Home | Publicaties | SERmagazine | 2006 | mei 2006 | De plek van de eenpitters

De belangen van de eenpitters

Ze lijken een beetje tussen de wal en het schip te vallen. Zelfstandigen zonder personeel zijn geen werknemers in de traditionele zin van het woord, maar ook geen ondernemers. Hun aantal neemt toe en sinds enkele jaren hebben ze zich verenigd in aparte organisaties.
Dat lijkt geen overbodige luxe. Belangenbehartigers als FNV Zelfstandige Bondgenoten en de Vereniging Platform Zelfstandige Ondernemers hebben nog voldoende onderwerpen om hun tanden in te zetten. Want, zoals ze zelf zeggen, veel beleidsmaatregelen vallen voor zzp’ers nog altijd over het verkeerde randje.

Elke van Riel

“Nee, de SER heeft niet gebeld”, zegt Wim de Braak desgevraagd. De voorzitter van de Vereniging Platform Zelfstandige Ondernemers (PZO) verklaarde begin maart in het Financieele Dagblad dat zijn platform een zetel in de SER wil, om de in zijn ogen dichtgetimmerde arbeidsmarkt open te breken. Niet dat De Braak echt op een telefoontje rekende. “Als we dat gewild hadden, hadden we ze beter rechtstreeks kunnen benaderen.” Eerst wil PZO zijn pijlen maar eens richten op vertegenwoordiging in de Stichting van de Arbeid. Want ook daar dringt het geluid van de naar schatting ongeveer 750.000 mensen in Nederland die niet voor een baas werken én geen personeel hebben, nog niet duidelijk genoeg door, vindt De Braak.

En dat terwijl het aantal zzp’ers naar verwachting de komende jaren alleen maar verder zal toenemen. “Bedrijven kiezen steeds vaker voor een projectmatige aanpak en besteden werk als het maken van een brochure uit”, zegt Martin Spanjers, voorzitter van FNV Zelfstandige Bondgenoten, opgericht in 1999. Hij is steeds tevredener over de invloed van zijn club binnen de vakbond. “Inmiddels krijgen we alle belangrijke beleidsdocumenten onder ogen, om die te toetsen op de houdbaarheid voor zelfstandigen.” Sinds 2004 zijn Zelfstandige Bondgenoten en FNV Zelfstandigen Bouw (eveneens uit 1999) bovendien vertegenwoordigd in de Federatieraad van de FNV.

Vertrouwen

Het Platform Zelfstandige Ondernemers heeft er echter niet zoveel vertrouwen in dat de vakbond de belangen van zzp’ers voldoende over het voetlicht brengt. Ergernis over de onduidelijke status van zelfstandigen voor de werknemersverzekeringen was de voornaamste drijfveer voor de oprichters in 2002. Er kwamen soms twee jaar na dato nog aanslagen voor de sociale zekerheid. Inmiddels is de Verklaring Arbeidsrelatie (VAR), waarin de Belastingdienst kan aangeven dat inkomsten als winst uit onderneming worden beschouwd, sterk verbeterd.

Hierbij is weliswaar goed samengewerkt met Zelfstandige Bondgenoten, zegt PZO-voorzitter De Braak, zelfstandig interim-manager. “Maar de FNV heeft toch een wat ander profiel en is meer op individuele dienstverlening gericht. Onze core business is belangenbehartiging op maatschappelijk niveau. Wij denken bovendien dat het voor de FNV lastig is om binnen de SER twee verschillende groepen te moeten vertegenwoordigen: werknemers én zelfstandigen. De praktijk wijst ook uit dat ze daar onvoldoende in slagen.”

Iets waar beide belangenbehartigers over van mening verschillen, is het recente FNV-voorstel om de tarieven voor zelfstandigen in de bouw, de metaal en de grafische sector te regelen in cao’s. Dat moet met name voorkomen dat Poolse en Nederlandse zelfstandigen onder de prijs werken. Daarnaast moet het zelfstandigen ook tegen zichzelf beschermen.

“We hebben het uitgebreid besproken en zijn er voorstander van”, verklaart Spanjers van Zelfstandige Bondgenoten. Voor uitzendkrachten zijn volgens hem de zaken in Nederland inmiddels goed geregeld, maar voor zelfstandigen nog niet. “Steeds meer bedrijven besteden werk uit aan zzp’ers. Maar vaak is dit werk dat normaal door werknemers gedaan wordt. Dan gaat het dus eigenlijk niet om echte zelfstandigen, maar is er een gezagsverhouding.”
Dit probleem van schijnzelfstandigheid speelt volgens hem in heel Europa: in de landbouw, het vervoer, de IT-branche, verpleging en multimediawereld. “In de vervoerssector worden de zogeheten ‘eigen rijders’ nogal eens door werkgevers tot zelfstandigheid gedwongen. Die beweging moet je tegengaan.” De FNV wil met het vastleggen van de tarieven in cao’s zorgen voor een betere splitsing tussen échte werknemers en échte zelfstandigen en zo de slaagkans van de laatste groep vergroten.

De Braak kan zich echter helemaal niets voorstellen bij cao’s voor zzp’ers. Hij vindt dat schijnzelfstandigen met de beschikbare wettelijke controlemogelijkheden goed op te sporen zijn. Een groot bezwaar vindt hij dat de zzp’er de zeggenschap over zijn tarieven verliest als anderen daarover, namens hem, onderhandelen. “De FNV laat hiermee zien zelfstandigen als werknemers te willen beschouwen.”

Spanjers noemt op zijn beurt het beeld van de FNV als werknemersclub echt achterhaald. “Sinds 1999 richten we ons, behalve op werknemers en uitkeringsgerechtigden, ook op zelfstandigen en de voortdurende wisseling van status tussen die drie categorieën. We noemen dat de ‘dynamische driehoek’ op de arbeidsmarkt.” De vakbond wil dat het gemakkelijker wordt om van de ene rol naar de andere over te stappen. Wie nu vanuit een uitkering als zelfstandige aan de slag wil, ontmoet veel problemen.

Dit laatste dringt steeds meer tot de politiek door. Twee maanden geleden werd het eindrapport van de projectgroep Stimulering Ondernemerschap van het Ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid gepresenteerd. Daarin staan aanbevelingen om de overstap van uitkering naar zelfstandig ondernemerschap te vergemakkelijken.

Verder besloot het kabinet onlangs dat WW’ers die zelfstandig ondernemer willen worden tot zes maanden na de start van het bedrijf hun uitkering behouden. Ook hoeven ze dan niet te solliciteren. Eventuele inkomsten worden voor 70 procent verrekend met de uitkering.

Pijnpunten

Er komt langzaam wat meer oog voor de mogelijkheden die ondernemen biedt, merkt ook De Braak van PZO. “Toen ik startte bij het Platform, dacht ik dat zzp’ers bewust werden tegengewerkt, maar het probleem is eerder dat men de groep gewoon vergeet. Voorstellen vallen voor de zzp’er vaak over het verkeerde randje. Dat is geen kwade opzet, maar ondoordachtheid.”

Voorbeelden zijn er te over. Neem de opleidings- en scholingsmiddelen; die zijn voor zzp’ers veel moeilijker te bereiken nu het ESF-gelden (Europees Sociaal Fonds) zijn geworden. “Niemand wil dat, maar men heeft daarbij weer eens alleen aan de werknemers gedacht.”

De lijst met pijnpunten voor zzp’ers is echter veel langer. Zo moet een zelfstandige voor het regelen van zijn pensioen nu nog de particuliere markt op. Alleen in de bouw is het sinds kort mogelijk om als zelfstandige in het bedrijfstakfonds te blijven. De FNV overlegt met een aantal andere pensioenfondsen om deze mogelijkheid uit te breiden. Dat zou helpen de kloof te overbruggen tussen werkenden met een cao, die recht geeft op allerlei regelingen en voorzieningen, en de outsiders die alles zelf moeten regelen.

Die kloof blijkt bijvoorbeeld ook uit het feit dat de levensloopregeling nog niet van toepassing is voor eenmansbedrijfjes. Zij zijn sinds kort ook zelf verantwoordelijk geworden voor het afsluiten van een arbeidsongeschiktheidsverzekering. In augustus 2004 schafte het kabinet namelijk de Wet Arbeidsongeschiktheidsverzekeringen Zelfstandigen af. Daarmee is een zwangerschapsuitkering voor zelfstandige onderneemsters vervallen. Hiertegen heeft de FNV een procedure aangespannen. Bovendien heeft maar liefst de helft van alle zzp’ers nu geen arbeidsongeschiktheidsverzekering meer. Van de éénpitters met een gezondheidsprobleem is zelfs 90 procent onverzekerd. Een kwart van hen wordt door verzekeraars geweigerd. De FNV heeft inmiddels een collectieve verzekering voor zelfstandigen geregeld bij een particuliere verzekeraar.

Werkkamer

Uiteraard is het beperken van de aftrekmogelijkheden van een werkkamer aan huis ook een steen des aanstoots. Van die maatregel is met name het groeiende leger van tolken en vertalers, consultants en journalisten dat vanuit huis werkt (samen zo’n 100.000 mensen, schat Spanjers) de dupe.

Een ander probleem is de Wet Kinderopvang die sinds anderhalf jaar geldt. Die gaat er namelijk van uit dat ouders, werkgevers en overheid ieder een derde van de kosten van kinderopvang voor hun rekening nemen. Omdat zzp’ers geen werkgeversdeel ontvangen, zouden zij zichzelf een vergoeding in de kosten van kinderopvang moeten kunnen geven. De nieuwe Zorgverzekeringswet pakt voor eenmansbedrijfjes ook slecht uit. “De verzekering is voor zelfstandigen veel duurder en administratief veel bewerkelijker”, vat De Braak het ongenoegen samen.

Een succesje waar de belangenbehartigers zich al wel op kunnen beroepen is dat zzp’ers niet meer aangeslagen worden voor reprorecht. “Maar bij het afvalstoffenverhaal konden we onlangs weer op herhaling”, zegt De Braak. “Want het ministerie stuurde 400.000 ondernemers een brief met een toonzetting alsof het allemaal grote vervuilers waren. Het had moeten weten dat 300.000 daarvan zzp’ers waren.”

Liever dan steeds aparte problemen aan de kaak stellen, wil het platform pleiten voor een structurele oplossing. “We willen zoveel mogelijk zaken regelen tussen de belastingbetaler en de fiscus en de werkgever daar in de toekomst buiten houden. Bij bijvoorbeeld de levensloopregeling en de zorgverzekering speelt die eigenlijk ook helemaal geen rol”, zegt De Braak. “Voordeel is ook dat werkgevers dan weer meer ondernemers kunnen worden. Werkgeven is steeds meer een vak op zich geworden.”





Zzp’ers zijn groeimarkt voor bonden

Op veel terreinen zijn de zelfstandigen zonder personeel in opmars, bijvoorbeeld in de bouw. Daar is sinds 1993 het aantal eenmanszaken verdubbeld tot 42.000. Inmiddels is één op de vier bouwvakkers zzp’er. Van die toename lijkt ook FNV Zelfstandigen Bouw te profiteren. Vorig jaar groeide het aantal leden met maar liefst 23 procent naar 5.800, terwijl de FNV als geheel een afname met 1,7 procent moest incasseren.

De FNV telt nu in totaal ongeveer 25.000 zelfstandige leden, van wie er ruim 6.300 bij FNV Zelfstandige Bondgenoten zijn aangesloten. Andere FNV-bonden met veel zelfstandigen zijn: Kiem (kunstenaars en grafici), NVJ (journalisten) de kappersbond en de sportbonden. Het CNV heeft zzp’ers tot nu toe buiten de deur gehouden, maar met name de Hout- en Bouwbond beraadt zich op dit besluit.

Bij het Platform Zelfstandige Ondernemers zijn inmiddels zo’n 10.000 leden aangesloten uit verschillende sectoren. De club is gehuisvest bij VNO-NCW, maar opereert volstrekt zelfstandig. De belangen van zzp’ers worden ook – zowel collectief als individueel – behartigd door de Vereniging van Zelfstandigen zonder Personeel (VZZP). Die heeft ruim zeshonderd leden, vooral in de bouw en ook steeds meer in de zakelijke dienstverlening. Het Alternatief voor Vakbond zet zich ook in voor freelancers en zzp’ers. Het is bezig met de oprichting van een open pensioenfonds voor deze groep.
SER-bulletin mei 2006

Inhoudsopgave