11 maart 1998
De SER vindt doorgaande introductie van informatie- en communicatietechnologie (ICT) in het onderwijs wenselijk en noodzakelijk. Kennis en innovatie worden de onderscheidende factoren tussen landen. ICT zal daarin een belangrijke rol spelen. Daardoor is voor Nederland goed onderwijs, waarin plaats is ingeruimd voor ICT, van cruciaal belang. De SER mist in het onderwijs een sense of urgency wat betreft de toepassing van ICT.
Deze visie is te lezen in het ontwerpadvies ICT en onderwijs dat voorbereid is door een werkgroep van de Commissie Arbeidsmarktvraagstukken onder voorzitterschap van prof.dr. U. Rosenthal, die ook voorzitter was van de werkgroep die vorig jaar het advies ICT en arbeid voorbereidde. Het ontwerpadvies ICT en onderwijs, dat in de raadsvergadering van 17 april a.s. zal worden vastgesteld, is het antwoord op een adviesaanvraag van de minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschappen, begin juni vorig jaar. De minister zond een vijftal vragen tegelijkertijd naar de SER en de Onderwijsraad. De Onderwijsraad stelt op 13 maart a.s. zijn antwoord op deze vragen vast.
Centraal in het ontwerpadvies van de SER staan de onderscheiden functies die ICT voor het onderwijs en scholing kan hebben, en de opvatting dat ICT een enabling technology is, een technologie die zaken vergemakkelijkt en mogelijk maakt. De beleidsinspanningen zouden zich vooral moeten richten op het leren over ICT en het leren met behulp van ICT. Gelijktijdig kunnen de scholen, onder meer door ondersteuning van good practices, toewerken naar het leren door middel van ICT. Het grootste praktische probleem hierbij is dat een didactische onderbouwing nog niet paraat is. Vanzelfsprekend moet ICT ook ingezet worden in de bedrijfsvoering van de school, zoals ook in het bedrijfsleven gebeurt.
In het ontwerpadvies wordt de hernieuwde aandacht voor ICT in het onderwijs, uitmondend in het actieplan Investeren in voorsprong , zeer positief genoemd. Met dit plan geeft de overheid een krachtige kwaliteitsimpuls aan het onderwijs. Toch plaatst het ontwerpadvies enkele kanttekeningen. Door zijn vele doelstellingen en door het niet onderscheiden van de verschillende functies biedt het actieplan geen duidelijke visie op inzet en gebruik van ICT in het onderwijs.
Ontoereikend acht het ontwerpadvies het actieplan vooral in zijn financiering, die slechts is veiliggesteld voor 1997 en 1998. Ook zijn het totaalbedrag en de structurele kosten voor onderhoud en vervanging nog niet bekend. Als te weinig middelen beschikbaar komen voor ICT-investeringen, exploitatie en scholing van docenten wordt het bereiken van de doelstellingen zeer onzeker. Daarom dringt het ontwerpadvies er met klem op aan bij de komende kabinetsformatie voldoende geld uit te trekken voor de noodzakelijke integratie van ICT en onderwijs.
Noot voor de redactie
Nadere informatie is verkrijgbaar bij het secretariaat van de werkgroep: drs. Hans van der Meer, tel. 070 3499 541, of drs. Hugo van der Graaff, tel. 070 3499 544, of bij voorlichter Jeroen Zonneveld, tel. 070 3499 649