Literatuurlijst Arbeidsparticipatie etnische minderheden
SER-publicaties
- Boeken
- Tijdschriftartikelen en brochures
- SER, Niet de afkomst maar de toekomst : naar een verbetering van de arbeidsmarktpositie van allochtone jongeren
Den Haag : SER, 2007.
SER Adviezen, nr. 2007/01
De arbeidsmarktpositie van allochtone jongeren moet dringend verbeteren. Een van de opgaven voor de komende periode is hen stevig toe te rusten op duurzame arbeidsdeelname. Dat vraagt om een gezamenlijke inzet en extra investeringen van alle betrokkenen: onderwijsinstellingen, (organisaties van) werkgevers en werknemers, gemeenten, uitkerings- en bemiddelingsorganisaties (CWI, UWV) en uitzendbureaus, en uiteraard ook van allochtone jongeren zelf. Het kabinet moet krachtiger invulling geven aan zijn coördinerende en faciliterende taak. In het advies doet de raad aanbevelingen om de positie van jongeren van allochtone afkomst in het onderwijs en op de arbeidsmarkt te verbeteren. Het gaat dan om gerichte aanbevelingen over respectievelijk verhoging van het opleidingsniveau en over toetreding tot de arbeidsmarkt. Verder gaat de raad in op maatregelen voor een positieve beeldvorming en tegen discriminatie. Het advies bevat verder een beschrijving van de huidige arbeidsmarkt- en onderwijspositie van allochtone jongeren. De raad brengt het advies uit op eigen initiatief (advies eigener beweging) op voorstel van de FNV namens FNV Jong. De subcommissie heeft panelgesprekken gehouden met allochtone jongeren, leraren, werkgevers en deskundigen. Hun inbreng is meegenomen bij de voorbereiding van het advies. (B25442)
- SER, Inburgeren met beleid : advies over duale trajecten taalverwerving en arbeid
Den Haag : SER, 2003.
SER Adviezen, nr. 2003/10
Hoofdlijn van het advies 'Inburgeren met beleid' is dat migranten beter kunnen inburgeren als ze niet alleen Nederlands leren, maar daarbij ook werken of een beroepsopleiding volgen. Er moeten daarom meer combinatietrajecten van de grond komen. Daartoe is noodzakelijk dat gemeenten en het beroepsonderwijs bij hun inburgeringsbeleid meer rekening houden met de behoeften en mogelijkheden van werkgevers op de regionale arbeidsmarkt. Niet iedere migrant is echter vaardig genoeg om direct aan de slag te gaan. En de mogelijkheid van bedrijven om extra leer- en werkplekken aan te bieden is niet groot. De rijksoverheid en de gemeenten moeten daarom ook de gebruikelijke inburgeringscursussen grondig vernieuwen, onder andere door meer maatwerk te leveren. (B22132)
- SER, Kansen geven, kansen nemen : bevordering arbeidsdeelname etnische minderheden
Den Haag : SER, 2000. 204 p.
SER Adviezen, nr. 2000/03
In de adviesaanvraag wordt de vraag gesteld of het huidig instrumentarium nog wel toereikend is om de werkgelegenheid van minderheden te bevorderen en zo dit niet het geval is, welke alternatieven voorhanden zijn. Al met al stelt het kabinet een groot aantal specifieke vragen aan de raad, onder meer over de betekenis van ‘best practices’. Kernvraag is evenwel hoe kan worden gewaarborgd dat etnische minderheden voldoende profiteren van het algemene beleid.
De raad heeft het antwoord op die vraag uitgewerkt in de hoofdstukken over arbeidsmarktbeleid en het beleid voor subgroepen. Hij heeft dit gedaan tegen de achtergrond van de uitgangspunten die de overheid met betrekking tot het integratiebeleid heeft gevoerd. (B18507)
- SER, Economische dynamiek en sociale uitsluiting : rapport van de Commissie Sociaal-Economische Deskundigen,
Den Haag : SER, 1997
Rapport van de Cie Sociaal-Economische Deskundigen. Aanleiding voor het rapport vormt het contrast tussen de positieve ontwikkeling van de Nederlandse economie en het gegeven dat bepaalde groepen in de Nederlandse samenleving daarvan niet of onvoldoende lijken te profiteren. De Commissie concentreert zich in dit rapport op de betaalde arbeid. het rapport bevat in de eerste plaats een algemene verkenning van de relatie tussen economische dynamiek en sociale uitsluiting. Daarna volgt een schets van deze relatie in de Nederlandse praktijk. In het beleidshoofdstuk wordt de aandacht gericht op de beleidsmatige mogelijkheden van overheid en bedrijfsleven om de economische dynamiek te vergroten en tegelijkertijd de werking van uitsluitings(processen) te beperken of actief tegen te gaan. Centraal in dit hoofdstuk staat de vraag hoe via participatiebeleid zowel de economische dynamiek kan worden bevorderd als de sociale uitsluiting van bepaalde groepen inactieven kan worden tegengegaan. Daarbij wordt onderscheid gemaakt tussen maatregelen die zijn gericht op preventie van langdurige inactiviteit en maatregelen die zijn gericht op de bestrijding ervan door middel van (re)integratie. Ten slotte wordt ook aandacht besteed aan het omgaan met onvermijdelijke langdurige inactiviteit. Rapport van de CSED.(B15650)