22 november 2004
Uit de recente evaluatie van KPMG-BEA is gebleken dat de schappen in vier jaar tijd een flinke moderniseringsslag hebben gemaakt en bovendien dat er momenteel weinig tot geen problemen zijn met het feitelijk functioneren. De evaluatie betrof echter niet de toekomst. De product- en bedrijfschappen gaan daarom een verkenning opstellen over hun eigen toekomst. Zij besteden hierbij onder meer aandacht aan het draagvlak van hun activiteiten binnen de sector, zowel bij de ondernemers die zijn aangesloten bij een brancheorganisatie als bij ongeorganiseerde ondernemers. De schappen zullen hun toekomstverkenning voorzien van een extern en onafhankelijk oordeel. Dat blijkt uit een brief van minister De Geus van Sociale Zaken en Werkgelegenheid aan de Tweede Kamer. Mede op basis van de toekomstverkenningen zal het kabinet vervolgens aangeven wat zijn oordeel is over nut en noodzaak en de effectiviteit van de individuele schappen dan wel de PBO als zodanig. Tot die tijd zullen er in elk geval geen nieuwe schappen bijkomen.