De Europese Unie werkt aan een nieuwe richtlijn voor consumentenrechten. Op verzoek van het kabinet heeft de SER daarover meegedacht. Het resultaat daarvan staat in het advies ‘Consumentenrechten in de interne markt’. Volgens de Commissie voor Consumentenaangelegenheden is de richtlijn op diverse punten een verbetering, maar heeft de consument meer bescherming nodig.
Ton Bennink
Als het aan de Commissie voor Consumentenaangelegenheden (CCA) ligt, wordt de consument beter beschermd en krijgt de ondernemer meer duidelijkheid. Het SER-advies Consumentenrechten in de interne markt wil de ondernemer twee jaar lang wettelijk aansprakelijk stellen voor een product. Aangezien hij kennis heeft over het product, moet hij aannemelijk maken dat het product deugde bij de verkoop; de ondernemer heeft dus de eerste bewijslast. Als de consument het daar niet mee eens is, moet hij zijn gelijk bewijzen.
Voor de ondernemer is het een voordeel dat hij weet hoelang er een wettelijke aansprakelijkheid rust op de overeenkomst, al zijn er altijd uitzonderingen mogelijk. In de huidige situatie weet de ondernemer na twee jaar niet zeker of hij nog aansprakelijk is. De Nederlandse wet kent hiervoor op dit moment geen vaste termijn. De SER-commissie verwacht dat ondernemers door de duidelijkheid over de vaste aansprakelijkheidstermijn geprikkeld zullen worden zich op de markt te onderscheiden door middel van commerciële garanties die meer bieden dan de wet voorschrijft.
De commissie wil ook dat er een eind komt aan het heen-en-weergesleep met bijvoorbeeld bankstellen, televisies en wasmachines. Het aantal reparatiemogelijkheden moet beperkt worden en ook op de gerepareerde onderdelen moet garantie zitten.
Bovendien wil de SER-commissie regels aan de richtlijn toevoegen die voorschrijven wat te doen als de informatieverstrekking over producten en diensten onvoldoende is. Tegelijkertijd waarschuwt de commissie voor te veel informatieverplichtingen. Niet alle voorgestelde informatie is relevant voor dagelijkse, niet-duurzame aankopen.
De informatieplicht zou ook voor de dienstensector moeten gelden. Dit kan ten goede komen aan de kwaliteit van diensten, denkt de commissie. Wel wil de CCA een uitzondering maken voor de gezondheidssector. Deze sector zou niet aan de Europese richtlijn hoeven te voldoen, omdat Europese landen te veel verschillen op dat terrein.
Langere bedenktijd Het advies pleit voor betere algemene voorwaarden in de EU-richtlijn. Nederland kent een stelsel waarbij de consument een beroep kan doen op algemene voorwaarden, maar ook naar een geschillencommissie kan stappen. Dat wil de CCA in elk geval graag op nationaal niveau zo houden. De commissie is voor een Europese regeling voor algemene voorwaarden, maar als het Nederlandse stelsel niet wordt overgenomen, adviseert de SER dat Nederland de eigen regeling houdt.
Consumenten die via colportage of op afstand een aankoop doen, krijgen in de nieuwe Europese richtlijn twee weken de tijd om op hun aankoop terug te komen. Dat is langer dan de nu gebruikelijke termijn. Nu geldt een bedenktijd van zeven werkdagen, dat wordt veertien kalenderdagen. De CCA vindt dat een goede zaak, zowel voor de ondernemer als voor de consument. Wel moet de klant, nadat hij kenbaar heeft gemaakt dat hij op de aankoop terugkomt, het product sneller retourneren en de leverancier moet ook eerder het aankoopbedrag terugstorten.
Harmonisatie consumentenrechten Het EU-voorstel over een nieuwe richtlijn voor consumentenrechten moet vier bestaande richtlijnen vervangen. De richtlijn geldt voor geheel Europa. ‘Brussel’ verwacht dat het vertrouwen van de consument en de ondernemer in de markt hierdoor toeneemt en dat grensoverschrijdende handel wordt bevorderd. De SER-commissie is wat voorzichtiger in haar advies. Harmonisatie kan een bijdrage leveren aan meer handel, maar de commissie verwacht er geen wonderen van. De SER is voor volledige harmonisatie, mits het geen extra administratieve lasten oplevert en de consumenten goed beschermd worden. De lidstaten kunnen nog steeds eigen regelgeving hanteren voor zaken die niet in de Europese richtlijn staan.
‘Het was een mooi samenspel’
De CCA bestaat uit vertegenwoordigers van VNO-NCW, MKB-Nederland, de Consumentenbond en onafhankelijke leden. Kroonlid Yvonne van Rooy is voorzitter van de commissie. Zij denkt dat het kabinet, dat de verdere onderhandelingen over de nieuwe EU-richtlijn voert, tevreden zal zijn over het tempo van advisering. “Het advies is ruim voor de zomer afgerond. Dat zal de ministeries tevreden stemmen. Bovendien is het een unaniem advies. Dat is een groot compliment voor alle partijen. Ze hebben zich goed ingeleefd in de gevolgen voor en de belangen aan de andere kant van de adviestafel.”
Ambtenaren van de ministeries van Economische Zaken en Justitie zaten bij de CCA aan tafel terwijl ze ook druk in de weer waren met de onderhandelingen in Brussel over de nieuwe richtlijn. “Dat was een mooi samenspel. Het hielp dat de agenda uit Brussel ook in de CCA werd besproken. Zo konden we de bepalingen die in Europa aan de orde waren parallel in de commissie bespreken.”
“Ook de twee klankbordbijeenkomsten die we samen met EZ en Justitie hielden met branche- en consumentenorganisaties om inzicht te krijgen in de praktische problemen, lieten dat samenspel zien. Die bijeenkomsten waren heel open en lieten ook goed zien hoe de nieuwe richtlijn in de praktijk uitpakt.”
Volgens Van Rooy is de volledige harmonisering van de Europese regelgeving op consumententerrein een ‘majeure’ wijziging. “Het heeft bovendien positieve gevolgen voor de interne markt. De consument weet straks waar hij in België en Duitsland aan toe is. De Europese markt komt hierdoor steeds dichterbij. Ook als het gaat om kopen op afstand. Op onderdelen blijft echter nationale wetgeving mogelijk als een land vindt dat de consument niet voldoende beschermd wordt.”
De voorgestelde wettelijke aansprakelijkheidstermijn van twee jaar is volgens haar een vooruitgang. “De ondernemer weet dan waar hij aan toe is.”