Literatuurlijst Corporate Governance
SER-publicaties - Boeken - Tijdschriftartikelen
- Monitoring Cie Corporate Governance Code, Derde rapport over de naleving van de Nederlandse Corporate Governance Code
Den Haag : Monitoring Cie Corporate Governance Code, 2011. 52 p.
Rapport over de naleving van de Nederlandse Corporate Governance Code in 2010. Naast het onderzoek naar de naleving van de Code in 2010 heeft de Monitoring Commissie tevens onderzoek laten doen naar de uitleg over niet-toepassing dat bestaande contracten/afspraken worden gerespecteerd bij benoemingen in of na 2004; de kwaliteit van de uitleg; de samenstelling en de evaluatie van het functioneren van de raad van commissarissen; het verslag van de raad van commissarissen en het stem- en communicatiegedrag van buitenlandse vermogensbeheerders in Nederlandse beursgenoteerde ondernemingen. (B30426)
- Peij, S. [et al.], Handboek corporate governance
Deventer : Kluwer, 2011. 296 p.
Dit handboek beschrijft de huidige en toekomstige trends van de invloed van internationalisering in de bestuurskamers, diversiteit in de samenstelling van bestuur en raad van commissarissen, professionalisering van commissarissen, de discussie over topinkomens, governancecodes, board committees en invloed van aandeelhouders en andere belanghebbenden. Er is aandacht voor de strategische aspecten van governance, zoals die rondom de ontwikkeling van het duale (two-tier) governancemodel, de veranderende rol van de commissaris en belanghebbenden, de wereldwijde, Europese en nationale ontwikkelingen, integriteit en de 'rechte rug', de samenstelling, omvang en wijze van samenwerking tussen raden van bestuur en commissarissen. De operationele richting van corporate governance betreft de concrete invulling van begrippen als transparantie, beïnvloeding door en communicatie met belanghebbenden, besluitvormingsprocessen en aandeelhoudersvergaderingen. Ook wordt ingegaan op het onderwerp in control waarbij het gaat om beheersmatige zaken als: welke wet- en regelgeving is voor onze organisatie van toepassing? In hoeverre voldoen we hieraan? Welke belangrijkste strategische en operationele risico's lopen we als organisatie, bestuurder en commissaris? Hoe financieren we de onderneming, welke risico's lopen we daarbij en hoe houden we dienaangaande de vinger aan de pols?. (B30056)
- International Institute of Social Studies; Ashley, P. A.
Corporate social responsibility: a role only for business leaders? (inaugural adress)
Den Haag : ISS, 2010. 42 p.
Corporal social responsibility als een concept wordt op verschillende manieren gedefinieerd in Brazilië en het buitenland. De definitie van het concept kan worden begrepen als gerelateerd aan de culturele aspecten en het niveau van de sociale, economische, institutionele en milieuontwikkelingen van een regio op een specifiek moment en omvang. Dit wordt bekeken vanuit twee verschillende hoeken. (B30080)
- Dijkstra, H., Goed bestuur in de egoïsteneconomie
Amsterdam : Mediawerf, 2011. 218 p.
De aandacht voor goed bestuur is de laatste decennia sterk gegroeid. 'Corporate governance' staat in de belangstelling van organisaties, hun bestuurders en commissarissen. Er kwam uitgebreide regelgeving waarin thema's als 'transparantie' en 'comply or explain' bijna bezweringsformules werden. Dit boek bepleit verantwoord eigenaarschap als voorwaarde voor een solide kapitalisme en een weerbare samenleving. Het gaat over de kwetsbaarheid van het kapitalisme waarin aandeelhouders aandeelhandelaars bleken, en over burgers die in het stemhokje hetzelfde gedrag vertonen: te veel gericht op snel resultaat, met te weinig aandacht voor eigen verantwoordelijkheid en de lange termijn. (B29927)
- Monitoring Cie Corporate Governance Code, Eerste rapport over de naleving van de Nederlandse corporate governance code
Den Haag : Monitoring Cie Corporate Governance Code, 2009.
De Commissie rapporteert beperkt over de naleving in boekjaar 2008 van de Code Tabaksblat uit 2003 en presenteert haar werkprogramma voor de komende periode. (B28362)
- Ver. van toezichthouders in woningcorporaties, Governance code tussen de oren: evaluatieonderzoek naar het gebruik van de Governance Code Woningcorporaties door toezichthouders
Utrecht : VTW, 2009.
Resultaten van het evaluatieonderzoek naar het gebruik van de code woningcorporaties door toezichthouders. Uit onderzoek blijkt dat de code intensief wordt toegepast en een positief effect heeft op het toezicht. Aandachtspunten zijn het belang van risicomangement en het in kaart brengen en beheersen van risico's. Verduidelijking danwel aanscherping van de code is nodig en er is weinig prioriteit voor een expliciet diversiteitsbeleid. (B28223)
- Boot, A. W. A., De ontwortelde onderneming : ondernemingen overgeleverd aan financiers
Assen : Van Gorcum, 2009.
Studie in opdracht van Stichting Management Studies (SMS). Aanleiding voor SMS om deze studie te laten uitvoeren was de behoefte aan inzicht in de gevolgen van de grotere invloed van aandeelhouders en financiële markten op het (interne) ondernemingsbeleid en - functioneren. In zijn studie ontrafelt Boot hoe het perspectief van beleggers - en erger nog de dagkoersen op de beurs - zijn gaan domineren in het gedrag van ondernemingsbestuurders. Geconstateerd wordt dat het management hierdoor veel te transactiegericht en weinig standvastig opereert waardoor het belang van zaken als samenwerking, synergie, kennis, human capital etc. voor het functioneren en presteren van ondernemingen wordt verwaarloosd. Door deze eenzijdige invalshoek zo'n grote invloed te laten krijgen op het ondernemingsbeleid heeft management toegelaten dat de bijl aan de wortels van de onderneming wordt geslagen. Boot twijfelt niet aan het nut van meer aandeelhoudersdenken in de top van ondernemingen. Inefficiënties zijn hierdoor tegengegaan. Maar je laten sturen door de wispelturigheid van financiële markten is niet in het belang van de onderneming, noch overigens van dat van de aandeelhouders zelf. Management moet terug naar af: standvastig, op basis van eigen strategie invulling geven aan de missie van de onderneming. Boot concludeert dat de ruimte hiervoor wel degelijk aanwezig is, maar dat het Nederlandse ondernemingsbestuur – en het bijna verdwenen 'old boys netwerk'- in volledige verlamming zich heeft laten overrompelen door het circus van de financiële markten Meer stabiele aandeelhouders kunnen het management helpen bij het bewerkstelligen van de noodzakelijke gedragsverandering. Private equity zou volgens Boot in de toekomst een markt voor dergelijk lange termijn aandeelhouderskapitaal kunnen vormen. (B28171)
Ook aanwezig: Engelse vertaling (B28172)
- RSM Erasmus University; Frederikslust, R. A., Corporate governance & corporate finance : a European perspective
Rotterdam : Erasmus Universiteit, 2009.
Symposium paper
Aandacht voor de verschillende vooruitzichten voor corporate governance, de werking van mechanismen bij aandeelhouders, financiële structuren, en commissariaten, herstructurering en de markt voor corporate controle. (B28107)
- Monchy, C. W. de; Legein, M. H.; [et al.], Corporate governance in Nederland : : een praktische handleiding bij de beginselen van deugdelijk ondernemingsbestuur en best practice bepalingen
Den Haag : Boom Juridische uitgevers, 2009.
Boom juridische praktijkboeken
Tweede druk van deze handleiding over corporate governance naar aanleiding van de aanpassing van de Code in 2008. Ingegaan wordt op: de werking van de Corporate Governance Code en haar rechtsgevolgen; Publicatieverplichtingen; Corporate Governance in de wet; Wettelijke bepalingen over informatieverstrekking aan aandeelhouders en de organisatie van de aandeelhoudersvergadering; De rechtspositie van bestuurders, civiel en fiscaal. Vervolgens wordt de code verklaard waarbij achtereenvolgens aan de orde komen; Het bestuur, raad van commissarissen, de (algemene vergadering van) aandeelhouders, de audit van de financiële verslaggeving en de positie van de interne audit functie en van de externe accountant. De bijlagen bevatten onder meer een verklaring en toelichting op begrippen in de Code. Tot slot zijn een aantal reglementen opgenomen, te weten: Reglement raad van bestuur; Reglement raad van commissarissen; Reglement melding vermeende onregelmatigheden; Reglement bezit van en transacties in eigen effecten. 2e dr. (B27847)
- CPI Governance, De Nederlandse Corporate Governance Code : wijzigingen en geactualiseerde versie december 2008
Houten : CPI, 2008.
Handzaam overzicht van de principes en best practices van de Nederlandse Corporate Governance Code, inclusief de door de Monitoring Commissie gemaakte wijzigingen van december 2008. Na de Nederlandse- volgt een Engelse vertaling. (B27682)
- Horn, L. C., The transformation of corporate governance regulation in the European Union : towards a marketisation of corporate control : proefschrift Vrije Universiteit Amsterdam
Z.P. : L. Horn, 2009.
Het proefschrift laat zien welke ontwikkelingen aan het huidige ondernemingsbestuur hebben bijgedragen en welke structurele veranderingen plaats hebben gevonden. Deze liggen besloten in de steeds verdergaande vermarkting van de onderneming, die vanuit de Europese Unie sterk is ondersteund. Sinds het begin van de jaren 80 heeft met name de Europese Commissie - onder het mom van de vorming van een gelijk speelveld - erop aangedrongen dat ondernemingen afstand zouden doen van maatregelen waardoor de macht van de aandeelhouders beknopt wordt, zoals bijvoorbeeld preferente aandelen. Tegelijkertijd wordt de betrokkenheid van werknemers in het ondernemingsbestuur aan banden gelegd. Het beleid vanuit Europa om ondernemingen te vermarkten valt grotendeels samen met de opkomst van het neoliberalisme als dominante ideologie. Dit heeft geleid tot uitholling van het Rijnlandse model en een Pan-Europese markt voor bedrijfscontrol. Dit vermarktingsproces zet de ondernemingen, haar bestuurders en werknemers, steeds verder onder druk, dat wil zeggen, onder de tucht van de financiële markten. Ondernemingsbestuur is uiteindelijk vooral een verdelingskwestie. Deze studie benadrukt dan ook de politieke natuur van de regulering van ondernemingsbestuur, in het bijzonder de rol van de overheid en wetgeving in het proces van vermarkting. Het centrale argument van deze studie is dat de veranderingen in de regulering van ondernemingsbestuur een integraal onderdeel vormt van een politiek project in het kader van bredere kapitalistische herstructureringen in de Europese Unie. (B27556)
- CPB; Koning, P.; Leuvensteijn, M. van; Meijer, A., Op zoek naar winst voor de maatschappelijke onderneming : een economische analyse
Den Haag : CPB, 2008.
CPB document, nr. 173
Medio 2007 bracht het kabinet een voorontwerp in 2007 voor een (additionele) rechtsvorm van de Maatschappelijke Onderneming uit. Het wetsontwerp bevat voorstellen voor de vormgeving van een effectievere governance van instellingen, onder andere door een concretere invulling van de bevoegdheden van Raden van Toezicht en belanghebbenden. Dit CPB Document onderzoekt het nut en de noodzaak van het aanreiken van (wettelijke) standaarden om de corporate governance van niet-winstgerichte instellingen te verbeteren. Daarnaast staat de vraag centraal welke (nu nog) stichtingen en verenigingen zullen kiezen voor de rechtsvorm van de Maatschappelijke Onderneming. Speciale aandacht gaat uit naar twee sectoren waar de nieuwe rechtsvorm zich onder andere op richt: de ziekenhuizen en de woningcorporaties. (B27338)
- Min. EZ, Geborgd of verborgen : maatschappelijk verantwoord ondernemen in corporate governance
Den Haag : Min. EZ, 2008.
Onderzoek van de Cie Burgmans over de relatie tussen maatschappelijk verantwoord ondernemen (MVO) en corporate governance. In zijn advies komt de Commissie tot de conclusie dat integratie van MVO in de bedrijfsvoering zorgt voor een betere binding met klanten, investeerders en werknemers. Ook draagt het bij aan de reputatie en de waarde van de onderneming. De commissie beveelt daarom aan:
1. dat elk bedrijf beleid voor MVO heeft; 2. dat men hierover jaarlijks verslag doet, zodat er concrete aanknopingspunten zijn voor een dialoog met aandeelhouders en overige belanghebbenden bij het bedrijf; 3. dat concrete bepalingen hierover in de code Tabaksblat worden opgenomen. De dialoog over MVO tussen de verschillende stakeholders moet volgens de Commissie beter. Opname van een aantal extra bepalingen in de code Tabaksblat komt hier volgens de Commissie aan tegemoet. Ook voor niet beursgenoteerde bedrijven en instellingen kan de code als leidraad dienen. Verder is de commissie van mening dat met name ook 'private equity' bedrijven gelet op alle ontwikkelingen MVO-beleid dienen vast te stellen. (B27290)
- Algemene Rekenkamer, Goed bestuur in uitvoering : de praktijk van onderwijsinstellingen, woningcorporaties, zorgorganisaties en samenwerkingsverbanden
Den Haag : Algemene Rekenkamer, 2008.
Achtergrondstudie waarin wordt verkend hoe organisaties in de beleidssectoren onderwijs, zorg en wonen goed bestuur in de praktijk brengen. De nadruk ligt op intern toezicht en omgang met belanghebbenden. Ook wordt aandacht besteed aan de praktijk van goed bestuur bij samenwerkingsverbanden binnen en tussen de drie beleidssectoren. (B27258)
- Bosch, C., Corporate governance : rechtvaardigheid voor stakeholders, ook bij “barbaren aan het hek”
Amsterdam : C. Bosch, 2008.
In deze scriptie wordt een antwoord gegeven op de vraag of de wetgever gehoor moet geven aan het advies van de Commissie Frijns de huidige drempel van 5% (art. 5:38 lid 3 Wet op het financieel toezicht) te verlagen naar 3% en daarbij een mogelijkheid introduceren de identiteit van aandeelhouders te achterhalen. Bovendien wordt besproken of er een nieuwe bepaling moet worden ingevoerd in de Wft waarmee het voor de vennootschappen mogelijk wordt om de intenties van de aandeelhouders te achterhalen.
Masterscriptie Ondernemingsrecht, Faculteit Rechtsgeleerdheid Universiteit Leiden. (B27213)
- Goodijk, R., Herwaardering van de Rijnlandse principes : over governance, overleg en engagement
Assen : Van Gorcum, 2008.
Het boek bevat een kritisch pleidooi voor de herwaardering en vernieuwing van de Rijnlandse principes om te komen tot eigentijdse vormen van besturing en overleg in organisaties. Ondernemingen zoals Stork, ABN AMRO of ASMI worden ‘besprongen’ door activistische aandeelhouders. Het oorspronkelijke Rijnlandse uitgangspunt van de onderneming als samenwerkingsverband en de stakeholder-benadering staan onder grote druk en lijken niet meer ‘van deze tijd’. En de belangstelling voor traditionele overlegvormen, zoals de Ondernemingsraad, is sterk tanende. Wat betekent dit alles voor het Rijnland en met name Nederland? Hebben we een antwoord op de toenemende Angelsaksische invloeden, en zo ja: welk antwoord dan? Of hebben de Rijnlandse principes voorgoed afgedaan? Het boek geeft een analyse van de ontwikkelingen, geeft veel praktijkvoorbeelden en pleit voor een nieuwe balans tussen de benaderingen. Het boek biedt inzicht in vernieuwde vormen van (corporate) governance, mogelijkheden van stakeholder management, de samenhang tussen corporate en internal governance en eigentijdse -vormen van medewerkersparticipatie. (B27187)
- FNV, Commentaar op het rapport (juni 2008) van de Commissie Frijns over de evaluatie en actualisering van de Nederlandse corporate governance code
[Amsterdam] : FNV, 2008.
De FNV blijft zeer kritisch over de code-Tabaksblat. De topsalarissen moeten eindelijk worden aangepakt en de positie van de raad van commissarissen heeft versterking nodig. Bovendien moeten bedrijven beter worden beschermd tegen aanvallen van activistische aandeelhouders. (B27189)
- Oosterhout, J. van, Het disciplineringsmodel voorbij : over autoriteit en legitimiteit in corporate governance : rede
Rotterdam : Rotterdam School of Management, 2008.
In deze inaugurele rede wordt betoogd dat het onderzoeksgebied van corporate governance te veel gefocussed is op de agency problemen tussen managers en aandeelhouders die resulteren uit de scheiding van eigendom en zeggenschap in de beursvennootschap. Voorgesteld wordt het perspectief van het thans dominante disciplineringsmodel van corporate governance te verbreden door ook onderzoek te gaan doen naar: (1) de waarde van bestuursautoriteit in beursvennootschappen (en andere ondernemingsvormen), (2) de specifieke corporate governance problemen van andere ondernemingsvormen, en (3) de legitimiteitsproblemen die ontstaan als de belangen van partijen buiten de onderneming door ondernemingshandelen op onrechtmatige of onevenredige wijze worden aangetast.
Rede, in verkorte vorm uitgesproken bij de openbare aanvaarding van het ambt van bijzonder hoogleraar Corporate Governance and Responsibility aan de Rotterdam School of Management, Erasmus University vanwege de Vereniging Trustfonds Erasmus Universiteit Rotterdam op 12 september 2008. (B27172)
- Steins Bisschop, B. T. M., Bescherming tegen niet geïnviteerde overnames en ongewenst aandeelhoudersactivisme : een politiek correcte en bedrijfsmatig effectieve benadering
Zutphen : Paris, 2008.
Rede bij aanvaarding hoogleraarschap ondernemingsrecht aan de juridische faculteit van de Universiteit van Maastricht. Aandacht voor beschermingsmaatregelen en corporate governance in Nederland, de Nederlandse beschermingspraktijk, hedge funds en andere relevante ontwikkelingen in de markt. (B27130)
- Odenius, J.; IMF, Germany’s corporate governance reforms: has the system become flexible enough?
Washington : IMF, 2008.
IMF Working Paper, nr. WP/08/179
Dit werkdocument bespreekt het Duitse corporate governance systeem en de effectiviteit van recente hervormingen. Sinds het begin van de jaren '90 hebben ingrijpende hervormingen het traditionele systeem van stakeholders aangevuld met belangrijke elementen van het aandeelhouderssysteem. Deze paper gaat in op de vraag of deze hervormingen voldoende flexibiliteit hebben gecreëerd voor de markt om de corporate governance structuur te optimaliseren binnen de gevestigde sociale en juridische normen. geconcludeerd wordt dat er ruimte is voor vergroting van de flexibiliteit in drie kerngebieden, die betrekking hebben op (1) het mechanisme van interne controle, met name de flexibiliteit van de structuur van de board; (2) self-dealing, en (3) de externe controle, met name de overname-activiteiten. (B27069)
- Pheijffer, M. van; Eenennaam, F. van [et al.], Commissaris van nu : gevaarlijke gedachten voor commissarissen
Assen : Van Gorcum, 2008. 278 p.
In deze bundel komt zowel de wetenschap als de praktijk op het gebied van corporate governance aan de orde. ontsloten. Centraal staan: gevaarlijke gedachten over het commissariaat; corporate governance vanuit verschillende disciplines; interviews met ervaren commissarissen, boekverwijzingen, citaten. Het boek bevat achtereenvolgens de volgende bijdragen: De invloed van boardroom dynamics; De dramaturgie van corporate governance; Een zaak van ons allen. Voor maatschappelijke zeggenschap over de onderneming; De verzwaarde rol van de commissaris. Vroeger was het nog een leuk baantje...; O ja, belastingen...; Commissarissen op de evenwichtsbalk; Een gevaarlijke gedachte: integriteit is vanzelfsprekend; The cruelest lies are often told in silence; Duurzaam ondernemen: een strategie van innovatie; 'In control' met een management-controlesysteem; Over corporatisme en corporate governance; Het gevaar van vertrouwen; Fundamentele strategieverandering voor commissarissen: 'Please, not on my watch'. De volgende commissarissen zijn geïnterviewd: Eric van Amerongen, Erik van Merwe, Dolf van den Brink, Aad Jacobs, Joop Drechsel. (B26968)
- Uffelen, X. van, Het grote graaien : 25 jaar topsalarissen in Nederland
Amsterdam : Meulenhoff, 2008. 272 p.
Het grote graaien geeft een verklaring voor de ongebreidelde salarisstijgingen, belicht de geldlust van managers, schetst de onmacht van politici en ontmaskert de argumenten om de loongolf te vergoelijken. De grootste salarisrellen van de afgelopen kwart eeuw komen aan bod. Verder wordt ingegaan op de mythes over het topsalaris, de karaktereigenschappen van de topman, de reactie van klanten en werknemers, de pogingen van de politiek om de topinkomens te matigen, de maatregelen van de politiek voor de (semi) publieke sector, de valkuilen voor de beloningsadviseur, de beperkte invloed van aandeelhouders, de lastige rol van de commissarissen, en de verantwoordelijkheid van de journalisten. Verder worden er suggesties gedaan voor een eerlijk salaris. Tot slot zijn interviews opgenomen met Cor Boonstra, Kees Storm, Ad Scheepbouwer, en Michiel Boersma. (B26887)
- Monitoring Commissie Corporate Governance Code, Rapport over de evaluatie en actualisering van de Nederlandse corporate governance code : juni 2008
Den Haag : Monitoring Cie Corporate Governance Code, 2008.
Evaluatierapport van de Monitoring Commissie Corporate Governance Code, waarin zij de balans opmaakt van drie jaar monitoring van de naleving van de Nederlandse corporate governance code (Code Tabaksblat). De Cie constateert dat de Code zich heeft bewezen als waardevol instrument van zelfregulering voor bestuurders, commissarissen en aandeelhouders van Nederlandse beursvennootschappen. Om deze goede werking te behouden, dient de Code te worden aangepast aan de ontwikkelingen op het gebied van corporate governance in de laatste jaren. In haar evaluatierapport komt de Commissie onder meer met voorstellen voor aanpassing van de Code op het gebied van beloningen van bestuurders, diversiteit in de samenstelling van de raad van commissarissen, verantwoordelijkheid van aandeelhouders en de rol van bestuur en raad van commissarissen bij overnames. (B26917)
- Global Corporate Governance Forum; International Finance Corporation; Armstrong, Ph.; World Bank, The EU approach to corporate governance : essentials and recent developments
Washington : Global Corporate Governance Forum, 2008.
De rapport behandelt de hoofdzaken waar (toekomstige) kandidaat-lidstaten, alsmede de landen die de handel met EU-lidstaten willen uitbreiden of investeerders uit de EU willen aantrekken, rekening mee moeten houden bij het ontwikkelen of herzien van hun eigen corporate governance code.
De publicatie bevat tevens verwijzingen naar de betreffende EU-richtlijnen. (B26897)
- CPB; Bovenberg, L.; Teulings, C. N., Rhineland exit
Den Haag : CPB, 2008.
CPB discussion paper, nr. 101
In het rapport wordt gepleit voor het hanteren van aandeelhouderswaarde als de doelstelling van een onderneming, vanwege drie redenen. Ten eerste leidt het hanteren van een meervoudige doelstelling met vele belanghebbenden tot slecht gedefinieerde eigendomsrechten. Ten tweede worden de kapitaalkosten van de onderneming verhoogd door werknemers een deel van het ondernemingssurplus toe te kennen. Dit gaat ten koste van de creatie van nieuwe banen, en daarmee van de positie van outsiders die naar een baan zoeken. Ten derde, wordt de best mogelijke sociale verzekering gerealiseerd door het volledige ondernemingssurplus toe te kennen aan kapitaalverschaffers, omdat zij dat risico op de kapitaalmarkt kunnen diversificeren. Waar globalisering van productmarkten heeft geleid tot een verhoging van bedrijfsspecifieke risico's door een intensivering van competitie, daar heeft de globalisering van kapitaalmarkten geleid tot een verbetering van de risicodiversificatie van kapitaalverschaffers. Dit is een efficiënte vorm van sociale zekerheid. Coördinatie in loononderhandelingen en collectieve normen spelen een belangrijke rol in het beperken van de claim van werknemers op het ondernemingssurplus. Zo dragen werknemers in Denemarken een veel kleiner deel van het bedrijfsspecifieke risico dan werknemers in de Verenigde Staten. Collectieve actie bij loononderhandelingen is dus van belang. Politici worden echter geconfronteerd met de verleiding om kiezers te plezieren door werknemers achteraf toch een claim op het ondernemingssurplus toe te kennen, ten koste van hun inkomenszekerheid op lange termijn en ten koste van de baancreatie voor toekomstige generaties. (B26654)
- Berkel, C.; Dekker, V ; Oosterhout, B. van ;[et.al.], De eigenaren van de onderneming
Alphen a/d Rijn : Kluwer, 2007.
OR strategie en beleid, thema 3
De vraag komt aan de orde wat het optreden van Hedge funds en overnames betekenen voor OR en personeel. Het denken in modellen voor de besturing van ondernemingen lijkt een mogelijkheid om meer duidelijkheid te krijgen over de betekenis van de verschillende partijen bij overnames. Met vergelijking van het Rijnlands- en Angelsaksisch model. (B26522)
- Strikwerda, J., Van unitmanagement naar multidimensionale organisaties
Den Haag : St. Management Studies, 2008.
Beschrijving van een multidimensionale organisatie, welke nieuwe mogelijkheden deze biedt, hoe de organisatievorm werkt en geleid moet worden en wat deze organisatievorm betekent voor corporate governance. Puntsgewijs en aan de hand van bedrijfscases van bekende ondernemingen wordt uitgelegd welke beslissingen noodzakelijk zijn om duurzaam en effectief in te spelen op de toenemende complexiteit van de markt. (B26512)
- Monitoring Cie Corporate Governance Code, Derde rapport over de naleving van de Nederlandse corporate governance code
Den Haag : Monitoring Cie Corporate Governance Code, 2007.
In het rapport doet de Commissie Frijns verslag van de naleving van de Corporate Governance Code door vennootschappen en institutionele beleggers over het jaar 2007. De relatie tussen beloning en prestatie wordt door het rapport bevestigd. Hoewel blijkt dat de beloningen gestegen zijn, wijkt Nederland niet af van de trend die in Europa zichtbaar is. De Monitoring Commissie legt in haar aanbevelingen nadruk op zelfregulering en controlerende rol van Raad van Commissarissen in de toetsing van beloning versus prestatie. (B26415)
- Peij, S. C.; Koelewijn, J.; Munsters, R.; [et al.], Handboek corporate governance
Deventer : Kluwer, 2007.
In deze herziene editie van het handboek wordt vanuit bestuurlijke, juridische en financiële invalshoek ingegaan op trends in boardroom en maatschappij die van invloed zijn op de wijze waarop ondernemingen invulling geven aan onderwerpen als besturen, toezicht houden, beheersen, verantwoordelijkheid , verantwoording aan belanghebbenden, zeggenschap, omgangsvormen, spelregels en beïnvloeding door belanghebbenden. De auteurs besteden aandacht aan zaken als hedgefunds en private equity maar ook aan de rol van de commissaris en de macht van de aandeelhouder. Het boek gaat in op alle ontwikkelingen van de afgelopen jaren en laat zien welke veranderingen zijn doorgevoerd. Alle hoofdstukken zijn gewijd aan de diverse aspecten van corporate governance: de ontwikkelingen in de boardroom en de maatschappij; corporate governance in internationaal perspectief; de rol van de commissaris en de bestuurders; de nieuwe rol en positie van de aandeelhouder; operationele processen van de raad van commissarissen; corporate governance vanuit juridisch perspectief; interne en externe beheersing en een belanghebbenden-perspectief op corporate governance; de toekomst van corporate governance. 2e dr. (B26494)
- Heuvel. N. W. M.; Berk, J. W.; Boer, M. J.; Vermeer, M.; Groot, C. de; Versteegh, C. R. M.; Doodeheefver, A. B. A., Corporate finance
Doetinchem : Reed Business, 2007.
O&F, Onderneming en Financiering, nr. 76
Publicatie gewijd aan het thema corporate finance. Bevat de volgende bijdragen: Recht op zekerheid?; Enkele opmerkingen bij artikel 403 boek 2 burgerlijk wetboek; 'Werken aan winst'; De vrijgestelde beleggingsinstelling in de zin van de Wet op de vennootschapsbelasting 1969; De opvattingen van de Monitoring Commissie Corporate Governance Code; Maken Europese vrij verkeer regels een Europese wet voor stichtingen noodzakelijk?; De vrijgestelde beleggingsinstelling in de zin van de Wet op de vennootschapsbelasting 1969? (B26096)
- Huse, M., Boards, governance and value creation : the human side of corporate governance
Cambridge : Cambridge University Press, 2007.
Wat is de rol van de raad van bestuur bij corporate governance? Hoe moeten zij worden gestructureerd om er de maximale waarde uit te halen? Deze publicatie bekijkt de rol van de raden van bestuur in verschillende landen en contexts, van kleine en middelgrote ondernemingen tot grote bedrijven. Het onderzoekt de werkmethoden van de raden en hoe zij hun verwachtingen het beste kunnen waarmaken. De effectiviteit van de raad en hun waardebepaling wordt getoond als resultaat van de wisselwerking tussen eigenaren, managers, leden van de raad en andere actoren. Bevat de volgende hoofdstukken: Investigating boards of directors; Internal and external actors; Board task expectations and theories; The board members (o.a. over het aandeel vrouwen in de raad van bestuur); Context and resources; Interactions: trust, power and strategising; Structures and leadership; The decision-making culture; Actual task performance; The value creating board; The human side of corporate governance. (B25936)
- Wigboldus, J. E., cORporate governance : bestuur, toezicht en de OR
Alphen aan den Rijn : Kluwer, 2007.
OR in bedrijf Thema
In dit boek ligt de nadruk vooral op de rol van de OR op het terrein van corporate governance. Allereerst wordt ingegaan op het begrip corporate governance. Vervolgens komt de vraag aan de orde 'van wie is de onderneming'? Hierbij worden twee verschillende visies op de onderneming beschreven - de Angelsaksische en de Rijnlandse, waarbij de termen 'stakeholders' en 'shareholders' worden uitgelegd. De recente ontwikkelingen en het conflict tussen Stork en twee grote aandeelhouders worden beschreven en geanalyseerd ter illustratie van een botsing tussen Angelsaksen en Rijnlanders. Voorts wordt ingegaan op de Nederlandse corporate-governancecode van de Cie Tabaksblat en op de Structuurregeling van 2004. Het volgende hoofdstuk is gewijd aan de relatie tussen ondernemingsraad en raad van commissarissen. Welke mogelijkheden zijn er om invloed op de RvC uit te oefenen, een relatie met de commissarissen op te bouwen en te onderhouden? Daarna wordt de relatie tussen OR en bestuurder aan de orde gesteld. De benoeming van de bestuurder komt ter sprake, net als de nieuwe regeling van informatie over beloningsverhoudingen. Vervolgens wordt corporate governance in Europees perspectief geplaatst Welke invloed hebben de werknemers op het hoogste bestuursorgaan in de verschillende Europese landen? In het slothoofdstuk wordt betoogd dat de onderneming óók van de medewerkers is. Samengevat wordt welke rol de OR kan spelen in het bevorderen van goed bestuur en effectief toezicht. De bijlagen bevatten een schematisch overzicht van de belangrijkste wettelijke bepalingen op grond waarvan de OR een rol in corporate governance kan spelen, een begrippenlijst, een overzicht van rechtsvormen, een vergelijking tussen de Structuurwet 1971 en de Structuurregeling 2004 en een voorbeeldconvenant over het (versterkt) aanbevelingsrecht. (B25866)
- Monitoring Cie Corporate Governance Code, Advies over de verhouding tussen vennootschap en aandeelhouders en over het toepassingsbereik van de Code
Den Haag : Monitoring Cie Corporate Governance Code, 2007.
Een fundamentele wijziging van het Nederlandse corporate governance stelsel vanwege de actievere opstelling van aandeelhouders is ongewenst. Wel zijn nadere spelregels nodig om de processen tussen bestuur, commissarissen en aandeelhouders zorgvuldig te laten verlopen en een optimale belangenafweging mogelijk te maken. Dit beveelt de Monitoring Commissie Corporate Governance Code aan in een advies dat aan de ministers van Financiën en van Economische Zaken is aangeboden. Het advies is opgesteld na reacties van diverse marktpartijen en belangenorganisaties op het consultatiedocument dat de Monitoring Commissie eind december 2006 uitbracht. In het advies zijn de antwoorden vervat op de vragen van het kabinet naar aanleiding van het toegenomen aandeelhoudersactivisme. (B25828)
- Bartman, S. M., Voorbij NV en BV : over corporate governance en het tekort van ons vennootschapsrecht : rede
Deventer : Kluwer, 2004.
In deze oratie wordt de stelling betrokken dat corporate governance wel vergaande, nieuwe verantwoordelijkheden legt op de organen van de beursgenoteerde (holding)maatschappij, echter zonder dat daar toereikende bevoegdheden in het vennootschapsrecht tegenover staan. De auteur bepleit daarom de totstandkomingvan een afzonderlijk, wettelijk statuut voor de beursvennootschap.
Inaugurele rede uitgesproken bij de aanvaarding van het ambt van hoogleraar in het ondernemingsrecht aan de Universiteit Leiden op 27 april 2004 (B25798)
- Otten, J. A., Origins of executive pay and corporate governance reform codes essays on an institutional approach to corporate governance : proefschrift Universiteit Utrecht
Utrecht : J.A. Otten, 2007. 243 p.
In het onderzoek staan twee fundamentele corporate governance fenomenen centraal. Te weten de beloning van bestuurders en hervormingen van corporate governance in de vorm van codes. De beloning aan bestuurders wordt vaak gezien als een instrument om hun beslissingen te beïnvloeden. Met bijvoorbeeld optie- en aandelenregelingen zouden bestuurders ertoe gedwongen worden om het belang van aandeelhouders te waarborgen. Op basis van een studie naar meer dan 3000 bestuurdersbeloningen uit 17 van de rijkste landen van de wereld laat Otten zien dat niets minder waar blijkt te zijn. Bestuurdersbeloningen zijn uitkomsten van complexe corporate governance-processen die vormgegeven worden door zowel landspecifieke als ondernemingspecifieke factoren. Otten laat zien dat met name bestuurders zelf een grote invloed hebben op het proces dat hun eigen beloning bepaalt. Ondanks dat corporate governance-systemen de machtsposities van bestuurders beïnvloeden, kan en moet volgens Otten geen enkel systeem deze positie volledig aan banden leggen. Bestuurders zullen altijd een zekere mate van vrijheid van handelen (moeten) hebben om een onderneming te kunnen besturen. Politiek ingegeven maatregelen om paal en perk te stellen aan beloningen zullen volgens de onderzoeker weinig effect hebben. Opvallende uitkomst van het onderzoek is dat de – veelbesproken - beloning van bestuurders van Nederlandse ondernemingen in vergelijking met andere landen meevalt. Een tweede onderdeel van Ottens studie richt zich op corporate governance-codes van goed ondernemingsbestuur. Net zoals in Nederland de code Tabaksblat, hebben veel landen een dergelijke code opgesteld. Uit inhoudelijke vergelijkingen van codes uit 38 verschillende landen toont Otten aan dat elk land een unieke benadering heeft om corporate governance vorm te geven. Het formuleren van codes wordt ingegeven door sociaal-politieke verhoudingen. Ook hier spelen machtverhoudingen van vele verschillende partijen een belangrijke rol. Volgens Otten verstoort het gehoor geven aan de roep van aandeelhouders om meer macht de delicate machtsverhoudingen tussen deze partijen. (B25790)
- Couwenbergh, P.; Haenen, H., De regels en het spel : gesprekken met Morris Tabaksblat
Amsterdam ; Business Contact, 2007.
Drie jaar na de publicatie van 'zijn' corporate governance-code geeft Morris Tabaksblat in dit boek zijn visie op leiderschap, ondernemingscultuur en behoorlijk bestuur. (B25732)
- Hoek, H., Governance & gezondheidszorg : private, publieke en professionele invloeden op zorgaanbieders in Nederland
Assen : Van Gorcum, 2006.
Governance moet ertoe bijdragen dat organisaties goed bestuurd worden en de gewenste doelen bereiken. Dit boek beschrijft of en hoe de combinatie van private, publieke en professionele governance werkt. Is de besturing van de gezondheidszorg eigenlijk wel te begrijpen? Worden de gewenste doelen bereikt en worden problemen opgelost? Hoe worden veranderingen tot stand gebracht? Met praktijkbeschrijvingen. (B25491)
- Monitoring Cie Corporate Governance Code, Tweede rapport over de naleving van de Nederlandse corporate governance code
Den Haag : Monitoring Cie Corporate Governance Code, 2006.
De Monitoring Commissie Corporate Governance Code constateert in haar tweede rapportage dat beursgenoteerde vennootschappen de Corporate Governance Code steeds beter naleven. De Code blijkt in de praktijk goed bruikbaar: het nalevingspercentage door vennootschappen is gemiddeld 96%; het toepassingspercentage komt op 92%. Op het gebied van het beloningsbeleid is de transparantie gering. Het beloningsbeleid en de uitkomsten ervan dienen in inzichtelijke en begrijpelijke termen aan de aandeelhoudersvergadering te worden voorgelegd. Het is de taak van de raad van commissarissen daarvoor te zorgen. Ten opzichte van 2005 is de naleving van de Code toegenomen. Gemiddeld 96% (2005: 88%) van de codebepalingen wordt door de vennootschappen nageleefd. Ondanks de hoge naleving van de Code wijst de Commissie erop dat de naleving van de Code 100% hoort te zijn. Afwijking van de Code is mogelijk mits die wordt uitgelegd. (B25444)
- Voogsgeerd, H. H., Corporate governance codes : markt- of rechtsarrangement?
Deventer : Kluwer, 2006.
UItgave vanwege het Instituut voor Ondernemingsrecht, nr. 55
Rechtsvergelijkende studie naar corporate governance codes. Ingegaan wordt op vraag of corporate governance codes toereikende instrumenten zijn bij het afleggen van verantwoording door ondernemingen, of deze codes alternatieven kunnen zijn voor wetgeving en of de ontwikkeling van codes heeft geleid tot een (rechts)eenheid op het terrein van het vennootschapsrecht in Europa. Besproken en vergeleken worden vier codes:. Combined Code (Verenigd Koninkrijk), Corporate governance Kodex (Duitsland), code Tabaksblat (Nederland), Franse corporate governance code. Het blijkt dat de 'ontvangst' van de code in het betreffende rechtsstelsel nogal verschillend is. (B25420)
- Jong, E. A. de; [et al.], Corporate conflicts
Doetinchem : Reed Business Information, 2006.
O&F Onderneming en financiering, nr. 73
Special over corporate conflicts. Bevat de volgende bijdragen: De nieuwe jaarrekeningprocedure: dagvaarding wordt verzoekschrift, so what?; De geschillenregeling volgens de tweede tranche; Hedge funds en marktmanipulatie; Enkele beschouwingen over medezeggenschapsverschillen; Van Slavenburg en IJzerdraad, via Zijpe (NH) naar Ahold; Boete, bestuurders en BV; Bestuursaansprakelijkheid : de toetsingsnorm van art. 2:9 BW vergeleken met de business judgment rules; Effecten voor het bedrijfsleven van buitenlands faillissementsrecht; De versterking van de positie van belanghebbenden ter voorkoming van corporate conflicts. (B25350)
- Dumoulin, S. H. M. A.; Huiskes, C. R.; Schoordijk Inst; Center for Company Law; Universiteit Tilburg [et al…], The European company : corporate governance and cross-border reorganisations from a legal and tax perspective
Den Haag : Boom Juridische Uitgevers, 2005. 237 p.
De publicatie bevat het resultaat van een onderzoeksproject van het Center for Company Law van de Universiteit van Tilburg over de Europese vennootschap (SE). Het project richtte zich op de gevolgen van het SE statuut voor de wetgeving van de lidstaten. Bevat de volgende hoofdstukken: The place of the European company in company and tax law; The European company according to Netherlands law: which choices should the Netherlands legislator have made?; The European company and cross-border reorganisation; Board structures of the European company; The European company and the involvement of employees; Does the European company prevent the 'Delaware-effect'? (B24767)
- Huizink, J. B.; Goes, P. W. A.; Ploeger, [et al.], Corporate control
Doetinchem : Reed Business Information, 2006. 58 p.
O& F Onderneming & Financiering, nr. 70
Special over corporate control. Bevat de volgende bijdragen: De wet op het financieel toezicht; Het verplichte bod en beschermingsmaatregelen; Voorstel wet toezicht financiële verslaggeving; De zorgplicht van banken en effecteninstellingen: beleggingsbescherming of paternalisme?; De nieuwe biedingsregels met betrekking tot het openbaar bod; De prospectusplicht. (B24768)
- EIM; Hessels, S. J. A.; Hooge; E. H.; Avans hogeschool, Small business governance : een verkenning naar de betekenis en de praktijk van corporate governance in het MKB
Zoetermeer : EIM, 2006.
Verkennende studie naar de betekenis en het belang van corporate governance voor het MKB ofwel Small Business Governance. Het onderzoek belicht de achtergrond van corporate governance en de specifieke toepassing ervan voor het MKB. Ook wordt ingegaan op de wijze waarop goed bestuur in het MKB kan worden gerealiseerd en op de werking van een code als instrument om 'goed ondernemingsbestuur' te realiseren. Tot slot op basis van empirische gegevens een beeld gegeven van de huidige praktijk van Small Business Governance. (B24508)
- Casteren, W. N. J. van; [et al.] , Corporate control
Doetinchem : Reed Business, 2005
Onderneming & Financiering, nr. 68
Special over corporate control. Bevat de volgende bijdragen: De commissaris als poortwachter van de (beurs) vennootschap?; De advocaat als commissaris; Commissarissen zonder code; De (externe) concerncommissaris; De betekenis van de nieuwe structuurwet voor de positie van de ondernemingsraad; Tegenstrijdig belang; De commissaris beschermd; Voorkomen of genezen? Verplichtingen en aansprakelijkheidsstelling van commissarissen; Toezichthouders non-profitorganisaties. (B24340)
- Cools, K.; St. Management Studies, Controle is goed, vertrouwen nog beter : over bestuurders en corporate governance
Assen : Van Gorcum, 2005.
Onderzoek naar de gevolgen van de recente corporate governance hausse voor de interne besturing van ondernemingen. Daarnaast is ook de effectiviteit van corporate governance -regels onderzocht. Op basis van gesprekken met vijftig CEO’s, commissarissen en divisiedirecteuren laat de auteur zien wat de gevolgen van de corporate governance-hausse zijn voor de bestuurders zelf, voor hun CFO’s, de medewerkers, de accountants en wat het betekent voor hun inkomens. De toegenomen focus op control en risicobeheersing ten gevolge van de corporate governance-golf beperkt misschien de kans op ongelukken en onaangename verrassingen, maar het motiveert niet en tast ondernemerschap aan, zo blijkt uit zijn analyse van enquêtes onder 36.000 werknemers. Prestatiebeloning is volgens Cools niet de oplossing om mensen harder te laten lopen, en in de gewenste richting. Prestatiebeloning is een gevaarlijk wapen en blijkt eerder een oorzaak van de problemen dan een mogelijke oplossing. Sturen op vertrouwen, door medewerkers meer beslissingsruimte te geven en op zoek te gaan naar succeservaringen, motiveert wèl en verhoogt de productiviteit. Meer control(e), dus des te meer vertrouwen. (B24337)
- Graaf, F. J. de, De bestuursstructuur en de maatschappelijke verantwoordelijkheid van ondernemingen : de invloed van stakholders en de deregulering van de Nederlandse financiële sector : proefschrift Universiteit
Delft : Eburon, 2005.
Dit proefschrift laat zien dat maatschappelijk verantwoord ondernemen (MVO) gaat over ‘corporate governance’, in het bijzonder over de vraag hoe stakeholders en een onderneming het ondernemingsbestuur inrichten. Hij geeft een gedetailleerde beschrijving van de veranderingen sinds 1990 in de verhoudingen tussen stakeholders en ondernemingen, aan de hand van vier grote Nederlandse financiële instellingen - ABN AMRO Bank, de ING Groep, de Rabobank Groep en Triodos Bank. Door de ontwikkelingen in de financiële markt zijn deze bedrijven gedwongen een nieuwe invulling te geven aan het begrip maatschappelijke verantwoordelijkheid: aandeelhouders krijgen meer invloed, de ondernemingsraden juist minder dan voorheen, en de toezichthouders werpen zich steeds vaker op als beschermers van klantbelangen. Verder valt op dat de invloed van Nederlandse aandeelhouders versplinterd is, doordat zij hun belangen de afgelopen vijftien jaar internationaal hebben gespreid. De Graaf toont hoe de Nederlandse financiële sector ingrijpend is veranderd, nadat zij actief werd op de internationale financiële markten. (B23929)
- Heidrick & Struggles; Haspeslagh, Ph., Corporate governance in Europe : what's the outlook? : Heidrick & Struggles 2005 study
Amsterdam : Heidrick & Struggles, 2005.
Nederland behoort samen met Engeland en Zwitserland tot de drie landen met de beste corporate governance in Europa. Frankrijk verdween uit de top 3, Zwitserland is de opvallende nieuwkomer. Dit is één van de conclusies uit het onderzoek ’2005 Study: Corporate Governance in Europe: what’s the outlook?’. Deze studie wordt tweejaarlijks verricht door Heidrick & Struggles Executive Search Consultants. De kring waaruit leden van Raden van Commissarissen worden geworven, blijft volgens het onderzoek in Nederland klein, al is er de laatste jaren sprake van enige uitbreiding. De ondernemingen uit de AEX hebben nu 21 verschillende president-commissarissen, in 2003 waren dat er achttien. Ook gelet op hun nauwe onderlinge zakelijke relaties roept dit volgens het onderzoek vragen op over de werkelijke onafhankelijkheid van het toezicht zoals de Code Tabaksblat voorschrijft. Er zijn in ons land nog steeds te weinig vrouwelijke commissarissen. Nederland scoort met een gemiddelde van 6,8 procent onder het Europese gemiddelde van 7,3 procent. Het onderzoek toont verder aan dat een Commissaris in ons land gemiddeld 45.000 euro verdient, een stuk minder dan de Europese norm van 63.500 euro in 2005. Het salaris van commissarissen is in Europa wel, maar in Nederland land niet gestegen. (B23728)
- Montfort, C. van; WRR, Ruimte voor goed bestuur tussen prestatie, proces en principe
Den Haag : WRR, 2004.
Webpublicatie, nr. 2
Dit essay is het resultaat van een opdracht die aan C. van Montfort is verstrekt in het kader van het WRR-rapport Bewijzen van goede dienstverlening (B_23286). De inhoud van dit essay is voor de verantwoordelijkheid van de auteur. Het essay is geschreven als achtergronddocument bij de WRR-studie naar de toekomst van systemen van maatschappelijke dienstverlening. Centraal staat de vraag welke bijdrage het denken over governance, en in het bijzonder het denken over good governance kan leveren aan een kader om het functioneren van systemen van maatschappelijke dienstverlening te analyseren en waarderen. (B23561)
- Schrijvers, E. K.; WRR, Lessen uit corporate governance en maatschappelijk verantwoord ondernemen
Den Haag : WRR, 2005.
Webpublicatie, nr. 3
Dit essay is het resultaat van een opdracht die aan E.K. Schrijvers is verstrekt in het kader van het WRR-rapport Bewijzen van goede dienstverlening (B_23286). De inhoud van dit essay is voor de verantwoordelijkheid van de auteur. De centrale vraagstelling van deze studie is wat instellingen kunnen leren van ondernemingen op het vlak van bestuur, toezicht en verantwoording. Hij valt uiteen in de volgende deelvragen: - Wat zijn ondernemingen? - Wat is corporate governance en wat kunnen instellingen daarvan leren? - Wat is maatschappelijk verantwoord ondernemen en wat kunnen instellingen daarvan leren? (B23559)
- Groffen, C. J.; [et al.], De nieuwe structuurwet : nadere toelichting
Den Haag : Boom Juridische Uitgevers, 2004.
Boom Juridische Praktijkboeken
De publicatie bespreekt de wijzigingen in het structuurregime, en bespreekt hoe de regeling sinds 1 oktober 2004 moet worden toegepast. (B23467)
- Deloitte, Corporatie governance : handboek voor commissarissen en bestuurders
Dordrecht : Deloitte, 2004.
Corporatie Governance heeft betrekking op de circa 500 woningbouwcorporaties in Nederland, vaak stichtingen, soms verenigingen, waarvoor net zoals het beursgenoteerde bedrijfsleven goed bestuur van eminent belang is. In die gedachte heeft Deloitte het initiatief genomen om de governance bij corporaties concreet uit te werken in een handboek voor commissarissen en bestuurders. Dit initiatief onder de titel ‘Corporatie Governance’ wordt ondersteund door acht corporaties die een actieve rol hebben gehad bij de opzet en uitwerking van het boek. (B23262)
- Nijs Bik, W. de, De nieuwe structuurregeling
Deventer : Kluwer, 2004.
Actualia Ondernemingsrecht, nr. 17
Publicatie over de nieuwe structuurregeling (en aanverwante regelingen). Op 1 oktober 2004 treedt de nieuwe structuurregeling in werking. De regeling bevat regels voor de bevoegdheden van het bestuur, de raad van commissarissen, de aandeelhouders en de ondernemingsraad bij grote Nederlandse ondernemingen. Daarnaast komt de relatie met de Corporate Governance Code, de Europese vennootschap en het overgangsrecht aan bod. (B23250)
- Erasmus Universiteit; [et al.], De strategische stakeholderdialoog : opkomst, succesfactoren, toekomst
Rotterdam : EUR, 2004.
Het streven naar duurzaamheid is niet meer weg te denken uit onze samenleving. De vraag is allang niet meer of een duurzame samenleving er moet komen, maar hoe deze eruit moet zien en vooral ook hoe we dat kunnen bereiken. Een goed georganiseerde 'uitwisseling' van belangen en gedachten is een onmisbare voorwaarde voor een goed resultaat. Tot nu toe kreeg die uitwisseling de vorm van reputatieconflict, eenzijdige belangenbehartiging of debat. De laatste tijd komt de stakeholderdialoog op als manier om de belangen van de verschillende partijen te inventariseren en met elkaar in samenhang te brengen. Dit boek geeft voor partijen handvatten om te komen tot een degelijke strategische stakeholderdialoog. Achtereenvolgens komen aan de orde: de opkomst, het waarom van een stakeholdersdialoog; het onderscheid, wat kenmerkt een strategische stakeholdersdialoog; de rollen, potentiële dialoogpartners en hun actierepertoire; het heden, de stand van zaken bij Nederlandse ondernemingen; het heden, NGO's en de dialoog; de toekomst, conflicterende inzichten en handvatten voor een effectieve(re) stakeholdersdialoog. (B23137)
- Kennedy van der Laan; Severens, B., De code tabaksblat : een introductie
Amsterdam : Kennedy van der Laan, 2004.
Deze uitgave is bedoeld als een korte introductie op de Code en een toelichting bij enkele belangrijke deelonderwerpen. Achtereenvolgens komen aan de orde: de Code in vogelvlucht; De Code en zijn rechtskarakter; De Code en de statuten; De Code en de rol van de commissaris; De Code en positie van de bestuurder; De Code en de klokkenluider; De Code en ICT. De bijlage bevat de complete tekst van de Nederlandse Corporate Governance Code. (B23001)
- Algemene Rekenkamer; [et al.], Verbreding van de publieke verantwoording : ontwikkelingen in maatschappelijke verslaglegging, kwaliteitszorg en governance
Den Haag : Algemene Rekenkamer, 2004.
Deze rapportage verschijnt als achtergronddocument bij het rapport Verantwoording en toezicht bij rechtspersonen met een wettelijke taak (RWT's) deel 4 (K29 450) van de Algemene Rekenkamer. In dat rapport wordt de stand van zaken weergegeven van het verticale toezicht door of namens de minister op zelfstandige bestuursorganen (ZBO's) of rechtspersonen met een wettelijke taak (RWT's). Tevens wordt aandacht besteed aan de rol die raden van toezicht spelen in het toezicht door de minister. In dit rapport ligt voor zover het de publieke sector betreft de nadruk dus bij de organisaties op afstand van het Rijk, en niet bij het Rijk zelf. Het handelen en de verantwoordelijkheid van de uitvoeringsorganisaties zelf staat centraal. Achtereenvolgens komen aan de orde: het begrip 'horizontale verantwoording', de instrumenten voor kwaliteitsborging, intern toezicht, dialoog en maatschappelijk verantwoord handelen, (de stakeholderdialoog, maatschappelijk verantwoord handelen in de publieke sector, corporate governance en public governance of government governance, kwaliteitssystemen), maatschappelijke verslaggeving. Tot slot wordt stilgestaan bij de huidige betekenis van ICT in de dialoog met stakeholders en in de publieke verantwoording en worden suggesties gedaan voor een verbreding van de publieke verantwoording. (B22982)
- OECD, OECD principles of corporate governance
Parijs : OECD, 2004.
Herziene versie van de OECD-beginselen inzake corporate governance. De beginselen betreffen de rechten en de billijke behandeling van aandeelhouders, de rol van de verschillende deelnemers aan het deugdelijk bestuur, de transparantie en de verspreiding van informatie en de verantwoordelijkheden van de raad van bestuur. (B22704)
- ABN AMRO Holding, Corporate governance van ABN AMRO Holding N.V. : op basis van de Nederlandse corporate governance code
Amsterdam : ABN AMRO Holding, 2004. 44 p.
ABN AMRO Holding N.V. ('ABN AMRO') heeft op basis van haar interpretatie van de Nederlandse Corporate Governance Code, zoals gepubliceerd op 9 december 2003 (de 'Code '), een gedetailleerd overzicht van haar corporate governance opgesteld. ABN AMRO past de principes en 105 van de 109 (van toepassing zijnde) best practice bepalingen van de Code toe of zal ze gaan toepassen. (B22667)
- Europese Cie; Walkner, C., Issues in corporate governance
Brussel : EG, 2004.
Economic Papers, nr. 200
De paper gaat in op aspecten en problemen op het gebied van corporate governance. Het rapport benadrukt het belang van corporate governance voor beslissingen m.b.t. investeringen, de ontwikkeling van financiële markten. (B22639)
- Europese Cie: Group of Policy Advisers; [et al.], Economic policy-making in the European Union : proceedings of the first four meetings of the Group of Economic Analysis
Luxemburg : EG, 2003.
De 'Group of Economic Analysis' (GEA) bestaat uit ongeveer 25 top-economen van binnen en buiten de EU die onder voorzitterschap van Romano Prodi enkele keren per jaar bijeenkomen, met als doel een aantal geselecteerde economische onderwerpen te bespreken. Deze publicatie bevat de verslagen van de bijeenkomsten gehouden tussen december 2001 en januari 2003. De onderwerpen die in deze bijeenkomsten centraal stonden: Onderzoek, patenten en de financiering van ideeën als antwoord op de lage groei in de EU; economische beleidscoördinatie; industriebeleid in een uitgebreide EU; en tot slot corporate governance. (B22556)
- Luursema, M.; [et al.], Toekomst voor raden van toezicht? : corporate governance in de publieke sector in vergelijkend perspectief
Assen : Van Gorcum, 2003.
Zoals het bedrijfsleven raden van commissarissen kent, zo kent de publieke sector sinds enige tijd raden van toezicht. Zij komen voor bij instellingen als ziekenhuizen, woningcorporaties en universiteiten, maar ook bij zelfstandige bestuursorganen (zbo's) als het Kadaster, de Pensioen- en Verzekeringskamer (PVK), TNO en de Autoriteit Financiële Markten (AFM). De publicatie beschrijft de rol, de taken en de positionering die de raden van toezicht van verschillende instellingen in de publieke sector kenmerken. Deze blijken even divers als de instellingen zelf. Verder bespreken de auteurs de consequenties van de verschillen tussen de private en de publieke sector voor het functioneren van raden van toezicht. Welke belangen moet een raad van toezicht behartigen? Hoe kan de raad van toezicht onafhankelijk zijn en tegelijkertijd het vertrouwen hebben van de stakeholders bij de instelling? En wie houdt toezicht op de raad van toezicht? (B21734)
- Cie corporate governance, De Nederlandse corporate governance code : beginselen van goede corporate governance en best practice bepalingen : concept
Z.P. : Cie corporate governance, 2003.
Conceptcode van de Cie Tabaksblat. De commissie heeft een groot aantal aanbevelingen en voorstellen voor wetgeving gedaan om het bestuur van beursgenoteerde ondernemingen te verbeteren. Betrokkenen hebben tot 5 september de mogelijkheid om op de voorstellen van de commissie te reageren. Daarna wordt de code definitief vastgesteld. Het is de bedoeling dat de gedragscode op 1 januari 2004 ingaat. Volgens de commissie werkt het onderscheid tussen bestuur en toezicht in het bedrijfsleven op hoofdlijnen goed. Op een aantal terreinen moet het evenwicht tussen de verschillende bestuursorganen worden verbeterd. Enkele aanbevelingen van de commissie: Aandeelhouders krijgen meer invloed op de beloning van topbestuurders; De ontslagvergoeding voor topbestuurders bedraagt maximaal een jaarsalaris; Personen mogen maximaal vijf commissariaten bekleden. Een bestuurder van een bedrijf mag commissaris zijn bij maximaal twee andere bedrijven; Certificering van aandelen mag niet worden gebruikt als beschermingsconstructie; Aandeelhouders kunnen gemakkelijker slecht functionerende bestuurders of commissarissen ontslaan of voordrachten voor benoeming passeren; Besluiten over belangrijke aan- of verkopen moeten door de aandeelhouders worden goedgekeurd. (B21791)
- CentER Applied Research; Universiteit van Tilburg; Min. Financiën; [et al.], Personeelsopties en andere vormen van variabele beloningen in Nederland
Tilburg : Center, 2003.
Er is geen relatie aanwijsbaar tussen de beloning van de Raad van Bestuur en de ondernemingsprestatie. Dit is een conclusie uit een rapport over variabele beloningsvormen dat op verzoek van het ministerie van Financiën door de Universiteit van Tilburg (UvT) is opgesteld. In het onderzoek is gekeken naar personeelsopties en andere vormen van variabele beloning, in het bijzonder aandelenoptierechten. De beloning van (top)managers staat centraal in het rapport. Behalve aan de situatie in Nederland wordt ook aandacht geschonken aan internationale aspecten. De onderzoekers signaleren een duidelijke stijging in de beloning in de vorm van aandelen of opties. De stijging is in Europa echter minder groot dan in de Verenigde Staten. De onderzoekers zijn sceptisch over de vraag of corrigerende maatregelen een effect zullen hebben op de hoogte van de beloningen voor topbestuurders. Zij stellen dat de arbeidsmarkt voor hoge functies niet goed werkt. In het onderzoek worden ook aanbevelingen gedaan op het terrein van corporate governance. Zo stellen de onderzoekers voor om aandeelhouders inspraak te geven in het beloningsbeleid voor topbestuurders en zouden de kosten van optieregelingen in de jaarrekening moeten worden verwerkt. De conclusies en aanbevelingen in het rapport van de UvT zullen door het kabinet in samenhang met de op 1 juli 2003 gepubliceerde concept governance code van de commissie Tabaksblat worden beoordeeld. (B21832)
- Baltussen, L.; [et al.], Uitdagingen in de bestuurskamer : twaalf bevoorrechte getuigen over deugdelijk besturen
Tielt : Lannoo, 2003.
Twaalf getuigenissen over corporate governance: Met welke begrippen komt corporate governance ter tafel; Over de dienstbaarheid van het kapitaal; Het karakter om neen te zeggen; In het hart van de bedrijfscultuur; Waar waarden werkzaam worden; To be or not to be; Lief zijn voor elkaar? niet té; Een mooie tandem; Mogen de aandeelhouders ook wat zeggen?; Het informele voorbij; Een oog op drie kompassen; Als de macht leert luisteren; Passende procedures voor de praktijk. (B21864)
- Pruijm, R. A. M., Behoorlijk ondernemingsbestuur : lessen uit de boekhoudschandalen
Assen : Van Gorcum, 2003.
Management en ethiek
Hoe kan een bestuur van een onderneming fatsoenlijk en behoorlijk worden vormgegeven? Hoe en aan wie moet een bestuur verantwoording afleggen? Op welke wijze kan toezicht worden gehouden op de feitelijke gang van zaken? Aandacht voor factoren die hebben geleid tot de bekende boekhoudschandalen. Het resultaat is een crisis in het vertrouwen van de investeerder. (B22035)
- Allan & Overy, Corporate governance : the dutch draft code compared
[Amsterdam] : Allen & Overy, 2003.
De Nederlandse corporate governance code zoals die is voorgesteld door de Cie Tabaksblat wordt vergeleken met de corporate governance codes van Groot-Brittannië en Frankrijk. (B22123)
- Bartman, S. M.; Dorresteijn, A. F. M., Van het concern
Deventer : Kluwer, 2003.
Het concern is tegenwoordig de meest gebruikelijke ondernemingsvorm, niet alleen in Nederland maar in de gehele geïndustrialiseerde, Westerse wereld. Nieuwe regelgeving voor beursvennootschappen in de US, in reactie op onder meer het Enron-debacle, en de zich binnen Europa ontwikkelende nieuwe gedachten over corporate governance zijn dan ook rechtstreeks van invloed op het Nederlandse recht inzake concernverhoudingen. In deze vijfde druk wordt des te meer aandacht geschonken aan deze internationale dimensie. Verder behandelt het boek onderwerpen als: leiding en bestuursautonomie, concernvorming en ontvlechting, de structuurregeling, ondernemingsraden, aansprakelijkheid, enquêterecht, toezicht, concernfinanciering, kapitaalbescherming en de jaarrekening. Het boek wordt dikwijls gebruikt als verdiepingscomplement op het boek Van de BV en de NV van P. van Schilfgaarde. (B22156) 5e dr. (B22157)
- United Nations; Economic Commission for Europe, Economic survey of Europe 2003, no. 1
New York : UN, 2003.
Rapport over de economische situatie in West-Europa, Oost-Europa, Noord-Amerika en het Gemenebest van onafhankelijke staten. De publicatie gaat verder in op corporate governance in deze landen; de hervormingen in het Gemenebest; de invloed van de uitbreiding van de EU op niet-kandidaat lidstaten in Oost-Europa en het Gemenebest; internationale handel; en arbeidsmarkt en werkloosheid in Oost-Europa en het Gemenebest. Het slothoofdstuk bevat statistische gegevens. (B22222)
- Europese Cie; [et al.], Comparative study of corporate governance codes relevant to the European Union and its member states : final report & annexes I-III
Brussel : EG, 2002.
Studie over corporate governance. In deze studie wordt een gedetailleerde inventarisatie en vergelijking gemaakt van binnen de Europese Unie toegepaste corporate governance-regelingen die invloed kunnen hebben op de wijze waarop vennootschappen worden bestuurd. (B20401)
- Europese Cie; [et al.], Discussion of individual corporate governance codes relevant to the European Union and its member states : annex IV
Brussel : EG, 2002.
De bijlage bevat een weergave van de corporate governance-regelingen per EU-land. (B20402)
- Europese Cie; [et al.], Comparative matrix of corporate governance codes relevant to the European Union and its member states : annex V
Brussel : EG, 2002.
Bijlage met een schematische weergave van de vergelijkingen van de corporate governance-regelingen van landen van de EU. (B20403)
- Bos, M. J., OR en RvC : de structuurregeling en het SER-advies inzake de structuurregeling
Groningen : z.u., 2002.
Afstudeerscriptie Universiteit Groningen. In deze scriptie staat de volgende onderzoeksvraag centraal: Hoe is de relatie tussen OR en Raad van Commissarissen onder het huidige structuurregime en hoe zou deze zich kunnen ontwikkelen als het SER-voorstel omgezet wordt in wetgeving?. Allereerst wordt daartoe de huidige structuurregeling besproken. Hier komen tevens de taken en bevoegdheden van de raad van commissarissen aan bod. Daarna worden de voor- en nadelen besproken voor de ondernemingsraad verbonden aan deze structuurregeling. Hierin worden betrokken de invloed van de OR op de samenstelling van de RvC en de relatie tussen beide. Aan bod komen tevens het gebruik van het aanbevelingsrecht en het bezwaarrecht van de ondernemingsraad onder deze structuurwet en de manieren van huidige communicatie tussen raad van commissarissen en ondernemingsraad. Vervolgens komen enkele theoretische achtergronden aan de orde die geleid hebben tot de heroverweging van de huidige structuurregeling en het uiteindelijke SER-advies. Voorts wordt ingegaan op de reacties in de literatuur over dit advies en de voor- en nadelen van het voordrachtsrecht, zoals voorgesteld door de SER. Hierna wordt de onderzoeksopzet besproken en de resultaten van het praktijkonderzoek. Door middel van dit praktijkonderzoek wordt geprobeerd te achterhalen in hoeverre en waarom de ondernemingsraad gebruik zal maken van het door de SER voorgestelde voordrachtsrecht. (B20693)
- Ned. Corporate Governance St.; [et al.], Corporate governance in Nederland 2002 : de stand van zaken
Amsterdam : NCGS, 2002.
In dit rapport wordt ingegaan op de voortgang die is geboekt bij de opvolging van de aanbevelingen van de commissie Peters uit 1997. Opgenomen zijn de volgende bijdragen: Vijf jaar corporate governance in Nederland; De praktijk sinds 1997; Ontwikkelingen in het recht en suggesties voor een nieuwe code; Internationale ontwikkeling van Corporate Governance; Conclusie; De persoon van de commissaris; Remuneratie en Corporate Governance; Maatschappelijk verantwoord ondernemen; De rol van pensioenfondsen; Accountant als het cement van Corporate Governance; Corporate governance en de beleggingsanalist; Het communicatiekanaal aandeelhouders; de adviescommissie fondsenreglement; Inventarisatie Corporate Governance bij Nederlandse beursondernemingen 1997-2001. (B21193)
- Frentrop, P. M. L., Corporate governance 1602-2002 : proefschrift Universiteit van Tilburg
Amsterdam : Prometheus, 2002.
Historisch onderzoek naar de wijze waarop aandeelhouders in beursgenoteerde ondernemingen met gespreid aandelenkapitaal gepoogd hebben een antwoord te vinden op de vragen hoe zich te verzekeren van een rendement op hun belegging en hoe te voorkomen dat managers ten eigen bate handelen of investeren in niet rendabele projecten. Onderzocht is hoe met name toezicht en de 'market for corporate control', in de loop der tijden zijn ingezet en hoe deze instituties zich hebben ontwikkeld. De promovendus stelt dat vier eeuwen geschiedenis leren dat het toezicht op het bestuur van beursgenoteerde ondernemingen steeds weer faalt. Hij meent dat institutionele beleggers verplicht zouden moeten worden hun stemrecht uit te oefenen. (B21195)
- Bartel, J. C. K. W.; [et al.], Fusies & acquisities : fundamentele aspecten van fusies en acquisities
Dordrecht : Elsevier Business Intelligence, 2002.
In deze bundel worden opstellen gepresenteerd die gericht zijn op zes centrale thema's, te weten: de fusie- en overnamemarkt; financieel management; jaarrekeningsaspecten; fiscale en juridische aspecten; rechten van werknemers en aandeelhouders; personeel, (re)organisatie en integratie. Achtereenvolgens zijn de volgende bijdragen opgenomen: Fusies, overnames en allianties; Fusies: omvang, reikwijdte en trends - een internationale inventarisatie; Economie en strategie van de fusieparadox; Effecten van fusies en acquisities op aandelenrendementen: theorie en empirie; het proces van bedrijfsovernames; Due diligence: de onmisbare schakel in het acquisitieproces; Het proces en de financiering van fusies en overnames; Waardering van ondernemingen; Fusies en acquisities in de jaarrekening; Fiscale aspecten van fusies en acquisities; Fusies en acquisities bezien vanuit civielrechtelijk oogpunt: Bescherming van werknemers: De SER-fusiegedragsregels 2000; Fusies van beursfondsen; Corporate governance, beschermingsconstructies en ondernemingsstrategie; Personele en organisatieaspecten van fusie en samenwerking; Integratieproces en succesfactoren bij fusies en overnames; Leren integreren na fusie; Herstructurering van ondernemingen: enkele bedrijfseconomische overwegingen bij analyse en aanpak. (B21445)