Literatuurlijst Collectieve Arbeidsovereenkomst (CAO)

SER-publicaties BoekenTijdschriftartikelen - Standaardwerken

  • Min. SZW, Najaarsrapportage CAO-afspraken 2011
    Den Haag : Min. SZW, 2011. 86 p.
    De Najaarsrapportage cao-afspraken 2011 geeft voor 2011 een beeld van de stand van zaken in cao’s met betrekking tot de contractloonontwikkeling, flexibele beloning, duurzame inzetbaarheid, afstand tot de arbeidsmarkt, loondoorbetaling bij ziekte en arbeidsongeschiktheid, en werkgeversbijdrage voor levensloop. Daarnaast wordt op basis van de financiële jaarverslagen van 56 algemeen verbindend verklaarde cao-fondsen over 2010 ingegaan op de baten, lasten en reserves van deze fondsen. Voor deze rapportage zijn in principe 100 cao’s onderzocht, van toepassing op ca. 5,4 miljoen werknemers. De peildatum voor deze rapportage is 1 oktober 2011. Om een zo actueel mogelijk beeld van de contractloonontwikkeling te kunnen geven, is de peildatum voor dit onderwerp 21 november 2011. (B30708) 
     
  • Min. SZW, Cao-fondsen van 2009 in beeld : financiële verkenning van avv'de fondsen
    Den Haag : Min. SZW, 2010. 
    In 2009 waren er in totaal 135 avv’de cao-fondsen. Het betrof hier 43 uitkeringsfondsen (fondsen met een uitkering als doel, zoals VUT- en aanvullingsfondsen) en 92 ideële fondsen (fondsen met een dienstverleningsaanbod als doel). Daarvan zijn er 53 avv’d. Van deze fondsen zijn de gegevens uit de cao's en de jaarverslagen onderzocht (B28371)

  • Min. SZW, Voorjaarsrapportage CAO-afspraken 2011
    Den Haag : Min. SZW, 2011.
    In de Voorjaarsrapportage cao-afspraken 2009 wordt voor 2008 een beeld gegeven van de stand van zaken in cao's met betrekking tot de contractloonontwikkeling, de onderkant van het loongebouw, (re)integratie, employability en werkgelegenheid. Daarnaast is per onderwerp ook de ontwikkeling over de periode 2002 - 2008 opgenomen. Uit de voorjaarsrapportage blijkt dat steeds meer werknemers een persoonlijk opleidingsbudget krijgen bij hun werkgever. Sociale partners hebben in 2008 voor 26% van de werknemers een afspraak gemaakt over een persoonlijk opleidingsbudget. Verder hebben de sociale partners in 2008 in meer cao’s afspraken gemaakt over het vastleggen van de kwaliteit van mensen die geen diploma hebben (op basis van het erkennen van verworven competenties). De cao-lonen zijn in 2008 met 3,2% gestegen. De voorlopige stijging van de lonen voor 2009 is 3,2%. (B29973)

  • Research voor Beleid; Kemper, D. R.; Min. SZW, Kwaliteit representativiteitsgegevens bij AVV-verzoeken : stand van zaken 2008 : eindrapport
    Zoetermeer : Research voor Beleid, 2009.
    In de vijfde en (althans in deze vorm) laatste meting is voor een steekproef van 27 algemeen verbindend verklaarde CAO’s nagegaan in hoeverre de sociale partners adequate informatie leveren over de mate waarin zij de sector vertegenwoordigen. Het voorliggende rapport bevat de resultaten van dit onderzoek. Het eerste hoofdstuk gaat in op de onderzoeksvragen en –methode. Het tweede hoofdstuk bevat een overzicht van de resultaten. (B27938)

  • ESVLA; Carley, M.; McKay, S.; Hall, M., Industrial relations developments in Europe 2007
    Luxemburg : EG, 2008.
    De publicatie belicht de belangrijkste ontwikkelingen in de arbeidsverhoudingen in 2007 - zowel op nationaal als op EU-niveau. Het schetst eerst de belangrijkste politieke en wetgevende initiatieven in de lidstaten in 2007. Voorts worden de hoofdthema's onderzocht die vallen onder de cao-onderhandelingen - beloning, werktijdentijden, pensioenen en scholing. Het accent ligt vooral op initiatieven genomen met betrekking tot uitzendwerk, pogingen om de loonkloof tussen mannen en vrouwen te verminderen acties op het gebied van migratie. (B27231)

  • Min. SZW; Smits, W.; Ameele, A. van den, De wet flexibiliteit en zekerheid : een onderzoek naar de 3/4 bepalingen in de cao's van 2006
    Den Haag : Min. SZW, 2007.
    Tweede evaluatie van de Wet flexibiliteit en zekerheid (Flexwet). In 1999 is een aantal bepalingen van kracht geworden die gericht zijn op het creëren van een evenwichtige modernisering van het wettelijke kader aangaande het arbeidsbestel waarin flexibiliteit gepaard gaat met zekerheid. In dit kader is de mogelijkheid tot het aangaan van tijdelijke arbeidsovereenkomsten verruimd en is de rechtspositie van werknemers met een tijdelijke arbeidovereenkomst verduidelijkt. Deze bepalingen worden aangeduid met de Wet Flexibiliteit en Zekerheid. Ze zijn opgenomen in onder andere het Burgerlijk Wetboek (boek 7) de en in de Werkloosheidswet. In een aantal van deze bepalingen van het Burgerlijk Wetboek heeft de wetgever de mogelijkheid open gelaten om bij wijze van maatwerk bij cao de bepalingen aan te passen. Dit zijn 3/4-bepalingen (3/4 dwingend recht). Het gaat om de volgende bepalingen: tijdelijke arbeidovereenkomsten (art 7:668a BW); de rechtspositie in verband met uitzendarbeid (art. 7:691 BW); proeftijd bij tijdelijke arbeidsovereenkomsten (art 7:652 BW); de opzegtermijn (art 7:672 BW); doorbetaling van loon zonder arbeid bij omstandigheden die redelijkerwijs voor rekening van de werkgever komen (art. 7:628 BW). Dit onderzoek heeft als doel een overzicht te geven van de mate waarin en de wijze waarop in de cao's van 2006 gebruik is gemaakt van de ruimte die de wet biedt. Voor dit onderzoek zijn 110 grote bedrijfstak- en onderneming-cao's onderzocht. (B25919)

  • Min. SZW, Evaluatie vereisten algemeen verbindend verklaarde cao-fondsen : (vorm)vereisten avv’de cao-fondsen en jaarverslagen boekjaar 2005
    Den Haag : Min. SZW, 2007.
    In collectieve arbeidsovereenkomsten (cao’s) kunnen afspraken worden gemaakt over fondsvorming door middel van het heffen van een premie bij werkgevers en werknemers in de bedrijfstak. Deze bijdragen worden gebruikt voor doelen die de gehele bedrijfstak ten goede komen, zoals opleidingen, werkgelegenheid, arbeidsomstandigheden, onderzoek en voorlichting. Cao-bepalingen betreffende fondsvorming moeten volgens de in het Toetsingskader Algemeen Verbindend Verklaring CAO-bepalingen vastgelegde beleidsregels aan een aantal vereisten voldoen om voor avv in aanmerking te komen. Uit hoofde van avv en de belangen die met de fondsen zijn gemoeid worden alle jaarverslagen van avv’de cao-fondsen door de Directie UAW in globale zin bezien. Dit om te bekijken of deze in het licht van het bepaalde in de Wet AVV en/of het Toetsingskader AVV evidente vragen mochten oproepen. Inmiddels heeft voor het vierde achtereenvolgende jaar een dergelijke verkenning plaatsgevonden. In 2005 waren er 175 avv’de cao-fondsen. De verkenning van de 175 toegezonden jaarverslagen is opgesplitst in een toets op vormvereisten en vervolgens een toets op inhoud. (B25923)

  • Min. SZW; Smits, W.; Ramautar, H., Algemeen verbindend verklaarde cao-fondsen in 2005 : baten, lasten, en reserves
    Den Haag : Min. SZW, 2007.
    Dit rapport bevat de resultaten van een onderzoek naar algemeen verbindend verklaarde (avv’de) ideële fondsen. Van deze fondsen zijn de baten, lasten en reserves onderzocht over het jaar 2005. De ideële fondsen. Deze zijn onder meer gericht op het doen van onderzoek ter voorbereiding van het CAO-overleg, het uitvoeren van de CAO, het informeren van werkgevers en werknemers over de CAO, de bevordering van de goede werking van de bedrijfstak, het bieden van ontwikkeling en opleiding van werknemers in de bedrijfstak, en het bevorderen van goede arbeidsomstandigheden in de bedrijven. In dit onderzoek zijn alleen de ideële fondsen betrokken die gerelateerd zijn aan de bedrijfstakcao's die vallen onder de steekproef die normaliter door de directie Uitvoeringstaken Arbeidsvoorwaardenwetgeving van het Ministerie van Sociale Zaken voor CAO-onderzoek wordt gehanteerd. Deze steekproef bestaat in 2005 uit 73 bedrijfstakcao's. Van deze groep hebben 48 cao's één of meerdere avv'de ideële fondsen. In totaal gaat het om 66 fondsen. Deze fondsen hadden betrekking op 2,5 mln. werknemers. Van de ideële fondsen zijn de financiële jaarverslagen onderzocht. (B25924)

  • ETUI; Janssen, R.: Galgóczi, B., Collective bargaining in Europe 2003/2004
    Brussel : ETUI, 2004.
    Overzicht van de resultaten van het arbeidsvoorwaardenoverleg in Oostenrijk, België, Bulgarije, Cyprus, Tsjechië, Denemarken, Frankrijk, Duitsland, Griekenland, Hongarije, Ierland, Italië, Litouwen, Malta, Noorwegen, Polen, Portugal, Roemenië, Slowakije, Slovenië, Spanje, Zwitserland en het Groot Brittannië. De landenrapporten bevatten informatie over de economische ontwikkelingen, huidige collectieve overeenkomsten, lonen en arbeidstijden. (B23905)

  • Vogels, H. J. P., Cao compact : snel wijzer in 100 bedrijfstak-CAO's : editie 2004
    Den Haag : SDU, 2004.
    Arbeidsvoorwaarden
    Honderd bedrijfstak-CAO's zijn op vijftien punten met elkaar vergeleken. Welke partijen zijn bij de CAO betrokken? Hoeveel werknemers werken er in de bedrijfstak? Is er iets geregeld op het gebied van aanvulling bij arbeidsongeschiktheid? (B23026)

  • Vogels, H. J. P., CAO-wijzer : een praktische gids voor iedereen die met cao’s werkt
    Den Haag : SDU, 2004.
    De wereld van de cao's is altijd in beweging. Om de ontwikkelingen goed te kunnen volgen is voorkennis essentieel. Hoe zijn cao's ontstaan? Hoe komen ze tot stand en wie zijn er bij betrokken? Wat kan er allemaal met een cao geregeld worden? Wat is algemeen verbindend verklaren? Dit boek bestaat uit drie delen. Deel A. Wat zijn cao's? biedt vooral achtergrondinformatie. Deel B behandelt themagewijs de verschillende onderdelen die in een cao voorkomen. Het derde deel bestaat uit diverse handige bijlagen, zoals een lijst met afgesloten cao's inclusief looptijden en een lijst met adressen van partijen die betrokken zijn geweest bij het afsluiten van cao's, gerangschikt naar branche. (B23011)

  • Rooij, P. J. M. de; [et al.], Praktijkgids employee benefits 2004
    Alphen aan den Rijn : Kluwer, 2004.
    Naslagwerk op het gebied van flexibele arbeidsvoorwaarden. Allereerst komen de achtergronden en ontwikkelingen van flexibele arbeidsvoorwaarden aan de orde. Vervolgens wordt het projectplan om te komen tot flexibele arbeidsvoorwaarden behandeld. Daarna komen aan bod de arbeidsvoorwaarden die zich het meeste lenen voor opname in een flexibel arbeidsvoorwaardenpakket (o.a. vakantiedagen, atv, sabbatsverlof, winstuitkering, prestatiebeloning, pensioenen, bedrijfsspaarregelingen, verzekeringen, auto van de zaak, kinderopvang, pc-privé, personeelsaandelen. In het laatste deel van deze gids komen de fiscale en juridische aspecten van arbeidsvoorwaarden aan de orde. (B22586)

  • Schippers, L.; [et al.], Gids voor cao's 2003
    Alphen aan den Rijn : Kluwer, 2003.
    De gids geeft antwoord op meer dan 400 vragen op het gebied van collectieve arbeidsvoorwaarden. Ingegaan wordt op de verhouding van de cao tot andere wetten en regelgeving; de totstandkoming en het bereik van cao's; inhoudelijke bepalingen van cao's (o.a. arbeidsomstandigheden en arbeidsvoorwaarden, arbeidsduur, vakantie, deeltijd, arbeid en zorg, beloning en functiewaardering, vut, vroegpensioen en pensioen, cao à la carte); CAO ontwikkelingen. Voorts worden 20 bedrijfstakcao's in tabellen vergeleken. (B21932)

  • FNV; Inja, C.; [et al.], Onderhandelen bij Krimpende wind : cao jaarboek 2002/2003
    Amsterdam : St. FNV Pers, 2002.
    Het CAO-jaarboek 2002 gaat in op de immer oplaaiende discussie in tijden van nood: moeten de lonen worden gematigd of juist niet? En hoe moeizaam of hoe vlotjes lopen de onderhandelingen? Wat is er in CAO's geregeld over (zorg-)verlof? Hoever zijn we gevorderd met het verbeteren van employability door bijvoorbeeld het afsluiten van POP- en POR-regelingen? Houden we rekening met CAO-afspraken over de nabije grenzen? En heeft de CAO na 75 jaar nog wel bestaansrecht? (B21190)