Literatuurlijst Maatschappelijk verantwoord ondernemen


SER-publicaties - Boeken - Tijdschriftartikelen

 

  • Ver. VNO-NCW; MKB Nederland; Braak, J. W. van den, Onze gemeenschappelijke toekomst : integrale visie op duurzame ontwikkeling en maatschappelijk verantwoord ondernemen
    Den Haag : Ver. VNO-NCW, 2012. 137 p.
    De laatste jaren heeft de term duurzaamheid of duurzame ontwikkeling sterk opgang gemaakt. Dit in de brede zin van een houdbare toekomst in termen van milieu, arbeidsverhoudingen, financieel verkeer, vermindering van armoede enz. En voor behoud van welvaart en werk is een duurzame internationale samenwerking meer dan ooit geboden, zeker ook in Europees verband. Maatschappelijk verantwoord ondernemen is in dat licht duurzaam ondernemen. In deze publicatie wordt de integrale visie van VNO-NCW en MKB Nederland op duurzaamheid en de belangrijke rol van het bedrijfsleven uitgebreid uiteengezet, gevolgd door interviews met de voorzitters van beide organisaties. in juni 2012 zal de wereldwijde conferentie “Rio+20” plaatsvinden, over hoe de globalisering kan leiden tot meer duurzaamheid en minder armoede. Het Earth Charter uit 2000 is voor de conferentie een belangrijke inspiratiebron. Ruud Lubbers, voormalig premier en sinds 2006 voorzitter van het Curatorium van VNO-NCW, was indertijd een van de founding fathers daarvan. Een beschouwing van hem hierover vormt eveneens onderdeel van dit boek. (B30790)

  • Delsen, L.; Hoogen, T. van den, Maatschappelijk verantwoord ondernemen in de polder : MVO in Nederland bezien vanuit de economie en theologie
    Assen : Van Gorcum, 2012. 273 p.
    Management in de samenleving
    Tot op heden is de stand van zaken van maatschappelijk verantwoord ondernemen (MVO) in Nederland niet systematisch in kaart gebracht. Het bestaande wetenschappelijk onderzoek naar de effecten van MVO is van beperkte omvang. Bovendien gebeurt dit veelal vanuit één discipline of vanuit één perspectief. Het bijzondere van dit boek is op de eerste plaats dat het een samenwerking is van economen, sociologen, filosofen en theologen. Samen beantwoorden zij de vragen: wat verstaan wij onder maatschappelijk verantwoord ondernemen in de polder en welke zijn de achterliggende principes? De casussen zijn agrofood, gezondheidszorg, pensioenfondsen en biodiversiteit. Dit biedt niet alleen de mogelijkheid de specifieke problematiek en de specifieke invulling van MVO in de verschillende sectoren te achterhalen, maar eveneens de gemeenschappelijke ervaring met MVO vast te stellen en lessen uit die verschillende MVO-praktijken te trekken. (B30709)
     
  • Productschap Vis, Rapportage maatschappelijk verantwoord ondernemen van de Nederlandse vissector
    Rijswijk : PVIS, 2012. 62 p.
    Verduurzaming van de vissector is al sinds een aantal jaren een belangrijke prioriteit. De ontwikkelingen gaan voortvarend. Productschap Vis heeft deze rapportage inmiddels voor de derde maal uitgebracht om een beeld te geven van de talrijke initiatieven in de visketen. (B30663)
     
  • MVO Nederland; Lageweg, W.; Vlaming. L.; Tol, F.; Klomp, M., Blik op MVO : tien trends en ontwikkelingen
    [Utrecht] : MVO Nederland, 2012. 28 p.
    Eerste versie van het MVO-trendrapport waarin MVO Nederland 10 trends op MVO-gebied presenteert. Over de vraag waarom en of de tien trends nu echt de belangrijkste zijn, wil MVO Nederland graag in gesprek met partners en belangstellenden. De volgende 10 trends worden genoemd: 1. Aandacht voor MVO zet fors door in Nederland; 2. MVO lijkt (voorlopig) crisisbestendig; 3. MVO als kostenpost definitief verleden tijd; 4. Sterke stijging vraag naar MVO in B2B-markt; 5. Consument wil duurzaam, maar is steeds kritischer; 6. Energiebesparing: topprioriteit bedrijven; 7. Transparantie: van compliance naar innovatie; 8. People: verantwoordelijkheid terug op de werkvloer; 9. Internationaal ondernemen: MVO minder vrijblijvend; 10. Innovatie: coalities voor duurzaamheid. (B30585)
    http://www.mvonederland.nl/trends
     
  • Houwen, L. G. H. J., Van maatschappelijk belang : maatschappelijk ondernemerschap als normatief governancemodel : rede universiteit Tilburg
    Tilburg : Universiteit Tilburg, 2011. 94 p.
    Houwen presenteert een maatschappelijk ondernemingsmodel voor semipublieke organisaties zoals ziekenhuizen, woningcorporaties en onderwijsinstellingen.
    Inaugurele rede in verkorte vorm uitgesproken bij de openbare aanvaarding van het ambt van bijzonder hoogleraar Privaat-Publiek Ondernemingsrecht aan de Tilburg University op 7 oktober 2011. (B30484)
     
  • St. Multi Nationale Ondernemingsradenoverleg; Nyenrode Business Universiteit; Center for Sustainability; Lambooy, T.; Jonkers, I., De rol van medezeggenschap bij maatschappelijk verantwoord ondernemen : eindrapport onderzoek
    Breukelen : Stichting MNO, 2011.
    Uit het onderzoek naar de rol van medezeggenschap bij maatschappelijk verantwoord ondernemen blijkt dat medezeggenschapsorganen een grotere rol kunnen spelen bij het vormgeven van MVO binnen hun onderneming. Op dit moment wordt daar nog geen structurele invulling aan gegeven. Het blijkt dat er geen beperkingen zijn voor de betrokkenheid van ondernemingsraden bij MVO-beleid. De Ondernemingsraad kan een rol spelen als kritische uitdager, als volger van de vorderingen, als agendeerder van geluiden en als ondersteuner bij implementatie van MVO-beleid in de dagelijkse praktijk. Op dit moment praten ondernemingsraden voornamelijk op ad hoc basis en reactief mee over MVO-onderwerpen. Het vastleggen van de betrokkenheid bij MVO-beleid in een modelcode zou de afhankelijkheid van persoonlijke intentie en motivatie kunnen verkleinen. MNO heeft daarvoor in hun onderzoek ook een voorstel gedaan. Daarmee hebben ondernemingsraden een concreet handvat om de discussie aan te gaan met bestuurders over het MVO-beleid van hun onderneming. MNO zegt hierover in hun onderzoek dat de modelcode de functie van ‘routekaart’ kan vervullen. (B29562)
     
  • Europese Cie; CREM; Adelphi; St. Onderzoek Multinationale Ondernemingen; Opijnen. M.; Oldenziel, J., Responsible supply chain management : potential success factors and challenges for addressing prevailing human rights and other CSR issues in supply chains of EU-based companies : final report
    [Luxemburg] : EU, 2011.
    Een belangrijk onderdeel van maatschappelijk verantwoord ondernemen (MVO) is de mate waarin bedrijven op verantwoorde wijze omgaan met hun ketenbeheer, dat wil zeggen dat zij waarborgen dat hun ketens van toeleveranciers en/of dochterondernemingen de fundamentele rechten en de rechten van werknemers respecteren. Omdat sommige Europese bedrijven hier niet in slagen heeft de Europese Commissie deze studie gelanceerd naar de praktijk van ketenbeheer door Europese bedrijven. Het onderzoek concentreert zich op drie voor de EU belangrijke industriële sectoren (katoen, suiker uit suikerriet, en mobiele telefoons), in relatie tot vijf belangrijke aspecten van MVO ketenbeheer (kinderarbeid, vrijheid van vereniging en collectieve onderhandelingen, een adequate levensstandaard , oneerlijke prijsniveaus, en biodiversiteit). (B29694)

  • Europese Cie, Sociaal kopen : gids voor de inachtneming van sociale overwegingen bij overheidsaanbestedingen
    Luxemburg : EU, 2011. 49 p.
    Bij maatschappelijk verantwoordelijke overheidsopdrachten (MVOO) gaat het om het stellen van een voorbeeld en het beïnvloeden van de markt. Door MVOO te stimuleren, kunnen overheden bedrijven een sterke drijfveer geven om op maatschappelijk verantwoorde wijze te gaan ondernemen. Het doel van deze gids is (a) de aanbestedende diensten bewust te maken van de mogelijke voordelen van MVOO en (b) op praktische wijze uiteen te zetten welke mogelijkheden het bestaande rechtskader van de EU aanbestedende diensten biedt om sociale overwegingen in acht te nemen bij de aanbesteding van overheidsopdrachten, d.w.z. niet alleen te kijken naar prijs, maar ook naar de prijs-kwaliteitverhouding. Deze gids is hoofdzakelijk geproduceerd voor overheden, maar ook in de hoop om afnemers uit de particuliere sector te inspireren. Om praktische redenen volgt deze gids de aanbestedingsprocedure stapsgewijs. (B29545)
     
  • Min. EL&I, Transparantiebenchmark Kristal 2010 : Nederland onderneemt beter
    Den Haag : Min. EL&I, 2011. div. p.
    Door de Transparantiebenchmark biedt het ministerie van Economische Zaken, Landbouw en Innovatie inzicht in de wijze waarop Nederlandse bedrijven verslag doen van hun MVO-activiteiten. Het is een onderzoek naar de kwalitatieve en kwantitatieve ontwikkeling van maatschappelijke verslaggeving onder de grootste ondernemingen van Nederland. In 2010 is de onderzoeksgroep is uitgebreid tot bijna 500 ondernemingen. Voorts wordt meer nadruk gelegd op thema’s als ketenverantwoordelijkheid en integratie van maatschappelijk verantwoord ondernemen in de kernprocessen van de ondernemingen. Nieuw is ook de prijs die in 2010 in het leven geroepen, in samenwerking met de Nederlandse Beroepsorganisatie van Accountants (NBA): De Kristal. Deze wordt op basis van de Transparantiebenchmark uitgereikt aan het bedrijf met de beste MVO-verslaglegging. (B29536)

  • Asscher-Vonk, I., Rechtvaardigheid in de arbeidsrelatie : over de betekenis van maatschappelijk verantwoord ondernemen voor de arbeidsrelatie : Thijmessay 2010
    [Nijmegen] : Valkhof Pers, 2010. 142 p.
    Annalen van het Thijmgenootschap, jrg. 98 (2010), afl. 5
    Dit boek bevat beschouwingen over de vraag waartoe partijen bij een arbeidsovereenkomst - werkgever en werknemer - tegenover elkaar verplicht zijn. Het gaat er met name om op zoek te gaan naar de verplichtingen die gezien kunnen worden als eis van rechtvaardigheid in de tijd waarin we nu leven en op de plaats waar wij nu leven. Er moet ook rekening worden gehouden met de belangen die gediend worden met maatschappelijk verantwoord ondernemen, waar werkgever en werknemer beide aan bijdragen. De beschouwingen zijn geschreven vanuit de gedachte dat het bevorderen van rechtvaardigheid een plicht is van alle burgers. Bevat de volgende hoofdstukken: Rechten en plichten van de arbeidsovereenkomst; De invulling van de rechtvaardigheid in de 20ste eeuw; Van belang naar recht; Rechtvaardigheid nu; Rechtvaardigheid bereiken. (B29416)
     
  • Halem, A. van [et al.], Maatschappelijk verantwoord ondernemen : op weg naar maatschappelijk verantwoorde medezeggenschap
    Alphen aan den Rijn : Kluwer, 2010. 182 p.
    OR strategie en beleid, thema 12
    Dit boek poogt om vanuit verschillende invalshoeken ondernemingsraden aanknopingspunten te bieden voor een eigen positie in het MVO-beleid van de onderneming. Onderzoekers, adviseurs en mensen uit de vakbonds- en or-praktijk komen aan het woord. . (B29388)
     
  • Lambooy, T. E., Corporate social responsibility : legal and semi-legal frameworks supporting CSR : proefschrift Universiteit Leiden
    Deventer : Kluwer, 2010. 774 p.
    Uitgave vanwege het Instituut voor Ondernemingsrecht, nr. 77
    Maatschappelijk verantwoord ondernemen (MVO) moet worden vertaald in zo concreet mogelijke doelstellingen. Dat stelt mr. Tineke Lambooy in haar proefschrift. De interactie tussen MVO en recht staat centraal in Lambooys proefschrift. Wat is dat eigenlijk, maatschappelijk verantwoord ondernemen? Lambooy haakt aan bij de definitie die de SER hanteert: streven naar waardevermeerdering drie dimensies: People, Planet en Profit. Dat houdt in dat bij elke bedrijfsbeslissing deze drie elementen een rol moeten spelen. Uit haar onderzoek komt naar voren dat een aantal bedrijven goed bezig is om een „PPP-beleid‟ te ontwikkelen en in te voeren. In de dissertatie wordt geanalyseerd wat de invloed van MVO is op (semi)juridische kaders en hoe deze een onderneming kunnen ondersteunen bij MVO. Aan de orde komen: MVO als onderdeel van corporate governance; jaarverslaggeving op MVO-prestaties; het invoeren van een anticorruptieprogramma ter ondersteuning van bedrijfsmanagement- en informatiesystemen; gedragscodes; aandacht besteden in due diligence onderzoeken aan mensenrechten; en het verstrekken van productinformatie aan consumenten. Ontwikkelingen in Nederland, de Europese Unie en daarbuiten worden belicht. Ter verdieping van de theorie wordt daarna een aantal case studies gepresenteerd. De eerste case study gaat in op geschillen tussen Shell en milieuactivisten in Nigeria. De tweede geeft het verloop weer van een MVO-geschil in een internationale textielketen. De derde case study gaat over het beheer van water en de rol van bedrijven daarin. De vierde case study bespreekt hoe institutionele beleggers (pensioenfondsen, banken en verzekeraars) en andere financiële partijen, zoals rating agencies, omgaan met het thema biodiversiteit en ecosysteemdiensten. De laatste case study biedt een overzicht van nieuwe investeringscategorieën: duurzame bosbouw, biodiversiteits credits, CO2 compensatie credits, waterkwaliteits- en kwantiteitszorg en ecotoerisme. (B29307)
      
  • Smith, N. C.; Bhattacharya, C. B.; Vogel, D.; Levine, D. I. [et al.], Global challenges in responsible business
    Cambridge : Cambridge University Press, 2010. 309 p.
    Maatschappelijk verantwoord ondernemen gaat wereldwijd. Het heeft zich verzekerd van de aandacht tot een ongekende omvang van zakelijke leiders, overheden en NGO's. De publicatie richt zich op de gevolgen voor het bedrijfsleven van maatschappelijk verantwoord ondernemen in de context van globalisering en de sociale en milieu problemen waar we vandaag voor staan. Drie belangrijke thema's komen aan de orde: het inbedden van verantwoord ondernemen, maatschappelijk verantwoord ondernemen en marketing, en maatschappelijk verantwoord ondernemen in ontwikkelingslanden (B29110)

  • Ned. Juristen Ver.; Eijsbouts, A. J. A. J.; [et al.], Maatschappelijk verantwoord ondernemen : preadviezen
    Deventer : Kluwer, 2010. 251 p.
    Handelingen Nederlandse Juristen-Vereniging, 140 (2010) 1
    Het overkoepelende thema van de preadviezen 2010 is Maatschappelijk Verantwoord Ondernemen (MVO). Bevat de volgende bijdragen /preadviezen:
    Maatschappelijk (verantwoord) ondernemen: naast, in of met recht? / A.J.A.J. Eijsbouts; F.G.H. Kristen; J.M. de Jongh; A.J.P. Schild; L. Timmerman
    In dit algemene deel wordt gesteld dat de relatie tussen MVO en recht niet vanzelfsprekend is. MVO is een dynamisch begrip en wordt veelal als bovenwettelijk aangemerkt, zoals door kabinet en SER. De preadviseurs kunnen zich hierin op hoofdlijnen verenigen in die zin dat zij onderschrijven dat het recht niet als de primaire bron van normen en waarborgen voor MVO kan dienen. Niet alleen kan het recht, gelet op de aard van MVO, die rol niet afdoende vervullen. Het kan daarnaast ook ongewenst zijn het recht, voor zover het die rol wel zou kunnen vervullen, die rol ook inderdaad toe te kennen. Eigen verantwoordelijkheid blijft op het gebied van MVO de belangrijkste basis;
    Elementaire beginselen van maatschappelijk verantwoord ondernemerschap / A.J.A.J. Eijsbouts
    Dit preadvies behandelt de civiel- en ondernemingsrechtelijke aspecten van maatschappelijk verantwoord ondernemen (MVO). Centraal staat daarbij het uitgangspunt dat MVO bij voorkeur op vrijwillige (zogenaamde bovenwettelijke) basis als kerntaak door de ondernemer wordt opgevat, maar dat de samenleving de bescherming van een aantal waarden in het kader van het ondernemen niet uitsluitend aan het morele oordeel van de ondernemer overlaat;
    Maatschappelijk verantwoord ondernemen en strafrecht / F.G.H. Kristen
    Voortbouwend op de definitie van MVO die in het Algemeen Deel is ontwikkeld, volgt uit een verkenning van de strafrechtelijke kanten van MVO dat er wel degelijk een verband bestaat tussen MVO en strafrecht. Daarna schetst het preadvies mogelijkheden die het huidig Nederlands strafrecht biedt om schendingen van MVO-normen strafrechtelijk te redresseren. Vervolgens onderzoekt de preadviseur vooral voor de Nederlandse moedermaatschappij van een Nederlands concern of een multinationale onderneming of en hoe zij strafrechtelijk aansprakelijk kan worden gesteld voor schendingen van MVO-normen die onder de reikwijdte van Nederlandse strafbaarstellingen vallen;
    Naar maatschappelijke varianten van de rechtsvormen in Boek 2 BW? / J.M. de Jongh; A.J.P. Schild; L. Timmerman
    Het kenmerk van een maatschappelijke onderneming is dat voor haar het hoofddoel is het verrichten van een bepaalde publieke taak of het behartigen van een publiek belang. Indien de wetgever besluit een wettelijke regeling voor de maatschappelijke onderneming in te voeren dient deze maatschappelijk ondernemen zo veel mogelijk te faciliteren en slechts te reguleren indien dit noodzakelijk is. In het preadvies wordt daarom gepleit voor betrekkelijk flexibele en lichte wettelijke voorzieningen. Voorts zijn de auteurs er een voorstander van dat private rechtspersonen die een maatschappelijk belang behartigen ervoor kunnen kiezen te worden georganiseerd als maatschappelijke modaliteit van de betreffende rechtspersoon, waaronder begrepen de BV, NV of de coöperatie. Ten aanzien van deze rechtspersonen wordt gepleit voor bijzondere wettelijke waarborgen ter bescherming van het publieke belang. (B28994)
       
  • Min. EZ; Pol, M. van de; Verreck-Stam, M.; PricewaterhouseCoopers; Klooster, A.; Ruiter, N. de, Transparantie-benchmark 2009 : maatschappelijke verslaggeving : onderzoek in opdracht van het Ministerie van Economische Zaken naar de maatschappelijke verslaggeving van ondernemingen, uitgevoerd door PricewaterhouseCoopers.
    Den Haag : Min. EZ, 2009.
    In tegenstelling tot de trend van de voorgaande jaren komt dit jaar uit de resultaten naar voren dat de deelnemers gemiddeld niet transparanter zijn geworden in hun maatschappelijke verslaggeving. Wanneer de resultaten van de Transparantiebenchmark 2009 naast die van 2008 worden gelegd valt op dat de gemiddelde score lager uitvalt. Dat is onder meer te verklaren door de vrijwillige deelname van een groep van 14 Nederlandse universiteiten die gemiddeld vooralsnog een relatief lage score in de benchmark kregen. Buiten de universiteiten om is de gemiddelde score voor 2009 nagenoeg gelijk aan de gemiddelde score van 2008. Gezien de economische situatie en de daar naar uitgaande aandacht hoeft dat niet negatief uitgelegd te worden. Daarnaast blijkt dat de Transparantiebenchmark als instrument meer en meer aandacht krijgt. (B28578)

  • Moratis, L.; Cochius, T., ISO 26000 : handleiding voor MVO
    Assen : Van Gorcum, 2010.
    ISO 26000 is de nieuwe, wereldwijde richtlijn voor maatschappelijk verantwoord ondernemen (MVO). Dit boek is een gids voor organisaties die geïnteresseerd zijn in de inhoud en toepassing van ISO 26000. Het biedt duidelijkheid over het ‘waarom, wat en hoe’ van ISO 26000, en beantwoordt vele vragen die er leven over deze MVO-richtlijn, beschrijft achtergronden over MVO en ISO 26000 en laat vooral zien op welke manier ISO 26000 geïnterpreteerd en toegepast dient te worden. Daartoe worden de verschillende onderdelen en onderwerpen binnen ISO 26000 toegelicht, uitgelegd en geïllustreerd met praktijkvoorbeelden uit binnen- en buitenland, van MKB-bedrijven, multinationals en overheden. Daarnaast biedt dit boek diverse praktische ISO 26000-tools, waaronder een quick scan om te bepalen in hoeverre een organisatie al werkt volgens ISO 26000. Tot slot biedt dit boek de eerste Nederlandse vertaling van de acties en verwachtingen ten aanzien van organisaties op alle MVO-kernonderwerpen en -issues binnen ISO 26000. Deze vertaling is gebaseerd op de Draft International Standard van de richtlijn die in september 2009 is uitgekomen en die naar verwachting een nagenoeg definitieve versie van de MVO-richtlijn zal blijken. (B28476)

  • Productschap Vis; Ned. Visbureau, Rapportage maatschappelijk verantwoord ondernemen van de Nederlandse vissector
    Rijswijk : Productschap Vis, 2009..
    De Rapportage Maatschappelijk Verantwoord Ondernemen (MVO) toont ontwikkelingen op het gebied van duurzaamheid in de gehele vissector: van vissersschip, verwerking, handel tot viskraam op de markt. (B28178)

  • EIM; Winubst, M. E.; Leeuwen, M. van, Toekomst concurrentiepositie MKB : gevolgen leeftijdsontwikkeling voor de concurrentiepositie van het MKB
    Zoetermeer : EIM, 2009.
    Het is belangrijk dat zoveel mogelijk individuele werkgevers uit het MKB en brancheorganisaties voor het MKB zich realiseren wat de gevolgen zullen zijn van de leeftijdsontwikkelingen van de Nederlandse beroepsbevolking. Dit rapport beschrijft de ontwikkelingen op de arbeidsmarkt gedurende de periode 2004-2020. Vervolgens wordt besproken hoe het MKB zich kan voorbereiden op de toekomst. (B27782)

  • EIM; Brummelkamp, G., Succes met samenwerking : een eerste beschouwing van het succes van tijdelijke samenwerkingsverbanden
    Zoetermeer : EIM, 2008.
    In Nederlands zijn ongeveer 90.000 MKB-bedrijven betrokken bij een of meerdere tijdelijke samenwerkingsverbanden. Dit komt neer op 17% van het MKB. Het gaat om samenwerking waarbij de partijen zich gezamenlijk een bepaalde taak of een bepaald doel hebben gesteld waarbij vooraf is afgesproken wanneer de samenwerking zal ophouden. Tevens is er sprake van een gemeenschappelijk gedragen risico. Het onderzoek heeft tot doel meer inzicht te krijgen in de interne organisatie van samenwerkingsverbanden en de wijze waarop deze samenhangt met doelbereiking. (B27779)

  • EIM, MKB in regionaal perspectief 2008
    Zoetermeer : EIM, 2009.
    Deze publicatie geeft, in aansluiting op de jaarlijkse publicatie Kleinschalig Ondernemen, een beeld van de economische ontwikkeling van de grootteklassen - kleinbedrijf, middenbedrijf en grootbedrijf - in het Nederlandse bedrijfsleven in de twaalf provincies in 2007 en in 2008/2009. Dit gebeurt aan de hand van de volgende indicatoren: afzet, bruto toegevoegde waarde, werkgelegenheid en investeringen. (B27781)

  • Min. EZ; PriceWaterhouseCoopers, Transparantiebenchmark 2008 : maatschappelijke verslaggeving
    Den Haag : Min. EZ, 2009.
    Het doel van de Transparantiebenchmark is een beeld te geven van de transparantie in jaarverslaggeving van de grootste Nederlandse ondernemingen ten aanzien van Maatschappelijk Verantwoord Ondernemen (MVO). De onderzoeksgroep bestaat dit jaar uit 170 ondernemingen waarvan 91 ondernemingen beursgenoteerd zijn. Evenals uit de vorige Transparantiebenchmark komt ook voor 2008 uit de resultaten naar voren dat Nederlandse ondernemingen transparanter zijn in hun maatschappelijke verslaggeving. Als de resultaten van de Transparantiebenchmark 2008 naast die van 2007 worden gelegd, valt op dat ondernemingen meer aandacht besteden aan ketenverantwoordelijkheid. Dit geldt vooral voor ondernemingen met een relatief hoge score in de benchmark. Dit is in lijn met de trend dat ketenverantwoordelijkheid een steeds grotere rol speelt in het maatschappelijke debat over MVO en dat veel ondernemingen actief bezig zijn invulling te geven aan hun verantwoordelijkheid binnen hun specifieke ketens. (B27601)

  • Wel, A. van der; Mol, I., OR en maatschappelijk verantwoord ondernemen
    Alphen aan den Rijn : Kluwer, 2008.
    OR praktijk, basiskennis
    De laatste jaren krijgt maatschappelijk verantwoord ondernemen (MVO) steeds meer aandacht; elke organisatie wil er iets mee maar wat is nu eigenlijk MVO? Waarom zou je het doen? En wat kan je er mee als ondernemingsraad? Deze uitgave gaat in op deze vragen. Maatschappelijk verantwoord ondernemen betekent dat je bij het realiseren van je organisatiedoelen rekening houdt met de factoren people, planet en profit. Op welke manieren kan een organisatie maatschappelijk verantwoord bezig zijn zodat het de organisatie ook iets oplevert? Want als een organisatie ten onder gaat aan goede bedoelingen, levert het uiteindelijk niemand iets op. De OR kan op verschillende manieren aandacht besteden aan maatschappelijk verantwoord ondernemen. De Wet op de ondernemingsraden biedt hiervoor verschillende mogelijkheden, bijvoorbeeld via de stimuleringstaken, het initiatiefrecht en het adviesrecht. Dit boekje behandelt deze mogelijkheden, geeft tal van actuele en aansprekende voorbeelden en biedt bovenal handvatten waarmee de or zelf aan de slag kan. (B27374)

  • Min. EZ, Geborgd of verborgen : maatschappelijk verantwoord ondernemen in corporate governance
    Den Haag : Min. EZ, 2008.
    Onderzoek van de Cie Burgmans over de relatie tussen maatschappelijk verantwoord ondernemen (MVO) en corporate governance. In zijn advies komt de Commissie tot de conclusie dat integratie van MVO in de bedrijfsvoering zorgt voor een betere binding met klanten, investeerders en werknemers. Ook draagt het bij aan de reputatie en de waarde van de onderneming. De commissie beveelt daarom aan:
    1. dat elk bedrijf beleid voor MVO heeft; 2. dat men hierover jaarlijks verslag doet, zodat er concrete aanknopingspunten zijn voor een dialoog met aandeelhouders en overige belanghebbenden bij het bedrijf; 3. dat concrete bepalingen hierover in de code Tabaksblat worden opgenomen. De dialoog over MVO tussen de verschillende stakeholders moet volgens de Commissie beter. Opname van een aantal extra bepalingen in de code Tabaksblat komt hier volgens de Commissie aan tegemoet. Ook voor niet beursgenoteerde bedrijven en instellingen kan de code als leidraad dienen. Verder is de commissie van mening dat met name ook 'private equity' bedrijven gelet op alle ontwikkelingen MVO-beleid dienen vast te stellen. (B27290)

  • Vos, B.; Dijkstra, G.; Berg, K. van den, De meerwaarde van maatschappelijk verantwoord ketenmanagement : van moeten naar willen
    Assen : Van Gorcum, 2008.
    Verantwoord ketenbeheer neemt binnen maatschappelijk verantwoord ondernemen (MVO) een prominente plaats in. Ondernemingen krijgen steeds meer aandacht voor sociale en maatschappelijke aspecten in hun ketens. Dit boek levert een bijdrage aan de discussie en uitvoering van deze thematiek. Concreet wordt dit gedaan door een overzicht te geven van issues in de context van maatschappelijk verantwoord ketenbeheer (MVK) en worden er concrete voorbeelden aangereikt van instrumenten om de implementatie van verantwoorde ketenpraktijken te bevorderen. Achtereenvolgens komen aan de orde: MVO en ketenmanagement; Maatschappelijke issues in de ketens: sociale issues (o.a. kinderarbeid, salariëring en leefbaar loon, veilige en gezonde werkomstandigheden), milieu-issues (o.a. afvalverwerking, efficiënt gebruik van energie en grondstoffen); Instrumenten om maatschappelijk verantwoord ketenbeheer te bevorderen; MVK in de praktijk. (B27105)

  • Waard, D. de, Toezicht op maatschappelijk verantwoord ondernemen : over de taakopvatting van commissarissen
    Assen : Van Gorcum, 2008. 311 p.
    De publicatie biedt zicht op de taakopvatting van commissarissen van beursgenoteerde ondernemingen in Nederland ten aanzien van het maatschappelijk verantwoord ondernemen van de ondernemingen waarop zij toezicht houden. De auteur heeft een dertigtal topcommissarissen geïnterviewd aan de hand van stellingen die ingaan op vraagstukken als milieuverontreiniging, duurzaamheid, veiligheid en gezondheid van personeel, omkoping in binnen- en buitenland, arbeidsomstandigheden en kinderarbeid. Zo heeft hij in kaart gebracht welk belang de commissarissen hechten aan maatschappelijk verantwoord ondernemen en vanzelfsprekend geeft hij zicht op wat hun bijdrage is aan de strategievorming terzake. Maar ook laat de auteur zien op welke wijze invulling wordt gegeven aan het toezicht houden op de uitvoering en wanneer commissarissen besluiten in te grijpen. De Waard toetst zijn bevindingen aan de Nederlandse Corporate Governance Code (De Code Tabaksblatt) en aan internationaal gangbare gedragscodes. Hij presenteert een patroon met verrassende inzichten, niet alleen in de taakopvatting van de commissarissen omtrent maatschappelijk verantwoord ondernemen, maar ook ten aanzien van de taakopvattingen van commissarissen in het algemeen.  (B26886)
     
  • Dam, L., Corporate social responsibility and financial markets : proefschrift Rijksuniversiteit Groningen
    Groningen : L. Dam, 2008. 131 p.
    In een viertal deelonderzoeken onderzocht Dam de economie van maatschappelijk verantwoord ondernemen, met de nadruk op de rol van financiële markten en instellingen. Dam laat zien dat er in de bestaande literatuur een paradox bestaat door een onderscheid te maken tussen de winst en de waarde van een onderneming. MVO kost geld en gaat zodoende ten koste van de winst, maar hier staat een andere vorm van waarde tegenover. Voor een goed milieu of betere arbeidsomstandigheden bestaat geen handel, maar wel veel waardering. Die waardering beïnvloedt via beleggers de marktwerking. Verantwoorde ondernemers zullen daarom een vorm van goodwill creëren bij beleggers. Zodoende levert MVO een bedrijf misschien geen directe winst op, maar het zal wel de uiteindelijke waarde van de onderneming verhogen. Verder concludeert Dam dat de aandelenmarkt niet negatief reageert op banken die duurzame ontwikkeling nastreven. Hij onderzocht de verschillen tussen banken die wel en niet de Equator Principes ondertekenden: een verdrag dat banken verplicht zich aan opgestelde sociale en milieuprincipes te houden. Behalve op sociale prestaties vond Dam geen significante verschillen. Wel viel het hem op dat vooral grote banken de principes ondertekenden. Dam deed ook onderzoek naar maatschappelijk verantwoord beleggen. Het is een klassiek probleem dat toekomstige generaties de lasten moeten dragen van de vervuiling van huidige generaties. Volgens Dam ligt hiervoor een oplossing in verantwoord beleggen. Verantwoord beleggen is een manier om generaties aan elkaar te linken en duurzame ontwikkeling te stimuleren. Ten slotte onderzocht Dam of de veronderstelde ‘vervuilingsparadijzen’ daadwerkelijk bestaan. Hij concludeert dat de strenge Europese sociale en milieuwetgeving er inderdaad voor zorgt dat onverantwoorde multinationals zich naar ontwikkelingslanden verplaatsen. Voor verantwoordelijke ondernemingen is het juist niet aantrekkelijker om naar ontwikkelingslanden te verhuizen. De externe effecten, zoals een slecht milieubeleid, kinderarbeid, of slechte sociale omstandigheden uiteindelijk zullen terugslaan op de waarde van het bedrijf. (B26583)

  • Min. EZ; PriceWaterhouseCoopers, Transparantiebenchmark 2007 : maatschappelijke verslaggeving
    Den Haag : Min. EZ, 2007.
    Het doel van de Transparantiebenchmark is een beeld te geven van de transparantie in jaarverslaggeving van de grootste Nederlandse ondernemingen ten aanzien van Maatschappelijk Verantwoord Ondernemen (MVO). De criteria om de transparantie in de jaarverslaggeving te meten zijn dit jaar anders dan de vorige jaren. In de nieuwe criteria is meer nadruk komen te liggen op de kernprocessen van de onderneming en hoe MVO daarin een rol speelt. Ketenverantwoordelijkheid is een apart onderdeel geworden en heeft meer gewicht gekregen. Voorts is het onderdeel verificatie aangepast om recht te doen aan verschillende vormen en gradaties van de onafhankelijke verificatie van MVO-gegevens die zich in de praktijk voordoen. (B26443)

  • Enneking, L.; Universiteit Utrecht; Wetenschapswinkel Rechten, Corporate social responsibility : tot aan de grens en niet verder? : over de regulering vanuit Nederland van de activiteiten van de Nederlandse multinationale concerns in gastlanden; foreign direct liability and beyond
    Utrecht : Wetenschapswinkel Rechten, 2007.
    Afstudeerscriptie waarin wordt onderzocht of de plicht van een multinationaal concern om maatschappelijk verantwoord te ondernemen (MVO) eindigt aan de grens van het thuisland. Nederlandse multinationale concerns voeren hun activiteiten vaak uit in ontwikkelingslanden. Landen waar juist op de gebieden waarop MVO zich concentreert een ondernemer geen strobreed in de weg wordt gelegd wat betreft milieu, verkeersveiligheid, arbeidsomstandigheden en mensenrechten. Adequate regelgeving over schade die zij met hun activiteiten in het gastland aanrichten is nauwelijks aanwezig. Hierdoor zijn multinationale concerns ongrijpbare spelers binnen de internationale gemeenschap. Volgens het onderzoek van Enneking ontbreekt het aan adequate nationale wetgeving in de gastlanden zelf én aan internationale regelgeving om activiteiten van multinationals te reguleren. Ook bij de effectiviteit van zelfregulering, in de vorm van gedragscodes, kunnen vraagtekens worden gezet. In het onderzoek van Enneking worden de mogelijkheden om activiteiten van Nederlandse multinationale concerns in gastlanden vanuit Nederland te reguleren nader belicht. Daarnaast heeft zij onderzocht in hoeverre dergelijke regulering een ontoelaatbare inmenging in de interne aangelegenheden van het gastland oplevert. (B26395)

  • Ryngaert, C., Anders globaliseren : mensenrechten, milieu en internationale handel
    Leuven : Acco, 2007.
    Wereldvisie, nr. 4
    Globalisering is een proces waarbij de wereld steeds meer met elkaar verbonden raakt. Globalisering heeft grote voordelen. Maar er zijn ook gevaren aan verbonden. Zo dreigen arbeid, mensenrechten en milieu het slachtoffer te worden van een ongebreidelde economische expansiedrang. Dit boek gaat op zoek naar hoe een ‘andere’ globalisering zich kan voltrekken. Het gaat in een eerste deel na hoe multinationals ertoe gebracht kunnen worden zich maatschappelijk verantwoord te gedragen, met name in ontwikkelingslanden. Een tweede deel gaat na hoe de vrijhandelsregels afgesproken in de Wereldhandelsorganisatie verzoend kunnen worden met duurzame ontwikkeling. (B26440)

  • Pijls, A. C. W., Modernisering van het rechtspersonenrecht : de Maatschappelijke Onderneming
    Den Haag : Boom Juridische Uitgevers, 2007.
    Jonge meesters
    Zorginstellingen, woningcorporaties en onderwijsinstellingen worden in toenemende mate geconfronteerd met ontwikkelingen als schaalvergroting, financiële expansie, professionalisering, commercialisering en kritischer wordende afnemers. Dergelijke ontwikkelingen hebben er - onder druk van de politiek - mede toe bijgedragen dat deze instellingen zich de afgelopen jaren steeds meer zijn gaan toeleggen op het maatschappelijk ondernemerschap. De opkomst van het maatschappelijk ondernemerschap heeft tot dusver echter nog niet geleid tot een volledige erkenning en ontwikkeling van het (juridische) concept ‘maatschappelijke onderneming’. De ontwikkeling van de juridische infrastructuur is zelfs in sterke mate achtergebleven bij de eerder genoemde ontwikkelingen. Zo worden de meeste maatschappelijke ondernemingen thans nog gedreven in de rechtsvormen stichting en vereniging, terwijl deze rechtsvormen onvoldoende tegemoet komen aan de eisen die de hedendaagse praktijk stelt aan een solide juridische vormgeving van de maatschappelijke onderneming. In deze studie wordt derhalve gepleit voor een modernisering van het rechtspersonenrecht en wordt een voorstel gedaan voor een nieuwe rechtsvorm in Boek 2 BW: de vennootschap met modaliteit Maatschappelijke Onderneming. (B26005)

  • Hummels, H.; Universiteit Maastricht; FNV; CNV; Min. EZ, De kracht van pensioenfondsen : een onderzoek naar verantwoord ondernemen in het beleid van Nederlandse pensioenfondsen en de uitvoering daarvan
    Maastricht : Universiteit Maastricht, 2007.
    Dit onderzoek handelt over pensioenfondsen en hun aandacht voor maatschappelijk verantwoord ondernemen (mvo). In het onderzoek staat de vraag centraal of pensioenfondsen rekening houden met sociaal, ethisch en milieuverantwoordelijk handelen door de entiteiten waarin zij investeren? Het onderzoek is opgebouwd uit drie delen. Deel 1 gaat in op algemene karakteristieken, zoals naam, aard en omvang van een pensioenfonds, het vermogensbeheer van het fonds en de functie van de respondent. Deel 2 richt zich op corporate governance; deel 3 is gewijd aan verantwoord ondernemen. Het onderzoek toont aan dat Nederlandse pensioenfondsen toenemend aandacht hebben voor sociale, ethische en milieuverantwoordelijkheden van ondernemingen waarin zij investeren. Verantwoord ondernemen is niet louter een vraagstuk voor grote (meestal bedrijfstakgerichte) pensioenfondsen. Ook kleinere pensioenfondsen en OPF besteden tegenwoordig aandacht aan het onderwerp. Ethische thema’s zijn dominant in het beleid van de fondsen. Bijna 90 procent van de respondenten zegt acht te slaan op de kwaliteit van het ethisch handelen. Ook vinden pensioenfondsen het van belang dat bedrijven zich houden aan wet- en regelgeving. (B25909)

  • Min. EZ; NovioConsult Van Spaendonck, Terugblikken en vooruitzien : voortgangsonderzoek maatschappelijk verantwoord ondernemen (2001-2006)
    Den Haag : Min. EZ, 2007.
    Sinds 2001 voert de rijksoverheid beleid gericht op het stimuleren van Maatschappelijk Verantwoord Ondernemen (MVO) door Nederlandse ondernemingen. Doel van het kabinet is de ontwikkeling van MVO te versnellen c.q. te stimuleren. De uiteindelijke ambitie van het kabinet is dat alle bedrijven aan MVO doen. Dit onderzoek heeft een tweeledige doelstelling, namelijk het opmaken van de tussenstand van MVO door Nederlandse ondernemingen en het opsporen van stimulerende en sturende factoren om de invoering van MVO in de komende beleidsperiode te versnellen. Het rapport gaat achtereenvolgens in op het kabinetsbeleid inzake MVO, de richtlijnen en instrumenten die zijn ontwikkeld, trends ten aanzien van MVO en de voortgang van MVO bij bedrijven en overheden. Het evaluatierapport concludeert dat de doelstelling van het kabinet om de ontwikkeling van MVO te versnellen, is bereikt. Dat geldt echter niet voor de ambitie om alle bedrijven mee te laten doen aan MVO. Ook is de overheid in de ogen van bedrijven en NGO’s met name tekortgeschoten bij het vervullen van een voorbeeldrol. Daarnaast blijkt er een groeiende behoefte te zijn aan aanpak op maat voor zowel grote bedrijven als het MKB. (B25572)

  • Lambooy, T.; [et al.], Een wereld te winnen : zestien visies op maatschappelijk verantwoord ondernemen
    [Deventer] : Kluwer, 2006.
    In dit boek wordt het belang van MVO in een veranderende samenleving belicht. Dat gebeurt in zestien interviews met politici, wetenschappers, ondernemers, bestuurders en ethici die elk een onderscheidende visie op dit onderwerp presenteren. Onder de geïnterviewden ondermee : oud-premier Ruud Lubbers, Dick Boer (Ahold), Liesbeth van Tongeren (Greenpeace), Bisschop Muskens, Wouter van Dieren, Pieter Winsemius en Karien van Gennip. (B25455)

  • Dalen, E. J. van; [et al]., Goed werkgeverschap in internationaal perspectief : onder de vlag van maatschappelijk verantwoord ondernemen
    Assen : Van Gorcum, 2006.
    Management & Ethiek
    Het boek is het resultaat van een landenvergelijkend onderzoek naar de stand van zaken op het gebied van goed werkgeverschap. Onder goed werkgeverschap verstaat men de mate waarin een werkgever in zijn gedrag optimaal rekening houdt met zijn werknemers zonder dat deze zorg ten koste gaat van organisatiebelangen. In dit boek wordt het goed werkgeverschap in zestien landen vergeleken vanuit het perspectief van sociaal-culturele, politieke en economische factoren. Het betreft alle EU-landen vóór de EU-uitbreiding per 1 mei 2004, aangevuld met Noorwegen. Een open bedrijfscultuur, maatwerk in arbeidsrelaties (het combineren van werk en privé) en ontwikkelingsmogelijkheden van de werknemers zijn de drie aspecten van goed werkgeverschap waarop Nederland goed scoort. Andere landen kennen een minder complete invulling van dit begrip; alleen het onderdeel ontwikkelingsmogelijkheden zien we in veel landen terug. Het thema ‘gezondheid op de werkplek’ heeft bij buitenlandse bedrijven vaak wel een prominente plaats. De belangrijkste reden om aan goed werkgeverschap of Corporate Social Responsibility te doen is het verbeteren van het bedrijfsresultaat. Uit eerder onderzoek blijkt dat goed werkgeverschap samenhangt met een hogere productiviteit en minder verloop van personeel. Vaak zijn sociale partners, in het bijzonder de werkgeversorganisaties de stimulerende partij. Succesfactoren zijn vrijwilligheid en samenwerking van sociale partners; regels en wetten werken averechts. Vrijwel alle landen denken dat goed werkgeverschap bekender wordt en meer geaccepteerd. In het boek staat een aantal praktijkvoorbeelden beschreven van bedrijven die met goed werkgeverschap aan de slag zijn gegaan, waaronder Volvo Cars Corporation uit Zweden en Sportasia uit het Verenigd Koninkrijk. (B25431)

  • Graaf, F. J. de, De bestuursstructuur en de maatschappelijke verantwoordelijkheid van ondernemingen : de invloed van stakholders en de deregulering van de Nederlandse financiële sector : proefschrift Universiteit
    Delft : Eburon, 2005.
    Dit proefschrift laat zien dat maatschappelijk verantwoord ondernemen (MVO) gaat over ‘corporate governance’, in het bijzonder over de vraag hoe stakeholders en een onderneming het ondernemingsbestuur inrichten. Hij geeft een gedetailleerde beschrijving van de veranderingen sinds 1990 in de verhoudingen tussen stakeholders en ondernemingen, aan de hand van vier grote Nederlandse financiële instellingen - ABN AMRO Bank, de ING Groep, de Rabobank Groep en Triodos Bank. Door de ontwikkelingen in de financiële markt zijn deze bedrijven gedwongen een nieuwe invulling te geven aan het begrip maatschappelijke verantwoordelijkheid: aandeelhouders krijgen meer invloed, de ondernemingsraden juist minder dan voorheen, en de toezichthouders werpen zich steeds vaker op als beschermers van klantbelangen. Verder valt op dat de invloed van Nederlandse aandeelhouders versplinterd is, doordat zij hun belangen de afgelopen vijftien jaar internationaal hebben gespreid. De Graaf toont hoe de Nederlandse financiële sector ingrijpend is veranderd, nadat zij actief werd op de internationale financiële markten. (B23929)

  • Hamers, J. J. A; [et al.], Noodzaak, plicht of wenselijkheid van maatschappelijk verantwoord ondernemen
    Den Haag : Boom Juridische Uitgevers, 2005.
    De bundel benadert Maatschappelijk Verantwoord Ondernemen vanuit een multidisciplinair perspectief, met een groot aantal wetenschappelijke artikelen aan waarin MVO wordt beschouwd door theologen, filosofen, ethici, fiscalisten, ondernemingsrechtjuristen, (internationaal) publiekrechtjuristen, mensenrechtendeskundigen en change managers. Bevat de volgende bijdragen: Maatschappelijk verantwoord ondernemen: juridisering van een relatief vaag normen kader; Een heel paard half: Immanuel Kant & corpoarate story; Wordt bedrijfsethiek ingehaald door het recht; Maatschappelijk verantwoord ondernemen: vrijwillig of verplicht? Een change management verkenning; Corporate social responsibility: a conceptual challenge to international law?; Maatschappelijk verantwoord ondernemen: afdwingbaar via het internationale recht? Maatschappelijk verantwoord ondernemen: ontbrekende schakel in het Europese werkgelegenheidsbeleid; Duurzaam aanbesteden; Verzekerbaarheid van aansprakelijkheid in het perspectief van maatschappelijk verantwoord ondernemen; Risicodifferentiatie als eis van maatschappelijk verantwoord ondernemen; Maatschappelijk verantwoord ondernemen en maatschappelijke verslaggeving; Naar een maatschappelijk bestuursoverleg; Pensioenfondsen en socially responsible investing; Maatschappelijk verantwoord ondernemen in fiscaal perspectief. (B23783)

  • Min. EZ; [et al.], Ondernemen met MeerWaarde : een overzicht van de praktische resultaten van het Nationale Onderzoeksprogramma Maatschappelijk Verantwoord Ondernemen (2003 – 2004)
    Den Haag : Min. EZ, 2005.
    Praktijkboek voor maatschappelijk verantwoord ondernemen (mvo). Maatschappelijk verantwoord ondernemen gaat uit van het principe van vrijwilligheid. Maar daarmee is het nog geen vrijblijvende aangelegenheid. Zodra ondernemingen erkennen dat zij een maatschappelijke verantwoordelijkheid dragen, brengt dit de verplichting met zich mee om daar ook invulling aan te geven. Hoe doen bedrijven dit in de praktijk? Voor welke ethische keuzes en maatschappelijke afwegingen worden ze geplaatst? Hoe kunnen ze verwachtingen en eisen van belanghebbenden binnen en buiten het bedrijf afstemmen op hun eigen strategische overwegingen? Wat is de interactie met non-gouvernementele organisaties (NGO's). En in hoeverre is maatschappelijk verantwoord ondernemen juridisch afdwingbaar? Dit zijn de vragen die in dit boekje centraal staan. De hier gepresenteerde antwoorden op deze vragen zijn gebaseerd op twee jaar onderzoek door een groep Nederlandse onderzoekers. (B23712)

  • Schrijvers, E. K.; WRR, Lessen uit corporate governance en maatschappelijk verantwoord ondernemen
    Den Haag : WRR, 2005.
    Webpublicatie, nr. 3
    Dit essay is het resultaat van een opdracht die aan E.K. Schrijvers is verstrekt in het kader van het WRR-rapport Bewijzen van goede dienstverlening (B_23286). De inhoud van dit essay is voor de verantwoordelijkheid van de auteur. De centrale vraagstelling van deze studie is wat instellingen kunnen leren van ondernemingen op het vlak van bestuur, toezicht en verantwoording. Hij valt uiteen in de volgende deelvragen: - Wat zijn ondernemingen? - Wat is corporate governance en wat kunnen instellingen daarvan leren? - Wat is maatschappelijk verantwoord ondernemen en wat kunnen instellingen daarvan leren? (B23559)

  • CDA, Wetenschappelijk Inst.; [et al.], Investeren in de samenleving : een verkenning naar de missie en positie van de maatschappelijke onderneming
    Den Haag : CDA, WI, 2005.
    Kantelingen
    De maatschappelijke onderneming is ‘in’. Er wordt steeds meer nagedacht over de plaats van deze ondernemingen naast de markt en de overheid. In het rapport wordt vanuit diverse invalshoeken gekeken naar het begrip maatschappelijke onderneming en de rol die deze speelt in de maatschappij. Het rapport bevat allereerst een situatieschets en een terugblik op de publiekrechtelijke plek van het maatschappelijk initiatief. Vervolgens wordt stil gestaan bij de positie die maatschappelijke ondernemingen in ons land innemen. Daarbij komt ook de relatie met de overheid aan bod. Als invalshoek is gekozen voor de opkomst van de verzorgingsstaat mede in relatie tot de ontwikkelingen die zich voordeden in de sfeer van de grondrechten. Daarna komt het gewenste herontwerp van ‘de derde sector’ aan bod. Ingegaan wordt op de vraag of het noodzakelijk en wenselijk is om een eigen regeling voor de maatschappelijke onderneming in het rechtspersonenrecht tot stand te brengen? (B23446)

  • Steins Bisschop, B. T. M., Maatschappelijk verantwoord ondernemen en het ondernemingsrecht
    Den Haag : Boom Juridische Uitgaven, 2004.
    Onderzoek naar de juridische, met name de vennootschapsrechtelijke, implicaties van maatschappelijk ondernemen. De in dit boek neergelegde onderzoeksresultaten tonen aan dat er vennootschapsrechtelijke overwegingen bestaan op grond waarvan MVO tot de bestuursplicht gerekend kan worden. Een van de opmerkelijkste conclusies is dat zowel besluiten als beleid, voorzover strijdig met de uitgangspunten van MVO, kunnen worden aangetast. De acties in dat verband komen toe aan directe stakeholders, zoals de aandeelhoudersvergadering, maar ook aan indirecte stakeholders, zoals non-gouvernementele organisaties. Op een voor de praktijk relevante wijze worden in dit boek aspecten behandeld van ondernemingsrecht, corporate governance en MVO. (B23059)

  • Burson-Marsteller; Gooijer, I. F. de, Public affairs in de 21e eeuw
    Den Haag : Burson-Marsteller, 2001.
    Public Affairs richt zich op de politieke en maatschappelijke omgeving van ondernemingen. Sinds een aantal jaren oefent de maatschappelijke omgeving steeds meer invloed uit. Multinationals en grote ondernemingen komen steeds vaker in contact met niet-gouvernementele organisaties en pressiegroepen waarbij het contact soms fricties oplevert. Public Affairs ondersteunt de onderneming bij het voorkomen van fricties door een "duurzame" relatie met de politieke en maatschappelijke omgeving te onderhouden. Deze duurzame relatie is gebaseerd op transparantie en dialoog wat eveneens voorwaarden zijn voor "duurzaam ondernemen", ook bekend als "Maatschappelijk (verantwoord) ondernemen". Burson-Marsteller heeft tegen deze achtergrond onderzoek gedaan naar de relatie tussen Public Affairs en duurzaam ondernemen. Het onderzoek, dat ten grondslag ligt aan het voorliggende rapport, geeft antwoord op de vragen welke rol Public Affairs speelt binnen Nederlandse bedrijven en brancheorganisaties en wat de relatie is tussen Public Affairs en duurzaam ondernemen. (B23006)

  • Min. BZK, Maatschappelijke verantwoordelijkheid voor het uitvoeren van publieke taken
    Den Haag : Min. BZK, 2004.
    Drie maal per jaar vinden in Den Haag debatten plaats over actuele ontwikkelingen in de organisatie van de rijksdienst. Deze debatten hebben een informerende en opiniërende functie. In 2003 waren de ARD-debatten gewijd aan het thema maatschappelijke verantwoordelijkheid voor de uitvoering van publieke taken. Deze publicatie bevat een verkenning alsmede een samenvatting van de gehouden debatten. De verkenning gaat in op drie vragen: Ten eerste wordt nagegaan welke karaktertrekken de maatschappelijke onderneming heeft. Ten tweede worden suggesties gedaan voor de positionering binnen het overheidsbestuur. En ten derde wordt het vraagstuk bezien van de sturing vanuit de rijksoverheid van een maatschappelijke onderneming. De ARD-debatten 2003 hebben de volgende titels: 1. Maatschappelijke verantwoordelijkheid voor publieke taken: de tovenaar ontgroeit zijn leerlingen; 2. De burger in beeld de uitvoering van publieke taken: de maatschappij dat ben jij; 3. Omgaan met maatschappelijke verantwoordelijkheid voor publieke taken: oude wijn in nieuwe zakken? (B22994)

  • St. NCW; [et al.], Geëngageerd : ondernemers over hun betrokkenheid bij mens en maatschappij
    Zoetermeer : Meinema, 2003.
    Maatschappelijk ondernemen betekent oog hebben voor de maatschappij. Een ondernemer moet rekening houden met klanten, personeel, aandeelhouders, omgeving en milieu. Dat kun je in regels proberen te vangen, maar beter is het om te kijken of het echt 'tussen de oren' zit. Maatschappelijk ondernemen begint immers met het persoonlijk engagement. De kernvraag is: hoe zit het met het maatschappelijk engagement van ondernemers en bestuurders? Waar worden ze warm van, wat willen ze eigenlijk betekenen, hoe geven ze dat vorm? Zeven ondernemers laten zich bevragen op hun persoonlijke betrokkenheid bij de wereld waarin ze leven. Ze komen met verhalen over idealisme en pragmatisme, geloof en bezorgdheid. Over inzet voor buurtgenoten en de Derde Wereld, voor medewerkers en de samenleving. De interviews worden voorafgegaan door twee wetenschappelijke verhandelingen van de hand van prof. dr. Paul van Tongeren en prof. dr Johan Graafland over de onderliggende deugden en de rol van levensbeschouwing bij een maatschappelijk engagement. Hoe worden idealen werkelijk? Hoe kun je vasthouden aan waarden wanneer die eigenlijk meer vragen dan je aankunt? Kortom: Wat zijn de bronnen van maatschappelijk engagement? (B22975)

  • EIM; Hoevenagel, R., Maatschappelijk verantwoord ondernemen in het midden- en kleinbedrijf
    Zoetermeer : EIM, 2004.
    Het basisidee achter het onderzoek is een beantwoording van de vragen: wat kan het MKB aan met maatschappelijk verantwoord ondernemen? In hoeverre biedt het kleine bedrijven kansen, en wat zijn de voor- en nadelen van deze vorm van ondernemen? Om deze vragen te beantwoorden wordt eerst stilgestaan bij de twee kernbegrippen van dit rapport: maatschappelijk verantwoord ondernemen en het midden- en kleinbedrijf. Wat zijn de essentiële aspecten van beide begrippen en in hoeverre zijn er aanknopingspunten? Na deze conceptuele analyse komen meer dan 3000 ondernemers zelf aan het woord: wat vinden zij van maatschappelijk verantwoord ondernemen en wat doen ze er aan? Aan het eind van het rapport wordt de balans opgemaakt en wordt teruggegrepen op de centrale vraag: wat kan het midden- en kleinbedrijf met maatschappelijk verantwoord ondernemen? (B22906)

  • Jeurissen, R. J. M.; [et al.], Bedrijfsethiek een goede zaak
    Assen ; Van Gorcum, 2004.
    Management & Ethiek
    Bedrijfsethiek: een goede zaak signaleert en beschrijft de ontwikkeling in maatschappelijk ondernemen. verder worden aan de hand van casuïstiek - zoals Heineken in Birma en Renault in Vilvoorde - strategieën en instrumenten beschreven, waarmee ondernemingen de morele kwaliteit van hun besluitvorming kunnen verbeteren, zoals gedragscodes, sociale en ethische doorlichtingen. Bevat de volgende hoofdstukken: Bedrijfsethiek en maatschappelijk verantwoord ondernemen; Morele verantwoordelijkheid in organisaties; Morele competentie; Waarden en morele normen in de onderneming; Maatschappelijk verantwoord ondernemen en strategie; Verantwoordelijkheid voor stakeholders; Duurzaam ondernemen; Ethiek organiseren. 4e dr. (B22745)

  • Karssing, E. D.; EIBE / Inst. voor Verantwoord Ondernemen, Morele competentie in organisaties
    Assen : Van Gorcum, 2004.
    Management & Ethiek Reeks
    Organisaties kunnen niet langer doof en blind blijven voor de behoeftes, wensen en verlangens van de maatschappij. Dit geldt zowel voor het openbaar bestuur als voor het bedrijfsleven. Consumenten en burgers spreken organisaties aan op hun verantwoordelijkheden. Morele competentie in organisaties geeft antwoord op vragen als: Waarom zou een organisatie aandacht besteden aan ethiek en integriteit?; Op welke manier kunnen managers ethiek en integriteit organiseren?; Wat wordt bedoeld met integriteit als professionele verantwoordelijkheid?; Op welke wijze kan het begrip morele competentie praktisch worden uitgewerkt?; Hoe vertaalt zich dit naar leerdoelen?; Op welke wijze kunnen deze leerdoelen worden bereikt?; Hoe kunnen managers, medewerkers en professionals scherpzinnig en creatief nadenken over integriteitsvraagstukken? 3e dr. (B22466)

  • Hummels, G. J. A.; [et al.], De responsieve onderneming : over verantwoordelijkheden bij de interactie met stakeholders
    Assen : Van Gorcum, 2003.
    In de publicatie verkennen de auteurs het begrip 'maatschappelijk verantwoord ondernemen' (MVO). Daarbij willen zij recht doen aan het dynamische karakter ervan. De kern van MVO is geen eenduidig gedefinieerde verplichting of verantwoordelijkheid, maar het beantwoorden aan sociale eisen en verwachtingen. Anders geformuleerd: de maatschappelijke verantwoordelijkheid van de onderneming krijgt pas vorm en inhoud in de voortdurende interactie tussen bedrijven en hun stakeholders, met als gevolg dat die vorm en inhoud eveneens permanent veranderen. De titel van dit boek verwijst naar een onderneming die in staat is adequaat in te spelen op vragen en verlangens uit de samenleving. Zo’n responsieve onderneming loopt niet achter de feiten aan, maar neemt actief deel aan de interactie tussen ondernemingen, maatschappelijke organisaties en de politiek. Volgens de auteurs is dat de beste manier om als bedrijf het maatschappelijk verantwoord ondernemen in de praktijk te brengen. De responsieve onderneming is gebaseerd op gesprekken met topondernemers, NGO-vertegenwoordigers en wetenschappers, aangevuld met de visie en kanttekeningen van voormalig staatssecretaris Ybema. In een hoofdstuk waarin de historie en de ontwikkeling van het begrip MVO wordt beschreven, wordt ingegaan op het SER advies 'De winst van waarden', en de discussie in Nederland. (B21707)

  • Min. EZ, Ondernemerschapsmonitor winter 2002-2003 : themaspecial: maatschappelijk verantwoord ondernemen
    Den Haag : Min. EZ, 2003.
    De monitor geeft allereerst een overzicht van de ontwikkeling van het ondernemerschap in Nederland. Hierbij wordt ingegaan op zowel in de bedrijvendynamiek als de economische ontwikkeling van het MKB. Vervolgens wordt aandacht besteed aan het thema maatschappelijk verantwoord ondernemen (MVO). De monitor geeft een feitelijke beoordeling van het MVO-gedrag van ondernemers door te vragen of ondernemers met een aantal MVO-activiteiten bezig zijn. Daarnaast wordt in deze monitor onderscheid gemaakt naar maatschappelijk verantwoord ondernemen (MVO) enerzijds en maatschappelijke betrokkenheid anderzijds. MVO betreft activiteiten die meerwaarde hebben voor bedrijf en maatschappij, die tot de kernactiviteit van het bedrijf horen en die niet wettelijk verplicht zijn. Maatschappelijke betrokkenheid heeft betrekking op activiteiten die losstaan van de kernactiviteit van het bedrijf. (B21435)

  • LEI; [et al.], Maatschappelijk verantwoord ondernemen in de agrofoodketen
    Den Haag : LEI, 2002.
    Rapport, nr. 2.02.15
    Aanleiding voor dit onderzoek ligt in eerste instantie in de in 2000 verschenen LNV-nota Voedsel en Groen, waarin met name het belang van maatschappelijk verantwoord ondernemen (MVO) in de land - en tuinbouwsector benadrukt wordt. De tweede aanleiding voor dit onderzoek is het in 2001 verschenen Kabinetsstandpunt inzake MVO (als reactie op het advies van de SER over MVO). Dit Kabinetsstandpunt formuleert een beleidslijn voor hoe het Kabinet invulling wil geven aan MVO. Het Ministerie van LNV heeft als taak om voor de agrofood sector aan deze beleidslijn invulling te geven. Het Ministerie van LNV heeft het LEI gevraagd om de ontwikkelingen rond MVO in de agrofood sector in beeld te brengen en daarbij met name de zuivelsector in Nederland nader te bekijken. Dit rapport behandelt de volgende vragen: Wat wordt verstaan onder MVO, en op welke wijze sluit MVO aan bij de strategie van ondernemingen?; Welke motieven hebben bedrijven om zich wel of juist niet met MVO bezig te houden? Welke rol kan de overheid spelen bij het verder vormgeven van MVO? Wat is de stand van zaken in de zuivelketen? (B21384)

  • SMO; [et al.], De overtreffende trap van ondernemen : good practices voor MVO in derdewereldlanden
    Den Haag : SMO, 2003.
    SMO, nr. 2002-10
    Maatschappelijk verantwoord ondernemen (MVO) lijkt een aangelegenheid van de westerse wereld. Maar de grootste uitdaging voor MVO ligt juist in ontwikkelingslanden. Westerse bedrijven ontplooien hier veel bedrijfsactiviteiten, maar kunnen geen inzicht geven in langetermijneffecten op sociaal, ecologisch en economisch terrein. Het introduceren van MVO is hier nog te veel een proces van trial & error. Drie organisaties, FACET BV, Fair Trade Assistance en SMO zijn daarom op zoek gegaan naar de good practices voor MVO in Derde wereldlanden. De basis voor deze zoektocht bestond uit diepte-interviews bij 25 Nederlandse bedrijven die kunnen worden gezien als pioniers op het gebied van MVO in derde-wereldlanden. De conclusies uit dit onderzoek luiden dat de MVO-praktijk van pionierende Nederlandse bedrijven in de Derde Wereld er een is van persoonlijke gedrevenheid, ambachtelijkheid, solisme, stilte en integraliteit. (B21381)

  • Netwerk Toekomst Maatschappelijke Onderneming; [et al.], De waarde van de maatschappelijke onderneming geborgd
    Hilversum : Netwerk Toekomst Maatschappelijke Onderneming, 2003.
    Advies van het Netwerk Toekomst Maatschappelijke Onderneming. Het netwerk is een initiatief van voorzitters en directeuren van brancheorganisaties in de sectoren Wonen, Zorg en Onderwijs. Deze organisaties zijn zich steeds meer maatschappelijke ondernemingen gaan voelen: zij opereren in een marktsituatie, maar wenden tegelijkertijd hun middelen aan om de samenleving te dienen. Het advies bedoeld als aanzet voor een BrancheCode voor de maatschappelijke onderneming. Allereerst worden de bepalingen van de Code weergegeven en vervolgens worden deze artikelsgewijs toegelicht vanuit de eisen die aan de Structuur van de maatschappelijke onderneming gesteld moeten worden wil men het concept en de ambitie van de maatschappelijke onderneming niet alleen bedrijfsmatig maar ook in termen van bestuur (governance) en meervoudige maatschappelijke verantwoording waar kunnen maken. Vervolgens wordt een korte analyse gegeven van de strategie die aan de institutionele modernisering en verdere ontwikkeling van de maatschappelijke onderneming te grondslag zou moeten liggen en waar het streven naar een BrancheCode Maatschappelijke Onderneming integraal deel van uitmaakt. Het advies wordt afgesloten met een bijlage waarin een visie wordt geschetst op het Profiel van de moderne Maatschappelijke Ondernemer die aan het hoofd zou moeten staan van de maatschappelijke onderneming. (B21350)

  • Adriaansens, C. A.; [et al.], Maatschappelijk ondernemerschap in bestuurskundig perspectief : twee essays over de verhouding corporaties-overheid
    [Hilversum] : Aedes. 2000.
    De publicatie bevat een inleidend hoofdstuk over woningcorporaties als maatschappelijke ondernemingen. Vervolgens zijn twee essays opgenomen over de verhouding corporaties-overheid; Het privaatrechtelijk karakter van de corporatie; Maatschappelijk ondernemen en maatschappelijke verantwoordelijkheid; een bestuurskundig perspectief. (B21327)

  • MVO Platvorm, MVO referentiekader
    Amsterdam : MVO Platform, 2002.
    Het MVO Referentiekader brengt in kaart welke internationale verdragen en andere afspraken tot maatschappelijke verplichtingen en verantwoordelijkheden van bedrijven leiden. Voorbeelden zijn de Universele Verklaring van de Rechten van de Mens, de verdragen van de Internationale Arbeidsorganisatie (ILO) en tal van milieuverdragen. Maar ook op het gebied van consumentenbescherming, gezondheid, eerlijke concurrentie en bestrijding van corruptie en eerlijke concurrentie zijn inmiddels richtlijnen ontwikkeld die gevolgen zouden moeten hebben voor het gedrag van bedrijven. (B21315)

  • Min. EZ, Maatschappelijk verantwoord ondernemen : statusrapport 2002
    Den Haag : Min. EZ, 2002.
    Dit rapport geeft een overzicht in de stand van maatschappelijk verantwoord ondernemen (MVO) in Nederland weer. De optiek van diverse actoren wordt belicht en trends en verwachtingen van MVO in Nederland tot 2004 worden geformuleerd. Gezien de belangrijke rol van de onderneming bij MVO, staat het perspectief van het bedrijfsleven centraal in dit rapport. (B21284)

  • OECD; [et al.], OECD guidelines for multinational enterprises : focus on responsible supply chain management : annual report 2002
    Parijs : OECD, 2002.
    De OECD richtlijnen voor multinationals bieden ondernemingen, vakbeweging en NGO's een handvat voor verantwoordelijk ondernemersgedrag. Dit OECD-rapport beschrijft hoe overheden zijn omgegaan met de verplichting die zij hebben om de richtlijnen te promoten en er voor te zorgen dat de richtlijnen gezag uitstralen naar ondernemingen. (B21271)

  • Balkenende, J. P.; [et al.], Onderneming & maatschappij : op zoek naar vertrouwen
    Assen : Koninklijke Van Gorcum, 2003.
    Onderneming & maatschappij beschrijft de emancipatie van bedrijven richting maatschappelijk verantwoord ondernemen. Naast inhoudelijke beschouwingen worden concrete instrumenten als een gedragscode, stakeholdersdialoog en verslaglegging beschreven. Bevat de volgende artikelen: In Deel I: De culturele inbedding van de onderneming; De maatschappelijke uitdagingen; Over vertrouwen. In Deel II: De stakeholders: De werknemer en leidinggevende: op zoek naar vertrouwen in nieuwe arbeidsrelaties; De werknemer: het individuele arbeidsrecht; De consument: op zoek naar betrouwbare informatie; Het milieu: de eco-efficiëntiemethode; De belegger: op weg naar een duurzaam beleggingsbeleid; Het complex van stakeholders: over kwaliteit en corporate ownership. In Deel III: Organisatievormen: De commerciële onderneming; De familieonderneming; De structuurvennootschap; De coöperatie; De Europese vennootschap; De maatschappelijke onderneming. In Deel IV: Inbedding: Compliance: stand van zaken binnen beursgenoteerde ondernemingen; Risico- en crisiscommunicatie: een pleidooi voor een receptief debat; De stakeholderdialoog: enkele beginselen; Maatschappelijke verslaglegging: nieuwe ontwikkelingen; Verantwoording en accountantscontrole: op zoek naar vertrouwen; Onderneming en maatschappij: wie organiseert het vertrouwen? (B21254)

  • Tulder, R. van; Zwart, A. van der, Reputaties op het spel : maatschappelijk verantwoord ondernemen in een onderhandelingssamenleving
    Utrecht : Het Spectrum, 2003.
    In deze publicaties worden de dilemma’s en uitdagingen besproken die ondernemingen, overheden en maatschappelijke groeperingen – drie zijden van de maatschappelijke driehoek – ondervinden bij het onderhandelen over de invulling van verantwoord ondernemen. Wetgeving alleen volstaat niet en het zogenaamde ‘reputatiemechanisme’ blijkt beperkt effectief. De auteurs introduceren het begrip ‘maatschappelijk interfacemanagement’. Daarmee typeren ze de spanningsvelden die tussen ondernemers, overheden en maatschappelijke groeperingen bestaan op het terrein van geloofwaardig maatschappelijk verantwoord ondernemen. Ondernemingsstrategieën zijn pas effectief en duurzaam als op twee scheidsvlakken adequate keuzes gemaakt worden: publiek/ privaat en profit/non-profit. In dit boek zijn bovendien zeventien spraakmakende cases gebundeld. Ze worden systematisch behandeld en geanalyseerd. Ondernemingen als Triumph, IKEA, PepsiCo, ABN Amro, Nutreco en Schiphol kruisen de degens met maatschappelijke groeperingen als Burma Centrum Nederland, Schone Kleren Kampagne, NiZA en Milieudefensie. De onderwerpen zijn: kinderarbeid, conflictdiamanten, milieuverontreiniging, dictatuur, voeding en mensenrechten. De auteurs schetsen de contouren van een stakeholder-dialoog als meest adequate vorm van maatschappelijk interfacemanagement voor de toekomst.Ondernemingen als Triumph, IKEA, PepsiCo, ABN Amro, Nutreco en Schiphol kruisen de degens met maatschappelijke groeperingen als Burma Centrum Nederland, Schone Kleren Kampagne, NiZA en Milieudefensie. (B21237)

  • Thorpe, J.; Sustainability, The global reporters
    Londen : Sustainability, 2000.
    Internationale benchmark van maatschappelijk verantwoord ondernemen. Deze vierde benchmark gaat voor het eerst ook in op duurzame ontwikkeling. (B21181)

  • VNO-NCW; McIntosh, M.; Jonker, J. [et al.], Visies op maatschappelijk verantwoord ondernemen
    Assen : Van Gorcum, 2000. 112 p.
    De rol van het bedrijfsleven verandert en daarmee de rol van organisaties in onze maatschappij. Wat verandert is de grootte en scope van bedrijven, de grote stijging in particuliere, internationale investeringen en het feit dat het inwinnen van informatie en communiceren vierentwintig uur per dag mogelijk is. Het bedrijfsleven krijgt daardoor nieuwe verantwoordelijkheden met betrekking tot het beschermen van het milieu, het bewaken van de mensenrechten, het bevorderen van democratie, het tegengaan van fraude en corruptie en het intermediëren tussen de verschillende maatschappelijke groepen. In deze bundel geven verschillende personen (zowel internationaal als nationaal) hun visie op de opkomst en invulling van deze nieuwe rol van organisaties. (B20949)

  • OECD, OECD guidelines for multinational enterprises : global instruments for corporate responsibility : annual report 2001
    Parijs : OECD, 2001. 140 p.
    Richtlijnen voor multinationals inzake verantwoord ondernemen op het gebied van arbeid, bescherming van de consument, het milieu en de maatregelen die genomen worden om corruptie te voorkomen. (B20779)

  • CNV, Dienstenbond; Udo, J., Onderzoeksrapport maatschappelijk verantwoord? : hoe verantwoordelijk gedragen ondernemingen zich volgens leden van de Dienstenbond CNV werkzaam in de financiële sector en detailhandel
    Utrecht : CNV Dienstenbond, 2002.
    In opdracht van de CNV Dienstenbond is onderzoek gedaan naar Maatschappelijk Verantwoord Ondernemen (MVO) onder leden die werkzaam zijn in de financiële sector, bij de concerns ABN AMRO, ING-Groep en de Rabobank, en de detailhandel, te weten Vendex KBB (V&D en Bijenkorf), Ahold en ondernemingen uit de mode- en sportdetailhandel. Hoe wordt MVO vertaald binnen organisaties: Wat merken werknemers ervan? Uit het onderzoek blijkt dat met name het interne beleid, zoals personeelsbeleid en arbeidsvoorwaarden, hoge prioriteit heeft bij werknemers. Werkgevers echter, vinden leden, zetten zich vooral in voor MVO op internationaal gebied en in mindere mate binnen de eigen onderneming en op nationaal niveau. Kern van de onderzoeksresultaten is dat MVO hoog op de agenda staat bij bedrijven maar slecht is ingeburgerd bij werknemers, en met de kennis van werknemers over MVO is het slecht gesteld terwijl men wel is geïnteresseerd. De oorzaak hiervan is vaak de slechte communicatie over MVO binnen ondernemingen. (B20626)

  • Europese Cie, European SMEs and social and environmental responsibility
    Luxemburg : EG, 2002.
    Observatory of European SMEs 2002, nr. 4
    Rapport over maatschappelijk verantwoord ondernemen (MVO) waarbij de sociale en de milieuverantwoordelijkheid van het bedrijfsleven aan de orde komt. Ingegaan wordt op hoe het mkb haar rol ziet in dit opzicht en hoe ze hier mee omgaat. (B20527)

  • Silljé, A.; [et al.], Waarborging van waarden : over het samenspel van kwalititeitsmanagement en bedrijfsethiek
    Assen : Van Gorcum, 2002.
    Dit boek laat zien hoe de invalshoeken van bedrijfsethiek en kwaliteitsmanagement op elkaar aansluiten en hoe de diverse denkwijzen en instrumenten van beide benaderingen elkaar kunnen verrijken. Hierbij wordt aandacht geschonken aan de ethische aspecten in de omgang van (profit en non profit) bedrijven met belanghebbenden; niet alleen medewerkers, klanten en maatschappij, maar ook financiers en aandeelhouders. bevat de volgende bijdragen: Een inleiding in bedrijfsethiek en kwaliteitsmanagement; Excellent, duurzaam en verantwoord ondernemen: Persoonlijke normen en waarden als basis voor kwaliteitszorg; Wat heeft kwaliteitsmanagement de bedrijfsethiek te bieden?; Medewerkerstevredenheid - de spanning tussen ethiek en kwaliteit; Klantenethiek in het geding; Kwaliteit en maatschappelijke verantwoordelijkheid; Ethische aspecten en implicaties van financiële en operationele maatstaven van bedrijfsresultaten. (B20489)