie. (B26332)
- CPB; Bakens, J.; Groot, H. L. F., Globalisation and the Dutch economy : a case study to the influence of the emergence of China and Eastern Europe on Dutch international trade
Den Haag : CPB, 2007.
CPB, discussion paper, nr. 89
Onderzocht wordt de betekenis van het toenemende belang van China en Oost-Europa op de wereldmarkt voor een kleine open economie als de Nederlandse. Als eerste wordt het gebleken comparatieve voordeel van verschillende landengroepen beschreven. Dit biedt de mogelijkheid om de sectoren te identificeren die aan relatief sterke concurrentie bloot staan ten gevolge van de tendens tot verdergaande globalisering. Vervolgens wordt de analyse uitgebreid door op basis van een graviteitsanalyse markten te karakteriseren als locaal versus globaal. Op basis van deze analyse wordt de conclusie getrokken dat de overlap in comparatieve voordelen tussen Nederland en China zeer beperkt is. De belangrijkste betekenis van de opkomst van China is gelegen in de mogelijke versterking van de positie van Nederland als 'gateway to Europe'. Vervolgens wordt aangetoond dat de overlap tussen de gebleken comparatieve voordelen van China en de opkomende Oost-Europese landen relatief sterk is, wat betekent dat de betekenis van de opkomst van China voor Oost-Europese landen veel sterker is. (B26333)
- Grauwe, P. de, De onvoltooide globalisering : verkenning van een nieuwe wereld
[Amsterdam] : Nieuw Amsterdam, 2007.
Hoe zijn we zo rijk geworden? Zijn we ook gelukkiger geworden? Moeten we flexibeler worden in ons werk? Is de wereld ongelijker geworden? Is onze sociale zekerheid in gevaar? Hoe slecht zijn multinationals? Hoe tiranniek zijn de financiële markten? Heeft onze industrie nog toekomst? Is de dienstensector nog veilig? Zijn onze universiteiten te klein? Hebben we straks grondstoffen en energie te kort? Stevenen we af op een milieucatastrofe?Bovenstaande vragen staan in het boek centraal. De globalisering en de groeiende impact ervan op ons dagelijkse leven lokt heftige discussies uit. De profeten van de globalisering geloven vurig dat de oplossing voor veel wereldproblemen in het Westerse economische systeem moet worden gezocht. De antiglobalisten zien juist het kapitalisme en de globalisering als de grote boosdoeners. Dit boek is geschreven voor wie niet gelooft in die simpele zwart-witverhalen. De onvoltooide globalisering maakt duidelijk dat het kapitalisme en de globalisering zowel krachten van het goede als van het kwade losmaken. Het gaat dus niet louter om een keuze voor of tegen globalisering. Maar waar gaat het dan wel naartoe met de wereldeconomie? De Leuvense econoom Paul De Grauwe beschrijft de belangrijkste uitdagingen en problemen van deze tijd. (B26312)
- Ver. VNO-NCW, Duurzame globalisering : over het kwetsbare evenwicht van Profit, Prosperity, People en Planet
Den Haag : Ver. VNO-NCW, 2007.
Discussienota Bilderbergconferentie 2008. Met deze nota wil VNO-NCW bijdragen aan de discussie over de grote vragen waarmee wij te maken hebben: hoe om te gaan met globalisering en duurzaamheid.
Onder meer komen aan de orde: de inhoud van globalisering, de plaats van Europa in de wereld, de globalisering van het Nederlandse bedrijfsleven, winst en welvaart, de betekenis van de internationale handelspolitiek, de internationale welvaartsverdeling, effectieve ontwikkelingssamenwerking, de demografische explosie, migratiedruk en kennismigranten, klimaatveranderingen, dé levensvoorwaarden: landbouwgrond en zoet water; de strijd om energiebronnen en grondstoffen; klimaat- en energiebeleid; de Shell-toekomstscenario's: balanceren tussen de markt, sociale rechtvaardigheid en veiligheid, de inrichting van de internationale publieke ruimte, MVO - maatschappelijk vernieuwend ondernemen, naar een globaal en ecologisch bewustzijn, de ultieme uitdaging van globalisering en de 'vierde P'. (B26310)
- European Economic Advisory Group; CESifo, The EEAG report on the European economy 2008 : Europe in a globalised world
München : CESifo, 2008.
Jaarlijks rapport van EEAG en CESifo over de conjuncturele ontwikkelingen in Europa, met als centraal thema globalisering. De editie 2008 gaat in op het macro-economisch beleid en macro-economische vooruitzichten, de gevolgen van de kredietcrisis in de VS, de effecten van globalisering op de werkgelegenheid in West-Europa, en het industriebeleid. Het slothoofdstuk is gewijd aan de gevolgen van de opwarming van de aarde. (B26602)
- Fortanier, F. N., Multinational enterprises, institutions and sustainable development : proefschrift Universiteit van Amsterdam
Z.P. : F. Fortanier, 2008. 311 p.
Academici en beleidsmakers debatteren al decennia over de implicaties van economische globalisering. Het blijft echter onduidelijk wat de gevolgen zijn van de toenemende samenhang van landen en economieën voor diverse indicatoren van duurzame ontwikkeling, zoals productiviteitsgroei, het milieu, werkgelegenheid en arbeidsomstandigheden. Deze ambiguïteit wordt deels veroorzaakt door definitieproblemen en een gebrek aan gegevens. Maar een belangrijker reden is het gebrek aan aandacht voor de diversiteit in de karakteristieken van de belangrijkste aanjagers van globalisering: multinationale ondernemingen. Fabienne Fortanier neemt deze verschillen expliciet mee in haar analyse van de manier waarop multinationale ondernemingen en hun internationale investeringen duurzame ontwikkeling beïnvloeden. Hierbij houdt zij tevens rekening met de nationale en internationale institutionele context die de grensoverschrijdende activiteiten van deze ondernemingen vormgeeft. Fortanier toont aan dat de mate waarin economieën en individuen profiteren van economische globalisering sterk afhangt van onder andere het land van herkomst van een multinationale onderneming. Daarnaast blijkt ook dat de positieve effecten van economische globalisering vooral geconcentreerd zijn in die landen die al een bepaald niveau van ontwikkeling hebben bereikt, en dat binnen die landen vooral de hoger opgeleiden het meeste baat hebben bij globalisering. (B26592)
- Friedman, Th. L., De aarde is plat : ontdekkingsreis door een geglobaliseerde wereld : editie 3.0
Amsterdam : Nieuw Amsterdam, 2008.
De aarde is plat gaat over globalisering en de mogelijkheden die zij biedt voor individuele groei, het succes waarmee zij miljoenen mensen uit de armoede trekt, en over haar schaduwzijde voor het milieu en op het sociale en politieke vlak. In deze Editie 3.0 zijn twee nieuwe hoofdstukken opgenomen waarin Friedman zijn twee nieuwe thema’s behandelt: De manier waarop je in een platte wereld zowel een politiek actievoerder als een sociaal ondernemer kunt zijn; Hoe kunnen we onze reputatie beschermen in een wereld waarin we allemaal uitgever en dus ook allemaal een publieke figuur aan het worden zijn? 12e herz. dr. (B26575)
- Vandaele, J., De stille dood van het neoliberalisme : de nauwe schoentjes van de mondialisering
Antwerpen : Houtekiet, 2007.
De mondialisering gaat weliswaar gepaard met meer economische groei, maar er zijn winnaars en verliezers. Dat roept vele vragen op. Beloont de mondialisering kapitaal beter dan arbeid? Dicht de mondialisering de diepe kloof tussen arme en rijke landen en verandert ze zo de machtsverhouding tussen Noord en Zuid? En zo ja, moet ook het bestuur van de wereld dan niet aan die nieuwe realiteit worden aangepast? Of is dat al bezig? Wat met de milieugevolgen van de mondialisering? En is het toeval dat er nu zoveel over goed bestuur wordt gesproken? Op al die vragen probeert de auteur een antwoord te geven. De mondialisering biedt vele nieuwe kansen, maar staat voor grote uitdagingen: de ongelijkheid neemt in bijna alle landen toe en dat kan het draagvlak van de mondialisering ondermijnen. De wereldwijde verspreiding van het westerse ontwikkelingsmodel bedreigt het milieu. Zonder democratisering van de mondiale bestuursstructuren verliezen ze hun legitimiteit en verzeilen we terug in de wet van de jungle. Er is dus meer dan ooit nood aan herverdeling, milieuzorg en mondiaal bestuur. Hoewel tegenwoordig bijna iedereen de markt als een nuttig instrument erkent, schuilt het antwoord op die uitdagingen niet in nog meer markt, of meer neoliberalisme. (B26343)
- CPB; Suyker, W.; Groot, H. L. F. de; Buitelaar, P., India and the Dutch economy : stylised facts and prospects
Den Haag : CPB, 2007.
CPB documents, nr. 155
De indrukwekkende economische groei in India gedurende de afgelopen decennia heeft per saldo een positief effect gehad op de Nederlandse economie. Met name het presteren van de dienstensector valt gegeven het niveau van ontwikkeling in positieve zin op. Relatief goedkope importen hebben de koopkracht van Nederlandse gezinnen licht verbeterd. Negatieve effecten in de vorm van herstructureringen blijken bescheiden te zijn. Offshoring van Nederlandse dienstenactiviteiten naar India was in de afgelopen jaren zeer beperkt. Ook is er geen substantieel negatief effect waarneembaar in de vorm van toegenomen loonongelijkheid. Het exportpakket van India blijkt slechts in beperkte mate te overlappen met dat van Nederland. Grote concurrentie-effecten en daaruit voortvloeiende sectorale verschuivingen zijn dan ook niet te verwachten van de opkomst van India. Tegelijkertijd biedt de grote afzetmarkt in India interessante investeringsmogelijkheden voor Nederlandse bedrijven. Voor de nabije toekomst is de verwachting dat de exporten van India verder zullen toenemen, waarbij de daaruit voortvloeiende economische herstructurering in Nederland bescheiden zal zijn. Voor Nederland zal de verdere opkomst van India naar verwachting positieve effecten hebben voor de welvaart. (B26340)
- IMF; Jaumotte, F.; Tytell, I., How has the globalization of labor affected the labor income share in advanced countries?
Washington : IMF, 2007.
IMF Working paper, nr. WP/07/298
Arbeidsmarkten over de hele wereld zijn in de afgelopen twee decennia steeds meer geïntegreerd, door de toetreding van China, India en het voormalige Oostblok in het wereldhandelssysteem, door de opheffing van de beperkingen op de handel en de kapitaalstromen, en door de snelle technologische vooruitgang. Tegelijkertijd daalde het aandeel van arbeid in het nationaal inkomen in de meeste ontwikkelde landen. Dit werkdocument maakt gebruikt van een vergelijking van het arbeidsaandeel afgeleid van een translog inkomsten functie om de bijdrage te schatten van globalisering, technologische vooruitgang en arbeidsmarktbeleid aan de daling van het arbeidsaandeel. Uit de resultaten, verkregen voor 18 ontwikkelde landen voor de periode 1982-2002, blijkt dat de globalisering slechts één van verscheidene factoren was die het arbeidsaandeel hebben beïnvloed. De technologische vooruitgang, vooral in de informatie en de communicatie sectoren, heeft een grotere invloed gehad, met name op het arbeidsaandeel in ongeschoolde sectoren. (B26423)
- Vliet, O. van ; Kaeding, M., Globalisation, European integration and social protection - patterns of change or continuity?
Leiden : Leiden University, 2007.
Research memorandum, 2007.06 Dep. of economics
Onderzoek naar de rol van Europese integratie bij het opzetten en veranderen van sociale welvaartssystemen. En of deze patronen het beleid van deze welvaartsstaten volgt. Er is gebruik gemaakt van recente OECD-gegevens uit 2007. Het blijkt dat sociale uitgaven van EU-lidstaten gemiddeld zijn gestegen, terwijl die van niet-lidstaten afwijkend zijn . (B26521)
- ESVLA; Storrie, D.; Ward, T., ERM report 2007 : restructuring and employment in the EU : the impact of globalisation
Dublin : ESVLA, 2007.
Het rapport gaat in op de gevolgen van de handelsliberalisatie voor de Europese arbeidsmarkt. De analyse is gebaseerd op gegevens van de Europese Herstructurering Monitor (ERM). Het ERM-rapport van 2007 identificeert enkele recente en nieuwe tendensen in de huidige fase van globalisering en doet aanbevelingen hoe het beleid zich moet heroriënteren om zich te richten op deze nieuwe omstandigheden. (B26490)
- Ryngaert, C., Anders globaliseren : mensenrechten, milieu en internationale handel
Leuven : Acco, 2007.
Wereldvisie, nr. 4
Globalisering is een proces waarbij de wereld steeds meer met elkaar verbonden raakt. Globalisering heeft grote voordelen. Maar er zijn ook gevaren aan verbonden. Zo dreigen arbeid, mensenrechten en milieu het slachtoffer te worden van een ongebreidelde economische expansiedrang. Dit boek gaat op zoek naar hoe een ‘andere’ globalisering zich kan voltrekken. Het gaat in een eerste deel na hoe multinationals ertoe gebracht kunnen worden zich maatschappelijk verantwoord te gedragen, met name in ontwikkelingslanden. Een tweede deel gaat na hoe de vrijhandelsregels afgesproken in de Wereldhandelsorganisatie verzoend kunnen worden met duurzame ontwikkeling. (B26440)
- OECD, Globalisation and regional economies : can OECD regions compete in global industries?
Parijs : OECD, 2007.
OECD Reviews of regional innovation
Ondanks de bezorgdheid over de negatieve effecten van de globalisering op de economieën van de OESO -regio's, met name het verlies van banen en het verplaatsen van ondernemingen, toont dit rapport dat regiospecifieke voordelen - ingebed in gespecialiseerde ondernemingen, geschoolde arbeid en innovatievermogen - een belangrijke bron blijven van productiviteitswinst van ondernemingen, zelfs voor de grootste multinationals. Een nieuwe geografie van productie ontstaat, gebaseerd op zowel oude als nieuwe regionale knooppunten in OECD en niet-OECD-landen. Nationale en regionale overheden in de OECD-landen zijn op zoek naar manieren om ervoor te zorgen dat de regio's een concurrentievoordeel in industrieën handhaven, die zorgen voor welvaart en banen. Dit rapport kijkt naar hoe de verschillende regio's op deze uitdagingen reageren en de strategieën die ze hebben aangenomen ter ondersteuning van de bestaande concurrentievoordelen en de middelen die ze inzetten om nieuw concurrentievermogen te ontwikkelen. Tevens zijn sectorstudies opgenomen over: de automobielsector, de biofarmaceutische sector en de ict-sector. (B26404)
- Klein, N., De shockdoctrine : de opkomst van het rampenkapitalisme
Zutphen : Kon. Wöhrmann, 2007.
Een boek over shocks en de manier waarop die worden toegepast op landen en mensen. Verhaal op over de manier waarop de vrije markt de wereld is gaan domineren. (B26195)
- Harrison, A.; Aisbett, E.; [et al.], Globalization and poverty
Chicago : University of Chicago Press, 2007
National Bureau of Economic Research report
De publicatie bevat de visies van experts op het gebied van internationale handel en armoede, op de gevolgen van globalisering op de armen in ontwikkelingslanden. Ingegaan wordt op vragen als: Verbeteren lagere import tarieven het leven van de mensen die in armoede leven. Heeft financiële integratie gezorgd voor meer of minder armoede? Hoe verging het de armen tijdens de monetaire crises? En helpt voedselhulp de armen of is dit in juist in hun nadeel? Deel I 'Global (cross-country) analyses' bevat de volgende bijdragen: Why are the critics so convinced that globalization is bad for the poor?; Stolper-Samuelson is dead: and other crimes of both theory and data; Globalization, poverty, and all that: factor endowment versus productivity views; Does tariff liberalization increase wage inequality? some empirical evidence; My policies or yours: Does OECD support for agriculture increase poverty in developing countries?. Deel II 'Country case studies of trade reform and poverty' bevat de volgende bijdragen: The effects of the Columbian trade liberalization on urban poverty; Trade liberalization, poverty, and inequality: evidence from Indian districts; Trade protection and industry wage structure in Poland; Globalization and complementary policies: poverty impacts in rural Zambia; Globalization, labor income, and poverty in Mexico. Deel III 'Capital flows and poverty outcomes' bevat de volgende bijdragen: Financial globalization, growth, and volatility in developing countries; Household responses to the financial crises in Indonesia: Longitudinal evidence on poverty, resources, and well-being; Does food aid harm the poor? Household evidence from Ethiopia; Deel IV 'Other outcomes associated with globalization (Risk, returns, to speaking English)' bevat de volgende bijdragen: Risk and the evolution of inequality in China in an era of globalization; Globalization and the returns to speaking English in South Africa. (B26123)
- Ables, M. ; Allen, M. ; [et al.], Global imbalances and developing countries : remedies for a failing internationaal financial system
Den Haag : FONDAD, 2007.
De plotselinge opkomst van globale ongelijkheden is een belangrijk risico voor de wereldeconomie. Landen over de hele wereld krijgen ermee te maken, maar het is in het bijzonder schadelijk voor ontwikkelingslanden. Vooral aandacht voor Afrika en Oost-Azië. Verder voor de rol van het IMF en een discussie over de noodzaak van hervorming van het internationale monetaire en financiële systeem. (B26066)
- OECD, Staying competitive in the global economy : moving up the value chain
Parijs : OECD, 2007.
Onderzoek naar de betrokkenheid van OECD-landen bij de globalisering van productie op zowel macro-economisch als op sector-specifieke niveaus. Bespreking van kosten en opbrengsten met de nadruk op werkgelegenheid en productiviteit. Analyse van de invloed van globalisering op concurrentie en nadruk op noodzaak van een effectieve innovatiestrategie. (B26062)
- Harjes, Th.; IMF, Globalization and income inequality : a European perspective
[Washington] : IMF, 2007.
Working paper, WP/07/169
Er is in Europa groeiende bezorgdheid over de invloed van globalisering op hoge levensstandaard. Deze zorgen zijn ontstaan na de daling van het aandeel van het arbeidsinkomen in het gezamenlijk nationaal inkomen. De paper analyseert de ontwikkeling van de inkomensverdeling in de afgelopen decennia. (B25990)
- Agtmael, A. van, De nieuwe multinationals : hoe bedrijven uit Brazilië, China, India, Korea en Mexico de westerse markten overnemen
Amsterdam : Business Contact, 2007.
Antoine van Agtmael, expert op het gebied van emerging markets, beschrijft in dit boek de multinationals die binnen niet al te lange tijd de machtsbalans op de wereldmarkt zullen verschuiven. Deze multinationals komen nu eens niet uit Amerika of Europa, maar voornamelijk uit landen met opkomende economieën, zoals Brazilië, Mexico, Korea, India en China. Van Agtmael onthult wat dit voor bedrijven zijn en hij analyseert hoe ze strategisch opereren, kunnen groeien, de top bereiken en hun westerse concurrenten uit de markt drukken. Maar tegelijk laat hij zien hoe westerse bedrijven hiervan kunnen leren en zich ertegen te weer kunnen stellen. Bevat de volgende hoofdstukken: Inleiding: Hoe ‘opkomende markten’ zijn ontstaan. Deel I Mondialisering kent geen grenzen: 1 Wie volgt?; 2 Tegen de verwachtingen in. Strategieën waarmee opkomende multinationals wereldbedrijven werden; Deel II Een nieuwe soort; 3 Buiten het bereik van de radar: mondiale merken opbouwen vanuit opkomende markten; 4 Andere manieren om merkleider te worden: overname, of wachten tot het je in de schoot wordt geworpen; 5 De grootste exporteurs in China komen uit Taiwan: in de anonimiteit een mondiale positie opbouwen; 6 Eerst imitator, nu innovator; 7 Uw nieuwe mondiale werkgever?; 8 Het uitbestedingsmodel op z’n kop; 9 Producenten van massagoederen die hun sector herdefinieerden; 10 Alternatieve energieproducenten; 11 De revolutie van goedkope hersenkracht; 12 Nieuwe mondiale mediasterren. Deel III Dreigingen omzetten in kansen. 13 Een creatieve reactie; Deel IV Handboek voor de investeerder 14 Investeren in de eeuw van de opkomende markten: tien regels. Vert. van: The emerging markets century (B25958)
- SMO; Volberda, H. W.; Bosch, F. A. J. van den; Jansen, J. J. P.; Szczygielska, A.; Roza, M. W., Inspelen op globalisering : offshoring, innovatie en versterking van de concurrentiekracht van Nederland
Den Haag : SMO, 2007.
SMO, nr. 2007-3
In deze publicatie staat de wisselwerking tussen globalisering, offshoring en het behoud van de internationale concurrentiepositie van Nederlandse organisaties centraal. Deze onderwerpen worden belicht aan de hand van een drietal recente onderzoeksprojecten van het Erasmus Strategic Renewal Centre (ESCR). Op basis van het Global Competitiveness report wordt de Nederlandse economie gepositioneerd ten opzichte van zowel andere westerse landen als opkomende economieën. Deze laatste spelen een steeds belangrijkere rol in de offshoring. Vervolgens worden de resultaten van de survey van het Offshoring Research Network (ORN) geanalyseerd. In dit netwerk participeert, naast business schools uit andere vijf landen, ook het ESRC. Hier wordt vooral aandacht besteed aan voor onderwerpen als risico's, motieven, locaties en toegepaste organisatiemodellen voor offshoring. Daarna worden de uitkomsten besproken van de Erasmus Concurrentie en Innovatie Monitor 2006, waarin de invloed van offshoring op innovatie binnen Nederlandse bedrijven is onderzocht. Tot slot wordt ingegaan op recente bevindingen ten aanzien van de rol van sociale innovatie in het vergroten van het innovatievermogen van Nederlandse organisaties. Gezamenlijk geven deze onderzoeken antwoord op de vraag of het Nederlandse bedrijfsleven offshoring als nieuw bedrijfsmodel toe kan passen. Wat heeft het verplaatsen van hoogwaardige bedrijfsactiviteiten voor gevolgen voor de concurrentiekracht van Nederland? Gaat offshoring verder dan kostenbesparing. Het boek geeft nieuwe inzichten in de laatste stand van zaken op het gebeid van het verplaatsen van bedrijfsactiviteiten naar het buitenland. Daarnaast wordt nieuw licht geworpen op de gevolgen van offshoring voor het Nederlandse bedrijfsleven en op de rol die sociale innovatie kan vervullen voor het versterken van de innovatiekracht en internationale concurrentiepositie van Nederland. (B25926)
- ILO; Anderson, P.; [et al.], International and social policy review 2007
Geneve : ILO, 2007.
Eerste editie van een jaarlijke ILO-uitgave. De bijdragen in deze publicatie vormen een weerspiegeling van een groot aantal aspecten vanuit mondiaal werkgeverschap, voorgesteld vanuit nationaal perspectief. Ontworpen om een momentopname te presenteren van de belangrijkste arbeidsmarktaspecten en -ontwikkelingen. Globalisering is de rode draad in deze uitgave. Alle artikelen vormen een weerspiegeling van de veranderingen en de reacties van de maatschappij op de toegenomen mondiale economische integratie. Of het nu gaat om de toenemende grensoverschrijdende mobiliteit, de verhoogde nadruk op productiviteit om wereldwijd te concurreren, de rol van ondernemingen in de maatschappij, de behoefte om onze structuren en kaders aan te passen om de toekomst onder ogen te zien, of het belang van dialoog in onze beleidsdebatten. De bijdragen in deze uitgave onderstrepen vooral het belang om ons aan te passen aan de steeds toenemende globalisering. Bevat de volgende bijdragen: Labour relations reform in Australia - the employer perspective; The industrial relations climate in Colombia; Migration and its impact on the Irish labour market: experiences of a receiving country; Investing in social capital in South Africa; Productivity - Case study of the factory improvement programme in Sri Lanka; The relationship between international labour standards and companies; The role of business within society. (B25834)
- Giddens, A.; [et al.], Global Europe, social Europe
Cambridge : Polity Press, 2006.
Sociaal Europa - de verzorgingsstaat - ligt onder vuur. Hoe moeten pro- Europeanen hierop reageren? Welke toekomst is er voor het Europees sociaal model? Hoe moet Europa omgaan met de concurrende druk vanuit India, China en andere industrialiserende landen? In deze publicatie wordt antwoord gegeven op deze vragen in de volgende bijdragen: A social model for Europe; Globalization: a European perspective; East versus West? The European economic and social model after enlargement; Migrating workers and jobs: a challenge to the European social model?; The vulnerability of the European project; Social change and welfare reform; The European socioeconomic model; The European social model - gender and generational equality; Social justice reinterpreted: new frontiers for the European welfare state; A knowledge economy paradigm and its consequenses; The environment in the European social model; Immigration: a flexible framework for a plural Europe; Economic reform, further integration and enlargement: can Europe deliver?; Friends, not foes: Europan integration and national welfare states; A common social justice policy for Europe. (B25813)
- Dicken, P., Global shift : mapping the changing contours of the world economy
Londen : Sage Publications, 2007.
De publicatie schetst de verschuivende contouren van de wereldeconomie en de processen van de mondiale verschuivingen. Vervolgens wordt een beeld gegeven van de verschillende industriële sectoren. Tot slot wordt ingegaan op de vraag wie de winnaars en de verliezers zijn van de globalisering. Inhoud: Part one: 'The shifting contours of the global economy': Questioning 'globalisation'; Global shift: the changing global economic map. Part two: 'Processes of global shift': Technological change: 'gales of creative destruction'; Transnational corporations: the primary 'movers and shapers' of the global economy; 'Webs of enterprise': the geography of transnational production networks; 'The state is dead ... Long live the state'; 'Doing it their way': variations in state economy policies; Dynamics of conflict and collaboration: the uneasy relationship between TNCs and states. Part three: 'The picture in different sectors': 'Fabricating fashion': the clothing industries; 'Wheels of change': the automobile industry; 'Chips with everything': the semiconductor industry; 'We are what we eat': the agro-food industries; 'Making the world go round': financial services; 'Making the connections, moving the goods': the logistics and distribution industries. Part four: 'Winning and losing in the global economy': Winning and losing; an introduction; Good or bad? Evaluating the impact of TNCs on home and host economies; Making a living in developed countries: where will the jobs come from; Making a living in developing countries; sustaining growth, enhancing equity, ensuring survival; making the world a better place. 5th ed. (B25812)
- Groot, H. de; Tang, P.; Bergeijk, P.; Nahuis, R.; [et al.], Struisvogels en dwarskoppen : economen zoeken het publieke debat
Z.P. : H. de Groot, 2007.
Publicatie waarin drogredenaties in het publieke debat worden ontzenuwd. De publicatie omvat vier thema's: het proces van globalisering; ongelijkheid en verzorgingsstaat; marktwerking; duurzame economische groei. Met de volgende bijdragen: Over struisvogels en dwarskoppen; Nederland en de opkomst van Azië; De wereld is (gelukkig) niet plat; De interne markt in Europa: best wel belangrijk!; Onbegrijpelijk Europa; De onderkant van de arbeidsmarkt in een veranderende wereld; Divergerende lonen, technologische ontwikkeling en consumentengedrag; Hoe wordt Nederland Miss Europe?; Menselijk kapitaal, gelijkheid en de welvaartsstaat; Rondpompen van geld; Verwarring over marktwerking en privatisering; De holistische markteconoom; Waarom het CPB beter zou kunnen voorspellen maar dat niet hoeft; Kanttekeningen bij het nieuwe zorgstelsel; Over-regulering van notaris en advocaat?; Hoe fijn is klein?; Concurrentie en innovatie: lessen voor beleid; Waarom deden we het ook alweer?; Kan nieuwe schone technologie het klimaat redden?; De keuze om niet te kiezen: biografie van Richard Nahuis. Het boek is verschenen ter nagedachtenis aan econoom Richard Nahuis. (B25792)
- Brookings Inst; [et al.], Brookings trade forum 2005 : offshoring white-collar work
Washington : Brookings Inst. Press, 2006.
Jaaruitgave van het Brookings Instituut. Thema is dit keer offshoring van administratief werk. Bevat de volgende bijdragen: In het deel 'What do we learn from trade theory?': Modelling the offshoring of white-collar services: from comparative advantage to the new theories of trade and foreign direct investment; Service offshoring: threats and opportunities. In het deel 'Exploring the empires': Tradable services: understanding the scope and impact of services offshoring; Trends in employment at U.S. multinational companies: evidence from firm-level data; Potential offshoring: evidence from selected OECD countries. In het deel 'Offshoring - India's role': Information-technology-enabled services and India's growth prospects; Globalization and the offshoring of services: the case of India; In het deel 'Lessons from industry studies': Offshoring in the semiconductor industry: a historical perspective; Service management and employment systems in U.S. and Indian call centers; Determinants of operational risk in global sourcing of financial services: evidence from field research; The emerging offshore software industries and the U.S. economy; Offshoring and radiology. In het deel 'What role for policy?': A fairer deal for America's workers in a new era of offshoring; The role of U.S. tax policy in offshoring. (B25682)
- Bhagwati, J., In defense of globalization
Oxford : Oxford University Press, 2004.
Het boek is een pleidooi voor globalisering. Bhagwati gaat in op de argumenten van antiglobalisten en toont aan dat zij ongelijk hebben. Hij benadrukt dat meer handel leidt tot groei en dat economische groei armoede zal doen afnemen. Bevat de volgende delen en hoofdstukken:
I. Coping with anti-globalization: Anti-globalization: why?; Globalization: socially, not just economically, benign; Globalization is good but not good enough; Non-government organizations. II. Globalization's human face - trade and corporations: Poverty: enhanced or diminished?; Child labor: increased or reduced?; Women: harmed or helped?; Democracy at bay?; Culture imperiled or enriched?; Wages and labor standards at stake?; Environment in peril?; Corporations: predatory or beneficial? III. Other dimensions of globalization: The perils of Gung-Ho International Financial capitalism; International flows of humanity. IV. Appropriate governance: making globalization work better; Appropriate governance: an overview; Coping with downsides; Accelerating the achievement of social agendas; Managing transitions: optimal, not maximal, speed. V. In conclusion: And so, let us begin anew. (B25664)
- CESifo; Sinn, H. W., The welfare state and the forces of globalization
München : CESifo, 2007.
CESifo Working Paper Nr. 1925
Door de opkomst van Aziatische landen en de participatie van de voormalig communistische landen in de wereldhandel is de evenwichtsprijs van arbeid in West Europa en ook daarbuiten gedaald. Toch reageert de daadwerkelijke prijs van arbeid nauwelijks, omdat de minimum vervangingsinkomens in verzorgingsstaten vastliggen. De starheid van lonen zorgt voor overdreven reacties in de Europese economie in termen van excessieve export van kapitaal, excessieve immigratie en excessieve structurele veranderingen voor wat betreft de kapitaal intensieve exportsectoren. De overdreven reacties veroorzaken werkloosheid, trage groei, een overschot op de betalingsrekening en een hoog exportvolume, en kan de opbrengsten uit de handel verminderen. Om te zorgen voor een meer efficiënte economische reactie die niet de sociale doelstellingen in gevaar brengt maar zorgt voor meer werkgelegenheid, groei en winst uit handel, wordt aanbevolen om de Europese welvaartsstaat te transformeren van een systeem dat voornamelijk vervangende inkomens betaald naar een systeem met loonsubsidies. (B25553)
- Centre for European Reform; [et al.], The Lisbon scorecard VII : will globalisation leave Europe stranded?
Londen : CER, 2007.
Globalisering en de snelle integratie van China en India in de internationale economie zorgt voor enorme kansen voor de Europese Unie. Maar alleen die lidstaten met een sterk concurrerende voorsprong op het gebied van geavanceerde, op kennis gebaseerde goederen en diensten zullen hiervan profiteren. De zevende Lissabon 'scorekaart' geeft een beeld van de prestaties op het gebied van innovatie, liberalisering, bedrijfsleven, werkgelegenheid en sociale insluiting, duurzame ontwikkeling en milieu. In de totaalcijfers scoren de Scandinavische landen, Nederland en Groot-Brittannië goed. Met de derde plaats op de ranglijst is Nederland het enige land dat er in slaagt om een hoge productiviteit te combineren met een hoge arbeidsparticipatie. (B25554)
- IMF; Guscina, A., Effects of globalization on labor’s share in national income
Washington : IMF, 2006.
Working paper, nr. WP/06/294
De afgelopen twee decennia gaven in verschillende industrielanden een daling te zien van het aandeel van arbeid in het nationaal inkomen. Dit rapport analyseert de rol van drie factoren die de bewegingen van het aandeel arbeid verklaren: technologische vooruitgang, open handel, en veranderingen in de protectie van werkgelegenheid. (B25528)
- Kaufmann, Ch., Globalisation and labour rights : the conflict between core labour rights and international economic law
Oxford : Hart Publishing, 2007.
Studies in international trade law
Door de grote veranderingen op de arbeidsmarkt zien staten zich geconfronteerd met nieuwe actoren en tegenstrijdige internationale wettelijke verplichtingen. Dit boek onderzoekt de spanningen tussen de fundamentele arbeidsrechten zoals die door de Internationale Arbeidsorganisatie (ILO) worden bepaald, en de belangen van internationale economische instellingen (zoals WTO, het IMF, de Wereldbank, OECD). Het geeft een analyse van de wettelijke interactie tussen internationale regelgeving en het beleid van nationale overheden met betrekking tot potentiële conflicten op het gebied van regelgeving, op zowel horizontaal als verticaal niveau. De studie doet een voorstel voor een model van consistentie op verscheidene niveaus om de zeer gespecialiseerde en versplinterde rechtssystemen met betrekking tot fundamentele arbeidsrechten enerzijds, en handelsliberalisering anderzijds, in overeenstemming te brengen, om zo een coherent kader van een consistente wettelijke orde te vormen. (B25516)
- Nieuwenhuis, E.; [et al.], Neo-liberal globalism and social sustainable globalisation
Leiden : Brill, 2006.
International studies in sociology and social anthropology, vol. 100
In dit boek komen auteurs uit verschillende disciplines aan het woord over de economische, filosofische, juridische, sociale, culturele, ethische en ecologische aspecten van (neoliberale) globalisering. Het doel van het boek is het leveren van bijdragen aan oplossingen voor wereldwijde problemen die gepaard gaan met het globaliseringsproces. Bevat de volgende bijdragen: The challenges of social sustainable globalisation. Part I - Neo-liberal globalism and philosophical presuppositions, bevat de volgende bijdragen: Liberal globalism - a defence; The ambiguity of globalism; Social sustainable globalisation requires a paradigm other than neo-liberal globalism; Individual freedom and ESOCUL rights: the illusions of Libertarianism. Part II - Neo-Liberal globalism and its institutional and political framework, bevat de volgende bijdragen: What's in it for us? Globalisation, international institutions and the less developed countries; Social sustainable globalisation and international law: in need of a new international constitutional balance; The odds of 'Liberalisation' as an informing principle of law, governance and development; Water as a social, economic and ecological good in a globalising world. Part III - Neo-Liberal globalism an non-state actors, bevat de volgende bijdragen: Morality and the legitimacy of non governmental organisations' involvement in international politics and policy making; Can corporate governance contribute to sustainable development; Sustainability reporting by companies is necessary for sustainable globalisation. (B25506)
- World Bank, Global economic prospects 2007 : managing the next wave of globalisation
Washington : World Bank, 2006.
Jaarrapport van de Wereldbank over internationale economische vooruitzichten. Thema is dit jaar globalisering. De bank verwacht dat in principe iedereen kan profiteren van de volgende ronde van globalisering. Het rapport gaat verder in op de inkomensverdeling, de gevolgen van globalisering voor de arbeidsmarkt, en de gevolgen van globalisering voor het milieu. (B25456)
- Stiglitz, J. E., Eerlijke globalisering
Utrecht : het Spectrum, 2006.
In de publicatie beschrijft Stiglitz wat er nodig is om de onstuitbare globalisering te laten werken voor de mensen die er het meest nood aan hebben: de armen en de inwoners van de Derde Wereld. Stiglitz blikt terug op de afgelopen jaren, gaat in op de snelle ontwikkelingen in de wereldeconomie, biedt oplossingen voor de belangrijkste problemen voortkomend uit de globalisering en blikt vooruit op de toekomst. Hij doet radicale voorstellen als het gaat om de schuldenverlichting van de armste landen, stelt een nieuw systeem van financiële reserves voor om internationale financiële instabiliteit te voorkomen en schetst een raamwerk waarbinnen milieuvervuiling als gevolg van de stijgende vraag naar energie kan worden tegengegaan. Ook betoogt hij dat ingrijpende hervormingen nodig zijn binnen VN, IMF en Wereldbank om ervoor te zorgen dat deze instituties toegerust zullen zijn om de problemen van deze tijd aan te kunnen pakken. Bovenal zegt Stiglitz dat we onze manier van denken moeten veranderen. Meer dan ooit brengt de globalisering de landen en bevolkingen van de wereld bij elkaar in een gemeenschap van onderlinge afhankelijkheid. Ons handelen en denken moet zich niet langer beperken tot nationale belangen, we zullen bij steeds meer zaken over de grenzen moeten kijken. Dit boek is een eerste stap in die richting. (B25404)
- Rabobank Nederland; [et al.], Visie op 2007 : investeren in overmorgen
Utrecht : Rabobank, 2006.
Publicatie van de Rabobank over de financiële en macro-economische vooruitzichten voor 2007. De Rabobank verwacht ook voor 2007 in Nederland een robuuste en breed gedragen groei. Ook voor de wereldeconomie zijn de vooruitzichten gunstig, hoewel het groeitempo naar verwachting lager zal uitvallen dan in 2006. Thema is dit jaar globalisering, uitgewerkt in de studie ‘Nederland in een grenzeloze wereld’. Deze themastudie beschrijft hoe ons land zich de afgelopen decennia staande hield in het mondiale krachtenveld. Daarbij blijkt dat ons land in internationaal perspectief in veel opzichten verrassend succesvol was, maar dat dit diepe sporen in de structuur van onze economie trok. Vervolgens wordt de blik op de toekomst gericht en wordt ingegaan op de vraag: op welke wijze Nederland zich moet voorbereiden op de toekomst? (B25353)
- ILO, Changing patterns in the world of work
Geneve : ILO, 2006. 74 p.
International Labour Conference, 95th session 2006, report 1 (C)
Rapport over veranderende arbeidspatronen als gevolg van de globalisering. Het rapport noemt allereerst een aantal oorzaken voor de veranderingen. Vervolgens worden ontwikkelingen op de arbeidsmarkt beschreven. Hierbij komen o.a. aan de orde de veranderingen in de beroepsbevolking wereldwijd, de tekorten aan gekwalificeerde arbeidskrachten, de toename van internationale arbeidsmigratie, armoede en lonen. Verder worden de uitdagingen voor de toekomst van de sociale zekerheid beschreven en wordt ingegaan op de modernisering van de arbeidsmarkt. Bij dit laatste wordt onder meer aandacht geschonken aan de invloed van technologische veranderingen, de ontwikkelingen in arbeidsrecht, arbeidsvoorwaardenoverleg en sociale dialoog, de invloed van het systeem van internationale arbeidsnormen. Het laatste deel van het rapport bevat een vooruitblik en prognoses over de omvang van de beroepsbevolking, de invloed van technologie, de structuur van de arbeidsmarkt en de werkgelegenheid. (B25037)
- Whyman, Ph. B., Third way economics : theory and evaluation
Basingstoke : Palgrave MacMillan, 2006. 284 p.
Het aanwijsbare succes van een 'nieuwe' variant van de sociaal-democratie heeft gezorgd voor een aanzienlijke belangstelling voor de Derde Weg. De publicatie geeft een synthese van de economische strategie van de Derde Weg politiek. Achtereenvolgens komen aan de orde: Wat is de Derde Weg; de Derde Weg als antwoord op globalisering; Afscheid van Keynes; de rol van de Centrale Bank en het monetair beleid; arbeidsmarktflexibiliteit; Hervorming van de collectieve sector en de welvaartsstaat; Regionale economische integratie; Evaluatie van de Derde Weg politiek in de praktijk. 'Echte' sociaal democratische alternatieven. (B24785)
- IMF, World economic outlook : april 2006 : globalisation and inflation
Washington : IMF, 2006.
Hafjaarlijks rapport van het IMF over de economische vooruitzichten. Volgens het IMF zal de groei van de wereldeconomie in 2006 uitkomen op 4,9 procent. Dat is 0,6 procentpunt meer dan waar het IMF in september2005 nog vanuit ging. De dure olie en natuurrampen hebben de groei van de wereldeconomie niet ernstig belemmerd. Voor het eerst in jaren wordt die groei niet uitsluitend gedragen door de VS en de uitbundige groei van China en andere opkomende markten. Europa en vooral Japan dragen hun steentje bij. De cijfers voor Nederland laten een krachtig herstel zien: 2,5% in 2006 en 2,4% in 2007. Het rapport gaat verder in op de invloed van de olieprijzen op de wereldeconomie, de invloed van de globalisering op de inflatie en de besparingen van ondernemingen. (B24731)
- ETUI; Hans Böckler Stiftung, From a European social model : to a globalised social model : issues and challenges
Brussel : ETUI, 2005.
Report, nr. 90
Rapport over de sociale dimensie van globalisering. Aan de orde komen de sociale dimensie van het Europese beleid; de vraag of het Europese sociale model kan worden geëxporteerd; de bilaterale stappen die de EU onderneemt (ACP, ASEM, Mercosur, Euro-Mediterranean partnership; ontwikkelingen m.b.t. arbeidsnormen; initiatieven vanuit de particuliere sector m.b.t. maatschappelijk verantwoord ondernemen. (B24687)
- ILO; Auer, P.; Besse, G.; Méda, D.; Intern. Inst. for Labour Studies [et al.], Offshoring and the internationalization of employment : a challenge for a fair globalization? : proceedings of the France / ILO symposium Annecy 2005
Geneve : ILO, 2006. 253 p.
Proceedings van de derde Annecy Symposium, van april 2005. Tijdens het symposium stond de volgende stelling centraal. Globalisering mag dan wel een verhoging van het algemene welzijn en een vermindering van de armoede van de deelnemende landen betekenen, uiterlijk lijkt de globalisering meer op een banen verslindend monster met weinig compensatiemogelijkheden voor degenen die hiervan de dupe zijn geworden. De publicatie analyseert de ontwikkelingen en patronen van de internationalisering van de werkgelegenheid, kijkt naar verliezers en winnaars, en doet nieuwe beleidsvoorstellen voor compensatie. Bevat de volgende bijdragen: Offshoring and the internationalization of employment; Globalization and employment; Globalization and its impact on jobs and wages; Service jobs on the move – offshore outsourcing of business related services; Trade, employment and outsourcing: some observations on US – China economic relations; Using active and passive employment policies to accompany globalization-related restructuring; The internationalization of employment and the debate about offshoring in France: legal perspectives; Social accompaniment measures for globalization: sop or silver lining?; Better governance of the internationalization of employment; The role of international labour standards for governing the internationalization of employment; The role of labour law for industrial restructuring; The social dimension of globalization and changes in law; International outsourcing, employment, and inequality: some issues; Notes on the France/ILO dialogue on the social dimension of globalization; Internationalization of employment: notes on Latin American countries. (B24617)
- Singh, K., Questioning globalization
Delhi : Madhyam Books, 2005.
Ingegaan wordt op vragen als: Stimuleert financiële globalisering de investeringen en de economische groei; Wat zijn de regels voor investeringen, en voor wie gelden die regels?; Bevordert globalisering de democratie en de mensenrechten; Wat is goed overheidsbestuur (good governance)?; Hoe global is globarisering; Kan globalisering overleven zonder de nationale staten?; Is globalisering onomkeerbaar? (B24559)
- Gangopadhyay, P.; [et al.], Economics of globalisation
Aldershot : Ashgate, 2005.
Aandacht voor de relatie tussen economie en globalisering. Zeven thema's staan centraal: grensoverschrijdende handel, grensoverschrijdende mobiliteit van mensen en kapitaalstromen; het ontstaan van een nieuwe internationale orde; het homogeniseren van economische culturen, technologieën en instituties; de gevolgen voor de arbeidsmarkt; aspecten van corporate governance; en de mogelijkheden van een global society .Bevat de volgende bijdragen: Economics of globalisation - which way now?; Economic development and the gains from international trade and investment; Crises: the price of globalisation?; IMF perspectives and alternative views on the Asian crisis; Globalisation and economics; Globalisation of the world economy: potential benefits and costs and a net assessment; Globalisation in stages; Sustainable mobility and globalisation: new challenges for policy research; Globalisation, South-North migration, and uneven development; Ethical issues for multinationals in the age of globalisation; The governance of regional networks and the process of globalisation; Globalisation of the cooperative movement; International aviation; globalisation and global industry; Internet and globalisation; Financial development and growth: the APEC experience; Strategic management of operation exposure; Foreign shareholding and trade policy; Reciprocal dumping: a generalised approach; Welfare in a unionised bertrand duopoly; Corruption, globalisation and domestic environmental policies; Globalisation and market integration: Spain as a case study; Economics of globalisation. (B24572)
- Sachs, J., Het einde van de armoede : hoe we dit doel binnen twintig jaar kunnen bereiken
Rotterdam : Lemniscaat, 2005.
In zijn boek 'Het einde van de armoede' geeft Sachs, antwoord op de vraag die hij zichzelf stelt: Hoe kunnen we een halt toeroepen aan de cyclus van extreme armoede, slechte gezondheid en hoge schulden die meer dan een miljard mensen in de greep houd? Sachs laat zien hoe mensen in ontwikkelingslanden kunnen ontsnappen aan de armoedefuik door samen te werken met hun welvarende tegenhangers. Bevat de volgende hoofdstukken: Een portret van een global village; De verspreiding van economische welvaart; Waarom sommige landen achterblijven; Klinische economie; Bolivia, hyperinflatie op grote hoogte; De terugkeer van Polen naar Europa; Stormachtige ontwikkelingen: Ruslands moeizame normaliseringsproces; China: een inhaalslag om vijfhonderd jaar achterstand weg te werken; India's markthervormingen, hoop overwint angst; De stervenden die niet worden gehoord, Afrika en ziekte; Het millennium, 11 september en de Verenigde Naties; Praktische oplossingen voor het beëindigen van de armoede; De noodzakelijke investeringen om een einde aan de armoede te maken; Een wereldwijd pact om een einde aan de armoede te maken; Kunnen de rijken de armen wel helpen?; Mythen en tovermiddelen; Waarom we het moeten doen; De uitdaging voor onze generatie. (B24475)
- ILO; [et al.], Competing for global talent
Geneve : ILO, 2006. 275 p.
The publicatie bevat bijdragen over migratie van geschoolde arbeidskrachten en bijdragen over de ervaringen hiermee van Groot-Brittannië, VS, Australië, Singapore, Japan, China en India. Ingegaan wordt op de sociaal-economische en culturele uitdagingen die de verhoogde internationale arbeidsmobiliteit met zich meebrengt. Bevat de volgende bijdragen: Part I. New forms of competition: Global competition for skilled workers and consequences; Students and talent flow – the case of Europe: From castle to harbour?; Part II – National perspectives: Brain strain and other social challenges arising from the UK’s policy on attracting global talent; Competing for global talent: The US experience; Australian experience in skilled migration; Foreign talent and development in Singapore; Current migration of IT engineers to Japan: Beyond immigration control and cultural barriers; Learning to compete: China’s efforts to encourage a "reverse brain drain"; India’s experience with skilled migration; Part III – International Relations and global talent: Competing for global talent in an Age of Turbulence (B24456)
- OECD, Measuring globalisation: OECD economic globalisation Indicators
Parijs : OECD, 2005.
OECD publishing 2005
Presentatie van de belangrijkste gegevens uit het Handbook on Economic Globalisation Indicators. Aandacht voor kapitaal bewegingen en buitenlandse directe investeringen, activiteiten van multinationals, internationalisering van technologie en internationale handel. Het overzicht helpt economische activiteiten van lidstaten te identificeren, die onder buitenlandse controle staan. En meer in het bijzonder de bijdrage van multinationals aan groei, werkgelegenheid, productiviteit, ondezoek en ontwikkeling, technologie en internationale handel. (B24442)
- Friedman, Th. L., De aarde is plat : ontdekkingsreis door een geglobaliseerde wereld
Amsterdam : Nieuw Amsterdam, 2005.
Beschrijving van de veranderingen in de wereld sinds de eeuwwisseling en van het nieuwe tijdperk dat vóór ons ligt. Aan het begin van de 21e eeuw is volgens Friedman de globalisering een nieuwe fase in gegaan die van het 'platter' worden van de aarde. De explosie van geavanceerde technologieën betekent dat zich over de hele planeet opeens kenniscentra met elkaar hebben verbonden, zodat bijvoorbeeld Indiase accountants of software-ontwerpers een idee delen, hun krachten bundelen of rechtstreeks concurreren met hun Amerikaanse of Europese tegenvoeters. Professionals uit alle windstreken werken vanuit hun eigen huis alsof hun kantoren naast elkaar liggen. Friedman ontrafelt de dikwijls verbijsterende taferelen die zich wereldwijd voor onze ogen ontvouwen en die we nog nauwelijks kunnen vatten. Hij legt uit hoe wij ons aan deze nieuwe wereld kunnen en moeten aanpassen. (B24365)
- OECD, Trade and structural adjustment
Parijs : OECD, 2005.
De publicatie bespreekt voor zowel de industriële landen als de ontwikkelingslanden, de eisen voor succesvolle handelsgerelateerde structurele aanpassingen door herverdeling van arbeid en kapitaal naar een meer efficiënt gebruik, met een beperking van de kosten voor zowel individuen als de maatschappij al geheel. (B24164)
- Pronk, J., Willens en wetens : gedachten over globalisering en politiek
Amsterdam : Bert Bakker, 2005.
De globalisering heeft de politieke en economische verhoudingen door elkaar geschud. het karakter van wat vroeger vooruitgang heette is grondig gewijzigd. De armoede in de wereld wordt ‘willens en wetens’ in stand gehouden door de internationale elites en de middenklassen. Die uit de Derde Wereld evengoed als die uit de rijke landen. Zij plukken de vruchten van de mondialisering van de economie, zij voelen zich onderling meer verbonden dan met de armen in eigen land. In 'Willens en wetens' gaat jan Pronk in op een aantal oorzaken en gevolgen van deze ontwikkeling. Het boek gaat over normen en waarden in de politiek, over elementen uit het sociaal-democratisch gedachtengoed, over internationale samenwerking en wat daarvoor doorgaat. (B24142)
- World Commission on the social dimension of globalization ; ILO, A fair globalization : creating opportunities for all
Geneva : ILO, 2004.
Rapport over globalisering. Een commissie, die is samengesteld uit leden over de hele wereld probeert globalisering op een beter en hoger internationaal niveau te brengen. Aandachtspunten hierbij zijn: concentratie op mensen, een democratische en effectieve staat, duurzame ontwikkeling, productieve markten, eerlijke regels, globalisering met solidariteit, grotere verantwoordelijkheid, betere samenwerking en effectieve United Nations. (B26058)
- Europese Cie; High Level Group on the future of social policy in an enlarged European Union, Report of the High Level Group on the future of social policy in an enlarged European Union
Luxemburg : EG, 2004.
Employment & social affairs
Rapport bedoeld als bijdrage ter overweging voor de sociale agenda tot 2010 van de nieuwe Europese Commissie. De publicatie gaat in op de drie belangrijkste uitdagingen voor de komende sociale agenda: uitbreiding, vergrijzing, en globalisering. De High Level Group is van mening dat de nieuwe sociale agenda moet worden ontworpen binnen de kaders van de Lissabon strategie, ondanks dat de strategie moet worden geactualiseerd. Verder definieert het rapport de belangrijkste beleidsoriëntaties, oa.: De focus van de Europese werkgelegenheidsstrategie op drie doelen: doorwerken tot op hogere leeftijd, implementatie van een leven lang leren, en economisch herstel; Hervorming van het systeem van sociale zekerheid; zorgen voor sociale insluiting; de ontwikkeling van een Europees immigratiebeleid. Tot slot wordt ingegaan op het combineren van alle Europese instrumenten om strategische doelen te bereiken. (B22874)
- ILO, A fair globalization : the role of the ILO : report of the Director-General on the World Commission on the Social Dimension of Globalization
Geneve : ILO, 2004.
Rapport over de rol van de ILO bij globalisering. Zes beleidsthema's worden nader bekeken: Nationaal beleid inzake globalisering; Passend werk in productiesystemen; Globalisering als samenhang voor groei, investeringen en werkgelegenheid; De constructie van een sociaal-economische laag; De mondiale economie en de grensoverschrijdende bewegingen van mensen; Versterking van het systeem van internationale arbeidsnormen; De rol van de ILO bij globalisering. (B22855)
- ILO; Intern. Inst. for Labour Studies; Dore, R., New forms and meanings of work in an increasingly globalized world
Geneve : ILO, 2004.
Social Policy Lectures 2003 over nieuwe vormen van arbeid en de betekenis van arbeid bij toenemende globalisering. Bevat de volgende lectures: The pains and rewards of work in the twenty-first century; The concrete meanings of labour market flexibility; The direction of social change; Global markets and national employment systems. (B22853)
- Molle, W., Global economic institutions
Londen : Routledge, 2003.
Ingegaan wordt op de dynamiek van globalisering en hoe om te gaan met de effecten van globalisering. Verder wordt besproken hoe economische instituties op het gebied van globalisering werken en wordt gekeken naar de effecten die organisaties als de WTO, IMF, UNEP e.d. hebben op handel, financiën, milieu, transport en telecommunicatie. (B22561)
- ILO; World commission on the social dimension of globalization, A fair globalization : creating opportunities for all
Geneve : ILO, 2004.
Eindrapport van de ILO Wereld Commissie voor de sociale dimensies van globalisering. De Wereldcommissie bestaat uit 26 leden waaronder parlementariërs, sociale en economische experts, multinationals en een aantal vakbondsleiders. Het rapport beschrijft de sociale en economische gevolgen van globalisering. Uit het rapport blijkt dat globalisering niet voor iedereen even grote voordelen biedt. Het rapport adviseert een forum in het leven te roepen, opgezet door internationale organisaties die zich in moet zetten voor een meer eerlijke vorm van globalisering. Het ‘Globalisation Policy Forum’ moet zorgdragen voor samenhang tussen internationale instituten en sociale problemen. (B22503)
- Rischard, J. F., High noon : twenty global problems, twenty years to solve them
New York : Basic Books, 2002.
Inventarisatie van twintig wereldwijde problemen op het gebied van milieu en economie, met suggesties voor oplossingen. Jean-François Rischard, onderdirecteur van de Wereldbank, laat zien dat de huidige middelen ontoereikend zijn om mondiale problemen op het gebied van milieu, armoede en migratie op te lossen. Internationale bijeenkomsten en verdragen schieten tekort. Rischard stelt voor om global issues networks op te richten waarin overheden, bedrijven en maatschappelijke organisaties per probleem hun kennis bundelen. Die netwerken zouden normen formuleren die richtinggevend zijn bij de besluitvorming van regeringen en internationale instituties. Een pressiemiddel daarbij is het machtige middel van de publiciteit. (B22142)
- Elliott, K. A.; Freeman, R. B., Can labor standards improve under globalization?
Washington : Inst. for Intern. Economics, 2003.
Aandacht voor practische benadering van het verbeteren van arbeidsomstandigheden in een meer geïntegreerde wereldeconomie. Onderzoek naar wat daaraan tot nu toe is gedaan en wat er nog moet gebeuren om een en ander te verbeteren. Zowel ILO als WTO kunnen hierbij een rol vervullen. (B21935)
- OECD, Regionalism and the multilateral trading system
Parijs : OECD, 2003.
Dit rapport vergelijkt de mogelijkheid tussen het maken van regionale handelsafspraken en de afspraken binnen het WTO. Aan de orde komen afspraken in de volgende sectoren en onderwerpen: dienstverlening, investeringen, concurrentiebeleid, overheidsaankopen, milieubeleid en arbeidsmobiliteit. (B21918)
- OECD, Trade and competition : from Doha to Cancún
Parijs : OECD, 2003.
Samenvatting van de recente werkzaamheden van de OECD Joint Group on Trade and Competition dat als basis heeft gediend voor de discussies van het Global Forum in Parijs in mei 2003. Hoofdthema's waren effectieve maatregelen tegen kartelvorming en de bevordering van eerlijke concurrentie en handel. (B21907)
- ILO; Ghose, A. K., Jobs and incomes in a globalizing world
Geneve : ILO, 2003.
Publicatie over de gevolgen van de globalisering voor werkgelegenheid, lonen en inkomensverdeling. De publicatie gaat in op de bezorgdheid over deze problematiek aan de hand van een analyse van de effecten van de toename van de handel tussen Noord en Zuid. Aangetoond wordt dat in tegenstelling tot eerdere veronderstellingen de mondiale inkomensongelijkheid daalt, de migratie van Zuid naar Noord afneemt, en dat de baankansen en lonen in een groot aantal ontwikkelingslanden stijgen. Verder worden geen bewijzen gevonden van slechtere arbeidsnormen in de landen die integreren noch dat de globalisering verantwoordelijk is voor de nadelen die op de arbeidsmarkt optreden voor wat betreft lager opgeleiden in de geïndustrialiseerde landen. (B21849)
- World Bank, Globalization, growth, and poverty : building an inclusive world economy
New York : Oxford University Press, 2002.
Policy research report
Economische integratie op wereldniveau heeft meegeholpen aan vermindering van armoede. Maar de wereldeconomie moet meer doen; rijke landen kunnen veel doen middels hulp en handelsbeleid en het helpen van marginale landen op het pad van integratie. En het openen van hun beschermde markten. (B21524)
- WRR, Nederland handelsland : Het perspectief van de transactiekosten
Den Haag : SDU, 2003.
Rapporten aan de regering, nr. 66
Dit rapport tracht de vraag te beantwoorden of Nederland in de toekomst zijn positie als vooraanstaande handelsnatie zal weten te behouden en aan welke voorwaarden daarvoor moet worden voldaan. De reden om deze vraag te stellen is gelegen in twee structurele ontwikkelingen die op langere termijn ingrijpende gevolgen kunnen hebben voor de wereldhandel en voor de positie van Nederland als handelsnatie: de mondialisering en de informatisering. (B21496)
- ETUI; [et al.], The solidarity dilemma : globalisation, Europeanisation and the trade unions
Brussel : ETUI, 2002.
Aandacht voor de relatie tussen globalisering, Eureopanisering en de vakbeweging. Centraal staat de vraag of de internationale solidariteit van de vakbeweging kan samengaan met de internationale kapitaalstromen in het globaliseringsproces. Opgenomen zijn de volgende bijdragen: Introduction: The 'solidarity dilemma': globalisation, europeanisation and trade union policy; Globalisation, the European social model and international regulation; Globalisation, the new regionalism and the trade unions; International enterprises as global players? Challenges and opportunities for industrial relations; European trade unions: from internationalism to social actors in global society; European trade unions: coping with globalisation; Beyond the myth: 'international solidarity' as a challenge to trade unions in the age of globalisation and europeanisation; The coördination of collective bargaining at the ETUC. (B21394)
- World Bank; Aidt, T.; Tzannatos, Z., Unions and collective bargaining : economic effects in a global environment
Washington : World Bank, 2002.
Rapport van de Wereldbank over de vakbeweging en collectief onderhandelen. Uit het rapport blijkt dat de economie van een land er beter op wordt als een groot aantal werknemers lid is van een vakbond. De Wereldbank constateert in zijn onderzoek dat een hoge organisatiegraad kan leiden tot lagere werkloosheid, minder inflatie, hogere productiviteit en snellere aanpassing aan economische ups en downs. (B21356)
- Norberg, J., Leve de globalisering
Antwerpen : Houtekiet, 2002.
'Leve de globalisering' is het eerste standaardwerk dat fundamenteel de standpunten en het doemdenken van de antiglobaliseringsbeweging weerlegt, de discussie over globalisering in een veel minder somber daglicht plaatst en een alternatief aanbiedt. Antiglobalisten beweren dat vrije handel de ongelijkheid in de wereld vergroot, dat kapitalisme mensen arm houdt, dat economische groei het milieu schaadt, dat multinationals de lonen laag houden, en dat vrije financiële markten crises veroorzaken. Allemaal fabels, aldus Norberg. Van de vrije markt profiteert arm en rijk. Niet de globalisering is een probleem, maar het gebrek aan globalisering. Niet de vrije handel veroorzaakt honger en ellende in de Derde Wereld, maar de afwezigheid van vrije handel. Norberg schuwt in zijn boek geen enkel heet hangijzer: kinderarbeid, kapitaalvlucht, milieuverloedering, de Tobintax, muntspeculatie, de eis tot schuldkwijtschelding voor de ontwikkelingslanden, het rampzalige effect van Europese landbouwsubsidies op de Derde Wereld, de onweerlegbare samenhang tussen democratie, vrije meningsuiting en vrijemarkteconomie en de zogenaamde aantrekkingskracht van lageloonlanden voor westerse bedrijven. Telkens herleidt Norberg de mythes die de antiglobalisten hierover al enkele jaren de wereld insturen tot emotionele kreten. Hij doet dat aan de hand van harde feiten, eenvoudige statistieken en de laatste onderzoeksresultaten. De publicatie werd in Amerika bekroond met de Antony Fisher International memorial Award. (B21220)
- SMO; Liemt, G. van, Het wereldbeeld van antiglobalisten : op zoek naar een alternatief
Den Haag : SMO, 2002.
SMO, nr. 2002-7
Globalisering roept sterke emoties op. De voordelen van een open wereldeconomie zijn omstreden. Het belang van de burger komt in de knel als globalisering wordt overgelaten aan het bedrijfsleven. Antiglobalisten willen een ander soort globalisering - eerlijk, democratisch en met aandacht voor mensenrechten en duurzame ontwikkeling. Ze vinden dat besluitvorming in de WTO transparanter moet worden. Ondernemingen zouden meer aandacht moeten besteden aan brede maatschappelijke belangen en zich niet alleen laten leiden door kortetermijnwinstbejag. Antiglobalisten doen meer dan achter spandoeken aanlopen. Dit boek laat zien wat ze doen en waarom, hoe ze het doen en hoe succesvol ze zijn. Vert. van Towards a different kind of globalization or, how the anti-globalizers-view the world (B21210)
- Europese Cie, Responses to the challenges of globalisation: a study on the international monetary and financial system and on financing for development : working document of the Commssion services
Brussel : Europese Unie, 2002.
European economy, special report, nr. 1/2002
In het rapport staan de volgende vragen centraal: Wat zijn de stuwende krachten achter globalisering. Wat zijn hiervan de uitdagingen voor zowel het internationale monetaire en financiele systeem als voor de ontwikkelingslanden. Het rapport richt zich op twee thema's: de hervorming van het internationale financiële systeem als antwoord op de mondiale financiële crisis. En de financiering en het bevorderen van de ontwikkelingssamenwerking om zo de mondiale ongelijkheid te verminderen. (B20960)
- Sala-i-Martin, X.; NBER , The world distribution of income (estimated from individual country distributions)
Cambridge : NBER, 2002. 65 p.
NBER Working Paper, nr. 8933
Het werkdocument bevat een schatting van de inkomensverdeling wereldwijd bezien. Deze schatting is gemaakt door integratie van de individuele cijfers van inkomensverdeling van 126 landen in de periode 1970 - 1998. Tevens worden schattingen gemaakt van armoedecijfers (B20978)
- Balkenende, J. P. [et al.] ,Grasduinen in de nieuwe economie : uitdagingen in de netwerksamenleving
Barneveld : De Vuurbaak, 2002. 145 p.
GSEv-reeks, nr. 47
Deze bundel biedt een kennismaking met de nieuwe economie. Diverse auteurs benaderen dit fenomeen vanuit verschillende invalshoeken, maar plaatsen er ook kritische kanttekeningen bij. Bevat de volgende bijdragen: Wat is werkelijk van waarde in de Nieuwe Economie?; Beelden bij de Nieuwe Economie; In de ban van de economie: trends en hun grens; Netwerken in de kenniseconomie; Kennismanagement; Nieuw leren, nieuw onderwijzen; Recensie van Manuel Castells 'The rise of the Network Society'; Werknemer wordt werkondernemer; De netwerksamenleving: uitdagingen voor christenen; Van overlevingsgeloof naar belevingsgeloof; Schaduwvangst van alledag; De morele dimensie in de 21e eeuw en de verantwoordelijkheid van de kerk. (B20966)
- OECD, Measuring globalisation : the role of multinationals in OECD economies : volume I:
manufacturing sector
Parijs : OECD, 2002.
Overzicht van statistische gegevens met betrekking tot de rol die multinationals spelen in de
verwerkende industrie. (B20796)
- OECD, Measuring globalisation : the role of multinationals in OECD economies : volume II: services
Parijs : OECD, 2002.
Overzicht van statistische gegevens met betrekking tot de rol die multinationals spelen in de
dienstensector. (B20797)
- OECD; Sauvé, P., GATS : the case for open services markets
Parijs : OECD, 2002.
De publicatie geeft een overzicht van de economische voordelen van de plannen tot hervorming en liberalisering van het handels- en investeringsbeleid in de dienstensector bij de lopende onderhandeling in de General Agreement on Trade in Services (GATS). (B20788)
- Mestrum, F., Globalisering en armoede : over het nut van armoede in de nieuwe wereldorde
Berchem : EPO, 2002.
Dit boek plaatst de fundamentele gegevens over globalisering en armoede in een analytisch perspectief, en tegelijk is het een totaal nieuwe studie over de ideologie van de heersende machten. Er ontwikkelt zich een nieuw discours dat de kapitalistische economie legitimeert door er een humanistisch en caritatief kleurtje aan te geven. Allereerst wordt een kort overzicht gegeven van de belangrijkste problemen die het definiëren en meten van armoede met zich meebrengen. Vervolgens wordt een beschrijvend overzicht gegeven van de diverse benaderingen van armoede en armen in de documenten van internationale instellingen als de VN, de Wereldbank en de UNDP. Daarna wordt de hypothese van de politieke functie van het mondiale armoedeverhaal in detail verder uitgewerkt. Er wordt gekeken naar de invloed van het armoedeverhaal op het ontwikkelingsdenken in zijn politieke, economische en sociale dimensie. Ook het verhaal over de integratie van vrouwen in het ontwikkelingsproces wordt onder de loep genomen. (B20735)
- Stiglitz, J. E. , Globalization and its discontents
Londen : Allen Lane, 2002.
'Globalization and its discontents' is een kritiek op de uitwassen van de globalisering, en in het bijzonder op de rol die het IMF eind jaren negentig speelde bij de aanpak van de financiële crises in ontwikkelingslanden. De auteur spreekt uit ervaring. Stiglitz was in die tijd chief economist van de Wereldbank en maakte van nabij mee hoe eerst de Aziatische landen en daarna Rusland onderuit gingen. Het IMF-beleid maakte de crises naar zijn mening alleen maar erger, zonder oog te hebben voor de dramatische effecten. Joseph Stiglitz won in 2001 de Nobelprijs voor economie. (B20663)
- Soros, G., Globalisering
Amsterdam : Contact, 2002.
Economische rechtvaardigheid is volgens George Soros slechts mogelijk in een democratische samenleving en zijn doel is daarom het stimuleren en versterken van de open samenleving. Met name in het voormalige Oostblok bouwde Soros een netwerk op van scholen en instellingen om jongeren te leren wat nodig is voor een open samenleving. Ondanks zijn centrale positie in het economisch establishment ziet Soros in de toenemende globalisering een bedreiging voor de democratie en moet hij constateren dat onze nationale regeringen hopeloos achterlopen op de razendsnelle ontwikkelingen. Daartegenover staat dat na 11 september 2001 de bereidheid tot internationale samenwerking is toegenomen en daarmee de kans om te komen tot een rechtvaardiger verdeling van de welvaart. Veel meer dan in zijn andere boeken gaat Soros in op de praktische haalbaarheid van zijn idealen en ontwikkelt hij instrumenten waarmee een rechtvaardige verdeling op den duur ook werkelijk gestalte zou kunnen krijgen. Ned. vert. van: On globalization. (B20574)
- Hertz, N., De stille overname : de globalisering en het einde van de democratie
Amsterdam : Contact, 2002.
Van de honderd grootste economieën ter wereld, zijn er 51 in handen van multinationale ondernemingen en maar 49 worden er gevormd door nationale staten. Maar weinigen zijn zich bewust van deze economische overmacht. De media blijven berichten over het beleid en de handelingen van de gekozen politici, maar volgens de auteur hebben regeringen nauwelijks invloed of een vrije keuze om te handelen. Het zijn de wereldondernemingen die ons in feite regeren. De rollen zijn omgedraaid sinds de oliecrises begin jaren zeventig. Met deze antiglobalistische visie geeft Herz een Europees antwoord op Naomi Klein, die met 'No logo' (B19633 en B20096) dit onderwerp in Amerika aan de orde stelde. (B20269)