Literatuurlijst Europees sociaal beleid


SER-publicaties - BoekenTijdschriftartikelen

  • SER, Europa 2020 : de nieuwe Lissabon-strategie
    Den Haag : SER, 2009.
    SER Adviezen, nr. 2009/04
    Het kabinet heeft de SER twee adviesvragen voorgelegd: een vraag over de Lissabon-strategie na 2010 (3 februari 2009) en een vraag over de Europese Sociale Beleidsagenda (14 november 2008). Beide vragen komen in dit advies aan de orde. Met dit advies wil de SER tevens een visie aanreiken over hoe de Lissabon-strategie zich na 2010 meer kan richten op duurzame groei, solidariteit en kwaliteit van leven binnen en buiten de EU (in overeenstemming met de motie Wiegman-van Meppelen Scheppink). De hoofdboodschap is dat de sociaal-economische beleidsagenda na 2010 gericht moet blijven op welvaartsgroei in brede zin. Het gaat daarbij om duurzaamheid in drie dimensies: people (sociaal), profit (financieel-economisch) en planet (milieu). De mogelijkheden daarvoor zijn sterk afhankelijk van de toename van de arbeidsparticipatie en de arbeidsproductiviteit. Tot nu toe ligt het accent vooral op de groei van de arbeidsparticipatie. Voor de komende periode is het zaak om het accent te verleggen naar de groei van de arbeidsproductiviteit per gewerkt uur. Door de huidige crisis zakt Europa onvermijdelijk terug in welvaartsniveau en in omvang van de arbeidsparticipatie. Bovendien leidt de crisis tot een substantiële stijging van de overheidsschulden van de lidstaten. Dat alles is volgens de SER geen reden om de koers te veranderen. (B27900)

  • SER, Met Europa meer groei : rapport van de Commissie Sociaal-Economische Deskundigen
    Den Haag : SER, 2004. 210 p.
    Het rapport van de Commissie Sociaal-Economische Deskundigen (CSED) onderzoekt hoe het EU-beleid een bijdrage tot hogere groei kan leveren en waar de lidstaten zelf – afzonderlijk of gezamenlijk – aan zet zijn. Dat gebeurt voor een aantal concrete terreinen: de voltooiing van de interne markt, de harmonisatie van de vennootschapsbelasting, Sociaal-Europa (het sociale acquis), een betere benutting van het arbeidspotentieel en de kenniseconomie. Daarbij wordt de positie van de nieuwe lidstaten afzonderlijk belicht. Met dit rapport wil de CSED concreet aangeven waarom en hoe Nederland, tegen het toenemende euroscepticisme in, baat heeft bij een goed functionerende EU. Om de Europese economie beter te laten functioneren moeten de lidstaten ook zélf de nodige stappen zetten. Het gaat hierbij vooral om hogere investeringen in onderzoek en ontwikkeling (R&D), betere benutting van het arbeidspotentieel en het sociale beleid in relatie tot de nieuwe lidstaten. (B22764)

  • SER, Advies witboek Europees Sociaal beleid
    Den Haag : SER, 1995. 44 p.
    SER Adviezen, nr. 1995/01
    De SER vindt dat moet worden nagedacht over het opnemen van een aantal sociale grondrechten in het EG-verdrag. Het moet dan gaan om bepaalde fundamentele rechten van strikt kwalitatieve aard de reeds een vast onderdeel uitmaken van de sociaal-economische rechtsorde van de meeste lidstaten. Het gaat dan bijvoorbeeld om internationale afspraken (ILO-conventies) over het verbod op dwangarbeid, het verbod op kinderarbeid, het recht op vakvereniging, het verbod op discriminatie in beroep en beroepsuitoefening, en het recht op vrije onderhandelingen. Daarmee wordt een fundament gelegd waarop de onderbouw (het geheel van EG-verordeningen en richtlijnen berust. (B12931)