SER-bulletin nr. 5 - mei 2004
1 mei 2004
Groeien in de unie
Sommige inwoners van oude EU-landen mogen dan vrezen dat de uitbreiding ten koste gaat van hun economie, in de praktijk wordt iedereen er beter van. Dat is de overtuiging van Harry Garretsen. De Utrechtse hoogleraar internationale economie is lid van de Commissie Sociaal-Economische deskundigen die deze maand voor de SER een rapport over Europa publiceert. Daarin benadrukken negen hoogleraren het belang van een Europese kennisruimte en een goede werking van de interne markt. “Het aardige van de economische integratie is dat we er zo een nieuwe afzetmarkt bij krijgen.”
Leren van nieuwkomers Zelf hebben ze er al een tijdje gewoond maar voor de meeste van hun landgenoten is de Europese Unie nog fonkelnieuw. Journaliste Elke van Riel spoorde vier wetenschappers op uit Hongarije, Tsjechië, Slowakije en Slovenië met werkervaring in Nederland. De Hongaar constateert dat Nederlanders nauwelijks beseffen hoe luxueus ze leven. De Slowaakse verwondert zich over de anonimiteit tussen Nederlandse consumenten en bedrijven.
Staatssecretaris voor Europa Twee jaar terug bemoeide hij zich nog nauwelijks met Europese zaken. VVD-politicus Atzo Nicolaï hield zich zijn hele werkzame leven eigenlijk vooral met kunst en cultuur bezig. Nu is hij er medeverantwoordelijk voor dat Nederland er hard genoeg aan trekt dat de Europese Unie haar meest ambitieuze doelstelling sinds tijden realiseert. Het streven om de meest concurrerende kenniseconomie ter wereld te worden, is volgens Nicolaï niet te hoog gegrepen. “De kern is natuurlijk dat we concurrerender worden. Daar kunnen we niet ambitieus genoeg in zijn.”
Uitvoeren en beïnvloeden Exact één procent van het Europese landbouwbudget wordt via zijn organisatie verdeeld onder de Nederlandse boeren. Het Productschap Zuivel van Folkert Beekman zet jaarlijks zo’n vijfhonderd miljoen euro’s om in het kader van de uitvoering van Brussels beleid. Het typisch Nederlandse schappenstelsel, dat al werd opgericht voordat er van Europese samenwerking sprake was, heeft de EU ook ontdekt. Daarbij gaat het niet alleen om het uitvoeren van beleid. “Met feiten proberen we ook de besluitvorming te beïnvloeden.”
Hoog in het parlement In Nederland mag hij dan onbekend zijn, binnen het Europees Parlement is hij dat zeker niet. Theo Bouwman is sinds tweeënhalf jaar voorzitter van de vaste commissie voor sociale zaken. De Nederlander is niet optimistisch over de richting die het sociaal Europa opgaat, zeker niet na de toetreding van de nieuwe lidstaten. “De komende vijf jaar ligt dit werk erg ingewikkeld. Je krijgt geen bal voor elkaar.”
Het nut van standplaats Brussel Europees lobbyen voor beginners SER-nieuws