1 juni 2010
“Nederland moet blijven inzetten op investeren in duurzaamheid, ook omdat duurzaamheid een motor is voor de economie”, aldus minister Huizinga van VROM in haar reactie op het SER-advies ‘Meer werken aan duurzame groei’. Alexander Rinnooy Kan en Fokko van Duyne (voorzitter van de adviescommissie) hebben het advies dinsdag 1 juni aan de minister aangeboden.
De SER stelt in het advies dat het streven naar duurzame ontwikkeling veel serieuzer moet worden aangepakt. Het kabinet moet duurzaamheid tot topprioriteit verheffen en komen met een ‘structurele innovatieaanpak voor duurzaamheid’. Zo ontstaan kansen voor economische groei en werkgelegenheid. Sociale partners en natuur- en milieuorganisaties willen zelf ook actief vormgeven aan deze aanpak door met het nieuwe kabinet ambitieuze afspraken te maken over deze verduurzaming in verschillende sectoren van de economie.
Alexander Rinnooy Kan benadrukt de urgentie van verduurzaming van de economie. Hij wijst erop dat in het bedrijfsleven al vele initiatieven plaatsvinden gericht op verduurzaming van de economie. De overheid moet die dynamiek ondersteunen met beleid dat gekenmerkt wordt door coherentie, consistentie en continuïteit, zowel als het gaat om de doelstellingen van beleid als om de uitvoering op de verschillende schaalniveaus. Fokko van Duyne voegt daaraan toe dat Nederland internationaal vergeleken laag scoort op het gebied van duurzaamheid.
In haar reactie onderstreept de minister het belang van meer samenhang in duurzaamheidsbeleid en het aanbod van sociale partners en milieubeweging om tot een nieuw duurzaamheidakkoord te komen, dat verder reikt dan klimaat alleen. Huizinga: “Juist door de samenhang tussen klimaat, grondstoffen, ketens en biodiversiteit te laten zien en te versterken kan duurzaamheid ‘main stream’ worden”. De minister zal het advies onder de aandacht brengen van haar collega’s in het kabinet en waar mogelijk bevorderen dat het advies in de formatie een rol gaat spelen.