Home | Publicaties | SERmagazine | 2004 | oktober 2004 | Extreem leren in Heerenveen

Extreem leren in Friesland

Vernieuwend beroepsonderwijs (4)
 
“Wij geloven in de noodzaak van vernieuwing.” Dat zegt het Friesland College, waar een project begonnen is dat het traditionele middelbaar beroepsonderwijs ingrijpend van aanzien zal laten veranderen. Niet langer volgt de cursist het spoor dat de opleiding voor hem heeft uitgezet; in plaats daarvan bepaalt hij zelf: waar ben ik goed in en waar wil ik heen?

Hanne Obbink

“Je zou misschien verwachten dat zo’n groot innovatief project in Amsterdam of Rotterdam zou plaatsvinden, en niet op een schooltje ergens in de provincie.” Ammir Farokhi zegt het niet zonder trots. Hij is coördinator van een inderdaad groot en innova-tief project aan het Friesland College. Dat is trouwens niet een ‘schooltje’, maar een regionaal opleidingencentrum (ROC) met 15.000 cursisten. Een aanzienlijk deel daarvan zal in de toekomst de vruchten van Farokhi’s project plukken.
Dat project heeft de naam FC-XL gekregen. FC staat voor Friesland College, XL voor X-stream Learning. “Zelf zouden we niet snel voor een Engelse naam gekozen hebben”, vertelt Farokhi. “Maar leerlingen sprak dit aan. Er zit iets in van: ‘buiten de gewone sporen’, ‘extra large’, ‘tot het uiterste’. Dat klopt wel met onze bedoeling.”
Bij dit project gaat het er niet meer om of cursisten een diploma halen, maar of ze wat aan hun opleiding blijken te hebben. Leerstof en eindtermen staan niet meer centraal, zo staat in de projectbeschrijving, maar iemands ontwikkeling. “Waar wil ik naartoe, waar ben ik goed in, waarin zou ik goed willen zijn?”
“Cursisten komen in het middelbaar beroepsonderwijs vaak terecht in een fuik”, licht Farokhi toe. “Een ROC heeft een bepaald aanbod aan opleidingen, met precieze beschrijvingen van wat de cursist daarbinnen moet doen. Komt hij tot de ontdekking dat hij dat niet leuk vindt, dan valt hij vaak uit. Of hij moet overstappen naar een andere opleiding en dat kost veel tijd omdat de verschillende opleidingen niet op elkaar afgestemd zijn. Daar willen we vanaf. Als iemand bijvoorbeeld computerverkoper wil worden, krijgt hij nu nog te horen: sorry, we hebben wel een opleiding verkoop en ook een opleiding ict, maar we leiden niet op tot computerverkoper. Dat moet anders.”

Sportstad
Het model van FC-XL wordt allereerst op kleine schaal ingevoerd aan de Heerenveense vestiging van het Friesland College. Daar wordt samengewerkt met een ander groot project dat Sportstad Heerenveen heet. Rondom het Abe Lenstrastadion (thuishaven van voetbalclub Heerenveen) moet een complex verrijzen met kantoren, winkels, horeca, conferentiezalen en sportvoorzieningen. Dat alles moet zo’n drieduizend banen opleveren.
Voor FC-XL is Sportstad Heerenveen vooral belangrijk vanwege het tweede uitgangspunt van het project: leren kan het best in de praktijk. De cursisten zullen daarom een groot deel van hun tijd werken aan realistische opdrachten van buiten de school. Daarnaast zullen zij aan het werk gezet worden in bedrijven, om al werkend te leren. Het bedrijfsleven rondom Sportstad Heerenveen moet voor die opdrachten en de benodigde stageplekken zorgen.
Een heel scala aan mbo-opleidingen kan daarvan profiteren, van de sportopleiding CIOS tot techniek en van toerisme tot voeding. “Die samenwerking levert ook die bedrijven het nodige op”, zegt Farokhi. “Hopelijk hebben wij via onze cursisten een creatieve en inspirerende inbreng.”
De samenwerking gaat zelfs zo ver dat het Friesland College bij het Abe Lenstrastadion een nieuw onderwijsgebouw laat neerzetten. Dat moet groot genoeg zijn voor een paar duizend cursisten, maar zal desondanks relatief klein zijn. De cursisten zullen immers vaak niet in de schoolbanken zitten, maar aan het werk zijn voor een opdrachtgever bij een van de aanpalende bedrijven. “Dichterbij je opdrachtgevers kun je niet zitten”, zegt Farokhi. “We zitten bij wijze van spreken onder één dak.”

Omschakeling
Op papier staat het prachtig, maar het zal heel wat voeten in de aarde hebben om die mooie gedachten ook in de praktijk te brengen, weet Farokhi. “We zullen moeten inspelen op de waan van de dag, op de vaak onvoorspelbare keuzes die studenten maken. In het gewone onderwijs weet een docent lang van tevoren op welke tijden hij aan welke studenten welk vak moet geven. Dat wordt anders. Dat is een hele omschakeling voor de docenten zelf, maar ook voor de organisatie. Hoe zorg je ervoor dat je steeds de goede docenten beschikbaar hebt? En dat voor zo’n tachtig opleidingen? Dat is nauwelijks te plannen.”
Enige structuur heeft het Friesland College uiteraard wel aangebracht. Het schooljaar in het FC-XL-model zal vier keer tien weken beslaan. Negen weken lang wordt er gewerkt aan een opdracht van buitenaf of gaan cursisten op stage. De tiende week staat te boek als vertraagde tijd. “Die week is bedoeld om de balans op te maken”, legt Farokhi uit. “De geleverde prestaties worden beoordeeld. Cursisten maken keuzes over het vervolg van hun opleiding. Ook kunnen ze die week besteden aan extra trainingen in vakken waarvan ze gemerkt hebben dat ze die nodig hebben.”
FC-XL is vorige maand klein begonnen, met ruim zestig cursisten. Maar de ambities liegen er niet om. Volgend jaar moeten het er al vijfhonderd zijn. Tegen de tijd dat Sportstad Heerenveen volgroeid is en het nieuwe onderwijsgebouw klaar is (najaar 2006), moeten alle tweeduizend Heerenveense cursisten van het Friesland College XL-onderwijs volgen. Daarna gaat ook het onderwijs in Leeuwarden op de schop. “Het Nederlandse onderwijs vertoont nog steeds resten van hoe het in de achttiende eeuw was”, zegt Farokhi. “Wij geloven echt in de noodzaak van vernieuwing.”
 

Shoppen bij Noord-Hollandse zorgopleidingen, de eerste Europese Vis-hbo en een praktische studie electrotechniek in Zwolle. Sinds enkele maanden besteedt het SER-bulletin aandacht aan de vernieuwing van het Nederlandse beroepsonderwijs. Vorig jaar trokken kabinet, sociale partners en het werkveld daar tien miljoen voor uit. Wij kijken wat met dat geld gebeurt. 
 

Sportstad Heerenveen zorgt voor de praktijkopdrachten

Een van de risico’s die het project FC-XL loopt, is dat er een gebrek aan stageplekken of praktijkopdrachten ontstaat. Sportstad Heerenveen heeft zich al garant gesteld voor de nodige inbreng vanuit de praktijk. Daarnaast doen de gemeente Heerenveen en zorgverzeke-raar De Friesland mee. Maar, weet projectleider Farokhi, als straks voor tweeduizend cursisten praktijkwerk moet worden geregeld, zijn er meer partners nodig.
Het Friesland College werkt samen met vijf andere onderwijsinstellingen: drie vmbo-scholen in Heerenveen, het Heerenveense agrarisch opleidingscentrum en de Christelijke Hogeschool Nederland in Leeuwarden. Met die instellingen wil het Friesland College zorgen voor goede instroom vanuit het vmbo en voor goede doorstroom naar het hbo.
De begroting voor FC-XL beloopt een dikke tweeëneenhalf miljoen euro. Veertig procent daarvan komt uit het Innovatiearrangement, de subsidiepot waaruit de overheid en sociale partners innovatie in het beroepsonderwijs steunen. De rest brengen de deelnemers zelf op.

SER-bulletin oktober 2004

Inhoudsopgave

Alles over het thema